Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2022:4327

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
30-05-2022
Datum publicatie
01-06-2022
Zaaknummer
21-005567-21
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Diefstal in vereniging van een motor en voorhanden hebben van een aanzienlijke hoeveelheid verboden wapens en munitie in de woning en een bijbehorend schuurtje.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-005567-21

Uitspraak d.d.: 30 mei 2022

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden,

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland van 9 december 2021 met parketnummer 18-194120-21 en de van dat vonnis deel uitmakende beslissingen op de vorderingen tot tenuitvoerlegging, parketnummers 10-287219-19, 18-002745-20, in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,

wonende te [woonplaats] ,

thans verblijvende in [PI] .

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 16 mei 2022 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot:

  • -

    bevestiging van het vonnis, behalve voor wat betreft de bewezenverklaring voor feit 1 en de strafoplegging;

  • -

    veroordeling ter zake van het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 jaren, met aftrek van voorarrest, teruggave van het beslag aan de verdachte en toewijzing van de vorderingen tot tenuitvoerlegging.

Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman,

mr. J.W. Dijke, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank heeft verdachte vrijgesproken van het hem onder 1 primair tenlastegelegde en verdachte ter zake van het onder 1 subsidiair en 2 tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden, met aftrek van voorarrest.

Daarnaast heeft de rechtbank de teruggave aan de verdachte gelast van de onder hem in beslag genomen iPhone X (omschrijving: 1404226).

Ook heeft de rechtbank de tenuitvoerlegging gelast van:

  • -

    een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken, verdachte voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 3 december 2019 (parketnummer 10-287219-19);

  • -

    een gevangenisstraf voor de duur van 72 dagen, verdachte voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 26 april 2021 (parketnummer 18-002745-20).

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere bewezenverklaring en kwalificatie komt en daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is -na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg- tenlastegelegd dat:

1.
hij op of omstreeks 19 juli 2021 te [plaats 1] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, uit een garagebox een motor ( [motor 1] , kenteken [kenteken 1] ), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf en/of die garagebox heeft/hebben verschaft en/of dat weg te nemen goed onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking;

1. subsidiair
hij op of omstreeks 19 juli 2021 te [plaats 1] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een motor ( [motor 1] , kenteken [kenteken 1] ), althans een goed heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en zijn mededader(s) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

1. meer subsidiair
hij op of omstreeks 19 juli 2021 te [plaats 1] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een voorwerp, te weten een motor ( [motor 1] , kenteken [kenteken 1] ), heeft/hebben verworven, voorhanden gehad, overgedragen en/of omgezet, en/of van een voorwerp, te weten een motor ( [motor 1] , kenteken [kenteken 1] ) gebruik heeft/hebben gemaakt, terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist/wisten, althans redelijkerwijs moest/moesten vermoeden dat dat voorwerp geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

2.
hij op of omstreeks 19 juli 2021 te [plaats 2] , gemeente [gemeente]

- een semi-automatisch centraalvuur pistool, merk Bruni, Mini Gap, kaliber 9 mm PAK/.380 auto met ingedrukt projectiel en/of

- een semi-automatisch centraalvuur pistool, merk Bruni, Mini Gap, kaliber 9 mm PAK en/of

- ( een) patroonmagazijn(en) voor een semi-automatisch (gas)pistool in het kaliber 9 mm PAK en/of

- een patroonmagazijn voor een semi-automatisch (gas) vuurwapen van het merk German Sport Guns (GSG) model MP40 in het kaliber 9 millimeter PAK en/of

- ( een) geluiddemper(s) en/of

- een (getransformeerde) centraalvuur (gas)revolver, kaliber 9 mm Knal en/of

- een chroomkleurige, verwijderde en bewerkte loop van een gaspistool van een onbekend gebleven merk en type en/of

- een leveraction geweer, merk Bruni, Mod. 1894, kaliber 8 mm knal en/of

- 3 centraalvuur knalpatronen, merk Pobjeda, kaliber 9 mm Pistol Automatik Knall (PAK) en/of

- 22 centraalvuur knalpatronen, merk Pobjeda, kaliber 9 mm PAK en/of

- 17 centraalvuur knalpatronen, merk Geco, kaliber 9 mm PAK en/of

- 1 centraalvuur knalpatroon, merk Fiocchi (GFL), kaliber 9 mm PAK en/of

- 14 centraalvuur knalpatronen, merk Ozkursan (OZK), kaliber 8 mm knal en/of

- 2 centraalvuur knalpatronen, merk Fiocchi (GFL), kaliber 8 mm knal en/of

- 13 centraalvuur kogelpatronen, merk Fiocchi (GFL), kaliber 7,65 mm, type volmantel en/of

