Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2010:BM9826

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
18-06-2010
Datum publicatie
30-06-2010
Zaaknummer
24-000267-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt wegens mishandeling veroordeeld tot een geldboete van € 350,- subsidiair zeven dagen vervangende hechtenis.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-000267-09

Parketnummer eerste aanleg: 07-480700-08

Arrest van 18 juni 2010 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 26 januari 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1957] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

niet ter terechtzitting verschenen.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Het hof heeft verstek verleend tegen de niet verschenen verdachte.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte zal veroordelen tot een geldboete van € 350,- subsidiair 7 dagen vervangende hechtenis.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

hij op of omstreeks 23 juli 2008 in de gemeente [gemeente] opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer]), op/tegen de arm en/of de borstkas, althans op/tegen het lichaam heeft geslagen en/of gestompt, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

hij op 23 juli 2008 in de gemeente [gemeente] opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer]), tegen de arm of de borstkas heeft geslagen of gestompt, waardoor deze pijn heeft ondervonden.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

Mishandeling.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mishandeling van [slachtoffer]. Door zijn handelen heeft verdachte pijn bij het slachtoffer veroorzaakt en haar lichamelijke integriteit aangetast.

Het hof heeft bij de straftoemeting in aanmerking genomen dat verdachte - blijkens een hem betreffend Uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 24 maart 2010 - niet eerder is veroordeeld ter zake van strafbare feiten.

Gelet op het voorgaande, in onderling verband en samenhang bezien, is het hof van oordeel dat de - door de advocaat-generaal gevorderde en door de rechter in eerste aanleg opgelegde - geldboete van na te melden hoogte een passende bestraffing is.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 23, 24, 24c en 300 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP bij verstek:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot een geldboete van driehonderdvijftig euro;

beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van zeven dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg, voorzitter, mr. J. Hielkema en mr. M.F.H.M. van Haastert, in tegenwoordigheid van mr. M. Zevenhuizen als griffier, zijnde mr. Van Haastert voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

-