Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2009:BJ5207

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
14-08-2009
Datum publicatie
17-08-2009
Zaaknummer
24-000361-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt wegens diefstal, oplichting (twee maal), valsheid in geschrift, opzetheling en gewoonteheling veroordeeld tot een gevangenisstraf van 15 maanden. Toewijzing TUL. BP is niet-ontvankelijk in de vordering.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-000361-09

Parketnummer eerste aanleg: 07-400251-08 en 07-461405-07 (tul)

Arrest van 14 augustus 2009 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 3 februari 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1975] te [geboorteplaats],

thans verblijvende in PI Veenhuizen, Groot Bankenbosch te Veenhuizen,

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman mr. C.S.P.M. de Kock, advocaat te Zwolle.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf, heeft een beslissing genomen omtrent de vordering van de benadeelde partij en op een vordering tot tenuitvoerlegging beslist, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte zal vrijspreken van het onder 5 primair ten laste gelegde en hem ten aanzien van het onder 1, 2, 3, 4, 5 subsidiair en 6 zal veroordelen tot een gevangenisstraf van 18 maanden waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met als bijzondere voorwaarde reclasseringstoezicht. Voorts heeft zij gevorderd dat het hof de vordering tot tenuitvoerlegging zal toewijzen, de benadeelde partij niet-ontvankelijk zal verklaren in haar vordering, maar wel de schadevergoedingsmaatregel zal opleggen ten aanzien van het bedrag van € 2.841,97.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

De meervoudige kamer in de rechtbank Zwolle heeft ter terechtzitting de tenlastelegging gewijzigd overeenkomstig de vordering van de officier van justitie. Aan verdachte is, zoals gewijzigd, ten laste gelegd dat:

1.

hij in of omstreeks de periode van 03 maart 2008 tot en met 04 maart 2008 in de gemeente [gemeente 1] tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een, op/aan de [straat 1] geparkeerd staande, personenauto (merk Saab, kenteken [kenteken]) heeft weggenomen ongeveer 42 flessen wijn en/of een oplader en/of een pasfoto en/of geld, in elk geval enig goed en/of geld, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s); (incident 12)

2.

hij op of omstreeks 03 maart 2008 in de gemeente [gemeente 1] met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (een medewerker van) [bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van een IKEA creditcard, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (via internet) een elektronische aanvraag gezonden naar [bedrijf] en/of (daarbij) zich voorgedaan als [naam], woonachtig [adres] te [woonplaats], en/of (teneinde) voornoemde aanvraag te bevestigen een (kopie) rijbewijs op naam van [naam] en/of een (kopie) loonverklaring (van [bedrijf]) op naam van [naam] gezonden aan [bedrijf], waardoor (voornoemde medewerker van) [bedrijf] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; (incident 33)

3.

hij op of omstreeks 05 maart 2008 in de gemeente [gemeente 1] een formulier 'overeenkomst' (Lasercards) - zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers heeft verdachte valselijk voornoemd formulier ingevuld als zijnde mevrouw [naam], woonachtig [adres] te [woonplaats] en/of (daarbij) voornoemd formulier voorzien van plaats en dagtekening en/of (vervolgens) ondertekend met een handtekening welke moest doorgaan voor die van [naam], zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken; (incident 33)

4.

hij op of omstreeks 03 maart 2008 in de gemeente [gemeente 1] met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (een medewerker van) [benadeelde] heeft bewogen tot de afgifte van een Visa World Card, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid via email een aanvraag gezonden naar 'kaartacceptatie' ([benadeelde]) en/of (daarin) (onder meer) zich voorgedaan als zijnde [naam], woonachtig [adres] te [woonplaats] en werkzaam bij [bedrijf] (gevestigd [adres] te [woonplaats] en/of (vervolgens) een (kopie) loonverklaring op naam van [naam] gezonden naar [benadeelde] waardoor (een medewerker van) [benadeelde] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; (incident 34)

5.

