Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHDHA:2015:1978

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
13-07-2015
Datum publicatie
13-07-2015
Zaaknummer
2200239814
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een reeks van gewelddadige incidenten, waarbij zijn agressie telkens was gericht op hulpverleners en behandelaars die professioneel bij hem betrokken waren in de instelling waar hij tot zijn detentie verbleef. In een korte periode heeft verdachte niet alleen persoonsleden, maar ook directe medebewoners angst aangejaagd. Hij heeft mensen bedreigd en mishandeld en vernielingen aangericht.

Het hof gelast dat de verdachte ter beschikking wordt gesteld en beveelt dat hij van overheidswege zal worden verpleegd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Rolnummer: 22-002398-14

Parketnummer: 09-817323-14

Datum uitspraak: 13 juli 2015

TEGENSPRAAK

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 3 juni 2014 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1994,

thans gedetineerd in de PI Rijnmond – HvB De IJssel te Krimpen aan den IJssel.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep van dit hof van 3 maart 2015 en 29 juni 2015.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

Procesgang

In eerste aanleg is aan de verdachte, ter zake van het onder 1, 2, 3, 4, 5 primair, 6, 7, 8 en 9 ten laste gelegde, de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege opgelegd.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg - ten laste gelegd dat:

1.


hij op of omstreeks 28 januari 2014 te Noordwijk [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 3] aangekeken en/of (daarbij) die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 3] dreigend de woorden toegevoegd : "je hebt 2 minuten, je hebt nu nog 1 minuut, nu nog een halve minuut, dan ga ik je / jullie mollen", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

2.


hij op of omstreeks 28 januari 2014 te Noordwijk [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend:

- over die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] gezegd "ik maak ze af", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking, en/of

- die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] een klein zilver scherp voorwerp, althans een sleutel getoond, en/of

- op die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] afgelopen en (daarbij) die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd dat als zij niet weg zou(den) gaan, hij haar / hun iets aan zou doen, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

3.


hij op of omstreeks 14 april 2014 te Noordwijk [slachtoffer 4] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 4] dreigend de woorden toegevoegd :"Als ik ga dan neem ik jullie mee en als ik dan ga zitten dan zit ik voor iets goeds" en/of "Ik heb niets te verliezen dus als ik moet gaan neem ik iedereen mee ", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

4.


Ter berechting gevoegd 820192-13:

hij op of omstreeks 14 november 2013 te Noordwijk tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een persoon genaamd [slachtoffer 5], opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet een kroonluchter, althans een zwaar voorwerp, in de richting van die [slachtoffer 5] heeft gegooid, althans heeft gezwaaid althans geslagen of heeft geprobeerd te slaan met die kroonluchter, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

5 primair.


hij op of omstreeks 14 november 2013 te Noordwijk met een ander of anderen, op of aan de openbare weg, te weten het perceel gelegen op of aan de [adres], in elk geval op of aan een openbare weg, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer 5], welk geweld bestond uit (meermalen) slaan op/tegen het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 5];

5 subsidiair.


hij op of omstreeks 14 november 2013 te Noordwijk tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een persoon (te weten [slachtoffer 5]) (meermalen) op/tegen het hoofd en/of het lichaam heeft geslagen, waardoor voornoemde [slachtoffer 5] letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden;

6.


hij op of omstreeks 14 november 2013 te Noordwijk tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk en wederrechtelijk een of meer ruit(en) en/of inventaris van het pand aan de [adres], in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt door die ruiten in te gooien en/of een koelkast en/of een voetbaltafel omver te gooien;

7.


hij op of omstreeks 14 november 2013 te Noordwijk [slachtoffer 5] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 5] een hamer getoond en/of (daarbij) dreigend de woorden toegevoegd :"Ik maak je af" en/of "Ik maak hem dood", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

8.


