Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHDHA:2019:2425

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
26-08-2019
Datum publicatie
11-09-2019
Zaaknummer
2200493517
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Bezit van kinderporno, waarvan een gewoonte is gemaakt, en dierenporno.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rolnummer: 22-004935-17

Parketnummer: 10-682049-17

Datum uitspraak: 26 augustus 2019

TEGENSPRAAK

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 17 november 2017 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof op 26 augustus 2019.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het onder 1 en 2 ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaren, onder algemene en bijzondere voorwaarden. Tevens is een beslissing genomen omtrent de in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen, een en ander zoals aangegeven in het vonnis waarvan beroep.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

1.
hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 december 2012 tot en met 04 mei 2016 te Dordrecht, in elk geval in Nederland,

meermalen, althans eenmaal telkens afbeeldingen, te weten foto's en/of video's en/of films en/of gegevensdrager(s), bevattende afbeeldingen, te weten een desktop en/of (een) harddisk(s) en/of een memory card, bevattende afbeeldingen van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken,

heeft verworven en/of in het bezit heeft gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een penis en/of vinger/hand oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt (Bestandsna(a)m(en): [bestandsnaam 1] [bestandsnaam 2]) en/of

het met de/een vinger/hand betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
het met de/een mond/tong en/of vinger/hand betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt (Bestandsna(a)m(en):!!![bestandsnaam 3] [bestandsnaam 4]) en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/films nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van die persoon in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling (Bestandsna(a)m(en): [bestandsnaam 5] [bestandsnaam 6] [bestandsnaam 7]) en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het gezicht en/of het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling (Bestandsna(a)m(en): [bestandsnaam 8])

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt;

2.
hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 december 2012 tot en met 04 mei 2016 te Dordrecht, in elk geval in Nederland,

meermalen, althans eenmaal, telkens afbeeldingen, te weten foto's en/of video's en/of films en/of gegevensdrager(s), bevattende afbeeldingen, te weten een desktop en/of (een) harddisk(s) en/of een memory card, bevattende afbeeldingen, in bezit heeft gehad, terwijl op die afbeelding(en) (een) ontuchtige handeling(en) zichtbaar is/zijn waarbij een mens en een dier is/zijn betrokken of schijnbaar is/zijn betrokken,

welke ontuchtige handelingen bestonden uit het door een persoon betasten en/of in de mond nemen van de penis van een of meerdere dieren en/of

het door een dier likken van het geslachtsdeel van een persoon en/of

het door een persoon met de penis en/of vinger/hand vaginaal en/of anaal penetreren van een of meerdere dieren; (Bestandsnamen: [bestandsnaam 9] [bestandsnaam 10] [bestandsnaam 11] [bestandsnaam 12] [bestandsnaam 13] [bestandsnaam 14] [bestandsnaam 15] [bestandsnaam 16]).

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd, behoudens de op te leggen straf, in die zin dat de verdachte ter zake van het onder 1 en 2 zal worden veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 240 uren subsidiair 120 dagen hechtenis, alsmede een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden met een proeftijd van 3 jaren, onder algemene en bijzondere voorwaarden.

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.
hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 december 2012 tot en met 04 mei 2016 te Dordrecht, in elk geval in Nederland,

meermalen, althans eenmaal telkens afbeeldingen, te weten foto's en/of video's en/of films en/of gegevensdrager(s), bevattende afbeeldingen, te weten een desktop en/of (een) harddisk(s) en/of een memory card, bevattende afbeeldingen van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken,

heeft verworven en/of in het bezit heeft gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een penis en/of vinger/hand oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt (Bestandsna(a)m(en): [bestandsnaam 1] [bestandsnaam 2]) en/of

het met de/een vinger/hand betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
het met de/een mond/tong en/of vinger/hand betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt (Bestandsna(a)m(en): [bestandsnaam 3] [bestandsnaam 4]) en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/films nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van die persoon in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling (Bestandsna(a)m(en): [bestandsnaam 5] [bestandsnaam 6] [bestandsnaam 7]) en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het gezicht en/of het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling (Bestandsna(a)m(en): [bestandsnaam 8])

