Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHDHA:2015:1229

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
22-05-2015
Datum publicatie
22-05-2015
Zaaknummer
22-004127-10
Formele relaties
Cassatie: ECLI:NL:HR:2017:174, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Artikelen 47, 57, 225, 326 en 420ter Sr. De verdachte heeft (met zijn bedrijven) gedurende een ruime periode de Belastingdienst opgelicht, door met opzet kinderopvangtoeslag voor vraagouders aan te (laten) vragen terwijl hij wist dat zij daar geen, of minder dan aangevraagd, recht op hadden. Om de oplichting te kunnen plegen heeft de verdachte (met zijn bedrijven) een veelvoud aan documenten vervalst. De vervalste documenten heeft de verdachte in bedrijfsadministraties opgenomen. Tenslotte heeft de verdachte een gewoonte gemaakt van het witwassen van de uitgekeerde toeslagen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
FutD 2015-1338
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rolnummer: 22-004127-10

Parketnummer: 11-993020-08

Datum uitspraak: 22 mei 2015

TEGENSPRAAK

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Dordrecht van 20 juli 2010 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1979,

[adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep van dit hof van 4 november 2011, 12 september 2012, 14 november 2014 en van 17 april 2015, 24 april 2015 en 8 mei 2015.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht. Het hof heeft acht geslagen op het op 4 november 2011 toegewezen getuigenverzoek, de stukken waaruit blijkt dat niet alle getuigen zijn gehoord en het verzoek van de verdediging om de getuigen daadwerkelijk nog te (doen) horen. Gelet op het belang bij een voortvarende afdoening van deze strafzaak en gelet op het hierna overwogene en hetgeen bewezen wordt verklaard welke bewezenverklaring niet wordt gebaseerd op verklaringen van wel toegewezen doch desondanks niet door de rechter(-commissaris) gehoorde getuigen – zal het hof, vanwege het ontbreken van voldoende belang hierbij, het onderzoek thans niet heropenen voor het horen van meer getuigen.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het 1, 2 primair, 3 en 4 primair ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep - ten laste gelegd dat:

1:
hij

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 10 december 2007 tot en met 13 oktober 2008

te Breda en/of Utrecht en/of Heerlen en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met de rechtspersoon [gastouderbureau 1] en/of [gastouderbureau 2] (vanaf 8 mei 2008) en/of (een) ander(en), althans alleen,

(telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,

de Belastingdienst, en/althans de Staat der Nederlanden, en/althans de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

heeft bewogen tot de afgifte van

(totaal) euro 42.177,--, in elk geval een of meer geldbedrag(en), te weten een of meer geldbedrag(en) in het kader van (kinderopvang)toeslag op grond van de Wet kinderopvang,

hebbende hij, verdachte, en/of zijn mededader(s)

(telkens) met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven –

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (telkens) (een) (digita(a)l(e)) formulier(en) "Aanvragen kinderopvangtoeslag" en/of (een) formulier(en) wijziging kinderopvangtoeslag opgemaakt en/of ingevuld en/of verzonden en/of doen toekomen aan de Belastingdienst aan de hand waarvan en/of door middel waarvan hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) deed/deden voorkomen dat een of meer ouder(s)/perso(o)n(en),

te weten

== [vraagouder 1a] en/of [vraagouder 1b](casus 1) en/of

== [vraagouder 2] (casus 2) en/of

== [vraagouder 3a] en/of [vraagouder 3b] (casus 3) en/of

== [vaagouder 4a] en/of [vraagouder 4b] (casus 4) en/of

== [vraagouder 7] (casus 7) en/of

== [vraagouder 8a] en/of [vraagouder 8b] (casus 8) en/of

== [vraagouder 9] (casus 9) en/of

== [vraagouder 11a] en/of [vraagouder 11b] (casus 11) en/of

== [vraagouder 12a] en/of [vraagouder 12b] (casus 12) en/of

== [vraagouder 13a] en/of [vraagouder 13b] (casus 13) en/of

== [vraagouder 14a] en/of [vraagouder 14b] (casus 14) en/of

== [vraagouder 18a] en/of [vraagouder 18b] (casus 18),

-al dan niet met terugwerkende kracht-

aanspraak had(den) en/of maakt(en) op een tegemoetkoming in de door die ouder(s) en/of hun/zijn/haar partner(s) te betalen kosten van kinderopvang

en/of

(voor de bepaling van de hoogte van de kinderopvangtoeslag)