Ter berechting gevoegd 819955-13:

hij op of omstreeks 21 oktober 2013 te Noordwijk opzettelijk meerdere personen, althans een persoon (te weten [slachtoffer 7] en/of [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 9] en/of [slachtoffer 10]),

- in een arm heeft gebeten en/of

- ( telkens) meerdere malen, althans eenmaal, (met gebalde vuist) (met kracht) op/tegen het hoofd en/of een schouder en/of een/de arm(en) en/of de borstkast en/of de rug, althans het lichaam, heeft geslagen en/of

- ( telkens) meerdere malen, althans eenmaal, in het gezicht heeft geslagen en/of

- ( telkens) meerdere malen, althans eenmaal, tegen het (scheen)been, althans het lichaam, heeft geschopt, waardoor deze letsel heeft/hebben bekomen en/of pijn heeft/hebben ondervonden;

9.


hij op of omstreeks 21 oktober 2013 te Noordwijk opzettelijk en wederrechtelijk een halsketting en/of een bril, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 10], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt door toen en daar opzettelijk en wederrechtelijk die halsketting vast te pakken en/of (vervolgens) kapot te trekken en/of die bril vast te grijpen en/of (vervolgens) in die bril te knijpen;

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2, 3, 4, 5 primair, 6, 7, 8 en 9 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.


hij op of omstreeks 28 januari 2014 te Noordwijk [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 3] aangekeken en/of (daarbij) die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 3] dreigend de woorden toegevoegd : "je hebt 2 minuten, je hebt nu nog 1 minuut, nu nog een halve minuut, dan ga ik je / jullie mollen", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

2.


hij op of omstreeks 28 januari 2014 te Noordwijk [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend:

- over die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] gezegd "ik maak ze af", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking, en/of

- die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] een klein zilver scherp voorwerp, althans een sleutel getoond, en/of

- is hij op die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] afgelopen en heeft (daarbij) die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd dat als zij niet weg zou(den) gaan, hij haar / hun iets aan zou doen, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

3.


hij op of omstreeks 14 april 2014 te Noordwijk [slachtoffer 4] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 4] dreigend de woorden toegevoegd :"Als ik ga dan neem ik jullie mee en als ik dan ga zitten dan zit ik voor iets goeds" en/of "Ik heb niets te verliezen dus als ik moet gaan neem ik iedereen mee ", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

4.


Ter berechting gevoegd 820192-13:

hij op of omstreeks 14 november 2013 te Noordwijk tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een persoon genaamd [slachtoffer 5], opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet een kroonluchter, althans een zwaar voorwerp, in de richting van die [slachtoffer 5] heeft gegooid, althans heeft gezwaaid, althans geslagen of heeft geprobeerd te slaan met die kroonluchter terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

5 primair.


hij op of omstreeks 14 november 2013 te Noordwijk met een ander of anderen, op of aan de openbare weg, te weten het perceel gelegen op of aan de [adres], in elk geval op of aan een openbare weg, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer 5], welk geweld bestond uit het (meermalen) slaan op/tegen het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 5];

6.


hij op of omstreeks 14 november 2013 te Noordwijk tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk en wederrechtelijk een of meer ruit(en) en/of inventaris van het pand aan de [adres], in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt door die ruit(en) in te gooien en/of een koelkast en/of een voetbaltafel omver te gooien;

7.


hij op of omstreeks 14 november 2013 te Noordwijk [slachtoffer 5] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 5] een hamer getoond en/of (daarbij) dreigend de woorden toegevoegd :"Ik maak je af" en/of "Ik maak hem dood", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

8.


