Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2011:BP7253

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
10-03-2011
Datum publicatie
10-03-2011
Zaaknummer
24-002359-10
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBZLY:2010:BN9601, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Vrijspraak van ontvoering. Verdachte wordt wegens het medeplegen van een gewelddadige overval veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaren.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-002359-10

Parketnummer eerste aanleg: 07-660042-10

Arrest van 10 maart 2011 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 28 september 2010 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1961] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

thans verblijvende in P.I.V. HvB Nieuwersluis te Nieuwersluis,

verschenen in persoon, bijgestaan door haar raadsman mr. C.W. Flokstra, advocaat te Almere.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de rechtbank zal bevestigen. Dit vonnis houdt in veroordeling van verdachte ten aanzien van feit 1 primair en 2 primair tot een gevangenisstraf van vier jaren en zes maanden, met aftrek van voorarrest.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof komt tot een andere bewezenverklaring dan de eerste rechter.

Daarom zal het vonnis worden vernietigd en opnieuw recht worden gedaan.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is - zoals gewijzigd in eerste aanleg - ten laste gelegd, dat:

1.

zij in of omstreeks de periode van 18 november 2009 tot en met 19 november 2009 in de gemeente [gemeente] en/of elders in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk [slachtoffer] wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en/of beroofd gehouden, immers is/zijn en/of heeft/hebben hij verdachte en/of een of meer van zijn mededader(s) met dat opzet onder bedreiging van (een) vuurwapen(s), in ieder geval (een) op (een) vuurwapen(s) gelijkend(e) voorwerp(en)

- die [slachtoffer] gedwongen op de achterbank van zijn auto te gaan zitten en/of (vervolgens) met die [slachtoffer] in de auto gereden en/of

- (vervolgens) die [slachtoffer] gedwongen in de kofferbak van zijn auto te gaan liggen en/of de handen van die [slachtoffer] vastgebonden met tape en/of een kabel en/of (vervolgens) een handschoen in de mond van die [slachtoffer] gestopt en/of

- (vervolgens) met die [slachtoffer] gaan rondrijden en/of

- die [slachtoffer] achtergelaten in de (af)gesloten kofferbak van zijn auto;

althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

[medeverdachte 1] en/of mededader(s) in of omstreeks de periode van 18 november 2009 tot en met 19 november 2009 in de gemeente [gemeente] en/of elders in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk [slachtoffer] wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en/of beroofd gehouden,

immers is/zijn en/of heeft/hebben hij verdachte en/of een of meer van zijn mededader(s) met dat opzet onder bedreiging van (een) vuurwapen(s) , in ieder geval (een) op (een) vuurwapen(s) gelijkend(e) voorwerp(en)

- die [slachtoffer] gedwongen op de achterbank van zijn auto te gaan zitten en/of (vervolgens) met die [slachtoffer] in de auto gereden en/of

- (vervolgens) die [slachtoffer] gedwongen in de kofferbak van zijn auto te gaan liggen en/of de handen van die [slachtoffer] vastgebonden met tape en/of een kabel en/of (vervolgens) een handschoen in de mond van die [slachtoffer] gestopt en/of

- (vervolgens) met die [slachtoffer] rondgereden en/of

- die [slachtoffer] achtergelaten in de (af)gesloten kofferbak van zijn auto

tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte in of omstreeks de periode van 18 november 2009 tot en met 19 november 2009 in de gemeente [gemeente] en/of elders in Nederland opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door

- een (of meer) vuurwapen(s), althans op (een) vuurwapen(s) gelijkend(e) voorwerp(en) aan te schaffen en/of ter beschikking te stellen en/of

- samen met die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) van [plaats 2] naar [plaats 1] te rijden en/of

- in [plaats 1] naar een homo-ontmoetingsplaats in ieder geval een parkeerplaats aan de [straat 1] te rijden en/of

