Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2010:BM8111

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
16-06-2010
Datum publicatie
17-06-2010
Zaaknummer
24-001779-09
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBZLY:2009:BJ2118, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Cassatie: ECLI:NL:HR:2012:BV1800, (Gedeeltelijke) vernietiging met verwijzen
Conclusie in cassatie: ECLI:NL:PHR:2012:BV1800
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het hof is van oordeel dat de onrechtmatig verkregen ANPR gegevens van het bewijs dienen te worden uitgesloten hetgeen leidt tot vrijspraak van de ten laste gelegde feiten 1. tot en met 21. Dit geldt niet ten aanzien van het onder feit 22. ten laste gelegde, nu in die zaak geen gegevens zijn gebruikt uit het ANPR.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJFS 2010/279
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-001779-09

Parketnummer eerste aanleg: 07-630422-08

Arrest van 16 juni 2010 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 2 juli 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1966] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman mr. B.P.J. van Riel, advocaat te Arnhem.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf, heeft beslist op de vorderingen van de benadeelde partijen en heeft schadevergoedingsmaatregelen opgelegd, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep, d.d. 19 november 2009, 12 februari 2010, 30 maart 2010 en 2 juni 2010, alsmede het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg, d.d. 23 april 2009 en 18 juni 2009.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de aan verdachte onder 1. tot en met 22. ten laste gelegde feiten bewezen zal verklaren en hem ter zake zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, met aftrek van de tijd die verdachte in voorlopige hechtenis en in verzekering heeft doorgebracht.

De advocaat-generaal heeft tevens gevorderd te beslissen op de vorderingen van de benadeelde partijen en heeft gevorderd een beslissing te nemen over de in beslag genomen goederen, zoals in het schriftelijke requisitoir is aangegeven.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

1.

hij in of omstreeks de nacht van 14 september 2008 op 15 september 2008 te [plaats 1], gemeente [gemeente 1], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Mercedes, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

2.

hij in of omstreeks de nacht van 28 september 2008 op 29 september 2008 in de gemeente [gemeente 2], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Opel, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

3.

hij in of omstreeks de nacht van 28 december 2008 op 29 december 2008 in de gemeente [gemeente 3], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Volkswagen, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 7], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

4.

hij in of omstreeks de nacht van 04 op 05 mei 2008 in de gemeente [gemeente 13], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Mercedes, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

5.

hij in of omstreeks de nacht van 04 op 05 mei 2008 in de gemeente [gemeente 4], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Toyota, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 9], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

6.

hij in of omstreeks de nacht van 12 op 13 mei 2008 in de gemeente [gemeente 5], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Mercedes, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

7.

hij in of omstreeks de nacht van 18 op 19 mei 2008 in de gemeente [gemeente 6], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Volkswagen, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

8.

hij in of omstreeks de nacht van 25 op 26 mei 2008 in de gemeente [gemeente 6], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Mercedes, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

9.

hij in of omstreeks de nacht van 24 op 25 augustus 2008 in de gemeente [gemeente 4], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Volvo, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

10.

hij in of omstreeks de nacht van 24 op 25 augustus 2008 in de gemeente [gemeente 4], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Audi, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

11.

hij in of omstreeks de nacht van 31 augustus 2008 op 01 september 2008 in de gemeente [gemeente 3], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Volvo, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

12.

hij in of omstreeks de nacht van 07 op 08 september 2008 in de gemeente [gemeente 13], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Volvo, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

13.

hij in of omstreeks de nacht van 09 op 10 september 2008 in de gemeente [gemeente 7], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Hyundai, kenteken [kenteken] ), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 7], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

14.

hij in of omstreeks de nacht van 21 op 22 september 2008 in de gemeente[gemeente 8], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Mercedes, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

15.

hij in of omstreeks de nacht van 21 op 22 september 2008 in de gemeente [gemeente 8], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Peugeot, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 8], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

16.

hij in of omstreeks de nacht van 25 op 26 september 2008 in de gemeente [gemeente 9], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Volvo, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 8], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

17.

