Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:2000:AA7111

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
23-08-2000
Datum publicatie
04-07-2001
Zaaknummer
98/03192
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Belastingblad 2001/137
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

IV

Gerechtshof Arnhem

vierde enkelvoudige belastingkamer

nr. 98/03192

Proces-verbaal mondelinge uitspraak

belanghebbende : de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid X BV.

te : Z

ambtenaar : het Hoofd van de afdeling financiën van de gemeente P (hierna te noemen: de Ambtenaar)

aangevallen beslissing : uitspraak d.d. 9 juli 1998 op belanghebbendes bezwaar

soort belasting : toeristenbelasting

jaar : 1995

mondelinge behandeling : op 9 augustus 2000 te Arnhem door mr Matthijssen, raadsheer, in tegenwoordigheid van mevrouw Vermeulen-Post als griffier

waarbij verschenen : de Ambtenaar

waarbij niet verschenen : belanghebbende, alhoewel opgeroepen bij aangetekend schrijven van 21 juli 2000 aan het adres X BV te Z t.a.v. A (de retourkaart is op 24 juli 2000 bij de griffie van het Gerechtshof ingekomen)

gronden:

1. Aan belanghebbende is voor het jaar 1995 een aanslag in de toeristenbelasting van de gemeente P opgelegd ten bedrage van ¦ 11.400,-, ter zake van het houden van verblijf met overnachten.

2. Ter zake van het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in hotels, pensions, vakantie-onderkomens, mobiele kampeeronderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten en op vaste standplaatsen tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen, die niet in het persoonsregister van de gemeente zijn opgenomen, wordt onder de naam "toeristenbelasting" een directe belasting geheven (artikel 2 van de Verordening Toeristenbelasting 1995, hierna te noemen:de Verordening).

3. Ingevolge artikel 3 van de Verordening is belastingplichtig diegene, die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2 van de Verordening in hem ter beschikking staande ruimten, dan wel op hem ter beschikking staande terreinen.

4. Belanghebbende beschikt over een recreatiepark, dat is gelegen in een recreatiegebied, waarvan het hart wordt gevormd door een 35 hectare grote waterplas.

Het recreatiepark ligt op een afgescheiden deel van voornoemd recreatiegebied.

In dit recreatiepark bevinden zich vanaf 1 januari 1995 38 recreatiebungalows, die eigendom waren van derden.

5. In 1995 hebben eigenaren van recreatiebungalows aan belanghebbende opdracht gegeven bungalows te verhuren. Belanghebbende ontving daarvoor een zogenaamde "bemiddelingsprovisie". In 1995 bedroeg de door belanghebbende ontvangen provisie ¦ 47.765,21.

6. Belanghebbende brengt aan huurders per overnachting per persoon ¦ 1,25 "Toeristenbelasting" in rekening. In totaal heeft belanghebbende in 1995 ¦ 4.643,75 aan "toeristenbelasting" ontvangen.

7. De Ambtenaar heeft belanghebbende ter zake van de door hem geregelde verhuur van bungalows terecht aangemerkt als "degene, die gelegenheid biedt tot verblijf in hem ter beschikking staande ruimten" (artikel 3, lid 1, van de Verordening). Belanghebbende is in zoverre derhalve belastingplichtig in de zin van de Verordening.

8. De Ambtenaar concludeert nader tot een vermindering van de aanslag op basis van het door belanghebbende opgegeven aantal overnachtingen dat in 1995, naar het Hof begrijpt, 4.643,75 : 1,25 ofwel 3.715 was. De aanslag dient dus te worden verminderd tot 3.715 x ¦ 1,- ofwel ¦ 3.715,-.

9. Het beroep van belanghebbende is gedeeltelijk gegrond.

Proceskosten:

Van proceskosten welke voor vergoeding in aanmerking komen is het Hof niet gebleken.

Beslissing:

Het Gerechtshof

- vernietigt de uitspraak van de Ambtenaar;

- vermindert de aanslag toeristenbelasting 1995 tot één ten bedrage van ¦ 3.715,-;

- gelast de Ambtenaar aan belanghebbende het door haar betaalde griffierecht van ¦ 80,- te vergoeden.

Aldus gedaan op 23 augustus 2000 te Arnhem door mr Matthijssen, raadsheer, lid van de vierde enkelvoudige belastingkamer, in tegenwoordigheid van mevrouw Vermeulen-Post als griffier.

Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.

De griffier, Het lid van de voormelde kamer,

(I.B. Vermeulen-Post) (T.J. Matthijssen)

De beslissing is in het openbaar uitgesproken en afschriften zijn aangetekend per post verzonden op 23 augustus 2000

U kunt binnen vier weken na de verzenddatum van deze uitspraak het gerechtshof schriftelijk verzoeken de mondelinge uitspraak te vervangen door een schriftelijke. Voor het verkrijgen van een schriftelijke uitspraak bedraagt het griffierecht ¦ 150,-.

De vervanging van een mondelinge uitspraak door een schriftelijke strekt ertoe de mondelinge uitspraak in een andere vorm vast te leggen. Het gerechtshof mag daarbij de gedane uitspraak niet aan een heroverweging onderwerpen.

Uitsluitend tegen een schriftelijke uitspraak van het gerechtshof staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden. Daarvoor is eveneens een griffierecht verschuldigd. Het ter verkrijging van een schriftelijke uitspraak betaalde griffierecht wordt door de griffier van de Hoge Raad in mindering gebracht op het voor beroep in cassatie verschuldigde recht.