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt;

2.
hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 december 2012 tot en met 04 mei 2016 te Dordrecht, in elk geval in Nederland,

meermalen, althans eenmaal, telkens afbeeldingen, te weten foto's en/of video's en/of films en/of gegevensdrager(s), bevattende afbeeldingen, te weten een desktop en/of (een) harddisk(s) en/of een memory card, bevattende afbeeldingen, in bezit heeft gehad, terwijl op die afbeelding(en) (een) ontuchtige handeling(en) zichtbaar is/zijn waarbij een mens en een dier is/zijn betrokken of schijnbaar is/zijn betrokken,

welke ontuchtige handelingen bestonden uit het door een persoon betasten en/of in de mond nemen van de penis van een of meerdere dieren en/of
het door een dier likken van het geslachtsdeel van een persoon en/of

het door een persoon met de penis en/of vinger/hand vaginaal en/of anaal penetreren van een of meerdere dieren; (Bestandsnamen: [bestandsnaam 9] [bestandsnaam 10] [bestandsnaam 11] [bestandsnaam 12] [bestandsnaam 13] [bestandsnaam 14] [bestandsnaam 15] [bestandsnaam 16]).

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsvoering

Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het onder 1 bewezen verklaarde levert op:

een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een beroep of gewoonte wordt gemaakt.

Het onder 2 bewezen verklaarde levert op:

een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een ontuchtige handeling, waarbij een mens en een dier zijn betrokken, in bezit hebben, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straffen bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

De verdachte heeft zich gedurende een periode van ongeveer drieënhalf jaar schuldig gemaakt aan het in bezit hebben van kinderporno. De verdachte heeft daarvan een gewoonte gemaakt. Naar eigen zeggen was sprake van een verzameling. Uit onderzoek naar het kinderpornografisch materiaal is gebleken dat het met name gaat om afbeeldingen van voornamelijk meisjes jonger dan 12 jaar (ongeveer 99%) en jonger dan 2 jaar (ongeveer 1%).

Het bezit van kinderporno is buitengewoon verwerpelijk, met name omdat bij de vervaardiging van deze afbeeldingen kinderen seksueel worden misbruikt en geëxploiteerd. Voor een effectieve bestrijding van kinderporno is het noodzakelijk om niet alleen degenen aan te pakken die kinderporno vervaardigen en verspreiden, maar zeker ook degenen die kinderporno bezitten, omdat zij bevorderen dat dit materiaal wordt vervaardigd met alle schadelijke gevolgen van dien. Zoals hiervoor benoemd is het kinderpornografisch materiaal waar het in deze zaak om gaat in hoeveelheid aanzienlijk en betreft het overwegend materiaal van (zeer) jonge kinderen. Het hof rekent dit de verdachte zwaar aan.


Daarnaast heeft de verdachte zich in dezelfde lange periode dierenporno in zijn bezit gehad. De wetgever heeft de strafbaarstelling van het bezit van dierenporno in het leven geroepen ter bescherming van de goede zeden en de integriteit van het dier (Kamerstukken II 2008-09, 31009, C, p.2). Deze norm heeft verdachte met het bezit van dierenpornografisch materiaal geschonden. Door het bezit van dergelijk materiaal wordt de productie daarvan gestimuleerd en in stand gehouden.

Het hof heeft acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 31 juli 2019, waaruit blijkt dat de verdachte reeds eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van een soortgelijk strafbaar feit.

De persoon van verdachte
Het hof heeft bij het bepalen van de straf met name acht geslagen op de inhoud van het ten aanzien van verdachte opgemaakte Psychologisch onderzoek Pro Justitia van 13 mei 2019, opgesteld door drs. B.W. Roelofs-Van Bon, gz-psycholoog. Dit onderzoek is na het vonnis in eerste aanleg op verzoek van de verdediging opgesteld.

