Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2011:BP8674

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
18-03-2011
Datum publicatie
22-03-2011
Zaaknummer
24-002261-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte is ter zake van valsheid in geschrift veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie weken. Verdachte heeft in het kader van zijn asielprocedure een stuk valselijk voorzien van een handtekening als ware hij een ander. Het vertrouwen dat moet kunnen worden gesteld in dergelijke stukken heeft verdachte geschonden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-002261-09

Parketnummer eerste aanleg: 07-460372-09

Arrest van 18 maart 2011 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 4 september 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1978] te [geboorteplaats],

thans zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande,

niet ter terechtzitting verschenen. Wel verschenen is de raadsman van verdachte

mr. R.W. Koevoets, advocaat te Rotterdam.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

De raadsman van verdachte heeft verklaard uitdrukkelijk te zijn gemachtigd verdachte ter terechtzitting te verdedigen.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Ontvankelijkheid van het hoger beroep

Voor zover het hoger beroep is gericht tegen de vrijspraak ter zake van het onder 1 en 3 ten laste gelegde, kan verdachte daarin niet worden ontvangen.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte ter zake van het onder 2 ten laste gelegde zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van drie weken.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof komt tot een andere bewezenverklaring dan de politierechter in het vonnis. Daarom wordt het vonnis, voor zover aan hoger beroep onderworpen, vernietigd en zal het hof in zoverre opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is - voor zover in hoger beroep van belang - ten laste gelegd, dat:

feit 2:

hij in of omstreeks de periode van 17 november 2008 tot 26 mei 2009 in de gemeente [gemeente], althans in Nederland, een Bijlage Fotokaart ter verkrijging van een vergunning tot verblijf, met alle rechten daaraan verbonden (in het kader van de uitvoering van de regeling afwikkeling van de nalatenschap oude Vreemdelingenwet (WBV 2007/11 beter bekend als de zogenaamde Speciale Regeling of Pardonregeling) - zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers heeft verdachte valselijk en in strijd met de waarheid

- op die Bijlage Fotokaart de personalia [naam], geboren [1980] geschreven/vermeld/weergegeven als ware hij die [naam] en/of

- een handtekening op die Bijlage Fotokaart vermeld/geschreven als ware hij die [naam], geboren [1980],

zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

feit 2:

hij in de periode van 17 november 2008 tot 26 mei 2009 in Nederland, een Bijlage Fotokaart ter verkrijging van een vergunning tot verblijf, met alle rechten daaraan verbonden, in het kader van de uitvoering van de regeling afwikkeling van de nalatenschap oude Vreemdelingenwet (WBV 2007/11 beter bekend als de zogenaamde Speciale Regeling of Pardonregeling) - zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt, immers heeft verdachte valselijk en in strijd met de waarheid

- een handtekening op die Bijlage Fotokaart geschreven als ware hij die [naam], geboren [1980],

zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 2 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde onder 2 levert op het misdrijf:

valsheid in geschrift.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft in het kader van zijn asielprocedure een Bijlage Fotokaart ter verkrijging van een vergunning tot verblijf valselijk omgemaakt door deze (valselijk) te voorzien van een handtekening als ware hij een ander. Door aldus te handelen heeft verdachte relevante gegevens aan de IND onthouden en de IND belemmerd om volledig inzicht te krijgen in feiten en omstandigheden, die van belang zijn voor de afgifte van een verblijfsstatus. Het vertrouwen dat moet kunnen worden gesteld in dergelijke stukken heeft verdachte in belangrijke mate geschonden.

Gelet op het voorgaande acht het hof de oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van drie weken - zoals opgelegd door de rechter in eerste aanleg en gevorderd door de advocaat-generaal - een passende bestraffing.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op artikel 225 van het Wetboek van Strafrecht, zoals dit artikel gold ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

verklaart de verdachte niet ontvankelijk in zijn hoger beroep, voor zover dit is gericht tegen de vrijspraak ter zake van het onder 1 en 3 ten laste gelegde;

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, voor zover aan hoger beroep onderworpen, en in zoverre opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 2 ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 2 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van drie weken;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering wordt gebracht.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. A. Dijkstra, voorzitter, mr. J.A.A.M. van Veen en mr. F.W.J. den Ottolander, in tegenwoordigheid van mr. J. Brink als griffier, zijnde mr. F.W.J. den Ottolander buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.