Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2009:BJ9034

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
30-09-2009
Datum publicatie
30-09-2009
Zaaknummer
24-000465-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt ter zake van valsheid in geschrifte, meermalen gepleegd, veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 28 uren, subsidiair 14 dagen hechtenis.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-000465-09

Parketnummer eerste aanleg: 07-900002-07

Arrest van 30 september 2009 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 27 november 2007 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1969] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

thans verblijvende op [vervlijfplaats],

niet ter terechtzitting verschenen. Wel verschenen is de raadsvrouw van verdachte mr. V.G.J. van Veenendaal, advocaat te Almere.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

De raadsvrouw van verdachte heeft verklaard uitdrukkelijk te zijn gemachtigd verdachte ter terechtzitting te verdedigen.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte zal veroordelen tot een werkstraf voor de duur van 28 uren, subsidiair 14 dagen hechtenis.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

hij in of omstreeks de periode van 18 september 2005 tot en met 5 juni 2006 te [plaats], gemeente [gemeente], in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (telkens) een geschrift, (elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - te weten (telkens) een formulier van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen te Zwolle, waarop opgave moest worden gedaan (onder meer) van verrichte werkzaamheden en/of genoten inkomsten - (telkens) valselijk heeft opgemaakt en/of vervalst, immers heeft verdachte (telkens) valselijk bij de vraag onder 1.1, "heeft u in de genoemde periode gewerkt of loon ontvangen" (telkens) het vakje nee, aangekruist en/of ingevuld en/of (telkens) dat formulier ondertekend, (telkens) met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

hij in de periode van 18 september 2005 tot en met 5 juni 2006 te [plaats], meermalen, telkens een geschrift, elk zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - te weten telkens een formulier van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen te Zwolle, waarop opgave moest worden gedaan (onder meer) van verrichte werkzaamheden en genoten inkomsten - telkens valselijk heeft opgemaakt, immers heeft verdachte telkens valselijk bij de vraag onder 1.1, "heeft u in de genoemde periode gewerkt of loon ontvangen telkens het vakje nee, aangekruist en telkens dat formulier ondertekend, telkens met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

valsheid in geschrifte, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder dit feit is begaan en de persoon van verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.

Verdachte heeft zich in de periode van 18 september 2005 tot en met 5 juni 2006 schuldig gemaakt aan valsheid in geschrifte door opzettelijk op de formulieren van het UWV niet in te vullen dat hij in de genoemde periode inkomsten uit werk heeft ontvangen. Hierdoor heeft hij gedurende deze periode een hogere uitkering ontvangen dan waar hij recht op had. Verdachte heeft door zijn handelen misbruik gemaakt van het sociale zekerheidsstelsel. Daarnaast heeft het UWV financiƫle schade opgelopen door het handelen van verdachte.

Uit het verdacht betreffende uittreksel uit de justitiƫle documentatie d.d. 8 juni 2009 blijkt dat verdachte eerder strafrechtelijk is veroordeeld.

Op grond van het vorenstaande en gelet op verdachtes persoonlijke omstandigheden, ter terechtzitting van het hof door de raadsvrouw naar voren gebracht, zal het hof een werkstraf - zoals gevorderd door de advocaat-generaal - opleggen voor de duur van 28 uren, subsidiair 14 dagen hechtenis.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 22c, 22d, 57, 63 en 225 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van achtentwintig uren, met bevel voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis voor de duur van veertien dagen zal worden toegepast.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. S.H. Wachter, voorzitter, mr. G. Dam en mr. J.P. van Stempvoort, in tegenwoordigheid van A.L.H. Wilkens als griffier, zijnde mr. J.P. van Stempvoort en mr. Wachter voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.