Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2005:AV3042

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
25-07-2005
Datum publicatie
01-03-2006
Zaaknummer
TBS 112/05
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het beroep is uitsluitend gericht tegen de tenuitvoerlegging van de TBS-maatregel en derhalve ontbreekt het belang om tot beoordeling van de verlengingsbeslissing van de rechtbank over te gaan. De terbeschikkinggestelde wordt niet-ontvankelijk verklaard.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM

TBS 2005\112

Beslissing d.d. 25 juli 2005

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[terbeschikkinggestelde]

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

verblijvende in [verblijfplaats]

Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank te Zutphen van 25 februari 2005, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.

Overwegingen:

[-] Bij de behandeling van het beroep is naar voren gekomen dat het beroep zich niet richt tegen de verlenging van de terbeschikkingstelling. Het beroep richt zich louter tegen de wijze waarop thans en in de toekomst inhoud wordt gegeven aan de tenuitvoerlegging van de maatregel.

In het kader van de verlengingsprocedure is door de wetgever aan het hof geen beslissingbevoegdheid gegeven over de wijze van tenuitvoerlegging van de maatregel. Andere instanties, zoals de beklagcommissie en de Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming, zijn door de wetgever belast met de toetsing van de wijze waarop aan de tenuitvoerlegging van de maatregel inhoud wordt gegeven.

Nu het beroep zich niet richt tegen de verlengingsbeslissing van de rechtbank ontbreekt het belang om tot beoordeling van die beslissing over te gaan. Het hof zal daarom beslissen als na te melden. Gelet hierop komt het hof niet toe aan bespreking van het verweer van de raadsman dat de wettelijke aantekeningen ontbreken.

Beslissing:

Het hof:

Verklaart de terbeschikkinggestelde niet-ontvankelijk in het tegen de beslissing van de rechtbank te Zutphen van 25 februari 2005 ingestelde hoger beroep.

Aldus gedaan door

mr Dik als voorzitter,

mrs Vegter en Verheugt als raadsheren,

en drs Boon en drs Harmsen als raden,

in tegenwoordigheid van mr Van Ek als griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 25 juli 2005.

Mr Verheugt en de raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.