Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2011:BQ9914

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
29-06-2011
Datum publicatie
30-06-2011
Zaaknummer
24-003041-10
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Op grond van verschillende getuigenverklaringen komt het hof tot een bewezenverklaring van mishandeling. De strafoplegging van een werkstraf voor de duur van 20 uren is in overeenstemming met het aandeel van verdachte in de vechtpartij.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Gerechtshof Arnhem

nevenzittingsplaats Leeuwarden

Sector strafrecht

Parketnummer: 24-003041-10

Uitspraak d.d.: 29 juni 2011

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 21 december 2010 en de van dat vonnis deel uitmakende beslissing op de vordering tot tenuitvoerlegging, parketnummer 07-612203-08, in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [1992],

wonende te [woonplaats], [adres].

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 15 juni 2011 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot veroordeling van verdachte tot een werkstraf van 60 uren en tenuitvoerlegging van de opgelegde voorwaardelijke werkstraf van 20 uren. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen namens verdachte door zijn raadsman, mr R.P.A. Kint, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen en opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op of omstreeks 30 oktober 2010 in de gemeente [gemeente] opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer]), meerdere malen, in elk geval éénmaal (met kracht) in/op/tegen het gezicht/hoofd en/of op/tegen het lichaam heeft geslagen/gestompt, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden.

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Overweging met betrekking tot het bewijs

Het dossier bevat verschillende verklaringen van getuigen waaruit blijkt dat verdachte en aangever elkaar vuistslagen hebben gegeven. Het hof hecht geloof aan die verklaringen en volgt het betoog van de raadsman, strekkende tot vrijspraak, niet.

Bewezenverklaring

Door wettige bewijsmiddelen, waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, heeft het hof de overtuiging gekregen en acht het hof wettig bewezen, dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op 30 oktober 2010 in de gemeente [gemeente] opzettelijk mishandelend een persoon te weten [slachtoffer], meerdere malen in het gezicht heeft gestompt, waardoor deze pijn heeft ondervonden.

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

het bewezenverklaarde levert op:

mishandeling.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.

Oplegging van straf en/of maatregel

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte had veel alcohol gedronken en was vervelend richting meerdere mensen. Zijn gedrag jegens aangever leidde tot een vechtpartij waarbij aangever en verdachte elkaar vuistslagen hebben gegeven. Verdachte is op enig moment bewusteloos geraakt.

Het hof heeft gelet op een verdachte betreffend uittreksel justitiële documentatie d.d. 15 april 2011 waaruit blijkt dat verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld ter zake van strafbare feiten. Dit heeft hem er echter niet van weerhouden opnieuw de fout in te gaan.

Het hof acht aannemelijk geworden dat verdachte aangever [slachtoffer] weliswaar heeft gestompt, maar pas nadat deze hem meerdere klappen had gegeven. Dit dient zijn weerslag te vinden in de strafoplegging. Derhalve zal het hof afwijken van de vordering van de advocaat-generaal en overgaan tot oplegging van een werkstraf van hierna aan te geven duur.

Vordering tenuitvoerlegging

Het openbaar ministerie heeft gevorderd de tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de Kinderrechter te Zwolle-Lelystad van 23 oktober 2008, parketnummer 07-612203-08, opgelegde voorwaardelijke werkstraf van 20 uren subsidiair 10 dagen jeugddetentie. Deze vordering is in hoger beroep opnieuw aan de orde.

Op grond van het eerder overwogene, zal de vordering tot tenuitvoerlegging worden afgewezen.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 14g,14h, 14i, 14j, 22c, 22d en 300 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een werkstraf voor de duur van 20 (twintig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 10 (tien) dagen hechtenis.

Wijst af de vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Zwolle van 29 november 2010, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de kinderrechter te Zwolle-Lelystad van 23 oktober 2008, parketnummer 07-612203-08, voorwaardelijk opgelegde werkstraf van 20 uren subsidiair 10 dagen jeugddetentie.

Aldus gewezen door

mr. S. Zwerwer, voorzitter,

mr. J. Hielkema en mr. J.P. van Stempvoort, raadsheren,

in tegenwoordigheid van R. Jansen, griffier,

en op 29 juni 2011 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

mr. J.P. van Stempvoort is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.