Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHDHA:2014:3281

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
12-09-2014
Datum publicatie
14-10-2014
Zaaknummer
22-000901-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De verdachte heeft zich op de bewezen verklaarde wijze samen met anderen schuldig gemaakt aan oplichting van een tweetal banken en een aantal van hun rekeninghouders.

Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 (dertig) maanden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Rolnummer: 22-000901-08

Parketnummer: 10-765052-06

Datum uitspraak: 12 september 2014

TEGENSPRAAK

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 12 februari 2008 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortejaar] 1970 te [geboorteplaats] (Nigeria),

thans zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep van dit hof van 1 februari 2013 en 29 augustus 2014.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte van het onder 1 ten laste gelegde partieel vrijgesproken met betrekking tot de zaak [de zaak] en ter zake van het overige onder 1 ten laste gelegde en het onder 2 ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van drie jaren, met aftrek van voorarrest. Tevens zijn beslissingen genomen op de vorderingen van de benadeelde partijen, als nader omschreven in het vonnis waarvan beroep, met oplegging van schadevergoedingsmaatregelen aan de verdachte.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie

De raadsman heeft ter terechtzitting in hoger beroep de niet-ontvankelijkheid bepleit van het Openbaar Ministerie in de vervolging van de verdachte. Daartoe heeft de raadsman aangevoerd – zakelijk weergegeven - dat de wens van de verdachte tot het doen uitvoeren van een stemherkenningsonderzoek wordt doorkruist door zijn ontijdige uitzetting en ongewenstverklaring door de IND.

Het hof overweegt hieromtrent dat het beroep op niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie reeds strandt op de omstandigheid dat de verdachte zelf zich onvoldoende heeft ingespannen ten aanzien van het kunnen gaan realiseren van zijn rechten bij de behandeling van zijn zaak in hoger beroep. Immers, de verdachte is thans zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande en hij heeft ook niet bekend gemaakt of, en zo ja waar, hij zich in het buitenland bevindt. Desgevraagd heeft de raadsman meegedeeld dat hij het hof niet kan vertellen waar de verdachte te bereiken is, dat hij zelf geen contact met de verdachte heeft gehad en dat hij niet weet of kantoorgenoten recent nog contact hebben gehad met de verdachte. Het uitvoeren van een stemherkenningsonderzoek stuit aldus af op de omstandigheid dat de verdachte niet bereikt kan worden en aan dat onderzoek dus niet deel kan nemen. Dat is een omstandigheid die voor rekening en risico van de verdachte komt. De verdachte heeft immers hoger beroep laten instellen en mag daarom bekend worden verondersteld met de huidige procedure. Het had op zijn weg gelegen aan te geven hoe en waar hij kon worden bereikt, maar hij heeft dit nagelaten. Het hof vermag niet in te zien op welke wijze dit handelen van de verdachte het Openbaar Ministerie kan worden tegengeworpen en verwerpt daarom het verweer.

Ten slotte merkt het hof nog het volgende op. Ter terechtzitting in hoger beroep van 1 februari 2013 is door de verdediging een verzoek gedaan tot het horen van twee getuigen. Het hof heeft de beslissing op die verzoeken ter zitting aangehouden. Ter terechtzitting in hoger beroep van 29 augustus 2014 heeft de raadsman desgevraagd door de voorzitter meegedeeld dat de verdediging geen verzoeken meer heeft waarop het hof nog een beslissing dient te nemen, zodat het hof de ter terechtzitting van 1 februari 2013 gedane verzoeken als ingetrokken beschouwt en daarop geen beslissing meer zal nemen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

1.

hij, in of omstreeks de periode van 1 december 2005 tot en met 15 augustus 2006 te Rotterdam en/of Dordrecht en/of Zwijndrecht en/of Gorinchem en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 5] en/of een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen, (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,

[Zaak [benadeelde partij 1]]