een aantal uren kinderopvang per kind in het berekeningsjaar -vermeld op het aanvraagformulier- nodig zouden hebben en/of een werkelijk (naar individuele situatie) uurtarief was/waren overeengekomen en/of had(den) vastgesteld

en/of

dat hij, verdachte, en/of [gastouderbureau 1] en/of [gastouderbureau 2] en/of (andere) mededader(s) en/of de (vraag)ouder(s) als bedoeld in artikel 1 onder i van de Wet kinderopvang (ten tijde van de aanvraag en/of voor de periode waarop die aanvraag van toepassing was) volde(e)d(en) aan de eis(en) en/of voorwaarden zoals gesteld in de Wet kinderopvang en aanverwante Regelingen en/of Besluiten,

bestaande die eis(en) en/of voorwaarde(n) (onder meer) hierin dat

de registratie en/of opneming in het register als bedoeld in artikel 46 van de Wet kinderopvang van het gastouderbureau had plaatsgevonden

en/of

de betreffende Kinderopvang geschiedt op basis van een ((reeds) opgestelde en/of getekende) schriftelijke overeenkomst tussen de houder en de ouder als bedoeld in artikel 52 van de Wet kinderopvang

en/of

de gastouder(s) in het bezit was/waren van een verklaring omtrent het gedrag, afgegeven volgens de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens, als bedoeld in artikel 50 van de Wet kinderopvang

en/of

aan de gastouder het oppastarief en/of de opvanguren betaald werd(en) / zou(den) worden betaald zoals vastgelegd in de (oppas)overeenkomst als bedoeld in artikel 52 van de Wet kinderopvang,

en/of

(telkens) (vervolgens) (na afgifte/toewijzing in beschikking)

niet alle wijzigingen in bij de Belastingdienst bekend zijnde gegevens/situatie met betrekking tot de aanvrager van kinderopvangtoeslag en/of welke van belang zijn voor de aanspraak op en de hoogte van de kinderopvangtoeslag doorgegeven,

waardoor (telkens) de Belastingdienst en/of de Staat der Nederlanden en/of de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap werd(en) bewogen tot de afgifte van bovenbedoeld(e) goed(eren)/geldbedrag(en);

2 primair:
hij

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 28 januari 2008 tot en met 13 oktober 2008,

te Breda, in elk geval in Nederland

tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,

meermalen, althans eenmaal,

van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt,

immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s)

totaal euro € 2.734.969,--, in elk geval een of meer geldbedrag(en),

verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet,

althans van totaal euro € 2.734.969,--, in elk geval een of meer geldbedrag(en) gebruik gemaakt,

terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en) dat bovenomschreven voorwerp(en)/geldbedrag(en)

- onmiddellijk of middellijk –

afkomstig was/waren uit enig(e) misdrijf/misdrijven;

2 subsidiair:
hij

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 28 januari 2008 tot en met 13 oktober 2008,

te Breda, in elk geval in Nederland

tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,

meermalen, althans eenmaal,

totaal euro € 2.734.969,--, in elk geval een of meer geldbedrag(en),

heeft/hebben verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet,

althans van totaal euro € 2.734.969,--, in elk geval een of meer geldbedrag(en) gebruik heeft/hebben gemaakt,

terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) moest(en) vermoeden dat bovenomschreven voorwerp(en)/geldbedrag(en) - onmiddellijk of middellijk –

afkomstig was/waren uit enig(e) misdrijf/misdrijven;

3:
hij

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van januari 2008 tot en met 19 september 2008

te Breda en/of Rijssen en/of Bergen op Zoom en/of Utrecht, in elk geval in Nederland,

tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,

meermalen, althans eenmaal,

(een) formulier(en) "overeenkomst(en) gastouderopvang",

te weten

C3. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 3a] en [vraagouder 3b] en de oppas [gastouder A] Ingangsdatum periode overeenkomst 01-01-2008 (Bijlage D-116);

en/of

C9. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder [vraagouder 9] en de oppas [gastouder C] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-158);

en/of

C11. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 11a] en [vraagouder 11b] en de oppas [gastouder B] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-193);

en/of

C13. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 13a] en [vraagouder 13b] en de oppas [gastouder D] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-284);

en/of

C16a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 19a] en [vraagouder 19b] en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-295);

en/of

C16b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 20a] en [vraagouder 20b]en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-300);

en/of

C18a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 21a] en [vraagouder 21b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-285); en/of