Uit dit onderzoek blijkt dat bij betrokkene sprake is van een persoonlijkheidsstoornis met borderline, narcistische en antisociale kenmerken. Daarnaast is sprake van pedofilie. Ook is sprake van een stoornis in alcoholgebruik (in remissie). Hiervan was ook ten tijde van het ten laste gelegde sprake. De opsteller komt tot de conclusie dat vanuit gedragskundig oogpunt het ten laste gelegde de betrokkene in een verminderde mate dient te worden aangerekend. Betrokkene is door een eerdere behandeling bij De Hoop stabieler geworden. Het geloof heeft hem meer zekerheid en structuur gebracht. Nog altijd is de betrokkene kwetsbaar voor ontregeling en juist in een kwetsbare en ontregelde toestand zal de grip op de pedofiele impulsen verminderen. De onderzoeker meent dat een ‘update’ van de behandeling bij De Waag – waar hij ook eerder ook behandeld werd – zinvol is. Met name omdat betrokkene in feite nog ontkent pedoseksueel te zijn en daarmee dus geen verantwoordelijkheid voor zijn gedrag neemt. Ook acht de onderzoeker reclasseringscontact geïndiceerd, vooral om de psychische toestand van de betrokkene in het oog te houden.

De betrokkene heeft aangegeven het eens te zijn met de bevindingen, al valt hem dat zwaar. Betrokkene is akkoord met de gegeven adviezen.

Bij het bepalen van de straf heeft het hof zich in sterke mate georiënteerd op dit rapport. Het hof heeft ter terechtzitting in hoger beroep eenzelfde beeld van de verdachte gekregen, die op de goede weg lijkt te zijn als het gaat om zijn persoonlijke ontwikkeling. Hij lijkt doordrongen van de omstandigheid dat hij eerst zal moeten accepteren pedoseksueel te zijn, om vervolgens adequaat behandeld te kunnen worden. Hij maakt thans dit acceptatieproces door en lijkt erg gemotiveerd om op de ingeslagen weg verder te gaan.

Gelet op de inhoud van het hiervoor genoemde rapport en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte zoals naar voren gekomen ter terechtzitting in hoger beroep, acht het hof de door de advocaat-generaal gevorderde straf passend en geboden. Evenwel geeft het hof de gevangenisstraf een iets andere vorm, gelet op het taakstrafverbod van artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht.

Het hof is - alles afwegende - van oordeel dat een geheel onvoorwaardelijke taakstraf van na te melden duur alsmede een deels voorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur een passende en geboden reactie vormt.


Beslag

Met de advocaat-generaal is het hof van oordeel dat de na te melden inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven gegevensdragers, met betrekking tot welke het onder 1 en 2 ten laste gelegde en bewezen verklaarde is begaan, dienen te worden onttrokken aan het verkeer, aangezien het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en het algemeen belang.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 36b, 36c, 57, 240b en 254a van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden.

BESLISSING

Het hof:

vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart het onder 1 en 2 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 180 (honderdtachtig) dagen;

bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 179 (honderdnegenenzeventig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 3 (drie) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;

beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

stelt als algemene voorwaarden dat de veroordeelde:

- zich voor het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig zal maken;

  • -

    ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage zal aanbieden;

  • -

    medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

stelt als bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

  • -

    zich gedurende de volledige proeftijd zal houden aan de aanwijzingen die de reclassering hem geeft, en zich daartoe zal melden bij de reclassering voor zolang en zo frequent als zij gedurende deze periode nodig acht;

  • -

    zich zal laten behandelen bij de forensische polikliniek De Waag of soortgelijke instelling, zulks ter beoordeling van de reclassering, waarbij de veroordeelde zich zal houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling zullen worden gegeven;

geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

veroordeelt de verdachte voorts tot een taakstraf voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis;

beveelt de onttrekking aan het verkeer van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

- een computer (Packard Bell Imedia, goednummer 5141186);

- een harddisk met usb-kabel (Seagate, goednummer 5141188)

- een harddisk met voedingskabel en usb-kabel (Seagate, goednummer 5141195)

- een geheugenkaart (Traveler, goednummer 5141196).

Dit arrest is gewezen door mr. Chr.A. Baardman, mr. C.H.M. Royakkers en mr. F.W. van Lottum, in bijzijn van de griffier mr. S.J. de Vries.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 26 augustus 2019.

Mr. F.W. van Lottum is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.