(in of omstreeks de periode van 12 juni 2006 tot en met 4 augustus 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 1] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 1]

 het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) en/of "Goldcard" te melden bij de Postbank en/of

 een of meer bankpas(sen) en/of een "Goldcard" en/of (met bijbehorende) pincode(s) en/of activeringscode aan te vragen en/of

 (vervolgens) met die "Goldcard" met bijbehorende pincode en/of met bijbehorende activeringscode geld op te nemen en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 2]]

(in of omstreeks de periode van 6 juni 2006 tot en met 19 juli 2006 te Dordrecht, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3]

 het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) te melden bij de Postbank en/of

 een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

 (vervolgens) die bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

 (vervolgens) de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

 (vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) en/of met Mpb.nl geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde 5]]

(in of omstreeks de periode van 26 april 2006 tot en met 6 juli 2006 te Rotterdam en/of Zwijndrecht, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 4] en/of [benadeelde partij 5] en/of [benadeelde partij 6] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 4] en/of [benadeelde partij 5] en/of [benadeelde partij 6]

 het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) te melden bij de Postbank en/of

 een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

 (vervolgens) die bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

 (vervolgens) de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

 (vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) en/of met Mpb.nl geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 7]]

(in of omstreeks de periode van 4 april 2006 tot en met 24 juli 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 7] en/of [benadeelde partij 8] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 7] en/of [benadeelde partij 8]

 het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) te melden bij de Postbank en/of

 een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

 (vervolgens) die bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

 (vervolgens) de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

 (vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 9]]

(in of omstreeks de periode van 6 juni 2006 tot en met 29 juni 2006 te Gorinchem, in ieder geval in Nederland)

[benadeelde partij 9] en/of [benadeelde partij 10] en/of (een medewerk(st)er(s) van) PostbankN.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 9] en/of [benadeelde partij 10]

 een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

 (vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 11]]

(in of omstreeks de periode van 26 april 2006 tot en met 15 juni 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 11] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 11]

 de beschadiging van een of meer bankpas(sen) te melden bij de Postbank en/of

 een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

 (vervolgens) die bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

 (vervolgens) de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

 (vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) en/of met Mpb.nl geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 12])

(in of omstreeks de periode van 17 juni 2006 tot en met 15 augustus 2006 te Zwijndrecht, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 12] en/of [benadeelde partij 13] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Rabobank Zwijndrecht-Hendrik Ido Ambacht heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 12] en/of [benadeelde partij 13]

 een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

 (vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 14]]

(in of omstreeks de periode van 27 juni 2006 tot en met 4 augustus 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 14] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 14]

 het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) te melden bij de Postbank en/of

 een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

 (vervolgens) die bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

 (vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) en/of met Mpb.nl geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 15]]

(in of omstreeks de periode van 1 december 2005 tot en met 15 augustus 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 15] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. en/of Rabobank Nieuwerkerk-Moordrecht heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk – zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 15]

 een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

 de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

 (vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) en/of met Mpb.nl geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten.


2.


hij, in of omstreeks de periode van 1 december 2005 tot en met 13 september 2006 te Rotterdam en/of Dordrecht en/of Zwijndrecht en/of Barendrecht en/of Gorinchem en/of elders in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit [verdachte] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 5] en/of een of meer anderen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten de diefstal van geld van bankrekeningen (door middel van een valse sleutel, te weten een hem/hen niet toebehorende gebruikersnaam en/of wachtwoord en/of persoonlijke activeringscode en/of Transactie Autorisatie Nummer en/of bankpas met bijbehorende pincode) en/of de oplichting van bankinstellingen en/of houders van bankrekeningen (door op naam van die houders

 valselijk het verlies van bankpassen en/of pincodes te melden en/of

 bankpassen en/of (met bijbehorende) pincodes aan te vragen en/of

 die bankpassen en/of pincodes op te halen bij een Postkantoor en/of

 de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

 met die bankpassen met bijbehorende pincodes geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten)

Zulks terwijl hij, verdachte, al dan niet tezamen met een of meer anderen, oprichter, leider en/of bestuurder van die organisatie was.

