Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHDHA:2014:3272

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
24-06-2014
Datum publicatie
14-10-2014
Zaaknummer
22-003329-13
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde (het witwassen van fietsen) heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rolnummer: 22-003329-13

Parketnummer: 09-818807-13

Datum uitspraak: 24 juni 2014

TEGENSPRAAK

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Den Haag van 17 juli 2013 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] (Turkije) op [geboortejaar] 1959,

thans zonder bekende vaste woon- of verblijfplaats hier te lande.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van 10 juni 2014.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het onder 1, 2, waar het het witwassen van fietsen betreft, en 3 ten laste gelegde vrijgesproken en ter zake van het onder 2 ten laste gelegde, waar het het witwassen van een geldbedrag van € 1.710,- betreft, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van veertien dagen, met aftrek van voorarrest. Voorts is er een beslissing genomen omtrent het beslag als nader omschreven in het vonnis waarvan beroep. Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Omvang van het hoger beroep

Het hoger beroep is ingevolge het bepaalde bij artikel 404, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering niet gericht tegen de in eerste aanleg gegeven vrijspraken voor feiten 1 en 3.

Waar hierna wordt gesproken van "de zaak" of "het vonnis", wordt daarmee bedoeld de zaak of het vonnis voor zover op grond van het vorenstaande aan het oordeel van dit hof onderworpen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

2.
hij op of omstreeks 05 juli 2013, te 's-Gravenhage, althans in Nederland, van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft hij, verdachte (een) voorwerp(en), te weten een grote hoeveelheid fiets(en) en/of een geldbedrag van 1710 euro, althans een geldbedrag, verworven, voorhanden gehad, overgedragen en/of omgezet en/of van die fiets(en) en/of dat geldbedrag gebruik gemaakt, althans van die fietsen en/of dat geldbedrag de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld, althans heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op die fietsen en/of dat geldbedrag was, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Vrijspraak

Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte is ten laste gelegd, zodat de verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken. Het hof overweegt hiertoe als volgt.

Fietsen

Met de politierechter alsmede overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal is het hof van oordeel dat niet wettig en overtuigend is bewezen dat de ten laste gelegde fietsen middellijk dan wel onmiddellijk afkomstig zijn uit enig misdrijf, zodat de verdachte van het witwassen daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Geldbedrag

Het hof stelt aan de hand van het verhandelde ter terechtzitting alsmede de zich in het dossier bevindende wettige bewijsmiddelen vast dat, mede gelet op de gegeven vrijspraken ter zake van de fietsen, het bij de verdachte in zijn binnenzak aangetroffen geldbedrag ad € 1.710,-, afkomstig is van een door de verdachte zelf begaan delict, te weten het niet opgeven van deze inkomsten bij de Belastingdienst. Naar het oordeel van het hof is het enkele voorhanden hebben van voornoemd geldbedrag door de verdachte in het onderhavige geval onvoldoende om te kunnen concluderen dat die gedraging, die erin bestond dat de verdachte het geldbedrag enkel in zijn binnenzak bewaarde, ook (kennelijk) gericht is geweest op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van dat geldbedrag. (ECLI:NL:HR:2014:1237) De verdachte dient derhalve te worden vrijgesproken van het onder 2 ten laste gelegde.

Beslag

Ten aanzien van het inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven geldbedrag van € 1.710,-, zoals dit vermeld is op de in kopie aan dit arrest gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen zal het hof de teruggave gelasten aan de verdachte.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Gelast de teruggave aan de verdachte van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:

een geldbedrag van € 1.710,-.

Dit arrest is gewezen door mr. S.K. Welbedacht, mr. A.J.M. Kaptein en mr. J.W. Klein Wolterink, in bijzijn van de griffier mr. C. de Bruin.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 24 juni 2014.

Mr. A.J.M. Kaptein is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.