Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2012:BX2789

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
13-07-2012
Datum publicatie
26-07-2012
Zaaknummer
21-000154-12
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De verdachte heeft met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen gepleegd die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam. Daarnaast heeft hij bij een van de ontmoetingen waarbij de verdachte ontucht met het slachtoffer pleegde kinderpornografische foto’s van haar gemaakt. Het Hof bepaalt dat aan verdachte uit een oogpunt van vergelding en met het oog op de generale preventie een deels onvoorwaardelijke vrijheidsstraf dient te worden opgelegd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Sector strafrecht

Parketnummer: 21-000154-12

Uitspraak d.d.: 13 juli 2012

TEGENSPRAAK

Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Haarlem van 31 augustus 2011 in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [1979],

wonende te [woonplaats], [adres].

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 29 juni 2012 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I).

Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman,

mr M. de Klerk, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het hof komt tot een andere strafoplegging en daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

1

primair:

hij op een of meer tijdstippen gelegen in of omstreeks de periode van 1 maart 2010 tot en met 22 april 2010 te [pleegplaats] en/of te [pleegplaats 2], in elk geval in het arrondissement Haarlem, (telkens) met [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte (telkens)(meermalen)

- zich laten pijpen door die [slachtoffer] en/of

- de (ontblote) borst(en) van die [slachtoffer] betast en/of aangeraakt en/of gestreeld en/of

- de (ontblote) vagina en/of clitoris van die [slachtoffer] betast en/of aangeraakt en/of gestreeld en/of

- zich laten aftrekken door die [slachtoffer] en/of

- zijn penis en/of (een van) zijn vinger(s) en/of zijn tong in de vagina en/of de mond van die [slachtoffer] (naar binnen) gebracht/geduwd;

subsidiair:

hij op een of meer tijdstippen gelegen in of omstreeks de periode van 01 maart 2010 tot en met 22 april 2010 te [pleegplaats] en/of te [pleegplaats 2], in elk geval in het arrondissement Haarlem, (telkens) met [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum]), die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, (telkens) een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, bestaande uit

- het zich (een of meermalen) laten pijpen door die [slachtoffer] en/of

- het (een of meermalen) betasten en/of aanraken en/of strelen van de (ontblote) borst(en) van die [slachtoffer] en/of

- het (een of meermalen) betasten en/of aanraken en/of strelen van de (ontblote) vagina en/of clitoris van die [slachtoffer] en/of

- het zich (een of meermalen) laten aftrekken door die [slachtoffer];

2:

hij op een of meer tijdstippen gelegen in of omstreeks de periode van 01 maart 2010 tot en met 21 juni 2010 te [pleegplaats] en/of [pleegplaats 2] en/of [pleegplaats 3], in elk geval in Nederland (telkens) een of meermalen een afbeelding(en), te weten 11 foto's en/of (een) gegevensdrager(s) bevattende (een) afbeelding(en) heeft vervaardigd en/of in bezit gehad, terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken, welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer)

- het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt, waarbij deze persoon in een omgeving en/of in (een) houding(en) poseert die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of door de (onnatuurlijke) pose en/of door de wijze van kleden van deze persoon nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen in beeld gebracht worden (afbeelding 1 en/of afbeelding 2 en/of afbeelding 5 en/of afbeelding 6 en/of afbeelding 7 en/of afbeelding 8 en/of afbeelding 10 en/of afbeelding 11 en/of afbeelding 12) en/of

- het (laten) vasthouden en/of in de mond (laten) nemen van de stijve penis van een volwassen man door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt (afbeelding 4 en/of afbeelding 5);

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewezenverklaring

Het hof is van oordeel dat de door verdachte bepleite deelvrijspraak wordt weersproken door de bewijsmiddelen, zoals deze later in de eventueel op te maken aanvulling zullen worden opgenomen. Het hof heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van die, van de lezing van verdachte afwijkende, bewijsmiddelen te twijfelen.

Door wettige bewijsmiddelen, waarbij de inhoud van elk bewijsmiddel -ook in onderdelen- slechts wordt gebezigd tot het bewijs van dat tenlastegelegde feit waarop het blijkens de inhoud kennelijk betrekking heeft, en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, heeft het hof de overtuiging verkregen en acht het hof wettig bewezen, dat verdachte het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:

1

primair:

hij op tijdstippen gelegen in de periode van 1 maart 2010 tot en met 22 april 2010 te [pleegplaats] en/of te [pleegplaats 2], telkens met [slachtoffer] geboren op [geboortedatum], die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte telkens

- zich laten pijpen door die [slachtoffer] en/of

- de ontblote borsten van die [slachtoffer] betast en aangeraakt en gestreeld en/of

- de vagina en clitoris van die [slachtoffer] betast en aangeraakt en gestreeld en/of

- zich laten aftrekken door die [slachtoffer] en/of

- zijn penis en zijn vingers en zijn tong in de vagina en/of de mond van die [slachtoffer] naar binnen gebracht;