hij in of omstreeks de nacht van 20 op 21 mei 2008 in de gemeente [gemeente 10], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Mercedes, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 9], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

18.

hij in of omstreeks de nacht van 01 op 02 oktober 2008 in de gemeente [gemeente 11], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Seat, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 10], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

19.

hij in of omstreeks de nacht van 27 op 28 januari 2008 in de gemeente [gemeente 12], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Mercedes, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

20.

hij in of omstreeks de nacht van 30 november 2008 op 01 december 2008 in de gemeente [gemeente 8], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Toyota, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 6], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

21.

hij in of omstreeks de nacht van 11 op 12 januari 2009 in de gemeente [gemeente 1], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een auto (Nissan, kenteken [kenteken]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) die auto onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel (de gestolen autosleutel, zonder toestemming van de eigenaar gebruikt);

22.

hij in of omstreeks de nacht van 20 op 21 november 2008 te [plaats 2] (Duitsland) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen één of meer auto's, geheel of ten dele toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

-naar [plaats 2] (Duitsland) is gereden, en/of

-bij het autobedrijf [bedrijf] te [plaats 2] is gestopt en is uitgestapt, en/of

-uit een brievenbus van genoemd autobedrijf, met behulp van een hengel en/of een magneet, drie, althans één of meer, autosleutels heeft gehaald (behorende bij aldaar geparkeerd staande auto's), en/of

-deze sleutels onder zich heeft genomen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

Bespreking verweren

De verdediging heeft primair aangevoerd dat als gevolg van verzuimen het openbaar ministerie niet ontvankelijk dient te worden verklaard en heeft subsidiair gesteld dat van het bewijs dient te worden uitgesloten al hetgeen ten tijde van en n? het gebruik van het ANPR-systeem tot en met mei 2008 is verkregen, zodat in de visie van de verdediging verdachte dient te worden vrijgesproken van de feiten waarin het ANPR-systeem tot bewijs heeft geleid.

De belangrijkste door het hof te beantwoorden rechtsvraag is die omtrent de rechtmatigheid van het gebruik van de gegevens die door middel van Automatic Number Plate Recognition (ANPR) zijn verkregen. Het hof zal derhalve dit verweer als eerste bespreken.

Gebruik Automatic Number Plate Recognition (ANPR)

Blijkens het dossier, het projectplan 'Digitale Surveillance op (snel)wegen' (blz. 109 en verder in het dossier), wordt in het algemeen het ANPR-systeem - zakelijk

weergegeven - als volgt ingezet.

In het kader van de bestrijding van criminaliteit en het monitoren van de bewegingen van criminelen maakt de politie steeds meer gebruik van technische hulpmiddelen die dit soort processen in de dagelijkse bedrijfsvoering ondersteunen. E?n van die technische hulpmiddelen is het gebruik en de inzet van A(utomatic) N(umber) P(late) R(ecognition), ofwel kentekenlezende camera's (verder ANPR). Het ANPR-systeem kan op verschillende manieren worden gebruikt, zowel mobiel - bijvoorbeeld tijdelijk langs de weg op een statief of in (politie)voertuigen, maar ook statisch door op vaste locaties langs (snel)wegen camera's te plaatsen. In beide gevallen worden kentekens van het systeem passerende voertuigen gescand, opgeslagen en vergeleken met kentekens in zogenaamde vergelijkingsbestanden. Deze vergelijkingsbestanden zijn een verzameling kentekens waarvoor de politie om uiteenlopende redenen belangstelling heeft. Een reden kan bijvoorbeeld zijn dat er op kentekens nog openstaande boetes staan of dat bijvoorbeeld de eigenaar van dat kenteken gezocht wordt. Indien een auto waarvan het kenteken in een dergelijk vergelijkingsbestand staat de camera passeert, geeft de computer een melding van een zogenaamde 'hit'.

De politie kan dan actie ondernemen. Kentekens van auto's die voorbij komen en worden gefotografeerd en die niet in het vergelijkingsbestand staan zullen geen hit opleveren, omdat die kentekens niet gezocht worden. Dit worden de 'no-hits' genoemd.'

Werkwijze politiekorps IJsselland.