Ter berechting gevoegd 819955-13:

hij op of omstreeks 21 oktober 2013 te Noordwijk opzettelijk meerdere personen, althans een persoon (te weten [slachtoffer 7] en/of [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 9] en/of [slachtoffer 10]),

- in een arm heeft gebeten en/of

- (telkens) meerdere malen, althans eenmaal, (met gebalde vuist) (met kracht) op/tegen het hoofd en/of een schouder en/of een/de arm(en) en/of de borstkast en/of de rug, althans het lichaam, heeft geslagen en/of

- (telkens) meerdere malen, althans eenmaal, in het gezicht heeft geslagen en/of

- (telkens) meerdere malen, althans eenmaal, tegen het (scheen)been, althans het lichaam, heeft geschopt, waardoor deze letsel heeft/hebben bekomen en/of pijn heeft/hebben ondervonden;

9.


hij op of omstreeks 21 oktober 2013 te Noordwijk

opzettelijk en wederrechtelijk een halsketting en/of een bril, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 10], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt door toen en daar opzettelijk en wederrechtelijk die halsketting vast te pakken en/of (vervolgens) kapot te trekken en/of die bril vast te grijpen en/of (vervolgens) in die bril te knijpen;

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsvoering

Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het onder 1 en 2 bewezen verklaarde levert op:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.

Het onder 3 bewezen verklaarde levert op:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.

Het onder 4 bewezen verklaarde levert op:

poging tot zware mishandeling.

Het onder 5 primair bewezen verklaarde levert op:

openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen.

Het onder 6 en 9 bewezen verklaarde levert op:

opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen of beschadigen, meermalen gepleegd.

Het onder 7 bewezen verklaarde levert op:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.

Het onder 8 bewezen verklaarde levert op:

mishandeling, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd.

Motivering van de op te leggen maatregel

Het hof heeft de op te leggen maatregel bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een reeks van gewelddadige incidenten, waarbij zijn agressie telkens was gericht op hulpverleners en behandelaars die professioneel bij hem betrokken waren in de instelling waar hij tot zijn detentie verbleef. In een korte periode heeft verdachte niet alleen persoonsleden, maar ook directe medebewoners angst aangejaagd. Hij heeft mensen bedreigd en mishandeld en vernielingen aangericht.

Het hof heeft in het nadeel van de verdachte acht geslagen op een hem betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 15 juni 2015, waaruit blijkt dat de verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van soortgelijke en andersoortige strafbare feiten. Dat heeft hem er kennelijk niet van weerhouden de onderhavige feiten te plegen.

Persoonlijkheid van de verdachte

Met betrekking tot de persoon van de verdachte heeft het hof (onder meer) acht geslagen op de navolgende rapportages waaraan de verdachte heeft meegewerkt:

  • -

    De rapportage Pro Justitia d.d. 15 mei 2014, opgesteld door drs. H.C. Basaran, kinder- en jeugdpsychiater onder supervisie van drs. B.G.J. Gunnewijk, kinder- en jeugdpsychiater;

  • -

    De rapportage Pro Justitia d.d. 15 mei 2014, opgesteld door drs. M.H. Keppel, GZ- en kinder- en jeugdpsycholoog met assistentie van drs. S.L. Zichterman, forensisch psycholoog;

  • -

    Een reclasseringsadvies (beknopt zonder diagnose) van het Leger des Heils Den Haag d.d. 16 mei 2014, opgesteld door [X], reclasseringswerker;

  • -

    Een reclasseringsadvies van het Leger des Heils d.d. 12 juni 2015, opgesteld door [Y], reclasseringswerker.

Uit de rapportages van de psychiaters en de psycholoog komt naar voren dat bij de verdachte sprake is van een ziekelijke stoornis van de geestvermogens in de vorm van een periodieke explosieve stoornis en cannabisafhankelijkheid. Daarnaast is er sprake van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens in de vorm van een reactieve hechtingsstoornis, een gedragsstoornis en performale zwakbegaafdheid.

De ziekelijke stoornis en gebrekkige ontwikkeling waren aanwezig ten tijde van het plegen van de ten laste gelegde feiten.

De escalaties die zich hebben voorgedaan komen voort uit frustraties wanneer de verdachte wordt aangesproken op zijn gedrag, in zijn vrijheid wordt beperkt of het oneens is met de regels of eisen die aan hem worden gesteld, vooral op momenten dat hij zich onrechtvaardig bejegend voelt. Hij windt zich dan ernstig op en verliest deels de controle over zijn impulsen en reageert met ernstig agressief gedrag.

