Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHDHA:2018:621

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
27-02-2018
Datum publicatie
30-03-2018
Zaaknummer
22-003462-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Artt. 57, 63, 310 en 311 Sr. Veroordeling wegens diefstal meermalen gepleegd tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 weken, met aftrek van voorarrest.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rolnummer: 22-003462-16

Parketnummers: 10-065191-16 en 10-692075-15 (TUL)

Datum uitspraak: 27 februari 2018

TEGENSPRAAK

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 13 juli 2016 en de van dat vonnis deel uitmakende beslissing op de vordering tot tenuitvoerlegging in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortejaar] 1985,

[adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof op 2 februari 2017 en 27 februari 2018.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte naar voren is gebracht.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 weken, met aftrek van voorarrest. Voorts is beslist omtrent de vordering tot tenuitvoerlegging, als nader omschreven in het vonnis waarvan beroep.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

1.


zij op of omstreeks 04 juni 2015 en/of 08 augustus 2015 te Spijkenisse, gemeente Nissewaard tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meer stuks kinderspeelgoed en/of schoonmaakmiddelen (onder andere een of meer scheetkussens, een of meer voetbalgoals, een of meer poppen en/of swiffer dusters, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Marskramer (gevestigd op of aan [x]), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededaders;

2.


zij op of omstreeks 1 september 2015 te Ouddorp, gemeente Goeree-Overflakkee, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, in elk geval eenmaal, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen de hierna te noemen goederen en/of geld, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de hierna te noemen rechthebbenden, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s):

- in/uit Jumbo, gelegen aan de Molenweg, een of meer pakken babyvoeding, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Jumbo en/of

- in/uit Kruidvat, gelegen aan Dorpstienden, onder andere een of meer flessen parfum (onder andere een of meer flessen Burberry Britt, Calvin Klein Obsession en/of Jean Paul Gaultier nr.2), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Kruidvat;

3.


zij op of omstreeks 18 november 2015 en/of 02 december 2015 te Rotterdam (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meer producten babyvoeding en/of baby verzorgingsproducten, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Etos (gevestigd op of aan de Vierhavenstraat), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte.

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft primair gevorderd dat de zaak zal worden aangehouden teneinde Reclassering Nederland de opdracht te geven tot het doen opmaken van een rapport omtrent de persoon van de verdachte. Subsidiair heeft de advocaat-generaal gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd behoudens de in dat vonnis gebezigde bewijsmiddelen, de opgelegde straf en de beslissing omtrent de vordering tot tenuitvoerlegging. De advocaat-generaal heeft te dien aanzien gevorderd dat de verdachte – met aanvulling van artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht – zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 weken, met aftrek van voorarrest, en dat de vordering tot tenuitvoerlegging zal worden afgewezen.

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.

zij op of omstreeks 04 juni 2015 en/of 08 augustus 2015 te Spijkenisse, gemeente Nissewaard, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meer stuks kinderspeelgoed en/of schoonmaakmiddelen (onder andere een of meer scheetkussens, een of meer voetbalgoals, een of meer poppen en/of swiffer dusters, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Marskramer (gevestigd op of aan [x]), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededaders;

en


zij op of omstreeks 04 juni 2015 en/of 08 augustus 2015 te Spijkenisse, gemeente Nissewaard, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meer stuks kinderspeelgoed en/of schoonmaakmiddelen (onder andere een of meer scheetkussens, een of meer voetbalgoals, een of meer poppen en/of swiffer dusters, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Marskramer (gevestigd op of aan [x]), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededaders;

2.


zij op of omstreeks 1 september 2015 te Ouddorp, gemeente Goeree-Overflakkee, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, in elk geval eenmaal, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen de hierna te noemen goederen en/of geld, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de hierna te noemen rechthebbenden, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s):

- in/uit Jumbo, gelegen aan de Molenweg, een of meer pakken babyvoeding, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Jumbo en/of

- in/uit Kruidvat, gelegen aan Dorpstienden, onder andere een of meer flessen parfum (onder andere een of meer flessen Burberry Britt, Calvin Klein Obsession en/of Jean Paul Gaultier nr.2), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Kruidvat;

3.


zij op of omstreeks 18 november 2015 en/of 02 december 2015 te Rotterdam (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meer producten babyvoeding en/of baby verzorgingsproducten, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Etos (gevestigd op of aan de Vierhavenstraat), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsvoering

Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het onder 1 bewezen verklaarde levert op:

diefstal

en

diefstal door twee of meer verenigde personen.