- op de rem te trappen toen een auto (met daarin [slachtoffer]) die (parkeer)plaats kwam oprijden en/of

- achter de auto aan te rijden waarin die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) die [slachtoffer] had(den) gedwongen achterin plaats te nemen en/of

- achter de auto aan te rijden waarin die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) reed/reden met die [slachtoffer] in de kofferbak en/of

- meerdere malen, in ieder geval éénmaal telefonisch contact met die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) te hebben en/of

- te wachten op die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) die poogden te pinnen met de pinpas van die [slachtoffer] en/of

- de auto gereed te houden en/of

- (nadat die [slachtoffer] op de [straat 2] in de kofferbak van zijn auto was achtergelaten) samen met die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) in de auto terug naar [plaats 2] te rijden.

2:

zij in of omstreeks de periode van 18 november 2009 tot en met 19 november 2009 in de gemeente [gemeente] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een portemonnee (met daarin onder andere een bankpas behorende bij rekeningnummer [rekeningnummer]) en/of een mobiele telefoon (merk Nokia, type 3120 classic) en/of een autoradio (merk Sony), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan haar mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

en/of

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een portemonnee (met daarin onder andere een bankpas behorende bij rekeningnummer [rekeningnummer]) en/of een mobiele telefoon (merk Nokia, type 3120 classic) en/of een autoradio (merk Sony), in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s),

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat zij, verdachte en/of haar mededader(s), terwijl hij/zij zijn/hun gezicht bedekt had(den) met (een) bivakmuts(en) en/of (een) vuurwapen(s), in ieder geval (een) op (een) vuurwapen(s) gelijkend(e) voorwerp(en) op die [slachtoffer] gericht had(den)

- die [slachtoffer] heeft/hebben gedwongen op zijn knieën op de grond te gaan zitten en/of (daarbij) dreigend meerdere malen, in ieder geval éénmaal de woorden heeft/hebben toegevoegd "geld, geld, geld" en/of "we maken je dood, we rijden je zo het water in" en/of dat ze hem, [slachtoffer], dood zouden maken en dat ze hem, [slachtoffer] zouden neerschieten en/of (daarbij) met dat/die vuurwapen(s), in ieder geval dat/die op (een) vuurwapen(s) gelijkend(e) voorwerp(en) in de zij van die [slachtoffer] heeft/hebben geduwd/geprikt en/of

- (vervolgens) die [slachtoffer] heeft/hebben gedwongen op de achterbank van zijn auto te gaan zitten en/of (vervolgens) meerdere malen, in ieder geval eenmaal dreigend de woorden heeft/hebben toegevoegd "geld, geld, geld" en/of "je liegt je hebt geld" en/of (vervolgens) met die auto is/zijn gaan rijden en/of

- (na enige tijd rondrijden) is/zijn gestopt en/of die [slachtoffer] in de kofferbak van zijn auto heeft/hebben opgesloten en/of weer met die auto is/zijn gaan rijden en/of

- meerdere malen, in ieder geval éénmaal met die auto is/zijn gestopt en/of (daarbij (dreigend) [slachtoffer] hebben gevraagd om zijn pincode en/of geld en/of

- de handen van die [slachtoffer] heeft/hebben vastgebonden met tape en/of een kabel en/of (vervolgens) een handschoen in de mond van die [slachtoffer] heeft/hebben gestopt

- die [slachtoffer] achtergelaten in de (af)gesloten kofferbak van zijn auto;

althans, indien het vorenstaande onder 2 niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

[medeverdachte 1] in of omstreeks de periode van 18 november 2009 tot en met 19 november 2009 in de gemeente [gemeente] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een portemonnee (met daarin onder andere een bankpas behorende bij rekeningnummer [rekeningnummer]) en/of een mobiele telefoon (merk Nokia, type 3120 classic) en/of een autoradio (merk Sony), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

en/of

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een portemonnee (met daarin onder andere een bankpas behorende bij rekeningnummer [rekeningnummer]) en/of een mobiele telefoon (merk Nokia, type 3120 classic) en/of een autoradio (merk Sony), in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s),

