Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2008:BD5629

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
27-06-2008
Datum publicatie
27-06-2008
Zaaknummer
24-001032-07
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het onderzoek is niet volledig geweest. Het hof acht het noodzakelijk dat aanvullend Y-chromosomaal DNA-onderzoek zal worden uitgevoerd om aanvullende genetische informatie te verkrijgen van de mannelijke celdonor. Het hof stelt de stukken in handen van de advocaat-generaal in verband met het aanvullend DNA-onderzoek met het verzoek ten spoedigste een onderzoeksopdracht te doen uitgaan naar het FLDO. Het onderzoek zal worden hervat ter terechtzitting van 1 augustus 2008 te 13.30 uur.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-001032-07

Parketnummer eerste aanleg: 17-880386-06

Tussenarrest van 27 juni 2008 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Leeuwarden van

19 april 2007 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1971] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

thans verblijvende in PI Veenhuizen, gevangenis Bankenbosch BB te Veenhuizen,

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman mr. T. van der Goot, advocaat te Leeuwarden.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, heeft een maatregel opgelegd en heeft een beslissing genomen over de vordering van de benadeelde partij, zoals in dat vonnis omschreven.

De beslissing op het hoger beroep

Het onderzoek is niet volledig geweest. Het hof acht het noodzakelijk dat aanvullend Y-chromosomaal DNA-onderzoek zal worden uitgevoerd om aanvullende genetische informatie te verkrijgen van de mannelijke celdonor in de bemonstering ENA064#1 van de broek en de bemonstering AGH926#3 van de slip.

Op de zitting van 16 april 2008 is de behandeling van de zaak om deze reden reeds aangehouden. Het FLDO heeft in bovengenoemde sporen geen betrouwbaar Y-chromosomaal DNA-profiel kunnen vaststellen, reeds omdat te weinig DNA-materiaal beschikbaar was. De advocaat-generaal heeft op de zitting van 13 juni 2008 verklaard dat, wanneer sporen bij het NFI binnenkomen voor een onderzoek, deze sporen in twee helften worden gedeeld. Eén van deze helften wordt voor onderzoek gebruikt, de andere helft wordt veiliggesteld voor een eventuele contra-expertise. Het NFI heeft het deel dat na het onderzoek door het NFI over was van de eerste helft doorgestuurd naar het FLDO. Voor het FLDO bleek de aangeleverde hoeveelheid onvoldoende. Het DNA-materiaal, bestemd voor contra-expertise, is evenwel nog beschikbaar. Op de zitting d.d.16 april 2008 heeft het hof geoordeeld dat het Y-chromosomale DNA-onderzoek moest worden uitgevoerd in het belang van de waarheidsvinding in deze zaak. Er is heden geen aanleiding anders te denken over de noodzaak hiervan. Het onderzoek ter zitting zal worden hervat op 1 augustus 2008 te 13:30 uur, in de verwachting dat het Y-chromosomale onderzoek in de tussenliggende periode zal kunnen plaatsvinden.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

bepaalt dat het onderzoek zal worden hervat op de terechtzitting van 1 augustus 2008 te 13:30 uur;

stelt de stukken nogmaals in handen van de advocaat-generaal in verband met het aanvullend Y-chromosomale DNA-onderzoek met verzoek ten spoedigste een onderzoeksopdracht te doen uitgaan naar het FLDO;

beveelt dat verdachte zal worden opgeroepen tegen die terechtzitting;

beveelt dat van dag en uur van die nadere terechtzitting schriftelijk mededeling zal worden gedaan aan de raadsman en aan de wettelijke vertegenwoordigers van de benadeelde partij.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. W.P.M. ter Berg, mr. P. Koolschijn en mr. G.N. Roes, in tegenwoordigheid van mr. M. Zevenhuizen, griffier, zijnde mr. G.N. Roes voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.