C18b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 18a] en [vraagouder 18b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-290);

en/of

(een) kwitantie(s),

te weten

een kwitantie gedateerd 25-5-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149)

en/of

een kwitantie gedateerd 25-6-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel & vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149)

en/of

een kwitantie gedateerd 25-7-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149),

en/of

een urenregistratie (bijlage D/151),

zijnde (telkens) (een) geschrift(en) dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen,

(telkens) valselijk heeft/hebben opgemaakt of vervalst, en/althans valselijk heeft/hebben doen en/of laten opmaken en/of doen en/of laten vervalsen door (een) ander(en),

immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn, verdachtes, mededader(s) toen en daar (telkens) valselijk in strijd met de waarheid

-zakelijk weergegeven-

in die formulier(en) "overeenkomst(en) gastouderopvang" een te hoog aantal opvanguren (te weten D/116 en/of D/158 en/of D/193 en/of D/284 en/of D/295 en/of D/300 en/of D/285 en/of D/290)

en/of

een onjuiste (te vroeg gelegen) ingangs- en/of begindatum van de overeenkomst (te weten D/116 en/of D/284 en/of D/295 en/of D/300 en/of D/285 en/of D/290)

en/of

een onjuist (te hoog) uurtarief vermeld en/of geschreven en/of opgenomen, en/althans door die ander(en) doen en/of laten vermelden en/of schrijven en/of opnemen,

en/of

op die kwitantie(s) (telkens) (een) ontvangst van 879,55 opgenomen en/of vermeld en/of doen opnemen en/of vermelden en/of een handtekening geplaatst voor ontvangst,

terwijl in werkelijkheid dat/die bedragen niet, in elk geval niet door [vraagouder 14a], was/waren betaald,

en/of

een fictieve urenregistratie opgesteld en/of doen opstellen,

zulks (telkens) met het oogmerk om die/dat geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken,

en/of

hij

op of omstreeks 13 oktober 2008, in elk geval in of omstreeks 9 september 2008 tot en met 13 oktober 2008,

te Breda en/of Utrecht, in elk geval in Nederland,

tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,

meermalen, althans eenmaal,

opzettelijk heeft afgeleverd en/of doen afleveren bij de Belastingdienst Toeslagen en/of voorhanden heeft/hebben gehad

(een) valse en/of vervalste kwitantie(s),

te weten

een kwitantie gedateerd 25-5-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149)

en/of

een kwitantie gedateerd 25-6-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel & vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149)

en/of

een kwitantie gedateerd 25-7-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149),

en/of

een valse en/of vervalste urenregistratie (bijlage D/151),

zijnde (een) geschrift(en) dat bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen,

bestaande die valsheid of vervalsing (telkens) hierin dat

in strijd met de waarheid op die kwitantie(s) (telkens) (een) ontvangst van Euro 879,55 was opgenomen en/of vermeld en/of een handtekening was geplaatst voor ontvangst,

terwijl in werkelijkheid dat/die bedragen niet, in elk geval niet door [vraagouder 14a], was/waren betaald,

en/of

die urenregistratie fictief was, terwijl hij, verdachte, en/of zijn, verdachtes, mededader(s) wist(en) en/of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat dit/deze geschrift(en) bestemd was/waren voor gebruik als ware het echt en onvervalst;

4 primair:
hij

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 10 december 2007 tot en met 13 oktober 2008

te Breda, in elk geval in Nederland,

tezamen en in vereniging met elkaar en/of (een) ander(en), althans alleen,

meermalen, althans eenmaal,

(telkens) geschriften (te weten bedrijfsadministratie(s)) die bestemd zijn om tot bewijs van enig feit te dienen

(telkens) opzettelijk valselijk heeft/hebben opgemaakt en/of vervalst en/of valselijk heeft/hebben doen opmaken en/of doen vervalsen,

hebbende hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) toen daar (telkens) opzettelijk in de bedrijfsadministratie van [gastouderbureau 1] en/of de bedrijfsadministratie van [gastouderbureau 2] (vanaf 8 mei 2008), zijnde (telkens) een samenstel van geschriften bestemd om tot bewijs van het daarin vermelde te dienen,

één of meer van hierna genoemde geschrift(en) opgenomen en/of geboekt en/of verwerkt en/of doen opnemen en/of doen boeken en/of doen verwerken,