2:

hij in de periode van 01 maart 2010 tot en met 21 juni 2010 te [pleegplaats] en/of [pleegplaats 2] en/of [pleegplaats 3] afbeeldingen, te weten 11 foto’s heeft vervaardigd en een gegevensdrager bevattende die afbeeldingen in bezit heeft gehad, terwijl op die afbeeldingen seksuele gedragingen zichtbaar zijn, waarbij telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken, welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit

- het naakt laten poseren van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt, waarbij deze persoon in een houding poseert die niet bij haar leeftijd past en door het camerastandpunt en door de onnatuurlijke pose van deze persoon nadrukkelijk de ontblote geslachtsdelen in beeld gebracht worden en

- het laten vasthouden en in de mond laten nemen van de stijve penis van een volwassen man door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt;

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

het onder 1 primair bewezenverklaarde levert op:

met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam,

meermalen gepleegd.

het onder 2 bewezenverklaarde levert op:

een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, vervaardigen,

meermalen gepleegd.

en

een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben,

meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.

Oplegging van straf en/of maatregel

De rechtbank heeft verdachte overeenkomstig de eis van de officier van justitie veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk met als bijzondere voorwaarden reclasseringstoezicht en ambulante behandeling bij een forensisch psychiatrische kliniek. De proeftijd is door de rechtbank op drie jaren gesteld.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk en een proeftijd van drie jaren en, kort gezegd, reclasseringstoezicht alsmede ambulante behandeling.

De raadsman heeft ervoor gepleit geen onvoorwaardelijke vrijheidsstraf op te leggen maar een voorwaardelijke gevangenisstraf en een werkstraf.

Verdachte heeft aangegeven dat hij verschrikkelijk bang is voor een gevangenisstraf en ook dat een werkstraf bezwaarlijk zal zijn gelet op zijn lichamelijke beperkingen. Ook heeft de verdachte aangegeven dat hij in geval van gevangenisstraf zijn opa (die ernstig ziek is en die niet op de hoogte is van de strafzaak tegen de verdachte) niet meer kan bezoeken.

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Het hof heeft bij de straftoemeting in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen en vindt daarin de redenen die tot de keuze van een deels onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van de hierna aan te geven duur leiden.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het op drie verschillende tijdstippen plegen van ontuchtige handelingen met een meisje van 12 jaar. Daarbij had hij ook gemeenschap met het slachtoffer. Hij heeft via internet (MSN) contact met haar gelegd. Hij wist dat zij nog heel jong was. Bij dit alles is geen sprake geweest van dwang. De ontucht heeft zich afgespeeld in een tijdsbestek van een kleine twee maanden. Bij een van de ontmoetingen waarbij de verdachte ontucht met het slachtoffer pleegde heeft hij kinderpornografische foto’s van haar gemaakt. Van de door verdachte gemaakte foto’s is niet gebleken dat deze zijn verspreid.

Verdachte was ten tijde van de bewezen verklaarde feiten (bijna) 31 jaar. Over hem is gerapporteerd door J. Neeleman, psychiater en R.A. Sterk, psycholoog. Uit hun rapportage rijst het beeld van een gemiddeld intelligente man bij wie sprake is van een persoonlijkheidsstoornis met narcistische, theatrale en borderline trekken. Een man met een gering gevoel van eigenwaarde die relaties met gelijkwaardige partners niet goed lijkt te kunnen verdragen. Hij heeft de neiging om de schuld van problemen die hij ervaart buiten zichzelf, bij anderen te leggen.

Bij de behandeling van de zaak in hoger beroep is het hof opgevallen dat verdachte niet of nauwelijks oog lijkt te hebben voor wat zijn handelen voor het slachtoffer betekent en wat het bij haar teweeg heeft gebracht. Bovendien gaf verdachte er geen althans verregaand onvoldoende blijk van in te zien dat hij als volwassene verantwoordelijk is voor wat er tussen hem en het slachtoffer is voorgevallen. Hij gaf ook aan dat het contact tussen hem en het slachtoffer niet voornamelijk op seks was gericht. Verdachte heeft verklaard dat hij het slachtoffer beschouwde als “gelijke “, waarmee hij bedoelde dat hij enigszins tegen haar opkeek.

Gelet op de over verdachte uitgebrachte rapportages en hetgeen het hof over de persoon van verdachte is gebleken bij gelegenheid van de behandeling van de zaak in hoger beroep, is het hof van oordeel dat de bewezenverklaarde feiten verdachte niet ten volle kunnen worden toegerekend. Verdachte lijkt niet in staat om te begrijpen dat hij een 12-jarig meisje anders moet benaderen en behandelen dan een volwassen vrouw.

Verdachte is niet eerder terzake van misdrijf veroordeeld.

