Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2002:AE5895

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
12-06-2002
Datum publicatie
30-07-2002
Zaaknummer
WAHV 02-00299
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Strafrecht
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

WAHV 02/00299

12 juni 2002

CJIB 38982271

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter van de rechtbank te 's-Hertogenbosch

van 13 februari 2002

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),

wonende te [woonplaats].

1. De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement 's-Hertogenbosch ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2. Het procesverloop

De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.

3. Beoordeling

3.1. Aan de betrokkene is bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van fl 180,00 (€ 81,68 euro) opgelegd ter zake van "overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom (gedragsregel); meer dan 20 km/h en t/m 25 km/h", welke gedraging zou zijn verricht op 28 december 2000 op de Sterrenlaan te Eindhoven.

3.2. De betrokkene ontkent niet de gedraging te hebben verricht. Hij is echter van mening, dat gezien het tijdstip, dat de gedraging werd verricht, te weten 20.57 uur, de aard van de weg, de weersgesteldheid en de omstandigheid dat er geen medeweggebruikers waren de door hem gereden snelheid acceptabel geacht dient te worden.

3.3. Dit verweer gaat niet op. Met de op grond van de Wegenverkeerswet 1994 in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 neergelegde regeling van de maximumsnelheden op de voor het openbaar verkeer openstaande wegen is onverenigbaar, dat een individuele weggebruiker op grond van een eigen oordeel omtrent de veiligheid en/of vlotheid van het verkeer zelf bepaalt met welke snelheid de ter plaatse geldende maximumsnelheid zou kunnen of mogen worden overschreden.

3.4. Voorts beroept de betrokkene zich op het feit, dat het op het tijdstip van de gedraging totaal donker was en de signalering van de toegestane snelheid niet te zien was. Het hof acht dit verweer onbegrijpelijk, nu - nog daargelaten het feit, dat de betrokkene ingevolge artikel 32, eerste lid RVV 1990 naar het hof aanneemt dimlicht heeft gevoerd -, de hem verweten gedraging niet betreft het geen gevolg geven aan een verkeersteken (een verkeersbord), maar het overschrijden van de maximumsnelheid van 50 km/h binnen de bebouwde kom.

3.5. Aan een en ander kunnen de beschouwingen van de betrokkene over "gestapo- en ss-methoden" en de opvattingen van de scribenten van door hem overgelegde krantenknipsels niet afdoen.

3.6. Tenslotte beroept de betrokkene zich op zijn persoonlijke omstandigheden, te weten dat hij van € 658,00 per maand moet rondkomen. Dit enkele feit brengt niet mee, dat het hof, gelet op de omstandigheden waarin de betrokkene verkeert, een lager bedrag van de administratieve sanctie zou moeten vaststellen.

3.7. De beslissing van de kantonrechter dient derhalve te worden bevestigd.

4. De beslissing

Het gerechtshof:

bevestigt de beslissing van de kantonrechter.

Dit arrest is gewezen door mr. Vellinga, in tegenwoordigheid van mr Wijma als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.