(een) formulier(en) "overeenkomst(en) gastouderopvang" te weten

C9. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder [vraagouder 9] en de oppas [gastouder C] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-158);

en/of

C11. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 11a] en [vraagouder 11b] en de oppas [gastouder B] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-193);

en/of

C13. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 13] en [vraagouder 13b] en de oppas [gastouder D] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-284);

en/of

C16a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 19a] en [vraagouder 19b] en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-295);

en/of

C16b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 20a] en [vraagouder 20b]en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-300);

en/of

C18a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 21a] en [vraagouder 21b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-285);

en/of

C18b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 18a] en [vraagouder 18b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-290);

en/of

(een) kwitantie(s),

te weten

een kwitantie gedateerd 25-5-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149)

en/of

een kwitantie gedateerd 25-6-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel & vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149)

en/of

een kwitantie gedateerd 25-7-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149),

en/of

een urenregistratie (bijlage D/151),

bestaande die valsheid/valsheden (telkens) hierin dat

-in werkelijkheid-

in die formulier(en) "overeenkomst(en) gastouderopvang" een te hoog aantal opvanguren (te weten D/158 en/of D/193 en/of D/284 en/of D/295 en/of D/300 en/of D/285 en/of D/290)

en/of

een onjuiste (te vroeg gelegen) ingangs- en/of begindatum van de overeenkomst (te weten D/284 en/of D/295 en/of D/300 en/of D/285 en/of D/290)

en/of

een onjuist (te hoog) uurtarief was/waren vermeld en/of geschreven en/of opgenomen en/of op die kwitantie(s) (telkens) (een) ontvangst van Euro 879,55 was opgenomen en/of vermeld en/of een handtekening geplaatst voor ontvangst,

terwijl in werkelijkheid dat/die bedragen niet, in elk geval niet door [vraagouder 14a], was/waren betaald,

en/of

die urenregistratie een fictieve opgestelde urenregistratie betrof,

zulks (telkens) met het oogmerk om dat/die (samenstel van) geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken en/of door ander(en) te doen gebruiken;

4 subsidiair:
[gastouderbureau 1] en/of [gastouderbureau 2] (vanaf 8 mei 2008),

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 10 december 2007 tot en met 13 oktober 2008

te Breda, in elk geval in Nederland,

tezamen en in vereniging met elkaar en/of (een) ander(en), althans alleen,

meermalen, althans eenmaal,

(telkens) geschriften (te weten bedrijfsadministratie(s)) die bestemd zijn om tot bewijs van enig feit te dienen

(telkens) opzettelijk valselijk heeft/hebben opgemaakt en/of vervalst en/of valselijk heeft/hebben doen opmaken en/of doen vervalsen,

hebbende genoemde rechtsperso(o)n(en) en/of haar/hun mededader(s) toen daar (telkens) opzettelijk in de bedrijfsadministratie van [gastouderbureau 1] en/of de bedrijfsadministratie van [gastouderbureau 2] (vanaf 8 mei 2008),

zijnde (telkens) een samenstel van geschriften bestemd om tot bewijs van het daarin vermelde te dienen,

één of meer van hierna genoemde geschrift(en) opgenomen en/of geboekt en/of verwerkt en/of doen opnemen en/of doen boeken en/of doen verwerken,

(een) formulier(en) "overeenkomst(en) gastouderopvang" te weten

C9. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder [vraagouder 9] en de oppas [gastouder C] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-158);

en/of

C11. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 11a] en [vraagouder 11b] en de oppas [gastouder B] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-193);

en/of

C13. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 13] en [vraagouder 13b] en de oppas [gastouder D] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-284);

en/of

C16a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 19a] en [vraagouder 19b] en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-295);

en/of

C16b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 20a] en [vraagouder 20b]en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-300);

en/of

C18a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 21a] en [vraagouder 21b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-285);

en/of

C18b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 18a] en [vraagouder 18b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 (Bijlage D-290);

en/of

(een) kwitantie(s),

te weten

een kwitantie gedateerd 25-5-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149)

en/of

een kwitantie gedateerd 25-6-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel & vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149)

en/of

een kwitantie gedateerd 25-7-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55 (Bijlage D-149),

en/of

een urenregistratie (bijlage D/151),

bestaande die valsheid/valsheden (telkens) hierin dat

-in werkelijkheid-

in die formulier(en) "overeenkomst(en) gastouderopvang" een te hoog aantal opvanguren (te weten D/158 en/of D/193 en/of D/284 en/of D/295 en/of D/300 en/of D/285 en/of D/290)

en/of

een onjuiste (te vroeg gelegen) ingangs- en/of begindatum van de overeenkomst (te weten D/284 en/of D/295 en/of D/300 en/of D/285 en/of D/290)

en/of

een onjuist (te hoog) uurtarief was/waren vermeld en/of geschreven en/of opgenomen

en/of

op die kwitantie(s) (telkens) (een) ontvangst van Euro 879,55 was opgenomen en/of vermeld en/of een handtekening geplaatst voor ontvangst,

terwijl in werkelijkheid dat/die bedragen niet, in elk geval niet door [vraagouder 14a], was/waren betaald,

en/of

die urenregistratie een fictieve opgestelde urenregistratie betrof,

zulks (telkens) met het oogmerk om dat/die (samenstel van) geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken en/of door ander(en) te doen gebruiken,

hebbende hij, verdachte, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, tot de/het vorenstaande feit(en) opdracht gegeven en/of feitelijke leiding gegeven aan de vorenstaande gedraging(en).

