Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2010:BL6290

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
02-03-2010
Datum publicatie
03-03-2010
Zaaknummer
24-002284-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het meermalen plegen van ontuchtige handelingen met een meisje van vijftien jaren oud. De seksuele handelingen bestonden mede uit het seksueel binnendringen van haar lichaam. Verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twintig maanden, waarvan tien maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar met als bijzondere voorwaarde Reclasseringstoezicht- ook als dat inhoudt een ambulante (psychotherapeutische) behandeling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-002284-09

Parketnummer eerste aanleg: 07-410040-09

Arrest van 2 maart 2010 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 3 september 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1967] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

thans verblijvende in P.I. Overijssel - Almelo Niendure ZBB te Almelo,

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. J.B. Pieters, advocaat te Hoogeveen.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf, heeft een maatregel opgelegd en heeft op de vordering van de benadeelde partij beslist, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte ter zake van het onder 1 en 2 ten laste gelegde zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren en voorts reclasseringstoezicht - ook als dat inhoudt een psychotherapeutische behandeling - als bijzondere voorwaarde. Voorts heeft de advocaat-generaal gevorderd dat het hof de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 3.625,00 zal toewijzen en ter zake van dat bedrag tevens een schadevergoedingsmaatregel zal opleggen.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

1.

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 oktober 2008 tot en met 15 januari 2009 te [plaats 1], gemeente [gemeente 1] en/of te [plaats 2], gemeente [gemeente 2] en/of in de gemeente(n) [gemeente 3] en/of [gemeente 4], althans in Nederland meermalen, althans éénmaal met [benadeelde] (geboren [1993]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, (telkens) een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [benadeelde], hebbende verdachte één of meermalen:

- zijn, verdachtes, penis in de vagina en/of mond van die [benadeelde] geduwd/gebracht en/of

- zijn, verdachtes, vinger(s) in de vagina van die [benadeelde] geduwd/gebracht en/of

- zijn, verdachtes, tong in de vagina en/of mond van die [benadeelde] geduwd/gebracht en/of

- de vagina van die [benadeelde] gelikt;

2.

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 oktober 2008 tot en met 15 januari 2009 te [plaats 1], gemeente [gemeente 1], te [plaats 2], gemeente [gemeente 2] en/of in de gemeente(n) [gemeente 3] en/of [gemeente 4], althans in Nederland met [benadeelde] (geboren [1993]), die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, (telkens) een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, bestaande uit het één of meermalen betasten van en/of voelen aan de ontblote borsten van die [benadeelde] en/of het één of meermalen likken aan en/of over de vagina van die [benadeelde] en/of het één of meermalen tongzoenen met die [benadeelde] en/of het één of meermalen laten vastpakken en/of aftrekken van zijn, verdachtes, ontblote penis door die [benadeelde].

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

1.

hij in de periode van 01 oktober 2008 tot en met 15 januari 2009 te [plaats 1], gemeente [gemeente 1] en te [plaats 2], gemeente [gemeente 2] en in de gemeenten [gemeente 3] en [gemeente 4], meermalen, met [benadeelde] (geboren [1993]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [benadeelde], hebbende verdachte meermalen:

- zijn, verdachtes, penis in de vagina en/of mond van die [benadeelde] gebracht en/of

- zijn, verdachtes, vinger(s) in de vagina van die [benadeelde] gebracht en/of

- zijn, verdachtes, tong in de vagina en/of mond van die [benadeelde] gebracht en/of

- de vagina van die [benadeelde] gelikt;

2.

hij in de periode van 01 oktober 2008 tot en met 15 januari 2009 te [plaats 1], gemeente [gemeente 1], te [plaats 2], gemeente [gemeente 2] en in de gemeenten [gemeente 3] en [gemeente 4], met [benadeelde] (geboren [1993]), die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, telkens ontuchtige handelingen heeft gepleegd, bestaande uit het betasten van de ontblote borsten van die [benadeelde] en/of het likken aan de vagina van die [benadeelde] en/of het aftrekken van zijn, verdachtes, ontblote penis door die [benadeelde].

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1 en 2 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op de misdrijven:

1.

met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd;

2.

met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft in een korte tijd meermalen ontuchtige handelingen gepleegd met een meisje van vijftien jaren oud. Deze seksuele handelingen bestonden mede uit het binnendringen van haar lichaam. Dit gebeurde - onder meer - als verdachte het meisje 's avonds naar huis bracht.

