Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2009:BL8334

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
10-08-2009
Datum publicatie
22-03-2010
Zaaknummer
TBS 2009/143
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het Hof wijst de vordering van de officier van justitie strekkende tot verlenging van de terbeschikkingstelling van betrokkene met een termijn van twee jaar af. Het hof is van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen niet langer verlenging van de terbeschikkingstelling eist. Gezien het ontbreken van zodanig recidiverisico dat het voortduren van de terbeschikkingstelling gerechtvaardigd is, acht het hof een BOPZ-kader -indien mogelijk- meer aangewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM

TBS 2009\143

Beslissing d.d. 10 augustus 2009

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[Terbeschikkinggestelde],

Geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

verblijvende in [verblijfplaats].

Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank te Utrecht van 16 maart 2009, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar.

Overwegingen:

• Het hof zal de beslissing van de rechtbank dienen te vernietigen, daar het recht doet mede op grond van nieuwe stukken en hetgeen de getuige-deskundige ter terechtzitting in hoger beroep heeft verklaard.

• In het bijzonder gelet op de advisering en hetgeen het hof bekend is over de persoon van de terbeschikkinggestelde, is het hof van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen niet langer verlenging van de terbeschikkingstelling eist en dat om die reden de vordering van de officier van justitie dient te worden afgewezen.

Uit de advisering volgt dat betrokkene een verstandelijk gehandicapte en autistische man is. In zijn normale doen is betrokkene nimmer gewelddadig gebleken, noch heeft hij zich agressief getoond. De kliniek is van mening dat betrokkene een gestructureerde woonomgeving in de zorg voor verstandelijk gehandicapten behoeft, waar hem begeleiding, toezicht, structuur en voldoende controle wordt geboden met behoud van voldoende speelruimte.

Gezien het ontbreken van zodanig recidiverisico dat het voortduren van de terbeschikkingstelling gerechtvaardigd is, acht het hof een BOPZ-kader -indien mogelijk- meer aangewezen.

• Gelet op het voorgaande wordt het verzoek van de raadsman tot aanhouding teneinde de (on)mogelijkheden van een rechterlijke machtiging in de zin van de Wet BOPZ en de (on)mogelijkheden van een voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging van betrokkene te doen onderzoeken afgewezen.

Beslissing:

Het hof:

Vernietigt de beslissing van de rechtbank te Utrecht van 16 maart 2009 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [Terbeschikkinggestelde].

Wijst af het verzoek tot aanhouding.

Wijst af de vordering van de officier van justitie.

Aldus gedaan door

mr Wery als voorzitter,

mrs van der Herberg en den Hartog als raadsheren,

en dr van Kordelaar en drs van Weers als raden,

in tegenwoordigheid van Bakkenes als griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 10 augustus 2009.

De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.