Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2003:AO5551

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
23-12-2003
Datum publicatie
08-08-2006
Zaaknummer
306/2003
Rechtsgebieden
Civiel recht
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Hof wijst af verzoek nihilstelling kinderalimentatie, nu in het vrij te laten bedrag daar rekening mee is gehouden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

23 december 2003

Familiekamer

Rekestnummer 306/2003

G E R E C H T S H O F T E A R N H E M

Beschikking

in de zaak van:

[verzoekster],

wonende te Tiel,

verzoekster, verder te noemen “de vrouw”,

procureur mr P.A.M. de Jong,

tegen

[verweerder],

wonende te Oud-Beijerland,

verweerder, verder te noemen “de man”,

procureur mr F.J. Boom.

1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

1.1 Het hof heeft op 7 oktober 2003 een (tussen)beschikking gegeven. Het hof verwijst voor het verloop van het geding tot 7 oktober 2003 naar zijn beschikking van die datum.

1.2 Het hof heeft kennisgenomen van de nadien ingekomen stukken, waaronder een brief van mr C.N.M. Schep van 15 oktober 2003 met bijlagen en een brief van mr A. Quispel van 30 oktober 2003.

2 De motivering van de beslissing

2.1 Het hof volhardt en blijft bij hetgeen is overwogen en beslist in de (tussen)beschikking van 7 oktober 2003.

2.2 In de hiervoor genoemde beschikking heeft het hof de behandeling van de zaak aangehouden om de man in de gelegenheid te stellen het schuldsaneringsplan over te leggen teneinde opheldering te verkrijgen met betrekking tot de volgende vragen:

-Op welke datum is het saneringsplan vastgesteld?

-Wanneer heeft de daarop betrekking hebbende uitspraak kracht van gewijsde verkregen?

-Is in dit plan boven het altijd vrij te laten gedeelte van de inkomsten van de man specifiek voor alimentatieverplichtingen een nominaal bedrag vastgesteld en, zo ja, welk bedrag?

2.3 Uit de onder 1.2 vermelde stukken blijkt dat de rechtbank Dordrecht bij beslissing van 24 juli 2002 het saneringsplan heeft vastgesteld overeenkomstig het aan het proces-verbaal van de verificatievergadering gehechte ontwerp, in welk saneringsplan de termijn gedurende welke de toepassing van de schuldsaneringsregeling van kracht zal zijn is gesteld op 3 jaar te rekenen vanaf de dag van de uitspraak tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, derhalve tot 13 februari 2005. In dit ontwerp schuldsaneringsplan is niet een nieuw vrij te laten bedrag vastgesteld, terwijl door de man - op wiens weg dit naar het oordeel van het hof zou hebben gelegen - evenmin een op grond van dat saneringsplan vastgestelde herberekening is overgelegd.

Nu kennelijk nog geen specifieke herberekening door de rechter-commissaris is gemaakt - zoals ingevolge het schuldsaneringsplan wel had moeten gebeuren - moet ervan worden uitgegaan dat de rechtbank bij haar uitspraak van 24 juli 2002 kennelijk heeft bedoeld bij vaststelling van het schuldsaneringsplan het vrij te laten bedrag zoals vastgesteld in de beschikking van de rechter-commissaris in de rechtbank te Dordrecht van 13 februari 2002 te handhaven (en dus ook gebruik heeft willen maken van de in artikel 343 lid 3 sub a Fw gegeven bevoegdheid). Dit betekent naar het oordeel van het hof dat de man verplicht blijft maandelijks een bedrag van € 164,07 aan de vrouw inzake alimentatie voor de kinderen te betalen.

3 De slotsom

3.1 Op grond van hetgeen hierboven is overwogen dient het hof de bestreden beschikking te vernietigen.

3.2 Het hof zal de proceskosten in hoger beroep compenseren, nu partijen gewezen echtgenoten zijn.

4 De beslissing

Het hof, beschikkende in hoger beroep:

vernietigt de beschikking van de rechtbank te Arnhem van 20 januari 2003, en opnieuw beschikkende:

wijzigt de beschikking van de rechtbank Dordrecht van 22 november 2000 in dier voege dat de man aan de vrouw met ingang van 13 februari 2002 als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van Mandy en Emmely een bedrag van

€ 82,03 per kind per maand zal betalen, de toekomstige termijnen telkens bij vooruitbetaling te voldoen;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

compenseert de kosten van het geding in hoger beroep in die zin, dat elke partij de eigen kosten draagt;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mrs Van der Kwaak, Hooft Graafland en Wammes en is op 23 december 2003 uitgesproken ter openbare terechtzitting in tegenwoordigheid van de griffier.