Verdachte heeft op deze manier misbruik gemaakt van een kind dat gelet op haar minderjarige leeftijd kwetsbaar was en juist bescherming nodig had. Niettemin heeft verdachte zijn eigen lustgevoelens laten prevaleren boven de belangen van het slachtoffer. De feiten moeten worden aangemerkt als ernstige aantastingen van de lichamelijke integriteit van het meisje. Uit de schriftelijke verklaring van het slachtoffer volgt dat zij nog steeds negatieve gevolgen ondervindt van het misbruik.

Het hof heeft acht geslagen op het voorlichtingsrapport van Reclassering Nederland d.d. 15 juni 2009. Daarin wordt geadviseerd verdachte een verplicht reclasseringscontact op te leggen waarbinnen verdachte aangemeld kan worden bij bijvoorbeeld AFPN voor therapie. Ook heeft het hof kennis genomen van het rapport van klinisch psycholoog F. van Nunen, d.d. 13 augustus 2009. Van Nunen concludeert daarin dat verdachte in emotioneel en seksueel opzicht een nog kinderlijke en onvolwassen man is. De kans op recidive is naar zijn oordeel laag tot laaggemiddeld. Van Nunen acht het aangewezen dat verdachte meer inzicht krijgt in zichzelf en in zijn seksualiteit. Begeleiding door en/of onder regie van de reclassering is volgens hem zinvol waar zij kan delegeren aan de GGZ of een daarmee te vergelijken gespecialiseerde instantie.

Het hof heeft voorts laten meewegen dat verdachte vanaf het begin een bekennende proceshouding heeft ingenomen en hiermee inzicht in de strafwaardigheid van zijn handelen heeft getoond. Verdachte heeft het ongeoorloofde van zijn gedragingen erkend en heeft verklaard daarvoor de verantwoordelijkheid te nemen.

Uit het verdachte betreffende Uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d. 27 november 2009 blijkt, dat verdachte niet eerder is veroordeeld.

Gelet op het voorgaande, alsmede op de ernst van de bewezen verklaarde feiten acht het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend en geboden. Om verdachte ervan te weerhouden opnieuw (soortgelijke) strafbare feiten te plegen, zal het hof een deel van de gevangenisstraf voorwaardelijk opleggen, met een proeftijd voor de duur van twee jaren. Het hof zal als bijzondere voorwaarde bij de voorwaardelijke straf Reclasseringstoezicht opleggen, ook als dat toezicht een ambulante (psychotherapeutische) behandeling inhoudt.

Benadeelde partij

Uit het onderzoek ter terechtzitting van het hof is gebleken, dat de benadeelde partij,

[benadeelde], zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat de vordering in eerste aanleg gedeeltelijk is toegewezen en dat de benadeelde partij zich binnen de grenzen van de eerste vordering in het geding in hoger beroep opnieuw heeft gevoegd.

Derhalve duurt de voeging ter zake van de in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort.

Naar het oordeel van het hof is de gevorderde vergoeding tot een bedrag van € 3.625,00 - te weten € 925,00 materiële schade (reiskosten van school naar huis) en € 2.700,00 immateri?le schade - niet eenvoudig van aard. De benadeelde partij [benadeelde] dient daarom niet-ontvankelijk te worden verklaard in haar vordering. De vordering kan in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 57, 245 en 247 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1 en 2 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van twintig maanden;

beveelt, dat van de gevangenisstraf een gedeelte van tien maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt, of de hierna te noemen bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd;

stelt als bijzondere voorwaarde:

dat de veroordeelde zich zal stellen onder toezicht van de Stichting Reclassering Nederland en zich zal gedragen naar de aanwijzingen van die instelling, ook als dat toezicht een ambulante (psychotherapeutische) behandeling inhoudt;

draagt genoemde instelling op de veroordeelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering wordt gebracht;

verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering;

bepaalt dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

bepaalt dat de benadeelde partij en verdachte ieder de eigen kosten dragen van het geding.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. H.M.E. Lam?ris-Tebbenhoff Rijnenberg, voorzitter, mr. J. Hielkema en mr. M. Lolkema, in tegenwoordigheid van A.L.H. Wilkens als griffier, zijnde mr. M. Lolkema buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.