Door de Regiopolitie IJsselland is het ANPR-systeem ook in gebruik genomen. Blijkens het proces-verbaal van bevindingen, nr. [nummer], d.d. 1 maart 2010, dat is opgemaakt naar aanleiding van vragen van het hof, was de werkwijze bij de politie IJsselland als volgt:

'Het systeem werd in Zwolle op 1 mei 2008 officieel in gebruik genomen en is bedoeld om kentekens van passerende voertuigen over de A-28 te registreren. Hierbij werden kentekens van passerende voertuigen, aangebracht aan de achterzijde van die voertuigen, fotografisch vastgelegd. Aansluitend werden die kentekens van passerende voertuigen opgenomen in een database, een ANPR-database (....).

De in die ANPR-database opgenomen kentekens werden, conform de afspraken, 7 werkdagen bewaard voor verdere verwerking en/of bewerking. (...) Binnen de 7 werkdagen-termijn werden vervolgens (kenteken)zoekopdrachten uitgevoerd in de ANPR-database. De kentekens van deze ambtshalve dan wel op verzoek te controleren voertuigen, het zogenaamde 'referentiebestand', werden vervolgens handmatig vergeleken met de kentekens opgenomen in de ANPR-database. (......)

Vorenstaande zoekopdrachten werden uitgevoerd binnen de gestelde termijn van 7 werkdagen. Eventuele treffers (hits) tussen kentekens uit het referentiebestand en kentekens uit de ANPR-database werden vervolgens vastgelegd en gemeld aan de verantwoordelijke ambtenaren en/of verzoekende instanties.'

Juridisch kader

Voor het gebruik van de gegevens verkregen via het systeem van het ANPR bestaat geen specifieke wettelijke grondslag. Derhalve moet worden teruggevallen op de algemene regels op het gebied van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer zoals die zijn neergelegd in de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp).

Op grond van de Wbp mogen gegevens (zoals die afkomstig uit het ANPR) worden gebruikt in het kader van de uitoefening van de politietaak. Artikel 1 onder b Wpg verwijst voor de omschrijving van de politietaak naar de artikelen 2 en 6 Politiewet 1993. Hieronder valt ook de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde.

Het is vaste rechtspraak van de Hoge Raad dat voor de uitoefening van strafvorderlijke onderzoeksbevoegdheden een wettelijke basis dient te bestaan. Alleen voor zover het gaat om beperkte inbreuken op grond- of mensenrechten zoals het recht op de persoonlijke levenssfeer kan de grondslag daarvoor worden gevonden in de uitoefening van de politietaak als omschreven in artikel 2 Politiewet, zolang er nog geen sprake is van opsporing dan wel in de algemene opsporingstaak zoals die is neergelegd in artikelen 141 en 142 van het Wetboek van Strafvordering.

Artikel 1 onder a Wpg omschrijft politiegegevens als 'elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon dat in het kader van de uitoefening van de politietaak wordt verwerkt'.

Indirect kan een kenteken leiden tot de identificatie van een persoon. Dat betekent dat in casu het kenteken dat via het bevragen van het ANPR-systeem is verkregen een politiegegeven is.

Ingevolge het bepaalde in artikel 3, eerste lid, Wpg mogen politiegegevens slechts worden verwerkt voor zover dit noodzakelijk is voor de bij of krachtens deze wet geformuleerde doeleinden.

Artikel 8, eerste lid, Wpg omschrijft de uitvoering van de dagelijkse politietaak als doel.

Artikel 8, zesde lid, Wpg bepaalt onder meer dat de politiegegevens, die zijn verwerkt op grond van het eerste lid worden vernietigd zodra zij niet langer noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de dagelijkse politietaak.

Oordeel hof

In de onderhavige zaak heeft de bevraging van het ANPR-systeem plaatsgevonden zonder dat de gegevens van de door verdachte(n) gebruikte voertuigen in een vergelijkingsbestand waren opgenomen. Met gebruikmaking van bewaarde gegevens - die op het moment van observatie geen hit opleverden - is achteraf een vergelijking gemaakt met nadien verstrekte of ingevoerde gegevens.