hij op of omstreeks 04 maart 2008 in de gemeente [gemeente 1] tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning, gelegen aan de [adres], heeft weggenomen een digitale fotocamera (merk Fuji) en/of een vidiocamera (merk Sony) en/of een mobiele telefoon (merk Nokia, type 2310) en/of een (zwartkleurige) schoudertas (inhoudende onder meer: een rekenmachine, een portemonnee, twee paar handschoenen, één of meerdere bank-, legitimatie-, visa-, en/of spaarpasjes, een strippenkaart en/of geld (100,- euro)), in elk geval enig goed en/of geld, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; (incident 9)

althans, indien het vorenstaande onder 5 niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij in of omstreeks de periode van 04 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], in elk geval in Nederland, een SNS bankpas (o.n.v. [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3]) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die SNS bankpas wist dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

6.

hij in of omstreeks de pleegperiode van 16 december 2007 tot en met 13 oktober 2008, in het arrondissement [arrondissement] en/of [gemeente 2], in elk geval in Nederland, een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte op na te melden tijdstippen, op na te melden plaatsen, na te melden goederen verworven, voorhanden gehad en/of overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof:

1. in of omstreeks de periode van 16 december 2007 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een giropas (pasnr. [nummer] o.n.v [naam]) en/of een giropas (pasnr. [nummer] o.n.v [naam]) (incident 1) en/of

2. in of omstreeks de periode van 15 januari 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een ABN-AMRO bankpas (nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 4]) en/of een giropas (pasnr. [nummer] o.n.v [slachtoffer 4]) en/of een Mastercard (Bijenkorf, nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 4]) (incident 4) en/of

3. in of omstreeks de periode van 24 januari 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een giropas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 5]) en/of een Rabobankpas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 6]) en/of legitimatiepasje (Flying Blue o.n.v. [slachtoffer 6]) (incident 6) en/of

4. in of omstreeks de periode van 03 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een Rabobankpas (nr [nummer] o.n.v. [slachtoffer 7] (incident 8) en/of

5. in of omstreeks de periode van 04 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een Giropas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 8]) (incident 11) en/of

6. in of omstreeks de periode van 16 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een ABN-AMRO bankpas (nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 9]) en/of een ABN-AMRO creditcard (nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 9]) (incident 14) en/of

7. in of omstreeks de periode van 28 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente [gemeente 1], een rijbewijs (o.n.v. [slachtoffer 10]) en/of een ANWB (visa) creditcard (o.n.v. [slachtoffer 10]) (incident 15) en/of

8. in of omstreeks de periode van 17 december 2007 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een Rabobankpas (pasnr [nummer] o.n.v. [slachtoffer 11]) en/of een Rabobankpas (pasnr [nummer] o.n.v. [slachtoffer 12]) en/of een Rabobankpas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 12] (incident 23) en/of

9. in of omstreeks de periode van 15 februari 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een Rabobankpas (pasnr [nummer] o.n.v.[slachtoffer 13] en/of een Rabobank creditcard (nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 13]) (incident 25)

Vrijspraak

Het hof acht niet bewezen hetgeen onder 5 primair aan verdachte is ten laste gelegd, zodat hij daarvan moet worden vrijgesproken.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.

hij in de periode van 3 maart 2008 tot en met 4 maart 2008 in de gemeente [gemeente 1] tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een, op de [straat 1] geparkeerd staande, personenauto (merk Saab, kenteken [kenteken]) heeft weggenomen 42 flessen wijn, toebehorende aan [slachtoffer 1];

2.

hij op 3 maart 2008 in de gemeente [gemeente 1] met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en door een of meer listige kunstgrepen (een medewerker van) [bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van een IKEA creditcard, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk (via internet) een elektronische aanvraag gezonden naar [bedrijf] en daarbij zich voorgedaan als [naam], woonachtig [adres] te [woonplaats], en teneinde voornoemde aanvraag te bevestigen een kopie rijbewijs op naam van [naam] en een (kopie) loonverklaring (van [bedrijf]) op naam van [naam] gezonden aan [bedrijf], waardoor (voornoemde medewerker van) [bedrijf] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

3.

hij op of omstreeks 05 maart 2008 in de gemeente [gemeente 1] een formulier 'overeenkomst' (Lasercards) - zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt, immers heeft verdachte valselijk voornoemd formulier ingevuld als zijnde mevrouw [naam], woonachtig [adres] te [woonplaats] en (daarbij) voornoemd formulier voorzien van plaats en dagtekening en (vervolgens) ondertekend met een handtekening welke moest doorgaan voor die van [naam], zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;