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij, in of omstreeks de periode van 1 december 2005 22 april 2006 tot en met 15 augustus 2006 te Rotterdam en/of Dordrecht en/of Zwijndrecht en/of Gorinchem en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 5] en/of een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen, (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,

[Zaak [benadeelde partij 1]]

(in of omstreeks de periode van 12 juni 2006 tot en met 4 augustus 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 1] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van en enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 1]

 het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) en/of "Goldcard" te melden bij de Postbank en/of

 een of meer bankpas(sen) en/of een "Goldcard" en/of (met bijbehorende) pincode(s) en/of activeringscode aan te vragen en/of

(vervolgens) met die "Goldcard" met bijbehorende pincode en/of met bijbehorende activeringscode geld op te nemen en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 2]]

(in of omstreeks de periode van 6 27 juni 2006 tot en met 19 juli 2006 te Dordrecht, in ieder geval in Nederland)

[benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van en enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3]

 het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) te melden bij de Postbank en/of

 een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

(vervolgens) die bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

(vervolgens) de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

(vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) en/of met Mpb.nl geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak benadeelde partij 5]]

(in of omstreeks de periode van 26 april 2006 tot en met 6 juli 2006 te Rotterdam en/of Zwijndrecht, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 4] en/of [benadeelde partij 5] en/of [benadeelde partij 6] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 4] en/of [benadeelde partij 5] en/of [benadeelde partij 6]

het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) te melden bij de Postbank en/of

een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

(vervolgens) die bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

(vervolgens) de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

(vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) en/of met Mpb.nl geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 7]]

(in of omstreeks de periode van 4 april 19 juni 2006 tot en met 24 juli 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland)

[benadeelde partij 7] en/of [benadeelde partij 7] en/of (een

medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van en enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 7] en/of [benadeelde partij 7]

het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) te melden bij de Postbank en/of

een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

(vervolgens) die een bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

(vervolgens) de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

(vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 9]]

(in of omstreeks de periode van 6 15 juni 2006 tot en met 29 juni 2006 te Gorinchem, in ieder geval in Nederland)

[benadeelde partij 9] en/of [benadeelde partij 10] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van en enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 9] en/of [benadeelde partij 10]

 een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

(vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 11]]

(in of omstreeks de periode van 26 april 2006 tot en met 15 juni 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 11] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van de [benadeelde partij 11]

de beschadiging van een of meer bankpas(sen) te melden bij de Postbank en/of

een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

(vervolgens) die bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

(vervolgens) de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

(vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) en/of met Mpb.nl geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 13])

(in of omstreeks de periode van 17 juni 2006 tot en met 15 augustus 2006 te Zwijndrecht, in ieder geval in Nederland)

[benadeelde partij 12] en/of [benadeelde partij 13] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Rabobank Zwijndrecht-Hendrik Ido Ambacht heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van en enig goed, door met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 12] en/of [benadeelde partij 13]

 een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

(vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 14]]

(in of omstreeks de periode van 27 juni 2006 tot en met 4 augustus 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 14] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, door met vorenomschreven oogmerk zakelijk weergegeven valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 14]

het verlies van een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) te melden bij de Postbank en/of

een of meer bankpas(sen) en/of (met bijbehorende) pincode(s) aan te vragen en/of

(vervolgens) die bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

(vervolgens) met die bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) en/of met Mpb.nl geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten;

[Zaak [benadeelde partij 15]]

(in of omstreeks de periode van 1 december 2005 tot en met 15 augustus 27 juli 2006 te Rotterdam, in ieder geval in Nederland) [benadeelde partij 15] en/of (een medewerk(st)er(s) van) Postbank N.V. en/of Rabobank Nieuwerkerk-Moordrecht heeft/hebben bewogen tot de afgifte van geld, in elk geval van en enig goed, door met vorenomschreven oogmerk – zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, op naam van die [benadeelde partij 15]

 een of meer bankpas(sen) en/of pincode(s) op te halen bij een Postkantoor en/of

 de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

(vervolgens) met die een bankpas(sen) met bijbehorende pincode(s) geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten.


