Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARN:1998:AA1216

Instantie
Gerechtshof Arnhem
Datum uitspraak
05-11-1998
Datum publicatie
04-07-2001
Zaaknummer
97/20295
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Gerechtshof Arnhem

zesde enkelvoudige belastingkamer

nummer 97/20295

U i t s p r a a k

op het beroep van *X te *Z, (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de inspecteur van de Belastingdienst/Particulieren *P op het bezwaarschrift van belanghebbende betreffende de hem voor het jaar 1995 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen, aanslagnummer *H56.

1. Aanslag, bezwaar en geding voor het hof

1.1. Aan belanghebbende is voor het jaar 1995 een aanslag in de inkomstenbelasting/premieheffing opgelegd naar een belastbaar inkomen van fl 84.114,–– welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd.

1.2. Belanghebbende is, vertegenwoordigd door zijn gemachtigde *, van deze uitspraak in beroep gekomen bij het Hof.

De Inspecteur heeft een vertoogschrift ingediend.

1.3. Beide partijen hebben schriftelijk toestemming gegeven om in deze zaak zonder mondelinge behandeling uitspraak te doen.

2. Feiten

Het Hof stelt op grond van de stukken als tussen partijen niet in geschil dan wel door één der partijen gesteld en door de wederpartij niet of onvoldoende weersproken, de volgende feiten vast.

2.1. Belanghebbendes echtgenote mevrouw *X-Y is in 1995 een opleiding gestart aan de Academie voor Chinese Geneeswijze QingBai te Nijmegen. Zij heeft daar de volgende cursussen gevolgd:

-eerste jaar basis Vakopleiding Chinese geneeskunde en

-Chinese Tui-na massage

2.2. De studiegids 95-96 van de Academie vermeldt onder meer over de Basis Vakopleiding dat “deze opleiding is bedoeld als vooropleiding voor één van de door de Academie georganiseerde beroepsopleidingen.”.

2.3. De studiegids vermeldt over de Tui-na massage-cursus dat het een “2-jarige beroepsopleiding” betreft en voorts:

“Naast het diagnostiseren door middel van pols en tong en het stellen van vragen, leer je in de opleiding 'waarnemen met je handen.'. Speciale technieken worden geleerd om deze vermogens te versterken. ( ... ) .

Geleidelijk wordt toegewerkt naar het stellen van een relevante diagnose en het logisch opzetten van een therapeutische behandeling.

( ... ) .

Bij goed resultaat wordt het diploma 'Tuina-therapeut' uitgereikt.”.

2.4. De Academie is aangesloten bij de Nederlandse Beroepsvereniging voor Traditioneel Chinese Geneeskunde “Zhong”-geneeskundige te Alphen aan den Rijn, die op haar beurt weer is aangesloten bij de Alliantie Nederlandse Natuurgeneeskundigen.

2.5. De echtgenote heeft in 1996 het diploma Tui-Na massage (niveau I) behaald.

2.6. De heer *C, lid van voornoemde beroepsvereniging “Zhong”, heeft bij brief van 11 november 1997 aan de gemachtigde in een fax het volgende bericht:

“Wat betreft de levensvatbaarheid van het beroep Tuina-therapeut kan ik u meedelen, dat ik zelf indertijd (1989) begonnen ben als Shiatsu-therapeut (de Japanse variant van Tuina-massage) en daar toen gewoon van kon bestaan. Tegenwoordig is onze praktijk uitgegroeid tot een bedrijfje waar wij trots op zijn en waar de belastingdienst waarschijnlijk blij mee is.”.

2.7. Belanghebbende heeft in 1995 het hoogste persoonlijk arbeidsinkomen genoten. De echtgenoten leven niet duurzaam gescheiden van elkaar. Belanghebbende heeft in zijn aangiftebiljet voor het jaar 1995 de door zijn echtgenote voor het volgen van deze cursussen gemaakte kosten ten bedrage fl 2.552,––, na aftrek van het drempelbedrag van fl 800,--, tot een bedrag van fl 1.752,-- als buitengewone lasten -en wel studiekosten- in mindering op het onzuivere inkomen gebracht.

