Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2007:BA3574

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
24-04-2007
Datum publicatie
24-04-2007
Zaaknummer
TBS 2007\009
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Van het niet erg voortvarende verloop van de behandeling is – in ieder geval in de afgelopen periode – niet gebleken dat dit (mede) is veroorzaakt door betrokkene. In 2005 werd het verlof van betrokkene op grond van het veranderde landelijk beleid ingetrokken. De behandelaars zagen een verder resocialisatietraject met betrokkene niet zitten. Tussen het besluit tot herselectie en de daadwerkelijke overplaatsing zat een periode van een jaar. Vanaf de overplaatsing heeft nauwelijks meer behandeling plaatsgevonden. Het hof is van oordeel dat door de intrekking van het verlof, de tijd tussen het besluit tot herselectie en de overplaatsing en het betreurenswaardige verloop daarna de behandeling zodanig is vertraagd, dat dit niet in het belang van betrokkene is geweest. Gelet op deze bijzondere omstandigheden acht het hof het thans aangewezen dat de maatregel met een niet langere periode dan één jaar wordt verlengd, teneinde een vinger aan de pols te houden met betrekking tot het op juiste wijze verlopen van de behandeling (en resocialisatie) van betrokkene.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM

TBS 2007\009

Beslissing d.d. 24 april 2007

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[terbeschikkinggestelde],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

verblijvende in [verblijfplaats].

Overwegingen:

Het hof zal de beslissing van de rechtbank dienen te vernietigen, daar het recht doet mede op grond van nieuwe stukken.

In het bijzonder gelet op de advisering is het hof van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de terbeschikkingstelling eist als in de hierna te vermelden beslissing vervat. Uit het verlengingsadvies volgt dat bij betrokkene onder andere sprake is van een persoonlijkheidsstoornis. Het recidivegevaar wordt op de langere termijn hoog geacht, nu de seksuele problematiek nog aanwezig is. Voor de behandeling zal dan ook nog langere tijd nodig zijn. Het hof acht derhalve voortzetting van de maatregel noodzakelijk.

Van het niet erg voortvarende verloop van de behandeling van betrokkene is – in ieder geval in de afgelopen periode – niet gebleken dat dit (mede) is veroorzaakt door betrokkene. In 2005 werd het verlof van betrokkene op grond van het veranderde landelijk beleid ingetrokken. Betrokkene had toen onbegeleid verlof en zat op de resocialisatieafdeling van Veldzicht. De behandelaars in Veldzicht zagen een verder resocialisatietraject met betrokkene niet zitten. Er werd besloten om betrokkene in een andere kliniek een nieuwe kans te geven. Op 19 januari 2006 werd betrokkene overgeplaatst naar de afdeling van de [verblijfplaats].

Tussen het besluit tot herselectie en de daadwerkelijke overplaatsing zat een periode van een jaar. Vanaf het moment van feitelijke overplaatsing heeft nauwelijks meer behandeling plaatsgevonden. De kliniek geeft aan dat de behandeling van betrokkene net is aangevangen. Begeleid verlof is voor betrokkene aangevraagd. Het hof is van oordeel dat door de intrekking van het verlof, de tijd tussen het besluit tot herselectie en de overplaatsing en het betreurenswaardige verloop daarna de behandeling van betrokkene zodanig is vertraagd, dat dit niet in het belang van betrokkene is geweest.

Gelet op deze bijzondere omstandigheden acht het hof het thans aangewezen dat de maatregel met een niet langere periode dan één jaar wordt verlengd, teneinde een vinger aan de pols te houden met betrekking tot het op juiste wijze verlopen van de behandeling (en resocialisatie) van betrokkene. Dit houdt echter niet in dat de behandeling per definitie binnen een jaar zal zijn afgerond. Het hof gaat er vanuit dat bij de volgende verlengingszitting de behandeling van betrokkene verder is geconcretiseerd, zodat er meer duidelijkheid komt over het nog te volgen behandel- en resocialisatietraject.

Beslissing:

Het hof:

Vernietigt de beslissing van de rechtbank te Arnhem van 15 december 2006 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde.

Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar.

Aldus gedaan door

mr Stikkelbroeck als voorzitter,

mrs Lensing en Van der Herberg als raadsheren,

en drs Boon en dr Van Kordelaar als raden,

in tegenwoordigheid van mr Jansen als griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 24 april 2007.

De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.