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Wijzigingen tenlastelegging

De raadsman van de verdachte heeft zich aangesloten bij het in de zaak van de medeverdachte gevoerde verweer dat het Openbaar Ministerie met de wijzigingen van de tenlastelegging op 14 november 2014 en 17 april 2015 heeft gehandeld in strijd met een goede procesorde. Het Openbaar Ministerie heeft met de wijzigingen van de tenlastelegging volgens de verdediging een beperking van de tenlastelegging bewerkstelligd die in feite neerkomt op een intrekking van de tenlastelegging met betrekking tot feiten waarvan de verdediging meent dat daarvoor vrijgesproken moet worden. Door op deze wijze te handelen wordt de verdachte de mogelijkheid om zich naar behoren te verdedigen ontnomen, hetgeen in strijd is met artikel 6 van het Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM). De verdediging verzoekt de verdachte daarom vrij te spreken van de (naar het hof begrijpt: oorspronkelijke) tenlastelegging. Subsidiair verzoekt de verdediging het hof hierover een overweging ten overvloede op te nemen in het arrest.

Het hof overweegt hiertoe als volgt.

De wijzigingen van de tenlastelegging zoals die door de advocaat-generaal zijn gevorderd op de terechtzittingen in hoger beroep van 14 november 2014 en 17 april 2015 – kort gezegd het woord “waaronder” te vervangen door “te weten” - zijn op grond van het bepaalde in artikel 313, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering toegestaan en reeds door het hof toegewezen.

Het hof ziet geen grond om buiten de tenlastelegging die daardoor thans ter beoordeling voorligt een overweging ten overvloede in dit arrest op te nemen.

Het verweer wordt verworpen.

Deelvrijspraken

Zowel uit de dossierstukken als uit het verhandelde ter terechtzittingen blijkt dat de verdachte in feite verweten wordt dat hij met de aanvraagformulieren (en wijzigingsformulieren) ter zake van de kinderopvangtoeslag (hierna: k.o.t.) die naar de Belastingdienst zijn gestuurd, de werkelijkheid anders heeft voorgedaan dan zij was, zodat de Belastingdienst is bewogen tot afgifte van geldbedragen in het kader van toeslag op grond van de Wet kinderopvang. Niets wijst er op dat de Belastingdienst (of de Staat der Nederlanden of de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) naar aanleiding van iets anders dan die formulieren (bijvoorbeeld de telefoongesprekken) tot afgifte van geldbedragen is bewogen.

Daarom moet beoordeeld worden of en in hoeverre door middel van (c.q. aan de hand van) die aanvragen een valse voorstelling van zaken is gegeven. Dienaangaande overweegt het hof het volgende.

Ter zake van de verklaringen omtrent het gedrag (hierna: VOG’s):

De k.o.t. aanvraagformulieren vragen niet naar VOG’s. Daar heeft de verdachte ook niets over bijgeschreven op de formulieren. Reeds daarom is niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte bij de aanvraag k.o.t. of een wijziging k.o.t. de Belastingdienst in dit opzicht heeft misleid.

Dat contractueel gezien zonder VOG de gastouder niet had mogen oppassen of de inschrijving bij het gastouderbureau niet voltooid was, betekent niet dat de verdachte het jegens de Belastingdienst (of de Staat of de minister) deed voorkomen of de gastouder in het bezit was van een VOG.

Ter zake van het opgegeven aantal uren waarvoor toeslag werd aangevraagd, heeft het hof in aanmerking genomen dat de regelgeving destijds toeliet dat k.o.t. werd gegeven voor uren waarop daadwerkelijk werd opgepast, dus niet alleen voor de uren waarop oppas nodig was vanwege het werk van de vraagouders. Het enkele feit dat er door vraagouders minder uren arbeid werd verricht dan waarvoor k.o.t. werd aangevraagd is daarom op zichzelf onvoldoende om de tenlastegelegde oplichting of valsheid in geschrift vast te stellen.

