Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2001:ZJ0107

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
07-02-2001
Datum publicatie
20-06-2002
Zaaknummer
WAHV 00-00348
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Strafrecht
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Algemene wet bestuursrecht 6:15, geldigheid: 2001-02-07
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

WAHV 00/00348

7 februari 2001

CJIB 27384449

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter te Groningen

van 2 februari 2000

betreffende

[naam] (hierna te noemen: betrokkene),

zetelend te [plaatsnaam].

1. De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Groningen niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2. Het procesverloop

De betrokkene heeft een “tweede aanmaning” van het CJIB d.d. 27 september 2000 geretourneerd aan het CJIB. De betrokkene heeft hierbij een computeruitdraai gevoegd inhoudende gegevens van de verhuur van een auto in de periode 21 juni 1999 tot en met 21 juli 1999. Het CJIB heeft deze stukken vervolgens gezonden naar het arrondissementsparket te Groningen. Het parket heeft de stukken doorgezonden naar de griffie van het kantongerecht, waar deze stukken zijn aangemerkt als een beroepschrift, gericht tegen de beslissing van de kantonrechter d.d. 2 februari 2000. Vervolgens zijn deze stukken aan de griffie van het hof gezonden.

Het hof heeft de advocaat-generaal in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, waarvan gebruik is gemaakt.

De betrokkene is in de gelegenheid gesteld op het verweerschrift te reageren. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

3. Beoordeling

3.1. Het hof is van oordeel, dat de door de betrokkene aan het CJIB toegezonden stukken moeten worden opgevat als een verzoek aan de officier van justitie om de inleidende beschikking in te trekken dan wel de inning van de opgelegde sanctie stop te zetten. Gelet hierop zijn deze stukken door het arrondissementsparket ten onrechte doorgezonden naar de griffie van het kantongerecht. Nu deze stukken geen beroep inhouden tegen de beslissing van de kantonrechter van 2 februari 2000, zijn deze vervolgens ten onrechte doorgezonden naar de griffie van het hof.

3.2. Gelet op het vorenoverwogene zal het hof meergenoemde stukken ter behandeling doorzenden naar de officier van justitie te Groningen, onder gelijktijdige mededeling hiervan aan de betrokkene.

4. De beslissing

Het gerechtshof:

zendt de “tweede aanmaning” d.d. 27 september 2000 met bijlage ter behandeling door naar de officier van justitie te Groningen.

Dit arrest is gewezen door mr Vellinga, vice-president, in tegenwoordigheid van mr Wijma als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 7 februari 2001.