4.

hij op 3 maart 2008 in de gemeente [gemeente 1] met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en door een of meer listige kunstgrepen (een medewerker van) [benadeelde] heeft bewogen tot de afgifte van een Visa World Card, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk via e-mail een aanvraag gezonden naar [benadeelde] en daarin zich voorgedaan als zijnde [naam], woonachtig [adres] te [woonplaats] en werkzaam bij [bedrijf] (gevestigd [adres] te [woonplaats]) en (vervolgens) een (kopie) loonverklaring op naam van [naam] gezonden naar [benadeelde] waardoor (een medewerker van) [benadeelde] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

5.

hij in de periode van 4 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een SNS bankpas (o.n.v. [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3]) heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die SNS bankpas wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

6.

hij in of omstreeks de periode van 16 december 2007 tot en met 13 oktober 2008, in het arrondissement [arrondissement] en/of [gemeente 2], een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte op na te melden tijdstippen, op na te melden plaatsen, na te melden goederen verworven en voorhanden gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof:

1. in de periode van 16 december 2007 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een giropas (pasnr. [nummer] o.n.v. [naam]) en een giropas (pasnr. [nummer] o.n.v. [naam]) en

2. in de periode van 15 januari 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een ABN-AMRO bankpas (nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 4]) en een giropas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 4]) en een Mastercard (Bijenkorf, nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 4]) en

3. in de periode van 24 januari 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een giropas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 5]) en een Rabobankpas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 6]) en legitimatiepasje (Flying Blue o.n.v. [slachtoffer 6]) en

4. in de periode van 3 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een Rabobankpas (nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 7] en

5. in de periode van 4 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een giropas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 8]) en

6. in de periode van 16 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een ABN-AMRO bankpas (nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 9]) en een ABN-AMRO creditcard (nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 9]) en

7. in de periode van 28 maart 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente [gemeente 1], een ANWB (visa) creditcard (o.n.v. [slachtoffer 10]) en

8. in de periode van 17 december 2007 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een Rabobankpas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 11]) en een Rabobankpas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 12]) en een Rabobankpas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 12] en

9. in de periode van 15 februari 2008 tot en met 13 oktober 2008 in de gemeente(n) [gemeente 1] en/of [gemeente 2], een Rabobankpas (pasnr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 13] en een Rabobank creditcard (nr. [nummer] o.n.v. [slachtoffer 13]).

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1, 2, 3, 4, 5 subsidiair en 6 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op de misdrijven:

1. diefstal door twee of meer verenigde personen;

2. oplichting;

3. valsheid in geschrift;

4. oplichting;

5. opzetheling;

6. gewoonteheling.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich in maart 2008 samen met een ander schuldig gemaakt aan diefstal uit een auto. Hij heeft hiermee inbreuk gemaakt op het eigendomsrecht van de eigenaar.

Verdachte heeft zich daarnaast schuldig gemaakt aan oplichting van twee creditcardmaatschappijen, door creditcards aan te vragen op naam van een ander. De relevante gegevens van die ander heeft verdachte verkregen via diefstal door een kennis van hem. Tevens heeft hij een (valse) loonverklaring vervaardigd. Verdachte heeft, teneinde de creditcards te verkrijgen, tevens valsheid in geschrift gepleegd. Hij heeft met die creditcards grote bedragen opgenomen. Hij heeft zich aldus ten koste van derden bevoordeeld. Daarnaast heeft hij door zijn handelwijze het vertrouwen dat in het algemeen in het maatschappelijk verkeer moet kunnen worden gesteld in (het gebruik van) geschriften die tot bewijs dienen, geschaad.

Verder heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan opzetheling en gewoonteheling van bankpasjes. Verdachte heeft daardoor bijgedragen aan het in stand houden van een afzetmarkt voor gestolen voorwerpen.

In haar Voorlichtingsrapport d.d. 16 januari 2009 heeft Reclassering Nederland geadviseerd verdachte geen verplicht reclasseringscontact op te leggen, omdat verdachte van plan is na zijn detentie naar het buitenland te vertrekken en daar bij zijn vrouw te gaan wonen.

