Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHLEE:2000:ZJ0048

Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Datum uitspraak
27-09-2000
Datum publicatie
17-07-2002
Zaaknummer
WAHV 00-00196
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Strafrecht
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

-

Wetsverwijzingen
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften 11, geldigheid: 2000-09-27
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

WAHV 00/00196

27 september 2000

CJIB 28095960

Gerechtshof te Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter te Utrecht

van 22 juni 2000

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),

zetelend te [woonplaats],

voor wie als gemachtigde optreedt L. Ernst,

wonende te Hattingen (Duitsland).

1. De beslissing van de kantonrechter

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Utrecht niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2. Het procesverloop

L. Ernst heeft, als gemachtigde van de betrokkene, tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.

3. Beoordeling

3.1. De kantonrechter heeft, uitgaande van zijn - in hoger beroep niet bestreden - vaststelling dat de betrokkene niet binnen de in art. 11, derde lid, WAHV gestelde termijn zekerheid heeft gesteld voor de betaling van de opgelegde administratieve sanctie en dat de betrokkene evenmin binnen een nader gestelde termijn dit verzuim heeft hersteld, terecht het beroep van de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard.

De beslissing van de kantonrechter dient derhalve te worden bevestigd.

3.2. Het hof geeft met het oog op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur het openbaar ministerie in overweging alvorens tot inning van de opgelegde sanctie over te gaan het dossier opnieuw te bestuderen ten einde te bezien of inning niet achterwege zou dienen te blijven.

4. De beslissing

Het gerechtshof:

bevestigt de beslissing van de kantonrechter.

Dit arrest is gewezen door mr Vellinga, vice-president, in tegengoordigheid van mr Wijma als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 27 september 2000.