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte en/of zijn mededader(s), terwijl hij/zij zijn/hun gezicht bedekt had(den) met (een) bivakmuts(en) en/of (een) vuurwapen(s), in ieder geval (een) op (een) vuurwapen(s) gelijkend(e) voorwerp(en) op die [slachtoffer] gericht had(den)

- die [slachtoffer] heeft/hebben gedwongen op zijn knieën op de grond te gaan zitten en/of (daarbij) dreigend meerdere malen, in ieder geval éénmaal de woorden heeft/hebben toegevoegd "geld, geld, geld" en/of "we maken je dood, we rijden je zo het water in" en/of dat ze hem, [slachtoffer], dood zouden maken en dat ze hem, [slachtoffer] zouden neerschieten en/of (daarbij) met dat/die vuurwapen(s), in ieder geval dat/die op (een) vuurwapen(s) gelijkend(e) voorwerp(en) in de zij van die [slachtoffer] heeft/hebben geduwd/geprikt en/of

- (vervolgens) die [slachtoffer] heeft/hebben gedwongen op de achterbank van zijn auto te gaan zitten en/of (vervolgens) meerdere malen, in ieder geval eenmaal dreigend de woorden heeft/hebben toegevoegd "geld, geld, geld" en/of "je liegt je hebt geld" en/of (vervolgens) met die auto is/zijn gaan rijden en/of

- (na enige tijd rondrijden) is/zijn gestopt en/of die [slachtoffer] in de kofferbak van zijn auto heeft/hebben opgesloten en/of weer met die auto is/zijn gaan rijden en/of

- meerdere malen, in ieder geval éénmaal met die auto is/zijn gestopt en/of (daarbij (dreigend) [slachtoffer] hebben gevraagd om zijn pincode en/of geld en/of

- de handen van die [slachtoffer] heeft/hebben vastgebonden met tape en/of een kabel en/of (vervolgens) een handschoen in de mond van die [slachtoffer] heeft/hebben gestopt

- die [slachtoffer] achtergelaten in de (af)gesloten kofferbak van zijn auto;

tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte in of omstreeks de periode van 18 november 2009 tot en met 19 november 2009 in de gemeente [gemeente] en/of elders in Nederland opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door

- een (of meer) vuurwapen(s), althans op (een) vuurwapen(s) gelijkend(e) voorwerp(en) aan te schaffen en/of ter beschikking te stellen en/of

- samen met die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) van [plaats 2] naar [plaats 1] te rijden en/of

- in [plaats 1] naar een homo-ontmoetingsplaats in ieder geval een parkeerplaats aan de [straat 1] te rijden en/of

- op de rem te trappen toen een auto (met daarin [slachtoffer]) die (parkeer)plaats kwam oprijden en/of

- achter de auto aan te rijden waarin die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) die [slachtoffer] had(den) gedwongen achterin plaats te nemen en/of

- achter de auto aan te rijden waarin die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) reed/reden met die [slachtoffer] in de kofferbak en/of

- meerdere malen, in ieder geval éénmaal telefonisch contact met die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) te hebben en/of

- te wachten op die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) die poogden te pinnen met de pinpas van die [slachtoffer] en/of

- de auto gereed te houden en/of

- (nadat die [slachtoffer] op de [straat 2] in de kofferbak van zijn auto was achtergelaten) samen met die [medeverdachte 1] en/of mededader(s) in de auto terug naar [plaats 2] te rijden.

Het hof beschouwt onder 1 primair (na het derde gedachtenstreepje) 'gaan rondrijden' als een kennelijke misslag en leest dit verbeterd als ' gaan rondrijden en/of'.

