Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2006:AV4646

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
13-03-2006
Datum publicatie
16-03-2006
Zaaknummer
TBS 191/05
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het hof is van oordeel dat van disproportionaliteit in casu geen sprake is, nu het tijdsverloop niet alleen moet worden beschouwd in het perspectief van de ernst van het delict, maar tevens in aanmerking moet worden genomen de aard van de stoornis en het actuele recidivegevaar en dat er sprake is geweest van een agressief incident in de kliniek. Verlenging met een jaar is geïndiceerd, mede gelet op de proportionaliteit en teneinde de kliniek aan te zetten tot het onderzoeken van de behandelingsmogelijkheden in een verslavingskliniek.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM

TBS 2005\191

Beslissing d.d. 13 maart 2006

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[terbeschikkinggestelde]

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum]

verblijvende in [verblijfplaats]

Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank te Utrecht van 16 augustus 2005, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.

Overwegingen:

[-] Het hof zal de beslissing van de rechtbank dienen te vernietigen, daar het recht zal doen mede op grond van nieuwe stukken.

[-] De terbeschikkingstelling van betrokkene is ingegaan op 3 augustus 1997 en loopt dus thans meer dan acht jaren. Dit tijdsverloop in relatie tot de ernst van het delict waarvoor de terbeschikkingstelling is opgelegd (ter zake van poging tot diefstal, gevolgd van bedreiging met geweld tegen personen) moet mede in aanmerking worden genomen bij de verlengingsbeslissing.

Het hof is van oordeel dat bij een afweging tussen de belangen van de terbeschikkinggestelde en van de maatschappij naar mate de maatregel van terbeschikkingstelling langer duurt het belang van de terbeschikkinggestelde steeds zwaarder dient te wegen. Het tijdsverloop dient niet alleen te worden beschouwd in het perspectief van de ernst van het delict, maar tevens moeten de aard van de stoornis en het actuele recidivegevaar in aanmerking worden genomen. Uit het verlengingsadvies van 3 juni 2005 volgt dat bij betrokkene sprake is van een gemengde persoonlijkheidsstoornis met borderline, antisociale en narcistische kenmerken alsmede forse verslavingsproblematiek. De kans op recidive bij beëindiging van de terbeschikkingstelling wordt groot geacht. Het hof neemt hierbij voorts nog in aanmerking dat er eind 2005 sprake is geweest van een agressief incident in de kliniek.

Gelet op het bovenstaande is een verlenging van de terbeschikkingstelling, zoals in de hierna te vermelden beslissing is vervat, aangewezen.

[-] Het verzoek tot aanhouding teneinde door reclassering rapportage op te laten maken met betrekking tot de resocialisatie van betrokkene wordt afgewezen, nu bijzondere omstandigheden die tot deze nadere rapportage nopen zijn gesteld noch gebleken. Overigens acht het hof zich voldoende voorgelicht.

[-] In het bijzonder gelet op de advisering is het hof van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de terbeschikkingstelling eist. Uit het verlengingsadvies van 3 juni 2005 blijkt dat de drugsverslaving van betrokkene nog steeds een dominant probleem is. Ter terechtzitting heeft betrokkene naar voren gebracht graag in een verslavingskliniek te worden geplaatst, om aan zijn drugsproblematiek en de daarmee in verband staande agressie te werken. De complexe relatie tussen betrokkenes agressie en zijn drugsverslaving dient gespecialiseerd te worden behandeld.

Het hof is, anders dan de advocaat-generaal, van oordeel dat een verlenging met een termijn van een jaar is geïndiceerd, mede gelet op de proportionaliteit en teneinde de kliniek aan te zetten tot het onderzoeken van de mogelijkheden met betrekking tot behandeling van betrokkene in een verslavingskliniek, zodat op deze manier aan betrokkene een perspectief kan worden geboden.

Beslissing:

Het hof:

Wijst af het verzoek tot aanhouding.

Vernietigt de beslissing van de rechtbank te Utrecht van 16 augustus 2005 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde.

Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar.

Aldus gedaan door

mr Vegter als voorzitter,

mrs Verheugt en Lauwaars als raadsheren,

en drs Schaap en drs Raes als raden,

in tegenwoordigheid van mr Jansen als griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 13 maart 2006.

Mr Lauwaars en de raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.