Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2009:BI2349

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
24-04-2009
Datum publicatie
28-04-2009
Zaaknummer
24-000795-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt ter zake van diefstal tezamen en in vereniging met een ander veroordeeld tot een werkstraf van 30 uren, subsidiair 15 dagen vervangende hechtenis (met aftrek).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-000795-08

Parketnummer eerste aanleg: 07-602745-07

Arrest van 24 april 2009 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 17 maart 2008 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1972] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

niet ter terechtzitting verschenen. Wel verschenen is de raadsman van verdachte mr. H. Polat, advocaat te Lelystad.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Het hof heeft verstek verleend tegen de niet verschenen verdachte.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte ter zake van het ten laste gelegde feit zal veroordelen tot een werkstraf voor de duur van dertig uren, subsidiair vijftien dagen vervangende hechtenis.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op verschillende tijdstippen, althans op enig tijdstip op of omstreeks 01 augustus 2007 te [plaats] tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee flessen whiskey en/of 2 stukken kaas en/of een aantal broodjes en/of een of meer dozen vis en/of snoep en/of een aantal flessen en/of blikken bier en/of een hoeveelheid schoonmaakmiddelen en/of luiers, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Plusmarkt, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s).

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op 1 augustus 2007 te [plaats] tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee flessen whisky, 2 stukken kaas, een aantal broodjes, dozen vis, snoep, een aantal blikken bier, een hoeveelheid schoonmaakmiddelen en luiers, toebehorende aan de Plusmarkt.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

diefstal door twee of meer verenigde personen.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder dit feit is begaan en de persoon van verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.

Verdachte heeft zich op 1 augustus 2007 samen met een vriend schuldig gemaakt aan winkeldiefstal, een ergerlijke vorm van criminaliteit die voor winkeliers veel hinder en schade oplevert. Door verdachte en zijn medeverdachte zijn diverse goederen - met een totale waarde van € 95,39 - weggenomen. Verdachte heeft met zijn handelen inbreuk gemaakt op het eigendomsrecht van de desbetreffende winkelier.

Het hof houdt bij de strafoplegging rekening met een verdachte betreffend uittreksel uit het justitiële documentatieregister d.d. 26 januari 2009, waaruit blijkt dat verdachte meerdere malen is veroordeeld ter zake van strafbare feiten.

Gelet op het voorgaande, in onderling verband en samenhang bezien, is een werkstraf van na te melden duur, zoals door de politierechter opgelegd en door de advocaat-generaal gevorderd, passend en geboden.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 22c (oud), 22d, 63 (oud), 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP bij verstek:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van dertig uren, met bevel voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis voor de duur van vijftien dagen zal worden toegepast;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de voormelde werkstraf geheel in mindering wordt gebracht, berekend naar de maatstaf van twee uren werkstraf per dag.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. A.J. Rietveld, voorzitter, mr. G. Dam en mr. S.J. van der Woude, in tegenwoordigheid van mr. J. Brink als griffier, zijnde mr. Van der Woude voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.