Een van de grenzen die de wetgever aan de verwerking van politiegegevens in dit kader heeft willen stellen is, de verwerking van grote hoeveelheden binnengehaalde gegevens met politiegegevens. In de wetsgeschiedenis van de Wet politiegegevens wordt bij de toelichting op artikel 8, eerste lid, Wpg het volgende opgemerkt:

'Het vergelijken van de op grond van dit artikel (het hof begrijpt: artikel 8 Wpg) opgenomen politiegegevens met grote hoeveelheden gegevens uit openbare of andere externe bronnen, al dan niet door middel van het binnenhalen van deze gegevens, moet in het kader van dit artikel worden gezien als buitenproportioneel en in strijd met art. 3 (Wbp). Grootschalige vormen in combinatie met externe gegevens gaan de reikwijdte van dit artikel dan ook te boven.' (kamerstukken 30327, nr. 3).

Gegevens die een 'no hit' opleveren in het kader van de uitvoering van de dagelijkse politietaak dienen direct te worden vernietigd, omdat in een dergelijk geval het bewaren van deze gegevens niet noodzakelijk is voor het doel van de ANPR-registratie, gelet op het kennelijk ontbreken van het desbetreffende kenteken in het vergelijkingsbestand.

Het hof verwerpt hiermee het door de advocaat-generaal ingenomen standpunt dat gegevens gedurende 24 uur bewaard mogen blijven.

Rechtsgevolg

Het hof is op basis van het vorenstaande van oordeel dat er in het onderhavige geval sprake is van een onherstelbaar vormverzuim, ex artikel 359a lid 1 van het Wetboek van Strafvordering. Voor de vraag welk rechtsgevolg aan dit vormverzuim moet worden verbonden heeft het hof acht geslagen op de factoren zoals vermeld in artikel 359a lid 2 van het Wetboek van Strafvordering, namelijk het belang dat het geschonden voorschrift dient, de ernst van het verzuim en het nadeel dat daardoor wordt veroorzaakt.

De geschonden voorschriften betreffen artikel 8, zesde lid jo artikel 3 eerste en tweede lid Wpg, welke voorschriften dienen ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

Voor de beoordeling van de vraag of er sprake is van een ernstig verzuim verwijst het hof naast voornoemde schending van de wettelijke voorschriften, naar parlementaire stukken. Met betrekking tot dit onderwerp (zie het aanhangsel van de Handelingen d.d. 30 januari 2008, kamerstukken 1188, pag. 2540), antwoordt de minister op vragen van het kamerlid Teeven:

'De wettelijke basis voor verwerking van gegevens met behulp van ANPR door de politie, is thans nog niet in alle opzichten duidelijk. Ook het privacykader waarbinnen persoonsgegevens in de vorm van kentekens van willekeurig voorbijkomende voertuigen worden verzameld, bewaard en geanalyseerd, en vervolgens in combinatie met andere gegevens verder worden verwerkt, is thans nog onvoldoende in kaart gebracht. Dit betekent dat op dit moment nog geen uitsluitsel kan worden gegegeven over de rechtmatigheid van alle gebruikmogelijkheden die ANPR biedt.'

In het aanhangsel van de Handelingen d.d. 3 juli 2008, kamerstukken 2948, pag. 5984, antwoordt de minster op vragen van het kamerlid Anker:

'De maatschappelijke en technologische ontwikkelingen op het dossier cameratoezicht gaan snel. Op dit moment kan dan ook nog geen uitsluitsel worden gegeven over de rechtmatigheid van alle toekomstige gebruiksmogelijkheden die ANPR biedt. Diverse instanties buigen zich nu over de toepassing ervan'.

In de brief van de ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijk relaties, inzake de Evaluatie Wet bescherming persoonsgegevens, kamerstukken 31051, nr. 6, blz. 2, d.d. 2 februari 2010, schrijven de ministers:

'Uit het oordeel van het Cbp over de toepassing van ANPR door de politiekorpsen leiden wij af dat het Cbp geen ruimte ziet om binnen het huidige wettelijke kader de no-hits te bewaren ten einde op een later tijdstip dan direct na de passage van het voertuig een vergelijking met het referentiebestand te maken.

