Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2006:AY7990

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
11-09-2006
Datum publicatie
12-09-2006
Zaaknummer
TBS 2006\157
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Volgens de in 2004 verrichte contra-expertise is er nog onvoldoende bekend over datgene wat er zich in het binnenste van betrokkene, met name op het terrein van seksualiteit en agressie, afspeelt. Naar aanleiding hiervan is besloten betrokkene een langdurige psycho-analytische psychotherapie met een externe psychotherapeut aan te bieden. Het hof is, anders dan de raadsman, van oordeel dat verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaren is geïndiceerd. Wel gaat het hof ervan uit dat na afronding van de recent gestarte psychotherapie zorgvuldig wordt geëvalueerd wat dan het recidiverisico is en welke mogelijkheden tot resocialisatie er zijn, waarbij een opname in het Pieter Baan Centrum voor onderzoek en rapportage hieromtrent behoort te worden overwogen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM

TBS 2006\157

Beslissing d.d. 11 september 2006

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[terbeschikkinggestelde],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

verblijvende in [verblijfplaats].

Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank te Zwolle van 10 mei 2006, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.

Overwegingen:

Het hof zal de beslissing van de rechtbank dienen te vernietigen, daar het recht doet mede op grond van nieuwe stukken.

In het bijzonder gelet op de advisering is het hof van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de terbeschikkingstelling eist als in de hierna te vermelden beslissing vervat.

Uit het verlengingsadvies volgt dat betrokkene een persoonlijkheidsstoornis met narcistische, antisociale en ontwijkende kenmerken heeft. Volgens de in 2004 verrichte contra-expertise is er nog onvoldoende bekend over datgene wat er zich in het binnenste van betrokkene, met name op het terrein van seksualiteit en agressie, afspeelt. Naar aanleiding hiervan is besloten betrokkene een langdurige psycho-analytische psychotherapie met een externe psychotherapeut aan te bieden. Inmiddels loopt deze therapie nu enkele maanden. Tot er in dit proces goede vooruitgang is geboekt wordt betrokkene als onverminderd delictgevaarlijk beschouwd. De getuige-deskundige heeft ter zitting bij de rechtbank verklaard dat de externe forensische psychotherapeut heeft aangegeven minimaal anderhalf tot twee jaar nodig te hebben alvorens de mogelijkheden van gedragsveranderingen bij betrokkene te kunnen analyseren.

Gelet op het bovenstaande is het hof, anders dan de raadsman, van oordeel dat verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaren is geïndiceerd. Wel gaat het hof ervan uit dat na afronding van de recent gestarte psychotherapie zorgvuldig wordt geëvalueerd wat dan het recidiverisico is en welke mogelijkheden tot resocialisatie er zijn, waarbij een opname in het Pieter Baan Centrum voor onderzoek en rapportage hieromtrent behoort te worden overwogen.

Beslissing:

Het hof:

Vernietigt de beslissing van de rechtbank te Zwolle van 10 mei 2006 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde.

Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.

Aldus gedaan door

mr Van der Herberg als voorzitter,

mrs Lensing en Cremers als raadsheren,

en dr Schudel en dr Raes als raden,

in tegenwoordigheid van mr Van Ek als griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 11 september 2006.

Mr Cremers en de raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.