Het hof beschouwt onder 1 subsidair '[medeverdachte 1]' als een kennelijke misslag en leest dit verbeterd als '[medeverdachte 1]'.

Het hof beschouwt onder 1 subsidiair 'op kwam rijden' als een kennelijke misslag en leest dit verbeterd als 'kwam oprijden'.

Het hof beschouwt onder 2 primair en subsidiair 'neer zouden schieten' als een kennelijke misslag en leest dit verbeterd als 'zouden neerschieten'.

Hierdoor wordt verdachte niet in enig belang geschaad.

Vrijspraak feit 1

De raadsman heeft ter zitting aangevoerd, dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het medeplegen van de wederrechtelijke vrijheidsberoving van [slachtoffer] alsook van de subsidiair ten laste gelegde medeplichtigheid aan dit feit. Hij heeft daartoe aangevoerd dat verdachte hieraan geen substantiële bijdrage cq. een uitvoeringshandeling heeft geleverd.

Uit het dossier en het verhandelde ter terechtzitting blijkt het volgende omtrent de feitelijke gang van zaken.

[medeverdachte 1], [medeverdachte 2], [medeverdachte 3] en verdachte rijden op woensdagavond 18 november 2009 naar de parkeerplaats aan de [straat 1] te [plaats 1]. Deze parkeerplaats staat bekend als homo-ontmoetingsplaats en voornoemde personen rijden daarheen met het doel om 'een homo te pakken', omdat [medeverdachte 1] geld nodig heeft. Op de parkeerplaats aangekomen, trekken [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] donkere kleding aan en doen een bivakmuts op. [medeverdachte 1] heeft een op een pistool lijkend voorwerp bij zich. [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] gaan in de buurt van de auto in de bosjes liggen. Verdachte en [medeverdachte 3] blijven in de auto. [medeverdachte 1] heeft daarvóór tegen verdachte gezegd dat ze op de rem moet trappen als er een auto aankomt, omdat dat een teken is onder homosexuelen om aan te geven dat je (seksueel) contact wilt. Verdachte gaat hiervoor op de bestuurdersstoel zitten. Op een gegeven moment komt er een auto aan met daarin aangever en verdachte trapt op de rem. Aangever stopt op de parkeerplaats en stapt uit zijn auto. [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] gaan direct op de man af en bedreigen hem met het op een vuurwapen gelijkende voorwerp. Ze vragen om zijn geld en doorzoeken zijn auto. Daar vinden ze zijn portemonnee en zijn telefoon. Verdachte, die in de auto is blijven zitten, hoort aangever in paniek gillen. Ze hoort [medeverdachte 1] zeggen dat "hij (het hof begrijpt: aangever) dood gaat". [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] dwingen aangever om op de achterbank van zijn auto plaats te nemen en vervolgens rijden ze met hem weg. Het is niet duidelijk of verdachte en [medeverdachte 3] de auto met daarin [medeverdachte 2], [medeverdachte 1] en aangever vanaf dit moment direct volgen, aangezien aangever daarover niets heeft verklaard en de verdachten hierover onderling verschillende verklaringen hebben afgelegd. Het hof gaat er daarom vanuit dat dit niet het geval is.