Het advies van het Cbp zullen wij opvolgen. De politiekorpsen zullen hun praktijk aan de conclusies van het Cbp aanpassen. (.....)

De uitspraak van het Cbp is voor ons aanleiding geweest om nu voorrang te geven aan het opstellen van een wettelijke regeling voor het gebruik van het ANPR voor de strafrechtelijke handhaving.

Deze wettelijke regeling die de bewaring van de no-hits gedurende een beperkte tijd mogelijk moet maken zal worden toegesneden op de werkwijze zoals die door het regiokorps IJsselland werd toegepast'.

Het hof heeft vastgesteld dat het projectplan van de politie IJsselland in overleg met en met instemming van het Openbaar Ministerie tot stand is gekomen. Zoals door het hof is uiteengezet, ontbreekt hiervoor een wettelijke basis. Uit de hiervoor genoemde parlementaire stukken blijkt dat er bij de wetgever ook ten tijde van het ingestelde opsporingsonderzoek aarzelingen bestonden over de rechtmatigheid van een dergelijk gebruik van ANPR gegevens. Uit de laatst geciteerde kamerstukken blijkt zelfs dat de minister het standpunt van het CBP - van welk standpunt het hof kennis heeft genomen - deelt, dat voor de uitvoering van het projectplan onvoldoende wettelijke basis bestaat. Niettemin is er toch overgegaan tot het gebruik van deze gegevens. Naar het oordeel van het hof had het op de weg van het Openbaar Ministerie gelegen om zich er eerst van te vergewissen dat er voldoende wettelijke grondslag voor de uitvoering van het projectplan bestond.

Gezien het voorgaande concludeert het hof dat er in het onderhavige geval sprake is van een ernstig vormverzuim.

Het nadeel dat door het onrechtmatige gebruik van het ANPR voor verdachte is veroorzaakt, is dat deze gegevens aanleiding zijn geweest voor het inzetten van verdergaande opsporingsbevoegdheden en het gebruik van die gegevens als bewijs.

Vorenstaande leidt tot het oordeel van het hof dat de onrechtmatig verkregen ANPR gegevens van het bewijs dienen te worden uitgesloten hetgeen leidt tot vrijspraak van de ten laste gelegde feiten 1 tot en met 21. Dit geldt niet ten aanzien van het onder feit 22 ten laste gelegde, nu in die zaak geen gegevens zijn gebruikt uit het ANPR.

Het hof acht niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie, zoals door de raadsman is bepleit, niet aan de orde, nu deze sanctie pas toegepast kan worden indien met opsporing of vervolging belaste ambtenaren ernstige inbreuken hebben gemaakt op de beginselen van een behoorlijke procesorde waardoor doelbewust of met grove veronachtzaming van de belangen van de verdachte aan diens recht op een eerlijke behandeling van zijn zaak is tekortgedaan. Van dergelijke feiten en omstandigheden is het hof niet gebleken.

De overige door de raadsman gevoerde verweren behoeven, gelet op het vorenstaande, geen bespreking.

Verbaliseringsplicht

Ten overvloede merkt het hof met betrekking tot de door de raadsman besproken verbaliseringsplicht op, dat waar sprake is van experimenteren met strafvorderlijke bevoegdheden, het van groot belang is dat op grondige en controleerbare wijze vastlegging van gegevens plaatsvindt, zeker als de resultaten van een dergelijk experiment in een strafrechtelijk onderzoek worden betrokken. Die vastlegging is in casu onvoldoende geweest.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

22.

hij in de nacht van 20 op 21 november 2008 te [plaats 2] (Duitsland) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen één of meer auto's, geheel of ten dele toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

-naar [plaats 2] (Duitsland) is gereden, en

-bij het autobedrijf [bedrijf] te [plaats 2] is gestopt en is uitgestapt, en

-uit een brievenbus van genoemd autobedrijf, met behulp van een hengel en/of een magneet, drie autosleutels heeft gehaald (behorende bij aldaar geparkeerd staande auto's), en