3. Het geschil, de standpunten en conclusies van partijen

3.1. Tussen partijen is in geschil of de gemaakte kosten zijn te beschouwen als uitgaven ter zake van de opleiding of studie voor een beroep van de echtgenote.

3.2. Partijen doen hun standpunten steunen op de gronden welke door hen zijn aangevoerd in de van hen afkomstige stukken.

3.3. Belanghebbende concludeert tot vernietiging van de bestreden uitspraak en vermindering van de aanslag tot één naar een belastbaar inkomen van fl 82.362,––. De Inspecteur concludeert tot bevestiging van zijn uitspraak.

4. Beoordeling van het geschil

4.1. Aftrek van de in geschil zijnde studiekosten als buitengewone lasten is mogelijk indien sprake is van een opleiding of studie voor een beroep, de studie wordt gevolgd met het oog op verbetering van de maatschappelijke positie in financieel-economisch opzicht en belanghebbende in redelijkheid kan verwachten dat de verworven kennis in het economische verkeer produktief kan worden gemaakt.

4.2. De Inspecteur stelt -gelet hierop- voor de aftrek een te zware eis als hij die eerst wil toestaan wanneer achteraf is gebleken dat de kennis in het economische verkeer produktief is gemaakt. Voldoende is dat de betrokkene de studie voor een beroep is begonnen met de bedoeling haar financiële positie te verbeteren en dat redelijkerwijs te verwachten is dat dit met de voltooide studie of opleiding zal gelukken.

4.3. Belanghebbende heeft met haar verwijzing naar de studiegids -met name gelet op het hiervoor onder 2.2. tot en met 2.4. vermelde- voldoende aannemelijk gemaakt dat de door haar gevolgde cursussen opleiden voor het beroep van masseur/therapeut. Weliswaar vormt de vakopleiding Chinese geneeskunde een vooropleiding, doch deze -specifieke gerichte- vooropleiding vormt een geheel met de door de Academie georganiseerde beroepsopleidingen.

4.4. Belanghebbende heeft vervolgens door het behalen van het hiervoor in

2.5. genoemde diploma getoond dat het door haar gestelde voornemen om haar positie te verbeteren -voorzover de Inspecteur daaraan twijfelt- ook

wordt verwezenlijkt.

4.5. Het Hof heeft tenslotte geen reden eraan te twijfelen dat niet alleen de hiervoor in 2.6. geciteerde heer *C doch ook belanghebbende in deze -naar van algemene bekendheid is- groeiende markt van "alternatieve" geneeskunde een voldoende profijt opleverende plaats kan vinden.

4.6. De Inspecteur maakt tegenover de gemotiveerde stellingen van belanghebbende niet aannemelijk dat de cursussen uit liefhebberij zijn ondernomen of ter verbetering van de persoonlijke omstandigheden.

4.7. Het gelijk is derhalve aan belanghebbende. De overige klachten behoeven geen behandeling meer. Partijen zijn het erover eens dat het belastbare inkomen dan op fl 82.362,-- moet worden gesteld.

5. Proceskosten

Het Hof acht termen aanwezig de Inspecteur te veroordelen in de kosten die belanghebbende in verband met de behandeling van zijn beroep bij het Hof redelijkerwijs heeft moeten maken. Het Hof stelt deze kosten vast op 1 punt maal fl 710,-- maal wegingsfactor 0,25 ofwel fl 178,--.

6. Beslissing

Het Hof

–vernietigt de uitspraak van de Inspecteur,

–vermindert de aanslag tot één naar een belastbaar inkomen van fl 82.362,--, –gelast dat de Inspecteur aan belanghebbende vergoedt het door deze gestorte griffierecht ten bedrage van fl 80, --, en

–veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende tot een bedrag van fl 178,-- en wijst de Staat der Nederlanden aan als de rechtspersoon die de kosten moet vergoeden.

Aldus gedaan te Arnhem 5 november 1998 door mr Lamens, raadsheer, lid van de zesde enkelvoudige belastingkamer, in tegenwoordigheid van N.Th. Wagener als griffier.

(N. Th. Wagener) (J. Lamens)

De beslissing is in het openbaar uitgesproken en afschriften zijn aangetekend per post verzonden op 5 november 1998