Opzet op wederrechtelijke bevoordeling

De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep, conform de ter zitting overgelegde en in het procesdossier gevoegde pleitnotities, betoogd – zakelijk weergegeven - dat de verdachte dient te worden vrijgesproken van de onder 1 ten laste gelegde oplichting. Hiertoe heeft de raadsman aangevoerd dat de verdachte vanaf het begin de bedoeling heeft gehad om uiteindelijk het correcte aantal opvanguren aan de Belastingdienst kenbaar te maken. Om deze reden is nimmer sprake geweest van een oogmerk van wederrechtelijke bevoordeling.

Het hof verwerpt dit verweer en overweegt dienaangaande het volgende.

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat hij de Belastingdienst heeft bewogen tot afgifte van geldbedragen in het kader van k.o.t. Daartoe behoren ook de voorschotten k.o.t. De verdachte heeft opzettelijk onjuiste informatie aan de Belastingdienst verstrekt (of laten verstrekken), zoals een te groot aantal oppasuren tegen een te hoog tarief. Op basis van deze informatie heeft de Belastingdienst in het kader van k.o.t. de (eerst als voorschot) uit te keren geldbedragen bepaald en uitbetaald. Aldus heeft wederrechtelijke bevoordeling plaatsgevonden. Anders dan de raadsman is het hof van oordeel dat voor de beantwoording van de vraag of opzet op de wederrechtelijke bevoordeling aanwezig was, het hof heeft te beoordelen of de verdachte bewust onjuiste informatie aan de Belastingdienst heeft verstrekt, terwijl hij wist dat dit zou leiden tot afgifte van geldbedragen. De omstandigheid dat de verdachte naar de vraagouders gecommuniceerd zou hebben dat de hoeveelheid uren en daarmee het recht op k.o.t. (pas) aan het eind van het jaar definitief vastgesteld zou worden, maakt niet dat de Belastingdienst niet door de onjuiste opgaven is bewogen tot afgifte van geldbedragen.

Witwassen

De raadsman van de verdachte heeft betoogd dat de dagvaarding partieel nietig moet worden verklaard, omdat niet nader is omschreven wat wordt bedoeld met het ten laste gelegde ‘omzetten’.

Het hof verwerpt dit verweer op grond van het volgende.

Uit de Memorie van Toelichting bij artikel 420 bis van het Wetboek van Strafrecht blijkt dat voor de betekenis van ‘omzetten’ aansluiting is gezocht bij de betekenis zoals is omschreven in de Van Dale, te weten het (geld en goederen) verwisselen met een andere geldswaarde of met zekere handelsartikelen. Ook bij opnemen van contante gelden vanaf een bankrekening spreekt men van ‘omzetten’ (van giraal geld in chartaal geld).

Gelet hierop is, bezien tegen de achtergrond van het procesdossier, met het in de tenlastelegging gebezigde woord ‘omzetten’ voldoende duidelijk welke feitelijke gedragingen aan de verdachte worden verweten.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 primair, 3 en 4 primair ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1:
hij

op tijdstip(pen) in de periode van 10 december 2007 tot en met 13 oktober 2008

in Nederland,

tezamen en in vereniging met (een) ander(en)

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door een samenweefsel van verdichtsels,

de Belastingdienst,

heeft bewogen tot de afgifte van geldbedragen, te weten geldbedragen in het kader van kinderopvangtoeslag op grond van de Wet kinderopvang,

hebbende hij, verdachte, en zijn mededader(s)

telkens met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven –

valselijk en in strijd met de waarheid

(een) (digitale) formulier(en) "Aanvragen kinderopvangtoeslag" opgemaakt en doen toekomen aan de Belastingdienst aan de hand waarvan en/of door middel waarvan hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) deden voorkomen dat een of meer ouder(s)/perso(o)n(en),

te weten

== [vraagouder 1a] en/of [vraagouder 1b] (casus 1) en

== [vraagouder 2] (casus 2) en/of

== [vraagouder 3a] en/of [vraagouder 3b] (casus 3) en

== [vraagouder 4a] en/of [vraagouder 4b] (casus 4) en

== [vraagouder 11a] en/of [vraagouder 11b] (casus 11) en

== [vraagouder 13a] en/of [vraagouder 13b] (casus 13) en

== [vraagouder 18a] en/of [vraagouder 18b] (casus 18),

-al dan niet met terugwerkende kracht-

aanspraak hadden op een tegemoetkoming in de door die ouder(s) en/of hun partner(s) te betalen kosten van kinderopvang

en

(voor de bepaling van de hoogte van de kinderopvangtoeslag)

een aantal uren kinderopvang per kind in het berekeningsjaar -vermeld op het aanvraagformulier- nodig zouden hebben

en/of

een werkelijk (naar individuele situatie) uurtarief was/waren overeengekomen en/of had(den) vastgesteld

waardoor (telkens) de Belastingdienst werd bewogen tot de afgifte van geldbedrag(en);

