Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6285

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
02-08-2002
Datum publicatie
07-08-2002
Zaaknummer
BK 223/02
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
FutD 2002-1713
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

BELASTINGKAMER GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN UIT-SPRAAK

Nr. 223/02 2 augustus 2002

Uitspraak van het Gerechtshof te Leeuwar-den, tweede enkelvoudige belastingkamer, op het verzet van X BV te Z tegen de beschikking van de voorzitter van de belastingkamer van 17 mei 2002.

De voorzitter heeft bij voormelde beschikking uit-spraak gedaan op het door belanghebbende ingestelde beroep tegen de uitspraak van de inspecteur van het centraal bureau motorrijtuigenbelasting te Apeldoorn (hierna: de inspecteur), gedaan op het bezwaarschrift van de be-lang-hebbende tegen de haar opgelegde naheffingsaanslag in de motorrijtuigenbelasting over het jaar 2001 met aanslagnummer 00.00.000.Y1.2.

Ingevolge artikel 8:41 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen juncto artikel 27b van de Algemene wet inzake rijksbelastingen wordt ten behoeve van de Staat van degene, die beroep instelt, een griffierecht geheven, hetwelk in deze zaak

€ 218,-- bedraagt.

Ingevolge het tweede lid van dat artikel is het beroep niet-ontvankelijk, indien het verschuldigde griffierecht niet is betaald binnen vier weken nadat de griffier degene, die het beroep heeft ingesteld, schriftelijk op de verschuldigdheid daarvan heeft gewezen.

Vaststaat dat de griffier belanghebbende bij brief van 29 januari 2002 en daarna bij aangetekende brief van 21 maart 2002 verzocht heeft het verschuldigde griffierecht te betalen.

Aangezien aan dit verzoek geen gevolg is gegeven heeft de voorzitter bij voormelde beschikking van 17 mei 2002 het beroep van belanghebbende niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen deze beschikking is de belanghebbende tijdig in verzet gekomen bij een verzet-schrift dat is ingediend op 13 juni 2002. De inspecteur heeeft hierop schriftelijk gereageerd. Belanghebbende heeft niet gevraagd om over haar verzet te worden gehoord, terwijl het hof geen aanleiding heeft gevonden haar uit eigen beweging te horen.

Belanghebbende stelt in haar verzetschrift dat zij van mening is dat zij geen motorrijtuigenbelasting hoeft te betalen. Om die reden is zij van mening dat zij ook geen griffierecht hoeft te betalen.

Het hof is van oordeel dat, nu belanghebbende zelf uitdrukkelijk verklaart, niet bereid te zijn geweest het verschuldigde griffierecht te betalen, het verzet ongegrond moet worden verklaard.

Op grond van het vorenoverwogene dient als volgt te worden beslist:

Het hof verklaart het verzet ongegrond.

Gedaan op 2 augustus 2002 door mr. Pruiksma, vice-president, lid van de tweede enkelvoudige belastingkamer, in tegenwoor--

digheid van de griffier Lorist en onderte-kend door voornoemde vice-president en door voornoemde griffier.

Op 7 augustus 2002 afschrift

aangetekend verzonden aan bei-de

partijen.

De griffier van het Gerechtshof

te Leeuwarden.