Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6265

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
17-07-2002
Datum publicatie
07-08-2002
Zaaknummer
WAHV 02-00358
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Strafrecht
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften 9, geldigheid: 2002-07-17
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

WAHV 02/00358

17 juli 2002

CJIB 40745504

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter van de rechtbank te Haarlem

van 6 februari 2002

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),

wonende te [woonplaats].

1. De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Haarlem ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2. Het procesverloop

De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.

3. Beoordeling

3.1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van f 180,--

(€81,68 euro) opgelegd ter zake van "niet stoppen voor rood licht bij driekleurig verkeerslicht", welke gedraging zou zijn verricht op 14 maart 2001 op de Herenweg te Heemstede.

3.2. De betrokkene stelt dat hij de gedraging heeft verricht onder zodanige omstandigheden dat deze het opleggen van de onderhavige administratieve sanctie niet billijken dan wel tot matiging van de opgelegde sanctie dienen te leiden. Daartoe voert hij aan, dat hij achter een trailer voor het verkeerslicht op de linkerrijstrook voor naar links afslaand verkeer stil stond, dat op een gegeven moment de trailer afsloeg, dat de betrokkene de trailer volgde waarbij de betrokkene het verkeerslicht door de hoogte van de trailer niet kon waarnemen en dat de trailer in de bocht zodanig langzaam manoeuvreerde dat de betrokkene gedwongen was om door te rijden terwijl hij niet kon waarnemen welke kleur het verkeerslicht uitstraalde.

3.3. Het zaakoverzicht van het CJIB d.d. 26 juli 2001 houdt als toelichting van de verbalisant onder meer in: "Het verkeerslicht stond ongeveer 2 seconden op rood op het moment dat betrokkene dit negeerde."

3.4. Anders dan de betrokkene wil zijn de door hem genoemde omstandigheden niet van dien aard dat deze het opleggen van de onderhavige administratieve sanctie niet billijken of tot matiging van de opgelegde sanctie dienen te leiden. De betrokkene diende immers zijn afstand tot de trailer in relatie tot de hoogte daarvan en tot zijn eigen snelheid zodanig aan te passen dat hij zo tijdig zicht zou hebben op het verkeerslicht dat hij kon stoppen op het moment dat dit rood licht uitstraalde. Nu de betrokkene erkent de trailer op zo korte afstand te hebben gevolgd dat hij het verkeerslicht niet kon waarnemen, komt het verrichten van de verboden gedraging dus geheel voor zijn rekening. Derhalve zijn er geen omstandigheden gebleken van dien aard dat deze het opleggen van de onderhavige administratieve sanctie niet billijken of welke tot matiging van de opgelegde sanctie dienen te leiden.

3.5. De beslissing van de kantonrechter dient derhalve te worden bevestigd.

4. De beslissing

Het gerechtshof:

bevestigt de beslissing van de kantonrechter.

Dit arrest is gewezen door mr. Vellinga, in tegenwoordigheid van mr. Muntinga als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.