2 primair:
hij

op tijdstippen in de periode van 28 januari 2008 tot en met 13 oktober 2008,

in Nederland

tezamen en in vereniging met (een) ander(en),

van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt,

immers heeft verdachte geldbedragen,

overgedragen en omgezet,

terwijl hij, verdachte, wist dat bovenomschreven geldbedragen

- onmiddellijk of middellijk –

afkomstig waren uit enig misdrijf;

3:
hij

op tijdstippen in de periode van januari 2008 tot en met 19 september 2008

in Nederland,

tezamen en in vereniging met (een) ander(en)

formulieren "overeenkomst(en) gastouderopvang",

te weten

C3. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 3a] en [vraagouder 3b] en de oppas [gastouder A] Ingangsdatum periode overeenkomst 01-01-2008;

en

C11. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 11a] en [vraagouder 11b] en de oppas [gastouder B] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

C16a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 19a] en [vraagouder 19b] en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

C16b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 20a] en [vraagouder 20b]en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

C18a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 21a] en [vraagouder 21b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

C18b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 18a] en [vraagouder 18b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008 ;

en

kwitanties,

te weten

een kwitantie gedateerd 25-5-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55

en

een kwitantie gedateerd 25-6-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel & vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55

en

een kwitantie gedateerd 25-7-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55,

en

een urenregistratie,

zijnde telkens een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen,

(telkens) valselijk heeft opgemaakt of vervalst,

immers hebben hij, verdachte, en zijn, verdachtes, mededader(s) toen en daar valselijk in strijd met de waarheid

-zakelijk weergegeven-

in die formulier(en) "overeenkomst(en) gastouderopvang" een te hoog aantal opvanguren

en/of

een onjuiste (te vroeg gelegen) ingangs- en/of begindatum van de overeenkomst

en/of

een onjuist (te hoog) uurtarief vermeld en/of geschreven en/of opgenomen,

en

op die kwitantie(s) (telkens) ontvangst van 879,55 opgenomen en/of vermeld,

terwijl in werkelijkheid die bedragen niet, in elk geval niet door [vraagouder 14a], waren betaald,

en

een fictieve urenregistratie opgesteld of doen opstellen,

zulks met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken,

4 primair:
hij

op tijdstippen in de periode van 10 december 2007 tot en met 13 oktober 2008

in Nederland,

tezamen en in vereniging met (een) ander(en), geschriften (te weten bedrijfsadministraties) die bestemd zijn om tot bewijs van enig feit te dienen

opzettelijk valselijk heeft opgemaakt en vervalst of doen vervalsen,

hebbende hij, verdachte, en zijn mededader(s) toen daar opzettelijk in de bedrijfsadministratie van [gastouderbureau 1] en de bedrijfsadministratie van [gastouderbureau 2] (vanaf 8 mei 2008), zijnde telkens een samenstel van geschriften bestemd om tot bewijs van het daarin vermelde te dienen,

formulieren "overeenkomst(en) gastouderopvang"

te weten

C11. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 11a] en [vraagouder 11b] en de oppas [gastouder B] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

C13. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [[vraagouder 13a]] en [vraagouder 13b] en de oppas [gastouder D] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

C16a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 19a] en [vraagouder 19b] en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

C16b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 20a] en [vraagouder 20b]en de oppas [gastouder E] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

C18a. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 21a] en [vraagouder 21b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

C18b. een formulier overeenkomst gastouderopvang aangegaan door de partijen [gastouderbureau 1], de ouder(s) [vraagouder 18a] en [vraagouder 18b] en de oppas [gastouder F] Ingangsdatum periode overeenkomst 11-01-2008;

en

kwitanties,

te weten

een kwitantie gedateerd 25-5-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55

en

een kwitantie gedateerd 25-6-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel & vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55

en

een kwitantie gedateerd 25-7-08 waarop (onder meer) vermeld ontvangen van [vraagouder 14a] betaling ouderdeel en vergoeding gastouderburo bedrag Euro 879,55,

