Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:1999:AA3873

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
27-10-1999
Datum publicatie
04-07-2001
Zaaknummer
98/03966
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

IV

Gerechtshof Arnhem

zesde enkelvoudige belastingkamer

nr. 98/03966

Proces-verbaal mondelinge uitspraak

belanghebbende : *X

te : *Z

ambtenaar : de Inspecteur van de Belastingdienst/Particulieren te *P

aangevallen beslissing : uitspraak d.d. 20 oktober 1998 op bezwaarschrift

soort belasting : inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen

belastingjaar : 1996

mondelinge behandeling : op 13 oktober 1999 te Arnhem door mr. Lamens, raads-heer, in te-gen-woor-dig-heid van me-vrouw Vermeu-len-Post als griffier

waarbij verschenen : de Inspec-teur

waarbij niet verschenen : belanghebbende, met kennisgeving aan het hof

gronden:

1. Tot de inkomsten behoort mede hetgeen genoten wordt ter vervanging van gederfde of te derven inkomsten ( artikel 31, lid 1, van de Wet op de Inkomstenbelasting 1964).

2. Belanghebbende heeft in 1996 wegens ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst een schadevergoeding ontvangen ten bedrage van ¦ 459.872,-, waarvan volgens belang-heb-bende een gedeelte groot ¦ 20.000,-, is aan te merken als een onbelas-te vergoe-ding wegens immaterië-le schade, bestaande in aantasting van belang-hebben-des eer en goede naam of ondergaan van psychisch leed.

3. Een redelijke verdeling van de bewijslast brengt met zich mede dat belanghebben-de, tegenover de gemotiveerde betwisting door de Inspecteur, aannemelijk maakt dat het voormelde bedrag van ¦ 20.000,- als een vergoeding wegens immateri-ële schade heeft te gelden. Belang-hebbende is in het van hem verlangde bewijs niet geslaagd.

4. Het had op belanghebbendes weg gelegen om bij voorbeeld aan de voormalige werkgever te verzoeken een verklaring af te leggen over de samenstelling van het aan belangheb-bende betaalde bedrag.

5. Belanghebbende klaagt voorts over het feit dat op het bedrag van ¦ 20.000,- niet het bijzondere tarief is toegepast. Uit het vertoogschrift blijkt evenwel dat bij ambts-halve verleende vermindering van 25 november 1998 het bijzondere tarief alsnog op het juiste bedrag, namelijk ¦ 459.872,-, is toegepast.

6. Het beroep is ongegrond; de uitspraak dient te worden bevestigd.

proceskosten:

Het Hof acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.

beslissing:

Het Gerechtshof bevestigt de uitspraak waarvan beroep.

Aldus gedaan en in het openbaar uitgesproken te Arnhem op 27 oktober 1999 door mr. Lamens, raadsheer, lid van de zesde enkelvoudige belas-ting-kamer, in tegen-woor-dig-heid van mevrouw Vermeulen-Post als griffier.

Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.

De griffier, Het lid van de voormelde kamer,

(I.B.Vermeulen-Post) (J. Lamens)

Afschriften zijn aangetekend per post verzonden op 9 november 1999

U kunt binnen vier weken na de verzenddatum van deze uitspraak het gerechtshof schriftelijk verzoeken de mondelinge uitspraak te vervangen door een schriftelijke. Voor het verkrijgen van een schriftelijke uitspraak bedraagt het griffierecht ¦ 150,-.

De vervanging van een mondelinge uitspraak door een schriftelijke strekt ertoe de mondelinge uitspraak in een andere vorm vast te leggen. Het gerechtshof mag daarbij de gedane uitspraak niet aan een heroverwe-ging onderwerpen.

Uitsluitend tegen een schriftelijke uitspraak van het gerechtshof staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden. Daarvoor is eveneens een griffie-recht verschuldigd. Het ter verkrijging van een schriftelijke uitspraak betaalde griffierecht wordt door de griffier van de Hoge Raad in mindering gebracht op het voor beroep in cassatie verschuldigde recht.