Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHDHA:2013:1823

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
18-06-2013
Datum publicatie
17-07-2013
Zaaknummer
200.100.487-01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

bevelschrift ex artikel 250 Rv.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE

Sector Civiel recht

Zaaknummer : 200.100.487/01

Rolnummer rechtbank : 1204147 \ CVEXPL 11-5361

Bevelschrift van 18 juni 2013

inzake

[appellant sub 1],

wonende te [woonplaats],

[appellante sub 2],

wonende te [woonplaats],

appellanten,

hierna te noemen: [appellanten],

advocaat: mr. J.C. Hardam te Rotterdam,

tegen

Stichting Ouderenhuisvesting Rotterdam,

gevestigd te Rotterdam,

geïntimeerde,

hierna te noemen: De Stichting,

advocaat: mr. G.E.M. Gijsberts te Woerden.

Het geding

Bij exploot van 6 januari 2012 zijn [appellanten] in hoger beroep gekomen van het vonnis van 7 oktober 2011, door de rechtbank Rotterdam, sector kanton, locatie Rotterdam, gewezen tussen partijen. Bij tussenarrest van 22 mei 2012 is een comparitie van partijen gelast, die heeft plaatsgevonden op 2 november 2012. [appellanten] hebben vervolgens een memorie van grieven genomen, waarna zij bij akte ter rolle ex artikel 250 Rv van 16 april 2013, met bijgevoegd een bijzondere volmacht van [appellanten], hun hoger beroep hebben ingetrokken. Tenslotte hebben beide partijen een beslissing over de kosten gevraagd.

Beoordeling van het hoger beroep

1.

Het hof leidt uit voormelde gang van zaken af dat [appellanten] tijdig en rechtsgeldig afstand van instantie hebben gedaan, overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 249 en 250 Rv. Door het nemen van voormelde akte heeft de afstand haar werking verkregen. Op grond van artikel 249, tweede lid, Rv zijn [appellanten] verplicht de proceskosten in hoger beroep van de Stichting te betalen. Deze proceskosten stelt het hof op € 666,-- aan griffierecht en op 1 punt van het toepasselijke liquidatietarief (wegens de comparitie van partijen). Het hof zal overeenkomstig het verlangen van de Stichting, zoals het hof dit begrijpt, een bevelschrift terzake uitvaardigen, een en ander op grond van artikel 250, vierde lid Rv.

Beslissing

Het hof:

  • -

    beveelt de betaling door [appellanten] aan de Stichting van de door laatstgenoemde in hoger beroep gemaakte proceskosten en stelt deze vast op € 666,-- aan griffierecht en op € 894,-- aan salaris voor de advocaat;

  • -

    verstaat dat deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad is op grond van artikel 250, vierde lid, Rv.


Dit bevelschrift is uitgevaardigd door mrs. M.A.F. Tan-de Sonnaville, I.M. Davids en J.E.H.M. Pinckaers en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 juni 2013, in aanwezigheid van de griffier.