Het hof heeft bij de straftoemeting in aanmerking genomen dat verdachte - blijkens een hem betreffend Uittreksel uit het Justitiële Documentatieregister d.d. 14 mei 2009 - eerder is veroordeeld ter zake van opzetheling en gekwalificeerde diefstal; hij liep nog in een proeftijd. Bovendien blijkt dat verdachte in 2005 in Duitsland is veroordeeld in verband met valsheidsdelicten. Naar eigen zeggen heeft verdachte daarvoor een jaar in detentie doorgebracht. Een en ander heeft verdachte er kennelijk niet van weerhouden om opnieuw soortgelijke strafbare feiten te begaan.

Gelet op het voorgaande, in onderling verband en samenhang bezien, is het hof - net als de rechtbank - van oordeel dat een gevangenisstraf van 15 maanden een passende en ook noodzakelijke bestraffing is. Voor oplegging van een hogere dan wel lagere gevangenisstraf - zoals respectievelijk door de advocaat-generaal gevorderd en door de verdediging verzocht - ziet het hof geen aanleiding.

Benadeelde partij

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, dat de benadeelde partij zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering in eerste aanleg niet is toegewezen en dat zij zich binnen de grenzen van haar eerste vordering in het geding in hoger beroep opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging ter zake van haar in eerste aanleg gedane vordering tot schadevergoeding in het geding in hoger beroep voort.

Ingevolge het bepaalde in artikel 51e, tweede lid van het Wetboek van Strafvordering, kan de benadeelde partij, die zich in het geding over de strafzaak heeft gevoegd, zich doen vertegenwoordigen onder meer door een daartoe bij bijzondere volmacht door haar schriftelijk gemachtigde. Nu niet is gebleken dat [vertegenwoordiger], die zich namens de benadeelde partij [benadeelde] in eerste aanleg in het geding over de strafzaak heeft gevoegd, bij bijzondere volmacht door de benadeelde partij schriftelijk is gemachtigd, dient de benadeelde partij niet-ontvankelijk te worden verklaard in haar vordering, met veroordeling van de benadeelde partij in de kosten van het geding door de verdachte gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

Het hof ziet in het voorgaande geen aanleiding om - desondanks - de door de advocaat-generaal gevorderde schadevergoedingsmaatregel op te leggen.

Tenuitvoerlegging

Bij vonnis van de politierechter te Zwolle-Lelystad d.d. 17 april 2008, is veroordeelde veroordeeld tot (onder meer) 20 uren werkstraf voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Blijkens het onderzoek ter terechtzitting van het hof is voormeld vonnis onherroepelijk geworden op 2 mei 2008. De proeftijd is ingegaan op 2 mei 2008. De officier van justitie heeft op 15 december 2008 gevorderd dat last zal worden gegeven tot tenuitvoerlegging van voormelde werkstraf, omdat veroordeelde zich voor het einde van voormelde proeftijd heeft schuldig gemaakt aan de in de onderhavige strafzaak onder 5 subsidiair en 6 ten laste gelegde feiten.

Nu gebleken is dat veroordeelde alle hiervoor bewezen verklaarde feiten heeft begaan voor het einde van de bij voormeld vonnis gestelde proeftijd, zal het hof op grond van het vorenstaande de vordering tenuitvoerlegging toewijzen.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14g, 57, 225, 310, 311, 326, 416 en 417 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 5 primair ten laste gelegde niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij;

verklaart het verdachte onder 1, 2, 3, 4, 5 subsidiair en 6 ten laste gelegde bewezen, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1, 2, 3, 4, 5 subsidiair en 6 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van vijftien maanden;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering wordt gebracht;

verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering;

veroordeelt de benadeelde partij in de kosten van het geding door de verdachte gemaakt, tot aan deze uitspraak begroot op nihil;

gelast de tenuitvoerlegging van de aan veroordeelde bij vonnis van de politierechter te Zwolle-Lelystad van 17 april 2008 voorwaardelijk opgelegde straf, te weten:

taakstraf bestaande uit een werkstraf voor de duur van twintig uren met bevel voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis voor de duur van tien dagen zal worden toegepast.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. P. Koolschijn, voorzitter, mr. J. Hielkema en mr. A.J. Rietveld, in tegenwoordigheid van mr. M. Zevenhuizen als griffier.