Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2005:AS8374

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
26-01-2005
Datum publicatie
02-03-2005
Zaaknummer
WAHV 04-00767
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Strafrecht
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Sanctie opgelegd ter zake van "de totale massa aanhangwagen bedraagt meer dan het kentekenregister/-bewijs trekkend voertuig vermeld, met > 75%"; Feitcode P180d; Het kentekenbewijs van het trekkend voertuig en het kentekenregister bevatten geen vermelding van de maximaal te trekken massa van een geremde aanhangwagen. De in feitcode P180a tot en met d opgenomen gedragingen betreffen de overschrijding van de volgens de vermelding in het kentekenregister of op het kentekenbewijs van het trekkend motorrijtuig toegestane totale massa van aanhangwagens, waarbij de verschillende feitcodes oplopende maximumpercentages vermelden. De in deze feitcodes opgenomen gedragingen hebben geen betrekking op de situatie waarin noch in het kentekenregister noch op het kentekenbewijs van het trekkend motorrijtuig de totale massa van aanhangwagens is vermeld. Hoewel kan worden vastgesteld, dat de betrokkene heeft gehandeld in strijd met art. 5.1.2. VR, is er geen sprake van een gedraging als omschreven in de bijlage als bedoeld in art. 2, eerste lid, WAHV. Inleidende beschikking vernietigd.

Wetsverwijzingen
Voertuigreglement 5.18.18, geldigheid: 2005-01-26
Voertuigreglement 5.1.2, geldigheid: 2005-01-26
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften 2, geldigheid: 2005-01-26
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWR 2005/40
VR 2005, 42

Uitspraak

WAHV 04/00767

26 januari 2005

CJIB 89055726279

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter van de rechtbank te Rotterdam

van 26 maart 2004

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),

wonende te [woonplaats]

1. De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2. Het procesverloop

De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.

De betrokkene is in de gelegenheid gesteld het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

3. Beoordeling

3.1. Aan de betrokkene is bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van Euro 289,- opgelegd ter zake van "de totale massa aanhangwagen bedraa(g)t meer dan het kentekenregister/-bewijs trekkend motorrijtuig vermeld, met >75%" (feitcode P180d), welke gedraging zou zijn verricht op 27 augustus 2002 op de Rijksweg A4 Z-N (OB) te Rotterdam.

3.2. De in feitcode P180d vermelde gedraging is een overtreding van art. 5.18.18, eerste lid, van het Voertuigreglement (VR), dat op 27 augustus 2002 als volgt luidde:

"Onverminderd het bepaalde in artikel 5.12.7 mag de totale massa van aanhangwagens niet meer bedragen dan in het kentekenregister of op het kentekenbewijs van het trekkend motorrijtuig is vermeld. De totale massa van aanhangwagens die worden voortbewogen door personenauto's, bedrijfsauto's of driewielige motorrijtuigen, waarvan de toegestane maximum massa niet meer bedraagt dan 3500 kg, mag tevens niet meer bedragen dan de maximum massa die volgt uit het op de koppeling van het trekkend voertuig aangebrachte identificatiekenmerk of goedkeuringsmerk. Indien de koppeling daaromtrent geen gegevens vermeldt, mag de totale massa van de aanhangwagen niet meer bedragen dan 750 kg en niet meer dan:

a. de ledige massa van het trekkend motorrijtuig, of

b. de massa in bedrijfsklare toestand van het trekkend motorrijtuig.".

Ter zake van de gedraging met feitcode P180d is alleen de eerste volzin van art. 5.18.18, eerste lid, VR van belang.

1.3. De betrokkene ontkent niet ten tijde en ter plaatse als voormeld een auto te hebben bestuurd met daaraan gekoppeld een aanhangwagen en evenmin dat de totale massa van die aanhangwagen meer bedroeg dan was toegestaan. Hij is echter van mening dat de mate van overschrijding van de toegestane totale massa van de geremde aanhangwagen te hoog is vastgesteld. Hij was niet op de hoogte van het feit dat in het kentekenbewijs van het trekkend motorvoertuig onder het kopje "maximum te trekken massa indien aanhangwagen" niets was vermeld. Nadien is dit gebrek hersteld en vermeldt het kentekenbewijs van het bewuste (trekkende) voertuig als maximum te trekken massa voor een ongeremde aanhangwagen 750 kg en voor een geremde aanhangwagen 1500 kg. Voorts blijkt uit de handleiding voor de koppeling die op het trekkend voertuig was bevestigd dat deze was goedgekeurd voor een aanhangergewicht tot 1900 kg.