en

een urenregistratie,

bestaande die valsheid/valsheden hierin dat

-in werkelijkheid-

in die formulier(en) "overeenkomst(en) gastouderopvang" een te hoog aantal opvanguren

en/of

een onjuiste (te vroeg gelegen) ingangs- en/of begindatum van de overeenkomst

en/of

een onjuist (te hoog) uurtarief was/waren vermeld en/of geschreven en/of opgenomen

en

op die kwitanties (telkens) (een) ontvangst van Euro 879,55 was opgenomen en/of vermeld en/of een handtekening geplaatst voor ontvangst,

terwijl in werkelijkheid die bedragen niet, in elk geval niet door [vraagouder 14a], waren betaald,

en

die urenregistratie een fictieve opgestelde urenregistratie betrof,

zulks met het oogmerk om dat samenstel van geschriften als echt en onvervalst te gebruiken .

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsvoering

Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het onder 1 bewezen verklaarde levert op:

Medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd.

Het onder 2 primair bewezen verklaarde levert op:

Medeplegen van een gewoonte maken van witwassen.

Het onder 3 bewezen verklaarde levert op:

Medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd.

Het onder 4 primair bewezen verklaarde levert op:

Medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd en dat de verdachte ter zake van het onder 1, 2 primair, 3 en 4 primair ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met aftrek van voorarrest.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straffen bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft (met zijn bedrijven) gedurende een ruime periode de Belastingdienst opgelicht, door met opzet k.o.t. voor vraagouders aan te (laten) vragen terwijl hij wist dat zij daar geen, of minder dan aangevraagd, recht op hadden. Om de oplichting te kunnen plegen heeft de verdachte (met zijn bedrijven) een veelvoud aan documenten vervalst. De vervalste documenten heeft de verdachte in bedrijfsadministraties opgenomen. Tenslotte heeft de verdachte een gewoonte gemaakt van het witwassen van de uitgekeerde toeslagen.

Door het handelen van de verdachte (met zijn bedrijven) zijn ten onrechte bedragen door de Belastingdienst uitgekeerd. Een deel daarvan heeft de verdachte zich toegeëigend. De Belastingdienst en daarmee de samenleving als geheel is door het frauduleuze handelen benadeeld. De verdachte heeft misbruik gemaakt van het systeem van de Belastingdienst dat is ingesteld om grote aantallen toeslagaanvragen zo snel mogelijk te kunnen verwerken. De Belastingdienst gaat daarbij in het algemeen uit van de juistheid van de ingediende aanvragen om de aanvragers niet lang in onzekerheid te laten verkeren. Verdachte heeft het vertrouwen dat de basis vormt van dit door de Belastingdienst gehanteerde systeem ondergraven en daarbij uitsluitend oog gehad voor financieel gewin.

Het hof neemt in aanmerking dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor het plegen van strafbare feiten.

Omdat het hof tot een beperktere bewezenverklaring dan de rechtbank komt, acht het hof een lagere straf dan door de rechtbank opgelegd en door de advocaat-generaal geëist passend en geboden.

Alles afwegende komt het hof in beginsel tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden en een geldboete van € 75.000,-, subsidiair 365 dagen hechtenis. Bij de bepaling van de straf houdt het hof echter rekening met het tijdsverloop van deze zaak in hoger beroep, dat naar het oordeel van het hof de conclusie wettigt dat de behandeling van de zaak niet heeft plaatsgevonden binnen een redelijke termijn in de zin van artikel 6, eerste lid, EVRM.

Gelet op de overschrijding van deze termijn zal het hof naast de boete, geen geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf opleggen, maar in plaats daarvan een onvoorwaardelijke taakstraf in combinatie met een deels voorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur.

Bij de vaststelling van de geldboete is rekening gehouden met de draagkracht van de verdachte.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 23, 24, 24c, 47, 57, 225, 326 en 420ter van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden.

BESLISSING

Het hof:

vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 primair, 3 en 4 primair ten laste gelegde heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart het onder 1, 2 primair, 3 en 4 primair bewezen verklaarde strafbaar en verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) maanden;

bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot

9 (negen) maandenniet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van

2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;

beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

veroordeelt de verdachte tot een taakstraf bestaande uit een werkstraf voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis;

veroordeelt de verdachte tot een geldboete van

€ 75.000,00 (vijfenzeventigduizend euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 365 (driehonderdvijfenzestig) dagen hechtenis.

Dit arrest is gewezen door mr. J.M. Reinking, mr. G. Dulek-Schermers en mr. E. van Die, in bijzijn van de griffier mr. H. van den Hove.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 22 mei 2015.