Onderweg wordt er door [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] met de auto van aangever gestopt, waarbij aangever wordt gedwongen om in de kofferbak te gaan liggen. Op een gegeven moment rijden ze terug naar de parkeerplaats waar verdachte en [medeverdachte 3] in de auto wachten. [medeverdachte 2] stapt over in de auto waarin verdachte zit, en [medeverdachte 3] neemt plaats in de auto van aangever met daarin [medeverdachte 1] achter het stuur. [medeverdachte 2] (als bestuurder) en verdachte rijden vervolgens achter de andere auto aan. Het wordt voor verdachte in ieder geval op enig moment tijdens deze autorit duidelijk dat aangever zich in de kofferbak van zijn eigen auto bevindt. Ze rijden nog geruime tijd rond met aangever in de kofferbak. Onderweg wordt door [medeverdachte 3] - tevergeefs - geprobeerd te pinnen met de pinpas van aangever. Zij stapt daarna weer bij [medeverdachte 2] en verdachte in de auto. Ook worden de handen van aangever onderweg nog door [medeverdachte 1] vastgetapet en krijgt hij een handschoen in zijn mond gestopt. Uiteindelijk wordt de auto van aangever in een greppel gereden en wordt aangever in de afgesloten kofferbak van zijn auto achtergelaten. [medeverdachte 1] stapt weer bij [medeverdachte 2], verdachte en [medeverdachte 3] in de auto. Ze rijden met z'n allen naar huis. Uren later, in de vroege ochtend van 19 november 2009, lukt het aangever om zichzelf te bevrijden. Later blijkt dat de daders tevens zijn autoradio hebben meegenomen.

Uit voorgaande volgt dat niet kan worden vastgesteld dat verdachte vóórdat [slachtoffer] door [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] op de parkeerplaats aan de [straat 1] werd gedwongen om in zijn eigen auto te stappen wetenschap had van het plan om aangever [slachtoffer] van zijn vrijheid te beroven. Het trappen op de rem door verdachte kan daardoor niet worden beschouwd als een uitvoeringshandeling ten aanzien van de vrijheidsberoving. Verder heeft verdachte geen uitvoeringshandelingen verricht. Het louter aanwezig zijn bij en het niet distantiëren van de wederrechtelijke vrijheidsberoving van [slachtoffer] door [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] is onvoldoende om te spreken van medeplegen, dan wel van medeplichtigheid.

Het hof acht derhalve niet bewezen hetgeen onder 1 primair en subsidiair aan verdachte is ten laste gelegd, zodat zij daarvan moet worden vrijgesproken.

Bewijsoverweging feit 2

De raadsman heeft ter zitting aangevoerd, dat verdachte eveneens dient te worden vrijgesproken van het medeplegen van de diefstal met geweld en/of afpersing. Hij heeft hiertoe aangevoerd dat verdachte hieraan geen substantiële bijdrage heeft geleverd. Verdachte heeft weliswaar op de rem getrapt om aangever te laten weten dat contact werd gezocht, maar uit de verklaring van het slachtoffer blijkt dat de achterlichten uitstonden toen hij de auto (met daarin verdachte) zag. Op geen enkele wijze is aangever aangetrokken door remlichten die door verdachte in werking waren gesteld. Hierdoor heeft de handeling van verdachte op geen enkele wijze bijgedragen aan de overval die heeft plaatsgevonden, aldus de raadsman.

Het hof overweegt hieromtrent het volgende.

Vast staat dat verdachte en haar mededaders naar de homo-ontmoetingsplaats zijn gereden met het doel om 'een homo te pakken', omdat [medeverdachte 1] geld nodig had. Verdachte heeft gezien dat haar mededaders bivakmutsen droegen en een op een vuurwapen gelijkend voorwerp bij zich hadden. Bovendien heeft verdachte bij de politie verklaard dat zij wist dat [medeverdachte 1] de persoon die hij wilde overvallen zou vastbinden.

Aangever, die getrouwd is en twee kinderen heeft, heeft in eerste instantie een verklaring omtrent de gebeurtenissen afgelegd waarin hij - naar later

bleek - heeft geprobeerd te verdoezelen dat de overval en de vrijheidsbeneming op de homo-ontmoetingsplaats hebben plaatsgevonden. Aangever heeft hierover tijdens een later verhoor verklaard dat hij niet wilde dat bekend zou worden dat hij op die bewuste plek geweest was, omdat mensen wellicht zouden denken dat hij homofiel zou zijn. In dit licht is het aannemelijk dat aangever, toen hij daarnaar werd gevraagd, om dezelfde reden heeft verklaard dat de achterlichten van de auto (waarin verdachte zich bevond) niet aanstonden.