- 9 randvuur kogelpatronen, merk Sellier & Bellot (SSB), kaliber 6 mm flobert, type rondkogel en/of

- 6 randvuur kogelpatronen, merk Sellier & bellot (SSB), kaliber 6 mm flobert, type spitskogel en/of

- 3 centraalvuur knalpatronen, merk Ozkursan, kaliber 8 mm knal en/of

- 1 kogelpatroon-huls, merk CBC, kaliber 9 mm Luger en/of

- 2 centraalvuur kogelpatronen, merk Geco, kaliber 9x19 mm, type volmantel en/of

- 1 centraalvuur kogelpatroon, merk Fiocchi (GFL), in het kaliber 6,35 mm, type volmantel en/of

- 1 knalpatroon, merk Ozkursan (OZK), kaliber 8 mm knal, getransformeerd en voorzien van een spitse kogelpunt in het kaliber 5,56 mm en/of

- 1 afgeschoten en herlaadbare centraalvuur kogelhuls van het merk Federal in het kaliber .38 Special. en/of

- 1 afgeschoten kogelhuls, merk Geco, kaliber 9 mm Luger, voorzien van een kogel (projectiel) van het kaliber 9 mm, type volmantel en/of

- 1 losse kogel (projectiel), kaliber 9 mm en/of

- 2 centraalvuur kogelpatronen, merk Fiocchi (GFL), kaliber .380 auto, type volmantel en/of - 1 afgeschoten randvuur kogelpatroon, merk Sellier & Bellot (SSB), kaliber 6 mm randvuur, welke voorzien is van een kogel (projectiel) van het kaliber .22 Long Rifle type lead round nose en/of

- 1 knalpatroon, merk Ozkursan (OZK), kaliber 8 mm en/of

- 1 afgeschoten centraalvuur kogelpatroon-huls, merk MES, kaliber 9x19 mm en/of

in elk geval (vuur)wapens en/of munitie in de zin van categorie II en/of III van de Wet Wapens en Munitie voorhanden heeft gehad.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsmiddelen

Het hof acht het onder 1 primair en onder 2 tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen en bezigt daartoe de navolgende bewijsmiddelen.

Wanneer hierna wordt verwezen naar met paginanummering aangeduide processen-verbaal en andere stukken betreft dit (voor kopie conform het origineel verklaarde) op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal dan wel andere bescheiden, als bijlagen opgenomen bij het proces-verbaal van het opsporingsonderzoek van de politie Noord-Nederland, District [plaats 1] / [plaats 3] , onder de dossiernaam KAWASAKI, proces-verbaal nummer 2021194405, gesloten op 21 oktober 2021.

Ten aanzien van feit 1:

1. De door verdachte ter zitting van het hof op 16 mei 2022 afgelegde verklaring, voor zover inhoudend:

Ik zat op 19 juli 2021 met [medeverdachte 1] in de [auto 1] . Ik had met hem afgesproken om te gaan chillen.

2. Een proces-verbaal aangifte van 19 juli 2021 met bijlage, opgenomen op pagina’s 54-55, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als verklaring van [slachtoffer] :

Ik doe aangifte van diefstal van mijn motor, een oranje [motor 1] voorzien van kenteken [kenteken 1] . Ik had mijn motor op 11 juli 2021 geparkeerd in mijn garagebox te [plaats 1] . Ik had mijn garagebox afgesloten en de motor middels een kettingslot. Op 19 juli 2021, omstreeks 13:16 uur, kreeg ik een melding op mijn telefoon van mijn GPS-systeem dat ik op mijn motor heb zitten. Het bleek dat mijn motor in beweging kwam. Ik ben naar mijn garagebox gereden. Daar zag ik dat de garagedeur verbroken was. Toen ik in mijn garage keek zag ik dat mijn kettingslot kapot geknipt was en dat eerdergenoemde motor weggenomen was. Ik heb omstreeks 17:00 uur de politie gebeld.