2.


hij, in of omstreeks de periode van 1 december 2005 22 april 2006 tot en met 13 september 15 augustus 2006 te Rotterdam en/of Dordrecht en/of Zwijndrecht en/of Barendrecht en/of Gorinchem en/of elders in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit [verdachte] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 5] en/of een of meer anderen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten de diefstal van geld van bankrekeningen (door middel van een valse sleutel, te weten een hem/hen niet toebehorende gebruikersnaam en/of wachtwoord en/of persoonlijke activeringscode en/of Transactie Autorisatie Nummer en/of bankpas met bijbehorende pincode) en/of de oplichting van bankinstellingen en/of houders van bankrekeningen (door op naam van die houders

 valselijk het verlies van bankpassen en/of pincodes te melden en/of

 bankpassen en/of (met bijbehorende) pincodes aan te vragen en/of

 die bankpassen en/of pincodes op te halen bij een Postkantoor en/of

 de functionaliteit "Mijn Postbank.nl" ("Mpb.nl") aan te vragen en/of

 met die bankpassen met bijbehorende pincodes geld op te nemen en/of over te boeken en/of betalingen te verrichten),

Zzulks terwijl hij, verdachte, al dan niet tezamen met een of meer anderen, oprichter, leider en/of bestuurder van die organisatie was.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsvoering

Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.

In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het onder 1 bewezen verklaarde levert op:

medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd.

Het onder 2 bewezen verklaarde levert op:

als leider deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven.

Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, dat de verdachte van het onder 1 ten laste gelegde zal worden vrijgesproken voor zover dit betrekking heeft op de zaak [benadeelde partij 11] en dat de verdachte ter zake van het overige onder 1 en het onder 2 ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van drie jaren, met aftrek van voorarrest.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. De verdachte heeft zich op de bewezen verklaarde wijze samen met anderen schuldig gemaakt aan oplichting van een tweetal banken en een aantal van hun rekeninghouders. Zodoende heeft de verdachte nadeel toegebracht aan derden en in ernstige mate misbruik gemaakt van het vertrouwen dat in het bancaire betalingsverkeer gesteld moet kunnen worden. Ondertussen heeft de verdachte als leider deel uitgemaakt van een organisatie die zich op grote schaal heeft beziggehouden met criminele activiteiten verband houdende met de genoemde fraude. Door aldus te handelen heeft de verdachte doelbewust op wederrechtelijke wijze financieel voordeel nagestreefd.

Het hof heeft in het nadeel van de verdachte acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 11 augustus 2014, waaruit blijkt dat de verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van vermogensdelicten. Dat heeft hem er niet van weerhouden de onderhavige feiten te plegen.

Het hof constateert voorts dat de behandeling in hoger beroep niet heeft plaatsgevonden binnen een redelijke termijn in de zin van artikel 6, eerste lid, van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Het hof heeft de overschrijding van bedoelde termijn verdisconteerd in de hierna op te leggen gevangenisstraf.

Het hof is - alles overwegende - van oordeel dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur een passende en geboden reactie vormt.

Vorderingen van de benadeelde partijen

Vordering van de benadeelde partij Postbank N.V.

In het onderhavige strafproces heeft de naamloze vennootschap Postbank N.V. zich als benadeelde partij gevoegd en een vordering ingediend tot vergoeding van geleden materiële schade als gevolg van het aan de verdachte onder 1 ten laste gelegde tot een bedrag van in totaal € 210.726,-.

In hoger beroep is deze vordering aan de orde tot het in eerste aanleg toegewezen bedrag van € 55.830,-.

De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, met uitzondering van de gevorderde gevolgschade. Nu de Postbank N.V. zich in hoger beroep niet opnieuw heeft gevoegd, is de vordering op grond van de beslissing van de rechtbank voor wat betreft de gevolgschade evenwel niet meer aan de orde.

