Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2009:BK2818

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
30-10-2009
Datum publicatie
12-11-2009
Zaaknummer
000515-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het hof bevestigt de beschikking van de rechtbank waarbij appellant in zijn verzoek niet-ontvankelijk werd verklaard. Het verzoekschrift was niet binnen drie maanden na beëindiging van de zaak ingediend. Dat de advocaat van verzoeker eerst door een brief van de parketsecretaris van het arrondissementsparket op de hoogte is geraakt van de sepotbeslissing, doet aan die vaststelling niet af, nu die sepotbeslissing geruime tijd daarvoor aan appellant was toegezonden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

GERECHTSHOF TE ARNHEM

nevenzittingsplaats LEEUWARDEN

Rekestnummers: 0515-09 en 0516-09

Rekestnummers eerste aanleg: 08/555 en 08/556

Beschikking d.d. 30 oktober 2009 van de meervoudige raadkamer van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, op het hoger beroep tegen een beschikking ex artikel 89 en artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering d.d. 16 juli 2009 van de rechtbank Zwolle-Lelystad, zitting houdende te Lelystad, op het verzoek van:

[verzoeker],

geboren op [1967] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

niet verschenen.

De beschikking waarvan beroep.

De rechtbank heeft bij voormelde beschikking verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek.

Het verzoek

Verzoeker verlangt in zijn verzoekschrift van 23 april 2008 vergoeding van schade in verband met de tijd die hij in verzekering heeft doorgebracht, alsmede vergoeding van de kosten van het indienen van dit verzoekschrift, zoals door hem in zijn verzoekschrift is aangegeven.

Aanwending van het rechtsmiddel.

Verzoeker is blijkens akte d.d. 23 juli 2008 op de voorgeschreven wijze en tijdig van voormelde beschikking in hoger beroep gekomen.

De behandeling in raadkamer

Het hof heeft in openbare raadkamer van 16 oktober 2009 gezien de stukken, waaronder het verzoekschrift en de op de strafzaak betrekking hebbende stukken.

Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal.

De beoordeling van het hoger beroep.

Uit het dossier blijkt dat de strafzaak tegen verzoeker is geseponeerd en dat hem daarvan op

10 januari 2007 schriftelijk mededeling is gedaan.

Voormeld verzoekschrift is op 6 mei 2008 ter griffie van de rechtbank Lelystad ontvangen.

Het verzoekschrift is derhalve niet binnen drie maanden na beëindiging van de zaak ingediend.

Dat de advocaat van verzoeker eerst door de brief d.d. 21 april 2008 van de parketsecretaris van het arrondissementsparket Zwolle-Lelystad op de hoogte is geraakt van de sepotbeslissing, doet aan het voorgaande niet af.

Het hiervoor overwogene brengt mee dat de rechtbank op de juiste gronden heeft geoordeeld en beslist, zodat de beschikking waarvan beroep zal worden bevestigd.

Beslissing:

Het hof:

bevestigt de beschikking, waarvan beroep.

Aldus gewezen door mrs. P.W.J. Sekeris, als voorzitter, H.M. Poelman en

W.M. van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. M.J. Zomer als griffier,

en ondertekend door de voorzitter en de griffier voornoemd.