Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2006:AX3957

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
23-05-2006
Datum publicatie
23-05-2006
Zaaknummer
21-000822-05
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Kraggenburg. Verdachte heeft op verzoek van haar partner actief bemiddeld bij het tot stand brengen van afspraken waarbij [J] en [A] als escort seksuele diensten tegen betaling zouden verrichten. Zij wist wel dat deze vrouwen geen ‘papieren’ hadden. Hieruit volgt niet dwingend dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze vrouwen onvrijwillig en met misbruik van hun illegale positie of van enige andere vorm van feitelijk overwicht of zelfs misleiding in de escortbranche werkzaam waren of zouden zijn en evenmin dat zij waren aangeworven in of meegenomen uit het buitenland met de bedoeling om hen hier in de prostitutie te brengen. Er kan ook niet worden vastgesteld dat verdachte op het moment van haar bemoeiingen met [F] wist of moest weten dat [F] ook slachtoffer was van enig misdrijf. Van feit 2, vrouwenhandel, dient daarom vrijspraak te volgen. Evenmin is bewezen dat verdachte heeft deelgenomen aan de criminele organisatie waar het bij feit 1 om gaat.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 21-000822-05

Uitspraak d.d.: 23 mei 2006

TEGENSPRAAK

Gerechtshof te Arnhem

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank te Zwolle van 27 januari 2005 in de strafzaak tegen

[VERDACHTE],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

wonende te [woonadres].

Het hoger beroep

De officier van justitie heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 1 september 2005, 29 november 2005, 3 februari 2006, 16 maart 2006, 21 april 2006 en 9 mei 2006 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I), na voorlezing aan het hof overgelegd, en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis, waarvan beroep, om proceseconomische redenen vernietigen en daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

1.

zij op meerdere tijdstippen in de periode van 01 februari 2004 tot en met 19 april 2004 ----------------te Brussel te Almere en/of te Kraggenburg, gemeente Noordoostpolder en/of te Rotterdam en/of elders in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, te weten een organisatie die gevormd werd uit onder meer [Z] en/of [Y] en/of [W] en/of [X] en/of een of meer andere perso(o)n(en), welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk wederrechtelijke vrijheidsberoving en/of--- verkrachting en/of-- mensenhandel en/of diefstal (door middel van geweld)---------------------------------------;

-------------------------------------art 140 lid 1 Wetboek van Strafrecht

2.

zij in de periode van 4 april 2004 tot en met 18 april 2004 te Brussel en/of elders in België en/of te Almere en/of te Kraggenburg, gemeente Noordoostpolder en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen (een) ander(en), genaamd [J] en/of [A] en/of [F], door geweld of één of meer andere feitelijkheden of door bedreiging met geweld of bedreiging met één of meer andere feitelijkheden heeft gedwongen of door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht of door misleiding heeft bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling dan wel onder voornoemde omstandigheden enige handeling heeft ondernomen waarvan zij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die [J] en/of [A] en/of [F] zich daardoor tot het verrichten van die handelingen beschikbaar stelde(n), welk feit is gepleegd door twee of meer verenigde personen en/of zij in de periode van 4 april 2004 tot en met 18 april 2004 te Brussel en/of elders in België en/of te Almere en/of te Kraggenburg, gemeente Noordoostpolder, en/of elders in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (een) ander(en), genaamd [J] en/of [A] en/of [F] heeft aangeworven, mede genomen of ontvoerd met het oogmerk die personen in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling, welk feit is gepleegd door twee of meer verenigde personen, hebbende zij verdachte en/of een of meer van haar mededader(s)

- die [J] en/of [A] en/of [F] tegen hun wil vanuit Brussel meegenomen naar Nederland en/of

- die [J] en/of die [A] en/of die [F] tegen hun wil opgesloten en/of constant bewaakt en/of

- die [J] en/of die [A] en/of die [F] (meermalen) bedreigd (met een vuurwapen, in ieder geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp) en/of mishandeld en/of

- foto's gemaakt van die [J] en/of die [A] en/of die [F] terwijl voornoemden ontbloot waren en/of zich in verschillende seksuele posities bevonden en/of

- die foto's geplaatst en/of vervaardigd om te plaatsen op verschillende internetsites en/of chatboxen (om die [J] en/of die [A] en/of die [F] als escorts/prostituees aan te bieden en/of

- advertenties op het internet geplaatst waarbij die [J] en/of die [A] en/of die [F] werden aangeboden voor het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling en/of

- (meermalen) afspraken gemaakt met klanten over/voor het verrichten van seksuele handelingen, door die [J] en/of die [A] en/of die [F], tegen betaling en/of

- die [J] en/of die [A] (meermalen) meegenomen naar klanten (teneinde daar met die klanten betaalde seks te hebben) en/of

- die [A] meermalen tegen betaling seksuele handelingen laten verrichten met een of meer klant(en) en/of

- die [F] opgemeten met de bedoeling sm-artikelen op maat voor haar te laten maken en/of

