Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2006:AX9371

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
26-06-2006
Datum publicatie
27-06-2006
Zaaknummer
TBS 2006\109
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De raadsman van betrokkene heeft betoogd dat onderzoek moet worden verrichten naar de mogelijkheden van alcoholremmende medicatie. Het hof acht het zeer wel denkbaar dat in de komende periode door de kliniek onderzoek zal worden verricht naar het gebruik (ook gezien de fysieke conditie van betrokkene) van zowel alcoholremmende medicatie als libidoremmende medicatie, nu dergelijke medicatie van belang kan zijn voor de kwaliteit van leven van betrokkene. Gelet op het onverminderd aanwezige delictgevaar en het feit dat betrokkene structuur en begeleiding nodig heeft, is het hof van oordeel dat een verlenging met een termijn van twee jaar is geïndiceerd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM

TBS 2006\109

Beslissing d.d. 26 juni 2006

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[terbeschikkinggestelde],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

verblijvende in [verblijfplaats].

Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank te Breda van 3 maart 2006, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.

Overwegingen:

Het hof zal de beslissing van de rechtbank dienen te vernietigen, daar het hof recht zal doen mede op grond van nieuwe stukken.

In het bijzonder gelet op de advisering is het hof van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de terbeschikkingstelling eist als in de hierna te vermelden beslissing vervat. Uit het verlengingsadvies volgt dat bij betrokkene sprake is van diverse ernstige stoornissen in de persoonlijkheid en alcoholafhankelijkheid. Zonder structuur en begeleiding is het zeer aannemelijk dat seksuele misdragingen weer plaatsvinden. De kans op recidive is niet verminderd. De raadsman van betrokkene heeft betoogd dat onderzoek moet worden verrichten naar de mogelijkheden van alcoholremmende medicatie. Het hof acht het zeer wel denkbaar dat in de komende periode door de kliniek onderzoek zal worden verricht naar het gebruik (ook gezien de fysieke conditie van betrokkene) van zowel alcoholremmende medicatie als libidoremmende medicatie, nu dergelijke medicatie van belang kan zijn voor de kwaliteit van leven van betrokkene.

Gelet op het onverminderd aanwezige delictgevaar en het feit dat betrokkene structuur en begeleiding nodig heeft, is het hof van oordeel dat een verlenging met een termijn van twee jaar is geïndiceerd.

Beslissing:

Het hof:

Vernietigt de beslissing van de rechtbank te Breda van 3 maart 2006 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde.

Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.

Aldus gedaan door

mr Verheugt als voorzitter,

mrs Stikkelbroeck en Dik als raadsheren,

en dr Schaap en drs Van Weers als raden,

in tegenwoordigheid van mr Jansen als griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 26 juni 2006.

Mr Dik en de raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.