Er wordt een duidelijke relatie gezien tussen de herhaalde agressieve gedragingen van de verdachte en zijn ziekelijke stoornis en gebrekkige ontwikkeling.

Op basis van hun onderzoek adviseren de psychiaters en de psycholoog de verdachte als verminderd toerekeningsvatbaar te beschouwen.

Het hof neemt de conclusie van de psychiaters en de psycholoog dat de verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is over.

Het basale wantrouwen van de verdachte staat volgens de psychiaters en de psycholoog het aangaan van behandelrelaties in beginsel in de weg. Herhaalde civielrechtelijke opnames in diverse instellingen, waaronder eerder (civiele) opnames in tbs-klinieken, zijn zonder resultaat gebleven. Zowel de psycholoog als de psychiaters adviseren, gezien de complexiteit van de problematiek van de verdachte en de grote kans op recidive, ter bescherming van de maatschappij en vanuit zorg aan de verdachte de maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging op te leggen. De reclassering heeft zich bij deze adviezen aangesloten.

De raadsman van de verdachte heeft betoogd dat aan de verdachte primair de maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden dient te worden opgelegd, subsidiair een gemaximeerde terbeschikkingstelling.

Het hof overweegt hieromtrent als volgt. Naar aanleiding van een daartoe strekkend mondeling verzoek, gedaan ter terechtzitting van dit hof op 3 maart 2015, heeft het hof de voorlopige hechtenis van de verdachte geschorst met als bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich laat opnemen bij en zal verblijven op het terrein van ASVZ te Udenhout.

Blijkens het reclasseringsadvies van het Leger des Heils d.d. 12 juni 2015, hebben er met betrekking tot de verdachte sinds zijn plaatsing bij ASVZ in deze instelling drie geweldsincidenten plaatsgevonden, waarvan een begeleider en een medebewoner het slachtoffer zijn geworden. Als gevolg hiervan is de schorsing van de voorlopige hechtenis inmiddels opgeheven.

Gelet op de adviezen van de deskundigen alsmede op voormelde incidenten, komt het hof tot het oordeel dat behandeling ter voorkoming van recidive noodzakelijk is en dat deze behandeling in een voorwaardelijk kader geen reële kans van slagen heeft. De verdachte vormt een gevaar voor zijn begeleiders en medebewoners en houdt zich niet aan de gestelde voorwaarden. Naar het oordeel van het hof is een oplegging van de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege dan ook passend en geboden.

Concluderend is het hof van oordeel dat er is voldaan aan de eisen die de wet aan oplegging van de maatregel van terbeschikkingstelling stelt, te weten:

  • -

    de bewezenverklaarde feiten (met uitzondering van de feiten 6, 8 en 9) betreffen misdrijven als bedoeld in artikel 37a, eerste lid, onder 1, van het Wetboek van Strafrecht;

  • -

    tijdens het begaan van deze feiten bestond bij de verdachte een ziekelijke stoornis en een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens en de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen eist het opleggen van deze maatregel.

Met de rechtbank overweegt het hof uitdrukkelijk dat de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege onder meer wordt opgelegd ter zake van misdrijven die zijn gericht tegen en gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. Om die reden zal, gelet op het bepaalde in artikel 38e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, een totale duur van de maatregel van meer dan vier jaar niet op voorhand uitgesloten zijn.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 37a, 37b, 38e, 45, 57, 141, 285, 300, 302 en 350 van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1, 2, 3, 4, 5 primair, 6, 7, 8 en 9 ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1, 2, 3, 4, 5 primair, 6, 7, 8 en 9 bewezen verklaarde strafbaar en verklaart de verdachte strafbaar.

Gelast dat de verdachte ter beschikking wordt gesteld en beveelt dat hij van overheidswege zal worden verpleegd.

Dit arrest is gewezen door mr. J.W. van Rijkom, mr. S.A.J. van 't Hul en mr. R.F. de Knoop, in bijzijn van de griffier mr. B.T. de Groot.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 13 juli 2015.