- contacten gelegd met derden met de bedoeling die [J] en/of die [A] en/of die [F] te doen gebruiken voor het maken van films waarbij seks zou plaatsvinden tussen een of meer van genoemde perso(o)n(en) en/of dieren en/of waarbij ledematen van genoemde perso(o)n(en) zouden worden afgesneden en/of waarbij een of meer van de genoemde perso(o)n(en) van het leven zouden worden beroofd;

art 250a lid 1 ahf/ond 1° Wetboek van Strafrecht

art 250a lid 2 ahf/ond 1° Wetboek van Strafrecht

-------------------------------------------------------------------------------------------------

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak

De verdachte wordt – kort gezegd – verweten (1) in de periode van 1 februari 2004 tot en met 19 april 2004 te hebben deelgenomen aan een criminele organisatie en (2) zich in de periode van 4 april 2004 tot en met 18 april 2004 schuldig te hebben gemaakt aan vrouwenhandel.

Verdachte heeft op verzoek van haar partner, medeverdachte [V], actief bemiddeld bij het tot stand brengen van afspraken waarbij [J] en [A] als escort seksuele diensten tegen betaling zouden verrichten. Zij wist wel dat deze vrouwen geen ‘papieren’ hadden. Naar het oordeel van het hof volgt hier niet dwingend uit dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze vrouwen onvrijwillig en met misbruik van hun illegale positie of van enige andere vorm van feitelijk overwicht of zelfs misleiding in de escortbranche werkzaam waren of zouden zijn en evenmin dat zij waren aangeworven in of meegenomen uit het buitenland (i.c. België) met de bedoeling om hen hier in de prostitutie te brengen. Evenmin kan worden vastgesteld dat verdachte op het moment van haar, niet of nauwelijks op gang gekomen, bemoeiingen met [F] wist of moest weten dat [F] ook slachtoffer was van enig misdrijf. Dat wordt niet anders waar op grond van de eigen verklaringen van verdachte wel vaststaat dat zij van meet af aan twijfels had of het wel goed was wat zij voor de meisjes deed. Van feit 2 dient daarom vrijspraak te volgen.

Evenmin is bewezen dat verdachte heeft deelgenomen aan de criminele organisatie waar het bij feit 1 om gaat. Verdachtes activiteiten hebben zich beperkt tot het faciliteren en regelen van enkele escortafspraken. Het is niet bewezen dat verdachte eerder weet had van of inzicht had in de wijze waarop de betrokken vrouwen in Nederland terecht waren gekomen en de rol van de broers [Y en Z] daarbij dan het moment waarop verdachte aanwezig was bij de ontmoeting tussen haar partner, [V], en de beide broers [Y en Z]. Bij die bespreking op 18 april 2004 raakte zij op de hoogte van de plannen voor het vervaardigen van een zogenaamde snuff-movie. Verdachte heeft zich, toen zij van de plannen en activiteiten van de gebroeders [Y en Z] eenmaal wist, daarvan bewust en nadrukkelijk gedistantieerd. Dat verdachte eerder weet had van het ongeoorloofde van haar handelen zoals dat met feit 2 aan haar werd verweten en van het feit dat haar bemoeiingen pasten in een groter geheel volgt niet buiten twijfel uit het voorhanden bewijsmateriaal. Van feit 1 dient dus ook vrijspraak te volgen.

De vordering van de benadeelde partij [J]

De benadeelde partij heeft in eerste aanleg een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 10.000,-- ingesteld. Deze vordering is bij vonnis waarvan beroep niet toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.

Nu verdachte ter zake van ten laste gelegde handelen waardoor de gestelde schade veroorzaakt zou zijn, niet schuldig wordt verklaard, kan de benadeelde partij in haar vordering niet worden ontvangen.

De vordering van de benadeelde partij [A]

De benadeelde partij heeft in eerste aanleg een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 10.000,-- ingesteld. Deze vordering is bij vonnis waarvan beroep niet toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.

Nu verdachte ter zake van ten laste gelegde handelen waardoor de gestelde schade veroorzaakt zou zijn, niet schuldig wordt verklaard, kan de benadeelde partij in haar vordering niet worden ontvangen.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen, dat verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

De in beslag genomen voorwerpen

Gelast de teruggave aan verdachte van het inbeslaggenomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:

- een computer MLC, merk onbekend, nr. sn. 98102038.

De aan [J] toegebrachte schade

Verklaart de benadeelde partij, [J], in haar vordering niet-ontvankelijk.

Verwijst de benadeelde partij in de door verdachte gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.

De aan [A] toegebrachte schade

Verklaart de benadeelde partij, [A], in haar vordering niet-ontvankelijk.

Verwijst de benadeelde partij in de door verdachte gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.

Aldus gewezen door

mr B.P.J.A.M. van der Pol, voorzitter,

mr C.G. Nunnikhoven en mr M. Barels, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr R.G.A. Beaujean, griffier,

en op 23 mei 2006 ter openbare terechtzitting uitgesproken.