Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2007:BC6136

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
22-01-2007
Datum publicatie
10-03-2008
Zaaknummer
AVNR 11040
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Raadkamer
Inhoudsindicatie

591a Sv – Afwijzing van het verzoek. De raadsvrouw heeft tot dusverre geen kosten aan verzoeker in rekening gebracht. Er is dan ook geen sprake van kosten van de raadsvrouw in de zin van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF TE ARNHEM

Pkn: 21-004094-04

Avnr: 11040

Het hof heeft gezien het op 14 augustus 2006 ter griffie van het hof ingekomen verzoekschrift van:

[Naam verzoeker],

geboren te [plaats], op [datum],

wonende te [woonplaats],

hierna te noemen verzoeker,

ingediend door mr [naam raadsman A], advocaat te [plaatsnaam], strekkende tot toekenning van een vergoeding ex artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering voor de kosten van de raadsvrouw, vermeerderd met de kosten voor het indienen en behandelen van het verzoekschrift.

Het hof heeft gehoord in openbare raadkamer van 18 december 2006 de advocaat-generaal en de raadsvrouw van verzoeker, mr [naam raadsvrouw B], advocaat te [plaatsnaam].

Het hof heeft kennis genomen van de overige zich in het procesdossier bevindende stukken, waaronder de conclusie van de advocaat-generaal.

OVERWEGINGEN

1. Bij in kracht van gewijsde gegaan arrest van het hof van 3 mei 2006 is verzoeker vrijgesproken van het hem telastegelegde. De zaak is derhalve geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht.

2. Het verzoekschrift is tijdig ingediend en is in zoverre ontvankelijk.

3. De advocaat-generaal heeft ter zitting geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek tot vergoeding van de kosten van de raadsvrouw.

4. De raadsvrouw heeft gepersisteerd bij het verzoek.

5. Ingevolge artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering kan, indien de zaak eindigt zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht, aan de gewezen ver-dachte of zijn erfgenamen, op een verzoek ingediend binnen drie maanden na beëindiging van de zaak, uit 's Rijks kas een vergoeding worden toegekend in de kosten van een raadsvrouw.

Op grond van artikel 90, eerste lid, van genoemde wet heeft de toekenning van een schadevergoeding steeds plaats, indien en voor zover daartoe, naar het oordeel van de rechter, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.

6. Voor vergoeding van de kosten van de raadsvrouw komen slechts in aanmerking de kosten die verzoeker daadwerkelijk heeft gemaakt. Tijdens de behandeling van het verzoek in raadkamer is gebleken dat de raadsvrouw tot dusverre geen kosten aan verzoeker in rekening heeft gebracht. Er is dan ook geen sprake van kosten van de raadsvrouw in de zin van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering. Voor een vergoeding van kosten van de raadsvrouw op voet van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering bestaat dan ook geen grond. Het verzoek zal daarom in zoverre worden afgewezen.

7. Nu het verzoek zal worden afgewezen, zijn er ook geen redenen om de kosten voor indiening en behandeling van het verzoekschrift toe te wijzen.

BESCHIKKENDE

Het hof:

- wijst het verzoek af.

Deze beschikking is gegeven te Arnhem door mr E.A.K.G. Ruys, voorzitter, in tegenwoordigheid van B.J. Berendsen, griffier, ondertekend door de voorzitter en de griffier en uitgesproken ter openbare zitting van 22 januari 2007.