Naar het oordeel van het hof heeft de benadeelde partij aangetoond dat de gestelde materiële schade – voor zover thans nog aan de orde - is geleden en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het onder 1 bewezen verklaarde. De vordering leent zich voor toewijzing tot een bedrag van € 45.134,18. Dit bedrag is als volgt opgebouwd:

 zaak [benadeelde partij 1]: € 400,-

 zaak [benadeelde partij 2]: € 24.795,-

 zaak [benadeelde partij 7]: € 16.139,18

 zaak [benadeelde partij 9]: € 3800,-.

Nu de verdachte van de andere onder 1 ten laste gelegde zaken wordt vrijgesproken, is de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering tot vergoeding van de geleden schade.

Nu vaststaat dat de verdachte tot een bedrag van € 45.134,18 aansprakelijk is voor de schade die door het onder 1 bewezen verklaarde is toegebracht, zal het hof aan de verdachte de verplichting opleggen dat bedrag aan de Staat te betalen ten behoeve van de Postbank N.V..

Vordering van de benadeelde partij Rabobank Nieuwerkerk-Moordrecht

In het onderhavige strafproces heeft de Rabobank Nieuwerkerk-Moordrecht zich als benadeelde partij gevoegd en een vordering ingediend tot vergoeding van geleden materiële schade als gevolg van het aan de verdachte onder 1 in de zaak [benadeelde partij 15] ten laste gelegde tot een bedrag van € 3.346,36.

In hoger beroep is deze vordering aan de orde tot het genoemde, in eerste aanleg volledig toegewezen bedrag.

De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering van de benadeelde partij.

Naar het oordeel van het hof heeft de benadeelde partij aangetoond dat de gestelde materiële schade is geleden en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het onder 1 in de zaak [benadeelde partij 15] bewezen verklaarde. De vordering leent zich derhalve voor integrale toewijzing.

Nu vaststaat dat de verdachte tot een bedrag van € 3.346,36 aansprakelijk is voor de schade die door het onder 1 bewezen verklaarde in de zaak [benadeelde partij 15] is toegebracht, zal het hof aan de verdachte de verplichting opleggen dat bedrag aan de Staat te betalen ten behoeve van de Rabobank Nieuwerkerk-Moordrecht.

Het vorenstaande brengt mee dat de verdachte dient te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partijen tot aan deze uitspraak in verband met de vorderingen hebben gemaakt, welke kosten het hof vooralsnog begroot op nihil, en in de kosten die de benadeelde partijen ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moeten maken.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 36f, 47, 57, 140 en 326 van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden.

BESLISSING

Het hof:

 vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht;

 verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

 verklaart het onder 1 en 2 bewezen verklaarde strafbaar en verklaart de verdachte strafbaar;

 veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 (dertig) maanden;

 beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

Vordering van de benadeelde partij Postbank N.V.

 wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij Postbank N.V. ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde tot een bedrag van € 45.134,18 (vijfenveertigduizend honderdvierendertig euro en achttien cent) als vergoeding voor materiële schade en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij;

 verklaart de benadeelde partij in haar vordering voor het overige niet-ontvankelijk en bepaalt dat zij in zoverre haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

 verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil;

 legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer Postbank N.V., een bedrag te betalen van € 45.134,18 (vijfenveertigduizend honderdvierendertig euro en achttien cent) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 260 (tweehonderdzestig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft;

 bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen;

Vordering van de benadeelde partij Rabobank Nieuwerkerk-Moordrecht

 wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij Rabobank Nieuwerkerk-Moordrecht ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 3.346,36 (drieduizend driehonderdzesenveertig euro en zesendertig cent) ter zake van materiële schade en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij;

 verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil;

 legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer Rabobank Nieuwerkerk-Moordrecht, een bedrag te betalen van € 3.346,36 (drieduizend driehonderdzesenveertig euro en zesendertig cent) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 43 (drieënveertig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft;

 bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.

Dit arrest is gewezen door mr. J.M. Reinking, mr. G. Dulek-Schermers en mr. M.M. van der Nat,

in bijzijn van de griffier mr. S.N. Keuning.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 12 september 2014.