Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0966

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
12-04-2011
Datum publicatie
12-04-2011
Zaaknummer
24-001700-10
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Veroordeling ter zake van belediging van een politieambtenaar tot een geldboete. Gehele toewijzing vordering tenuitvoerlegging.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-001700-10

Parketnummer eerste aanleg: 07-054446-10 en 07-603175-08 (tul)

Arrest van 12 april 2011 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 7 juli 2010 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1956] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

niet ter terechtzitting verschenen. Wel verschenen is de raadsman van verdachte mr. A. Taner, advocaat te Lelystad.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf en heeft op een vordering tot tenuitvoerlegging beslist, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Het hof heeft verstek verleend tegen de niet verschenen verdachte.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte ter zake van het ten laste gelegde zal veroordelen tot een werkstraf van 20 uren, subsidiair 10 dagen vervangende hechtenis. Tevens heeft de advocaat-generaal gevorderd de geldboete van € 150,- aan de verdachte voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad d.d. 19 oktober 2009, ten uitvoer te leggen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

hij op of omstreeks 17 maart 2010 te [plaats] opzettelijk beledigend (een) ambtena(a)r(en), te weten [verbalisant 1], hoofdagent van politie Flevoland en/of [verbalisant 2], brigadier van politie Flevoland, gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening, [verbalisant 1] en/of [verbalisant 2] in diens/dier tegenwoordigheid mondeling heeft toegevoegd de woorden "wat moet je met je pasje, vuile flikker, klootzak vuile etter", althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

hij op 17 maart 2010 te [plaats] opzettelijk beledigend een ambtenaar, te weten [verbalisant 1], hoofdagent van politie Flevoland, gedurende de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, [verbalisant 1] in diens tegenwoordigheid mondeling heeft toegevoegd de woorden "wat moet je met je pasje, vuile flikker, klootzak vuile etter", althans woorden van gelijke beledigende aard of strekking.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Op 17 maart 2010 lopen verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] in burger via de hoofdingang van politiebureau [plaats] naar buiten. Zij horen verdachte herhaaldelijk met luide stem roepen: "laat al de gevangenen vrij, vuile etters," terwijl hij kijkt in de richting van het politiebureau. De verbalisanten besluiten hem aan te spreken op zijn gedrag. Verdachte blijft echter de zin herhalen en voegt enkele beledigende woorden toe. Daarop legitimeert verbalisant [verbalisant 1] zich met zijn politiepas en geeft daarbij duidelijk aan dat hij een politieambtenaar is, waarop verdachte zegt: "wat moet je met je pasje, vuile flikker, klootzak vuile etter".

Verdachte heeft met zijn handelen blijk gegeven van een gebrek aan respect jegens een politieambtenaar. Het hof acht met name de provocerende woorden tegen verbalisant [verbalisant 1], nadat laatstgenoemde zich heeft gelegitimeerd, verwerpelijk. Door zo te handelen heeft verdachte het gezag van de politie ondermijnd en de agent in zijn eer en goede naam aangetast.

Het hof houdt bij de strafoplegging rekening met een verdachte betreffend Uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d. 28 januari 2011, waaruit blijkt dat verdachte eerder is veroordeeld wegens vergelijkbare en andere strafbare feiten.

Anders dan de advocaat-generaal, acht het hof een geldboete een passende sanctie voor de gedragingen van verdachte. Daarbij neemt het hof tevens de lokale oriëntatiepunten straftoemeting in acht.

Alles overwegende acht het hof de oplegging van een geldboete gelijk aan die welke de politierechter heeft opgelegd passend.

Tenuitvoerlegging 07-603175-08

Bij vonnis van de politierechter in de rechtbank te Zwolle-Lelystad d.d. 19 oktober 2009, is veroordeelde veroordeeld tot een geldboete van € 300,- subsidiair 6 dagen hechtenis waarvan € 150,- subsidiair 3 dagen hechtenis voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren. Blijkens het onderzoek ter terechtzitting van het hof is voormeld vonnis onherroepelijk geworden op 3 november 2009. De proeftijd is ingegaan op 3 november 2009. De officier van justitie vordert d.d. 6 april 2010 dat last zal worden gegeven tot tenuitvoerlegging van voormelde geldboete, ten aanzien waarvan bij voormeld vonnis bevel was gegeven, dat deze voorwaardelijk niet zou worden ten uitvoer gelegd, om reden, dat veroordeelde zich voor het einde van voormelde proeftijd heeft schuldig gemaakt aan het in zaak 07-054446-10 ten laste gelegde feit.

Nu gebleken is dat veroordeelde het hiervoor in zaak 07-054446-10 bewezenverklaarde feit heeft begaan voor het einde van de bij voormeld vonnis gestelde proeftijd, zal het hof op grond van het vorenstaande de tenuitvoerlegging gelasten van voormelde straf.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14g, 23, 24, 24c, 266 en 267 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP bij verstek:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot een geldboete van driehonderd euro;

beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van zes dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij.

gelast de tenuitvoerlegging van de aan veroordeelde bij vonnis van de politierechter te Zwolle-Lelystad van 19 oktober 2009 voorwaardelijk opgelegde straf, te weten:

een geldboete van honderdvijftig euro, met bevel voor het geval dat noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de duur van drie dagen zal worden toegepast;

Dit arrest is aldus gewezen door mr. J.A.A.M. van Veen, voorzitter, mr. G.M. Meijer-Campfens en mr. H.K. Elzinga, in tegenwoordigheid van R.H. Jansen als griffier, zijnde mr. H.K. Elzinga buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.