3.4. De advocaat-generaal stelt zich op het standpunt, zakelijk weergegeven, dat wanneer omtrent het trekkende voertuig het kentekenbewijs of kentekenregister geen maximaal voort te bewegen massa van een aanhangwagen vermeldt, er in het geheel geen aanhangwagen met dat voertuig mag worden voorbewogen, ook al is hieraan een trekhaak bevestigd waarmee een aanhangwagen met een toegestane maximum massa van 1900/2400 kg mag worden voortbewogen. De in art. 5.18.18 VR genoemde waarde van 750 kg als totale massa van de aanhangwagen ziet uitsluitend op de massa die met de koppeling mag worden voortbewogen en heeft geen betrekking op het trekkende voertuig. De gedraging met feitcode P180d heeft, evenals de gedragingen met de feitcodes P180a t/m P180c, betrekking op een situatie waarin het kentekenregister of kentekenbewijs wèl gegevens bevat met betrekking tot de maximaal voort te bewegen massa van de aanhangwagen. Een dergelijke situatie kan zich hier niet voordoen nu niet bekend was wat de toegestane totale massa van de aanhangwagen was en de procentuele overschrijding niet vastgesteld kon worden. De gedraging met de feitcode P180d kan derhalve niet zijn verricht. Aangezien ook overigens niet vastgesteld kan worden dat een gedraging is verricht, omschreven in de bijlage als bedoeld in art. 2, eerste lid, WAHV dienen, met vernietiging van de bestreden beslissing, de beslissing van de officier van justitie en de inleidende beschikking te worden vernietigd.

3.5. Niet in geding is dat het in casu ging om een aanhangwagen met bedrijfsremsysteem en dat het kentekenbewijs van het trekkende voertuig, evenmin als het kentekenregister, een vermelding bevatte van de maximaal te trekken massa van een geremde aanhangwagen. Blijkens de toelichting van de verbalisant(en) op de aankondiging van beschikking is de aanhangwagen gewogen bij Kraaijema te Schiedam en bedroeg de totale massa 2390 kg. Uitgaande van een toegestane massa van 750 kg is de overschrijding bepaald op 1640 kg, dat is 218%.

3.6. De in feitcode P 180a tot en met d opgenomen gedragingen betreffen de overschrijding van de volgens de vermelding in het kentekenregister of op het kentekenbewijs van het trekkend motorrijtuig toegestane totale massa van aanhangwagens, waarbij de verschillende feitcodes oplopende maximumpercentages vermelden. De in deze feitcodes opgenomen gedragingen hebben geen betrekking op de situatie waarin noch in het kentekenregister noch op het kentekenbewijs van het trekkend motorrijtuig de totale massa van aanhangwagens is vermeld. Evenmin zijn van toepassing de feitcodes 180e tot en met h, die gedragingen betreffen die betrekking hebben op de overschrijding van de maximum massa van de koppeling van het trekkend voertuig, nu naast de eerder vermelde eisen in het eerste lid van art. 5.18.18 VR niet in plaats van die eisen, maar "tevens" aan de koppeling van het trekkend voertuig eisen worden gesteld.

3.7. Hoewel kan worden vastgesteld, dat de betrokkene heeft gehandeld in strijd met art. 5.1.2 VR, dat luidt: "Het is de bestuurder van een voertuig of een samenstel van voertuigen verboden daarmee te rijden en de eigenaar of houder verboden daarmee te laten rijden, indien niet wordt voldaan aan de in afdeling 18 van dit hoofdstuk ten aanzien van het gebruik van voertuigen of samenstellen van voertuigen van de categorie of categorieën, waartoe die voertuigen behoren, gestelde eisen.", is er naar het oordeel van het hof geen sprake van een gedraging als omschreven in de bijlage als bedoeld in art. 2, eerste lid, WAHV.

3.8. Een en ander brengt mee, dat - met vernietiging van de beslissing van de kantonrechter - de beslissing van de officier van justitie en de inleidende beschikking moeten worden vernietigd.

3.9. Het hof is niet gebleken van proceskosten, die voor vergoeding in aanmerking komen.

4. De beslissing

Het gerechtshof:

vernietigt de beslissing van de kantonrechter;

verklaart het ingestelde beroep gegrond;

vernietigt de beslissing van de officier van justitie d.d. 5 maart 2003, alsmede de beschikking waarbij onder CJIB-nr. 89055726279 de administratieve sanctie is opgelegd;

bepaalt dat hetgeen door de betrokkene op de voet van art. 11 WAHV tot zekerheid is gesteld, te weten een bedrag van Euro 289,- door de advocaat-generaal aan hem wordt gerestitueerd.

Dit arrest is gewezen door mrs. Dijkstra, Poelman en Weenink, in tegenwoordigheid van mr. Hiemstra als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.