Uit andere verklaringen blijkt dat verdachte, zoals zij had afgesproken met [medeverdachte 1], daadwerkelijk op de rem heeft getrapt. Zij was hiervoor op de bestuurdersstoel van de auto gaan zitten. Uit de verklaringen van [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] blijkt dat dit remmen een teken is dat de betreffende persoon openstaat voor contact. Aangever heeft zijn auto direct daarop geparkeerd en is uitgestapt, waarop de overval heeft plaatsgevonden. Het remmen door verdachte is in dit verband te beschouwen als een cruciale handeling en derhalve als een wezenlijke bijdrage aan de onder 2 primair ten laste gelegde feiten.

Uit voorgaande blijkt - in samenhang bezien met de onder 'vrijspraak feit 1' uiteengezette feitelijke gang van zaken - van een bewuste en nauwe samenwerking tussen verdachte en haar mededaders ten aanzien van de diefstal met geweld. Het hof verwerpt het verweer.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

2:

zij in de periode van 18 november 2009 tot en met 19 november 2009 in de gemeente [gemeente], tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een portemonnee (met daarin onder andere een bankpas behorende bij rekeningnummer [rekeningnummer]9), een mobiele telefoon (merk Nokia, type 3120 classic) en een autoradio (merk Sony), toebehorende aan [slachtoffer],

welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken

welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat zij, verdachte en haar mededaders, terwijl haar mededaders hun gezicht bedekt hadden met bivakmutsen en een op een vuurwapen gelijkend voorwerp op die [slachtoffer] gericht hadden,

- die [slachtoffer] hebben gedwongen op zijn knieën op de grond te gaan zitten en (daarbij) dreigend de woorden hebben toegevoegd "geld, geld, geld" en "we maken je dood, we rijden je zo het water in" en dat ze hem, [slachtoffer], dood zouden maken en dat ze hem, [slachtoffer] zouden neerschieten en met dat op een vuurwapen gelijkend voorwerp in de zij van die [slachtoffer] hebben geduwd/geprikt en

- vervolgens die [slachtoffer] hebben gedwongen op de achterbank van zijn auto te gaan zitten en vervolgens meerdere malen dreigend de woorden hebben toegevoegd "geld, geld, geld" en "je liegt je hebt geld" en vervolgens met die auto zijn gaan rijden en

- na enige tijd rondrijden zijn gestopt en die [slachtoffer] in de kofferbak van zijn auto hebben opgesloten en weer met die auto zijn gaan rijden en

- meerdere malen met die auto zijn gestopt en [slachtoffer] hebben gevraagd om zijn pincode en geld en

- de handen van die [slachtoffer] hebben vastgebonden met tape en een kabel en een handschoen in de mond van die [slachtoffer] hebben gestopt en

- die [slachtoffer] achtergelaten in de afgesloten kofferbak van zijn auto.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 2 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

2.

Diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen

Strafbaarheid

Bij de beoordeling van de strafbaarheid van verdachte heeft het hof rekening gehouden met een psychologisch rapport Pro Justitia d.d. 19 juli 2010, opgesteld door drs. A.K. Wieringa, klinisch psycholoog en vast gerechtelijk deskundige.

Voornoemd rapport houdt als conclusie onder meer in dat bij verdachte sprake is van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens in de vorm van een persoonlijkheidsstoornis NAO met ontwijkende en in lichtere mate schizotypische trekken. Gezien verdachtes sterke neiging om confrontaties uit de weg te gaan en zich vervolgens te subassertief en meegaand op te stellen kan zij onder druk in situaties belanden, waarvan zij de consequenties voor zichzelf niet meer adequaat kan overzien. Onder de druk van dreiging kan verdachte makkelijk verward raken en grip op zichzelf en de gebeurtenissen verliezen, waardoor zij zich passief opstelt en zich voegt naar wat er van haar verwacht wordt. Zij kan op dergelijke momenten door oplopende angst en vervreemding hoofd- en bijzaken niet meer adequaat onderscheiden, wordt passief en verliest ook haar eigen belangen uit het oog en is dan niet in staat om tot een realistische keuze en actie te komen om deze ontstane situatie in haar voordeel te veranderen.