-deze sleutels onder zich heeft genomen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft tezamen met zijn mededader geprobeerd één of meerdere auto's te stelen. Verdachte en zijn mededader maakten bij deze poging gebruik van een speciale techniek, waarbij zij middels een magneet autosleutels uit de brievenbus van het garagebedrijf hebben 'gevist'. Bij veel garagebedrijven is het een gewoonte dat klanten, wanneer de auto na sluitingstijd wordt gebracht, de autosleutels door de brievenbus van het garagebedrijf gooien. De garagehouder of diens personeel kan dan de volgende dag vroeg beginnen met de werkzaamheden. Het hof neemt het verdachte kwalijk dat hij op deze wijze een inbreuk heeft gemaakt op het eigendomsrecht.

Uit het uittreksel uit de Justitiële Documentatie, d.d. 5 maart 2010, blijkt dat verdachte eerder wegens strafbare feiten is veroordeeld.

Alles overwegende acht het hof een gevangenisstraf van na te melden duur passend en geboden.

Benadeelde partijen

Uit het onderzoek ter terechtzitting van het hof is gebleken dat:

- de benadeelde partijen [benadeelde 3], [benadeelde 4], [benadeelde 5] en [benadeelde 6] zich in het geding in eerste aanleg hebben gevoegd en dat hun vorderingen in eerste aanleg geheel zijn toegewezen. Derhalve duurt de voeging ter zake van hun gehele vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort;

- de benadeelde partijen [benadeelde 7], [benadeelde 1], [bedrijf] en [benadeelde 8] zich in het geding in eerste aanleg hebben gevoegd, dat deze benadeelde partijen niet ontvankelijk zijn verklaard in hun vordering en zij zich binnen de grenzen van hun eerste vordering in het geding in hoger beroep opnieuw hebben gevoegd. Derhalve duurt de voeging van hun in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort;

- de benadeelde partij [benadeelde 9] zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering in eerste aanleg gedeeltelijk is toegewezen en dat zij zich binnen de grenzen van haar eerste vordering in het geding in hoger beroep opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort;

- de benadeelde partij [benadeelde 2] zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering in eerste aanleg gedeeltelijk is toegewezen en dat zij zich in het geding in hoger beroep niet opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding voort, voor zover die vordering in eerste aanleg is toegewezen.

Nu aan de verdachte ten aanzien van de feiten waarin deze benadeelde partijen zich hebben gevoegd geen straf of maatregel wordt opgelegd, terwijl evenmin artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht wordt toegepast, dienen alle hiervoor genoemde benadeelde partijen, gelet op het bepaalde in artikel 361, tweede lid, aanhef en onder a, van het Wetboek van Strafvordering, in hun vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard, met veroordeling van de benadeelde partijen in de kosten van het geding door de verdachte gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

Beslag

Het hof zal de teruggave aan verdachte gelasten van de in beslag genomen goederen zoals vermeld op de in fotokopie aan dit vonnis gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen, nu het belang van strafvordering zich daartegen niet verzet.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op 45, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 1. tot en met 21. ten laste gelegde niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij;

verklaart het verdachte onder 22. ten laste gelegde bewezen, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van tien weken.

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering wordt gebracht;

verklaart de benadeelde partijen [benadeelde 3], [benadeelde 4], [benadeelde 5], [benadeelde 6] [benadeelde 7], [benadeelde 1], [bedrijf], [benadeelde 8], [benadeelde 9] en [benadeelde 2] niet-ontvankelijk in hun vordering;

bepaalt dat de hierboven genoemde benadeelde partijen de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kunnen aanbrengen;

Veroordeelt deze benadeelde partijen in de kosten van het geding door de verdachte gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil;

gelast de teruggave aan verdachte van de inbeslaggenomen goederen zoals vermeld op de aangehechte beslaglijst;

Dit arrest is aldus gewezen door mr. O. Anjewierden, voorzitter, mr. J.J. Beswerda en mr. J. Hielkema, in tegenwoordigheid van H. Pool als griffier, zijnde mr. Anjewierden voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.