Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2009:BH4222

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
27-02-2009
Datum publicatie
02-03-2009
Zaaknummer
24-000301-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft in 2006 samen met zijn mededader een boot op een boottrailer gestolen en hij heeft in 2007 een medewerker van een pizzeria een kopstoot gegeven.

Verdachte zit inmiddels (tot augustus 2009) een gevangenisstraf uit.

Het hof legt aan verdachte een werkstraf van honderdtwintig uren en twee maanden voorwaardelijke gevangenisstraf op.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 24-000301-08

Parketnummer eerste aanleg: 07-400352-07

Arrest van 27 februari 2009 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 24 januari 2008 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1981] te [geboorteplaats],

zonder bekende woonplaats hier te lande,

thans verblijvende in PI Overijssel, HvB Karelskamp, Almelo,

verschenen in persoon, bijgestaan door zijn raadsman mr. R.W. van Faassen, advocaat te Zwolle.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte wegens de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten zal veroordelen tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van twee maanden, met aftrek van voorarrest.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is, overeenkomstig de ter 's hofs terechtzitting toegewezen vordering tot wijziging door de advocaat-generaal, tenlastegelegd dat:

1:

hij in of omstreeks de periode van 13 oktober 2006 tot 17 oktober 2006 in de gemeente [gemeente] tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een loods aan de [straat] heeft weggenomen een boot en/of een boottrailer, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

2:

hij op of omstreeks 10 maart 2007 in de gemeente [gemeente] opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer 2]), een kopstoot in/tegen het gezicht heeft gegeven, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat:

1:

hij in de periode van 13 oktober 2006 tot 17 oktober 2006 in de gemeente [gemeente] tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in een loods aan de [straat] heeft weggenomen een boot en een boottrailer, toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en zijn mededader;

2:

hij op 10 maart 2007 in de gemeente [gemeente] opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer 2]), een kopstoot in het gezicht heeft gegeven, waardoor deze letsel heeft bekomen en pijn heeft ondervonden.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1 en 2 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert respectievelijk op de misdrijven:

1.

diefstal door twee of meer verenigde personen;

2.

mishandeling.

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft bij het bepalen van de in hoger beroep op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van de bewezen verklaarde feiten, de omstandigheden waaronder deze feiten zijn begaan en de persoon van de verdachte. Het hof heeft in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.

ten aanzien van feit 1

Verdachte heeft zich, samen met zijn mededader, schuldig gemaakt aan diefstal. Dergelijke vermogenscriminaliteit pleegt hinder, schade en ergernis te veroorzaken voor het slachtoffer daarvan. De verdachte heeft er door zijn handelen blijk van gegeven weinig respect te hebben voor de eigendomsrechten van een ander.

ten aanzien van feit 2

Verdachte werd door de eigenaar van een pizzeria uit de zaak gezet, nadat hij zich daar had misdragen. Hij heeft vervolgens die eigenaar een harde kopstoot gegeven, waardoor het slachtoffer een bloedende en gekneusde neus heeft opgelopen. Met dit geweldsdelict heeft verdachte inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer en bijgedragen aan gevoelens van onveiligheid in de samenleving.

Het hof heeft bij de straftoemeting in aanmerking genomen dat verdachte - blijkens een hem betreffend uittreksel uit het algemeen documentatieregister d.d. 26 november 2008 - eerder is veroordeeld ter zake van - onder meer - soortgelijke strafbare feiten en dat aan hem meermalen een onvoorwaardelijke (gevangenis)straf is opgelegd.

De verdachte heeft ter terechtzitting van het hof verklaard dat hij thans uit anderen hoofde gedetineerd is ter zake van een veroordeling wegens heling en diefstal. De in die zaak opgelegde gevangenisstraf zal hij in augustus hebben uitgezeten.

Het hof is van oordeel dat gelet op dit alles in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden op zijn plaats zou zijn.

Echter, nu verdachte op dit moment al een gevangenisstraf van nog enige maanden uitzit, ziet het hof weinig toegevoegde waarde in het opleggen van deze strafmodaliteit, zulks ook mede gelet op de persoonlijke omstandigheden zoals verdachte deze ter terechtzitting naar voren heeft gebracht.

Gelet op dat alles is het hof van oordeel dat thans kan worden volstaan met het opleggen van een werkstraf. Wel zal het hof daarnaast, als stok achter de deur, een voorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur opleggen.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14a(oud), 14b(oud), 14c, 22c(oud), 22d(oud), 57(oud), 63(oud), 300, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart deze feiten en verdachte strafbaar;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van twee maanden;

beveelt, dat de gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond, dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;

veroordeelt verdachte tevens tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van honderdtwintig uren, met bevel voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis voor de duur van zestig dagen zal worden toegepast;

beveelt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de voormelde werkstraf geheel in mindering wordt gebracht, berekend naar de maatstaf van twee uren werkstraf per dag;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeldonder 1 en 2 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. O. Anjewierden, voorzitter, mr. J.A. Wiarda en mr. A.J. Rietveld, in tegenwoordigheid van mr. A. Meester als griffier, zijnde mr. Wiarda voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.