Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2000:ZJ0070

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
15-11-2000
Datum publicatie
07-06-2002
Zaaknummer
WAHV 00-00270
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Strafrecht
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften 11
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

WAHV 00/00270

15 november 2000

CJIB 28830703

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter te Utrecht

van 16 augustus 2000

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),

zetelend te [woonplaats],

voor wie als gemachtigde optreedt [gemachtigde], wonende te [woonplaats].

1. De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Utrecht niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2. Het procesverloop

[gemachtigde] heeft, als gemachtigde van de betrokkene, tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.

De betrokkene is in de gelegenheid gesteld het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

3. Beoordeling

3.1. De kantonrechter heeft, uitgaande van zijn - in hoger beroep niet bestreden - vaststelling dat de betrokkene niet binnen de in art. 11, derde lid, WAHV gestelde termijn zekerheid heeft gesteld voor de betaling van de opgelegde administratieve sanctie en dat de betrokkene evenmin binnen een nader gestelde termijn dit verzuim heeft hersteld, terecht het beroep van de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard.

De beslissing van de kantonrechter dient derhalve te worden bevestigd.

3.2. Het hof geeft met het oog op algemene beginselen van behoorlijk bestuur het openbaar ministerie in overweging alvorens tot inning van de opgelegde sanctie over te gaan te bezien of het alsnog overleggen van een huurovereenkomst aanleiding vormt de inning achterwege te laten.

4. De beslissing

Het gerechtshof:

bevestigt de beslissing van de kantonrechter.

Dit arrest is gewezen door mr Kalsbeek, raadsheer, in tegenwoordigheid van mevrouw Bons, als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 15 november 2000.