Uit de schriftelijke toelichting op de vordering benadeelde partij almede een overzicht van data van behandeling van het Kinder- en Jeugdtraumacentrum leidt het hof af dat bij het slachtoffer sprake is van ernstige psychische gevolgen van hetgeen verdachte haar heeft aangedaan. Het slachtoffer heeft zich onder psychologische behandeling moeten stellen. Naar verwachting zal zij nog lange tijd de gevolgen van de feiten ondervinden. Van een normale ongestoorde (seksuele) ontwikkeling is bij haar tengevolge van de bewezen verklaarde feiten geen sprake.

Het hof heeft bij de beantwoording van de vraag of een (deels) onvoorwaardelijke gevangenisstraf moet worden opgelegd in het bijzonder betrokken de jonge leeftijd van het slachtoffer en het leeftijdsverschil tussen haar en verdachte alsmede de ernstige psychische gevolgen bij het slachtoffer.

Uit oogpunt van generale preventie weegt voor het hof zwaar dat verdachte via het internet contact met het slachtoffer heeft gekregen.

Het hof is na ampele overweging van oordeel dat aan verdachte uit een oogpunt van vergelding en met het oog op de generale preventie een deels onvoorwaardelijke vrijheidsstraf dient te worden opgelegd. Daarbij heeft het hof onder ogen gezien dat het verdachte naar verwachting heel zwaar zal vallen om deze straf te ondergaan, gelet op de feiten waarvoor hij wordt veroordeeld en zijn persoon. Verdachte zal tijdens zijn detentie op zijn hoede moeten zijn en een meer dan gemiddelde kans lopen om slachtoffer te worden van geweld van de zijde van medegedetineerden.

Uit een oogpunt van vergelding en generale preventie zijn de feiten echter te ernstig om niet met een deels onvoorwaardelijke vrijheidsstraf te worden afgedaan.

Gelet op de straffen die in vergelijkbare gevallen door het hof aan first offenders worden opgelegd en de persoon van de verdachte - waarbij voor het hof niet alleen van belang is dat de verdachte niet werkelijk lijkt te kunnen begrijpen waarom hij een 12 jarige meisje in seksueel opzicht niet als een gelijkwaardige partner kan behandelen, maar ook dat de verdachte eerlijk probeert te zijn en zich laat behandelen om niet weer de fout in te gaan - is het hof wel van oordeel dat kan worden volstaan met een gevangenisstraf waarvan het onvoorwaardelijk gedeelte lager is dan door de rechtbank is opgelegd.

Bij verdachte is sprake van problematiek die in het licht van het bewezen verklaarde tot bezorgdheid stemt. Met de rapporterende psychiater en psycholoog acht het hof behandeling ter voorkoming van soortgelijke feiten aangewezen. Met het oog op de speciale preventie zal daarom aan het voorwaardelijk deel van de op te leggen gevangenisstraf de na te noemen bijzondere voorwaarde worden verbonden dat verdachte een behandeling zal ondergaan. Nu de feiten zijn gepleegd voor 1 april 2012 kan de proeftijd ten hoogste twee jaar bedragen.

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer]

De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 2.500,00. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het onder 1 primair en 2 bewezenverklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. Verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden zodat de vordering zal worden toegewezen.

Om te bevorderen dat de schade door verdachte wordt vergoed, zal het hof de maatregel van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht opleggen op de hierna te noemen wijze.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 27, 36f, 57, 240b en 245 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 primair en 2 ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1 primair en 2 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 (vierentwintig) maanden.

Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 18 (achttien) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd.

Stelt als bijzondere voorwaarde dat veroordeelde zich gedurende de proeftijd stelt onder het toezicht van Reclassering Nederland, afdeling Nijmegen, en zich zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen, door of namens deze instelling te geven.

Stelt voorts als bijzondere voorwaarde dat de veroordeelde zich gedurende de volledige proeftijd onder behandeling zal stellen van polikliniek Kairos, dan wel een soortgelijke forensisch psychiatrische instelling, op de tijden en plaatsen als door of namens die zorginstelling vast te stellen, teneinde zich te laten behandelen voor recidivepreventie middels een ambulante behandeling.

Geeft genoemde reclasseringsinstelling opdracht de verdachte bij de naleving van de opgelegde voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer]

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [slachtoffer] ter zake van het onder 1 primair en 2 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 2.500,00 (tweeduizend vijfhonderd euro) ter zake van immateriële schade en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.

Bepaalt dat voormeld toegewezen bedrag aan immateriële schadevergoeding vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 22 april 2010 tot aan de dag der algehele voldoening.

Verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.

Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer], een bedrag te betalen van € 2.500,00 (tweeduizend vijfhonderd euro) als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 35 (vijfendertig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.

Bepaalt dat voormelde betalingsverplichting ter zake van de immateriële schade vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 22 april 2010 tot aan de dag der algehele voldoening.

Bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.

Heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.

Aldus gewezen door

mr A. van Waarden, voorzitter,

mr J.D. den Hartog en mr M.J. Stolwerk, raadsheren,

in tegenwoordigheid van P. Heinst, griffier,

en op 13 juli 2012 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Mr J.D. den Hartog is buiten staat dit arrest mede te onderkenen.