Het onder 2 bewezen verklaarde levert op:

diefstal door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd.

Het onder 3 bewezen verklaarde levert op:

diefstal, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich over een periode van vier maanden schuldig gemaakt aan meerdere winkeldiefstallen. De gestolen goederen vertegenwoordigen in de meeste gevallen een aanzienlijke waarde. Winkeldiefstallen zijn ergerlijke feiten die veel hinder en schade veroorzaken. Winkeldiefstal treft niet alleen de winkelier maar ook de consument omdat winkeliers ter voorkoming van diefstal preventieve maatregelen moeten treffen waarvan zij de kosten en de kosten van de geleden schade noodzakelijkerwijs moeten verdisconteren in de prijzen van de verkochte goederen.

Het hof heeft in het nadeel van de verdachte acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 12 februari 2018, waaruit blijkt dat de verdachte reeds vele malen eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van soortgelijke feiten, waaronder meer dan eens tot onvoorwaardelijke gevangenisstraf.

Het hof heeft voorts gelet op de rapportages van Reclassering Nederland van 10 februari 2017 en 13 oktober 2017 waarin wordt geadviseerd om – ingeval van een bewezenverklaring – een (on)voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen aan de verdachte en geen bijzondere voorwaarden, wegens het verloop van eerdere toezichten sinds 2013.

Daarnaast heeft het hof gelet op de brief van 24 oktober 2017 van psychiater L. Timmerman, als opgemaakt bij gelegenheid van het voorgeleidingsconsult voor een nieuwe, soortgelijke strafzaak. Hieruit volgt dat bij de verdachte geen psychiatrisch toestandsbeeld is vastgesteld, dat zij detentiegeschikt is, en dat er geen indicatie is voor een gedragskundig onderzoek. Het hof acht de verdachte dan ook volledig toerekeningsvatbaar voor de door haar gepleegde delicten.

Het hof ziet, gelet op het vorenstaande, en in de omstandigheid dat de verdachte meent wegens een ziekte het stelen niet te kunnen laten en telkens beterschap belooft en voorts in het feit dat zij de zorg heeft voor drie kleine kinderen en over werk beschikt dat zij bang is te zullen verliezen, geen aanleiding af te zien van het opleggen van na te noemen straf.

Het hof is - alles afwegende - van oordeel dat een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur een passende en geboden reactie vormt.

Vordering tot tenuitvoerlegging

Bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam, locatie Dordrecht, van 11 september 2015, onder parketnummer 10-692075-15, is de verdachte veroordeeld tot – voor zover in dezen van belang - een gevangenisstraf voor de duur van 30 dagen, met bevel dat die gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, onder andere onder de algemene voorwaarde dat de verdachte zich vóór het einde van de proeftijd van twee jaren niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.

De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep, in afwijking van de in eerste aanleg ingediende vordering van het openbaar ministerie tot tenuitvoerlegging van die niet tenuitvoergelegde straf, gevorderd dat die vordering wordt afgewezen.

In hoger beroep is komen vast te staan dat de verdachte de genoemde algemene voorwaarde niet heeft nageleefd. De verdachte heeft immers de in de onderhavige strafzaak bewezen verklaarde feiten begaan terwijl de hiervoor bedoelde proeftijd nog niet was verstreken.

Het hof zal de vordering, conform de vordering van de advocaat-generaal afwijzen, nu de tenuitvoerlegging reeds is gelast.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 57, 63, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1, 2 en 3 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 (acht) weken.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Wijst af de vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Rotterdam van 27 maart 2016, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam, locatie Dordrecht, van 11 september 2015, onder parketnummer 10-692075-15, voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf.

Dit arrest is gewezen door mr. M.P.J.G. Göbbels,

mr. A.J.M. Kaptein en mr. C.G.M. van Rijnberk,

in bijzijn van de griffier mr. S.S. Mangal.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 27 februari 2018.