Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHDHA:2014:1591

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
09-05-2014
Datum publicatie
09-05-2014
Zaaknummer
2200308913
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De verdachte heeft zich op de bewezen verklaarde wijze schuldig gemaakt aan het meermalen plegen van verduistering, door gedurende vier jaren in zijn hoedanigheid van penningmeester van een stichting gelden zonder recht of titel over te maken naar vennootschappen waarvan hij bestuurder was.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rolnummer: 22-003089-13

Parketnummer: 09-755071-12

Datum uitspraak: 9 mei 2014

TEGENSPRAAK

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 3 juli 2013 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1962,

adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van

25 april 2014.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

Vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd behoudens voor wat betreft de kwalificatie en de motivering van de straf.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het primair ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 20 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Voorts zijn beslissingen genomen omtrent de vordering van de benadeelde partij, als nader in het vonnis waarvan beroep is omschreven.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij, op één of meer verschillende tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2007 tot en met 31 december 2011 te 's-Gravenhage, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk een of meer geldbedrag(en) van (in totaal) (ongeveer) EURO 699.175,-, (te weten een bedrag van (in totaal) (ongeveer) EURO 430.600,- (rekeningnummer [rekeningnummer 2] ten name van [rechtspersoon A]) en/of een bedrag van (in totaal) (ongeveer) EURO 268.575,- (rekeningnummer[rekeningnummer 1] ten name van [rechtspersoon B])), in elk geval enig geldbedrag, geheel of ten dele toebehorende aan de [stichting], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk(e) geldbedrag(en) verdachte (telkens) anders dan door misdrijf, te weten als penningmeester van genoemde [stichting], onder zich had, (telkens) wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

Subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:


[rechtspersoon A] en/of [rechtspersoon B], op één of meer verschillende tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2007 tot en met 31 december 2011 te 's-Gravenhage, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal,

(telkens) van (een) of meer voorwerp(en), te weten één of meerdere geldbedrag(en) van (in totaal) (ongeveer) EURO 699.175,-, (te weten een bedrag van (in totaal) (ongeveer) EURO 430.600,- (rekeningnummer [rekeningnummer 2] ten name van [rechtspersoon A]) en/of een bedrag van (in totaal) (ongeveer) EURO 268.575,- (rekeningnummer[rekeningnummer 1] ten name van [rechtspersoon B])) althans enig geldbedrag, de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing verborgen en/of verhuld, althans heeft hij verborgen en/of verhuld wie bovenomschreven geldbedrag(en), althans enig geldbedrag, voorhanden had,

immers heeft/hebben [rechtspersoon A] en/of [rechtspersoon B] dit/deze geldbedrag(en), in elk geval enig geldbedrag, geheel of ten dele toebehorende aan de [stichting], overgemaakt naar voornoemde bankrekeningen van [rechtspersoon A] en/of M.C. Vastgoed B.V onder vermelding van (onder meer) 'aflossing' en/of 'factuur' en/of 'verrekening' en/of (zodoende) voorgewend dat dit/deze geldbedrag(en) dienden ter aflossing van een lening en/of ter betaling van een factuur en/of een verrekening betroffen,

en/of

(telkens) een of meer voorwerpen, te weten één of meerdere geldbedrag(en) van (in totaal) (ongeveer) EURO 699.175,-, (te weten een bedrag van (in totaal) (ongeveer) EURO 430.600,- (rekeningnummer [rekeningnummer 2] ten name van [rechtspersoon A]) en/of een bedrag van (in totaal) (ongeveer) EURO 268.575,- (rekeningnummer[rekeningnummer 1] ten name van [rechtspersoon B])) althans enig geldbedrag, heeft verworven en/of voorhanden heeft (gehad) en/of heeft overgedragen en/of omgezet, en/of van dat/die voorwerp(en) gebruik heeft gemaakt,

terwijl [rechtspersoon A] en/of [rechtspersoon B], (telkens) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat dit/deze geldbedrag(en)

- onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf,

tot het plegen van welk(e) bovenomschreven strafbare feit(en) verdachte (als (indirect)bestuurder) telkens opdracht heeft gegeven, dan wel aan welke bovenomschreven verboden gedraging(en) verdachte (als (indirect)bestuurder) feitelijk leiding heeft gegeven,

en/of terwijl hij, verdachte, hiervan een gewoonte heeft gemaakt.

Het vonnis waarvan beroep

De behandeling van de zaak in hoger beroep heeft het hof niet gebracht tot andere beschouwingen en beslissingen dan die van de eerste rechter, behalve ten aanzien van de kwalificatie die dient te luiden zoals hierna is aangegeven, de wettelijke voorschriften die in het vonnis waarvan beroep zijn aangehaald en de oplegging van de straf en de motivering daarvan.

In dit opzicht zal het hof het vonnis waarvan beroep vernietigen. Voor het overige verenigt het hof zich met de gronden en beslissingen in het vonnis, zodat het in zoverre zal worden bevestigd.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op:

verduistering, meermalen gepleegd.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich op de bewezen verklaarde wijze schuldig gemaakt aan het meermalen plegen van verduistering, door gedurende vier jaren in zijn hoedanigheid van penningmeester van de [stichting] gelden zonder recht of titel over te maken naar vennootschappen waarvan hij bestuurder was. Aldus handelend heeft de verdachte de Stichting veel financiële schade toegebracht en zal de Stichting de gevolgen daarvan nog lang ondervinden. De verdachte heeft door zijn handelwijze het in hem gestelde vertrouwen zeer ernstig geschonden, enorme risico’s genomen met andermans geld en de belangen van de Stichting welbewust als zakenman en uit eigen winstbejag tenietgedaan. Het hof rekent dit de verdachte zwaar aan.

Op grond van de lange duur van de periode waarin de feiten zijn gepleegd en de omvang van het verduisterde geldbedrag is het hof van oordeel dat hierop in beginsel niet anders kan worden gereageerd dan met een gevangenisstraf van enige duur.

Anderzijds houdt het hof rekening met de omstandigheid dat de verdachte de verplichting op zich heeft genomen om het bedrag aan de Stichting terug te betalen en dat de publiciteit rond de feiten ingrijpende gevolgen voor de verdachte heeft gehad en nog immer heeft.

Alles overwegende is het hof – anders dan de advocaat-generaal - van oordeel dat een gedeeltelijk voorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur een passende en geboden reactie vormt.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 24c, 36f, 57 en 321 van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden.

BESLISSING

Het hof:

vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de kwalificatie en de toepasselijke wettelijke voorschriften alsmede ten aanzien van de straf en de motivering daarvan en doet in zoverre opnieuw recht:

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) maanden;

bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;

bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.

Dit arrest is gewezen door mr. G. Dulek-Schermers,

mr. M.M. van der Nat en mr. A.H. de Wild, in bijzijn van de griffier mr. N.R. Achterberg.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 9 mei 2014.

Mr. M.M. van der Nat en mr. A.H. de Wild zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.