Ook ten tijde van het ten laste gelegde was hiervan sprake.

In het rapport wordt het advies gegeven om verdachte voor het ten laste gelegde als licht verminderd toerekeningsvatbaar te beschouwen.

Het hof neemt de conclusies van de deskundige ten aanzien van de toerekeningsvatbaarheid over en maakt die tot de zijne.

Nu niet is gebleken dat verdachte het ten laste gelegde in het geheel niet valt toe te rekenen en er ook anderszins geen strafuitsluitingsgronden aanwezig worden geacht, acht het hof verdachte strafbaar.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan een gewelddadige overval op [slachtoffer]. Zij hebben door hun handelen een ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van [slachtoffer]. Verdachte haar mededaders hebben slechts oog gehad voor hun eigen financiële gewin.

Het hof tilt zwaar aan het bewezen verklaarde. Uit het dossier blijkt dat [slachtoffer] een willekeurig slachtoffer was, maar ook dat verdachte en haar mededaders berekenend de keuze hebben gemaakt om een persoon te overvallen op de voornoemde als homo-ontmoetingsplaats bekend staande parkeerplaats. Het door verdachte en haar mededaders gepleegde misdrijf wordt door slachtoffers in het algemeen als ingrijpend ervaren en brengt nadelige psychische gevolgen met zich.

Het hof heeft bij de straftoemeting in aanmerking genomen dat verdachte - blijkens een haar betreffend Uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 9 februari 2011 - in 2003 onherroepelijk is veroordeeld wegens een geweldsdelict. Dit zal het hof - gezien het tijdsverloop - niet laten meewegen bij de strafoplegging. Ter zitting heeft verdachte verklaard in januari 2011 te zijn veroordeeld wegens rijden zonder rijbewijs. Het hof zal in verband hiermee artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht toepassen. Het hof houdt er ook rekening mee dat verdachte als licht verminderd toerekeningsvatbaar moet worden beschouwd.

Het hof komt tot een andere bewezenverklaring dan de rechtbank en de advocaat-generaal. Dit werkt door in de op te leggen straf.

Het hof is van oordeel dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van drie jaren in dit geval een passende en noodzakelijke bestraffing is. Bij het bepalen van deze straf heeft het hof zijn eigen oriëntatiepunten voor dergelijke feiten als uitgangspunt genomen. Het uitgangspunt voor een diefstal met voorafgaand geweld bedraagt 21 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Gelet op de mate van het gebruikte (dreigen met) geweld, de duur van de periode waarin aangever heeft blootgestaan aan de handelingen van verdachte en haar mededaders en het hulpeloos achterlaten van aangever doet een verhoging van de strafmaat met vijftien maanden ten opzichte van voornoemd oriëntatiepunt recht aan voormelde feiten en omstandigheden. Door de raadsman is ter zitting aangevoerd dat onderscheid moet worden gemaakt tussen de rol van [medeverdachte 1] en die van verdachte. Dit heeft het hof er niet toe gebracht om een lagere straf op te leggen dan hiervoor vermeld.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 63 en 312 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 1 primair en subsidiair ten laste gelegde niet bewezen en spreekt haar daarvan vrij;

verklaart het verdachte onder 2 primair ten laste gelegde bewezen, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 2 primair meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van drie jaren;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering wordt gebracht.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. A.J. Rietveld, voorzitter, mr. K.J. van Dijk en mr. J.P. van Stempvoort, in tegenwoordigheid van mr. M. Zevenhuizen als griffier, zijnde mr. Van Stempvoort voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.