3. Een proces-verbaal van bevindingen van 20 juli 2021, opgenomen op pagina’s 62-63, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als relaas van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] :

Op 19 juli 2021, omstreeks 17:45 uur, ontvingen wij de melding om contact op te nemen met de heer [slachtoffer] omdat zijn [motor 1] in beweging was gekomen. Eerder deze dag waren wij bezig geweest met de opsporing van een gestolen motor, merk [motor 1] , oranje van kleur, toebehorende aan de heer [slachtoffer] . De heer [slachtoffer] vertelde dat zijn motorfiets uiteindelijk stil bleef staan aan de [straat 1] te [plaats 2] . Ik, verbalisant [verbalisant 1] , reed de [straat 1] in en zag daar een blauwe [auto 2] met daarachter een gele aanhangwagen met huif in de straat, midden op de weg staan. Ik zag dat het doek van de aanhangwagen aan de achterzijde omhoog gevouwen was. Ik zag dat de aanhangwagen van het verhuurbedrijf ‘Pak ’n Bak’ was. Ik zag dat de blauwe [auto 2] voorzien was van kenteken [kenteken 2] . Een voor mij bekende collega in vrije tijd sprak mij aan. Hij vertelde mij dat hij zag dat er meerdere mannen een minuut geleden een oranje crossmotor uit de gele aanhangwagen haalden en deze naar de achterzijde van de woning verplaatsten. Hij vertelde mij dat ze naar binnen waren gegaan aan de [straat 1] te [plaats 2] . Ik liep richting de achterzijde van de woning. Ter hoogte van huisnummer [nummer] zag ik vijf personen in de achtertuin staan. Ik zag dat de personen bezig waren een oranje crossmotor in een tuinhokje te plaatsen.

4. Een proces-verbaal van bevindingen van 20 juli 2021, opgenomen op pagina 64-65 van voornoemd dossier, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als relaas van verbalisant [verbalisant 3] :

Op 19 juli 2021, omstreeks 18.00 uur, reed een zwarte [auto 3] , naar later bleek voorzien van kenteken [kenteken 3] , gevolgd door een blauwe [auto 2] , naar later bleek voorzien van kenteken [kenteken 2] , uit de richting van [plaats 5] in de richting van [plaats 2] . De blauwe [auto 2] had een gele gesloten aanhangwagen achter het voertuig gekoppeld met daarop in rode letters de tekst "Pak 'n bak". Beide voertuigen reden in de richting van de [straat 1] . Ik reed de [straat 1] op en zag dat de zwarte [auto 3] op de oprit stond bij [straat 1] . Op dat moment stond de blauwe [auto 2] met aanhangwagen op de openbare weg voor huisnummer [nummer] . Voor mijn gevoel klopte er iets niet en ik bleef in mijn privéauto op de oprit voor onze woning wachten. Ik zag dat de bestuurder, NN1, uit de blauwe [auto 2] stapte en naar de achterzijde van de wagen liep. Ik zag dat uit de [auto 3] drie personen stapten: NN2, NN3 en iemand die ik herkende als de bewoner van huisnummer [nummer] . Ik zag dat NN1, NN2 en NN3 naar de achterzijde van de aanhangwagen liepen en deze opende. Ik zag dat NN2 een crossmotor, oranje met zwart van kleur, uit de aanhangwagen tilde en deze de brandgang rechts naast huisnummer 9 in duwde. Ik weet dat de brandgang toegang biedt aan de achterzijde van de woningen.

5. Een proces-verbaal van getuigenverhoor van 1 augustus 2021, pagina’s 189-190, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als verklaring van [verbalisant 3] :

U toont mij een aantal foto's van verdachten.

Foto 1: Ik herken deze man als zijnde de bewoner van het pand [straat 1] te [plaats 2] . Deze man stapte op 19 juli 2021 uit de zwarte [auto 1] voorzien van het kenteken [kenteken 3] .

Foto 2: Ik herken deze man ook. Hij was er ook bij op 19 juli 2021. Ik zag dat deze persoon de motorfiets uit de gesloten aanhangwagen Pak 'n Bak haalde en deze achter de woning bracht. Ik heb gezien dat hij de motorfiets via de brandgang naar achteren bracht.

Foto 3: Ik herken deze man ook. Ik heb niet gezien dat deze man op 19 juli 2021 in de zwarte [auto 3] zat. Ik heb wel gezien dat hij uitstapte en naar de gesloten aanhangwagen Pak 'n Bak liep. Dus feitelijk gezien moet hij wel uit deze auto zijn gestapt.

Foto 4: Ik herken deze man ook. Hij was op 19 juli 2021 de man die de personenauto van het merk [auto 2] , kleur blauw bestuurde. Achter deze personenauto zat dus de gesloten aanhangwagen Pak 'n Bak. Het kenteken betreft [kenteken 2] .

Foto 1 betreft verdachte [verdachte] .

Foto 2 betreft verdachte [medeverdachte 1] .

Foto 3 betreft verdachte [medeverdachte 3] .

Foto 4 betreft verdachte [medeverdachte 4] .

U vraagt mij of de persoon op foto 1 alleen woont aan de [straat 1] te [plaats 2] . Ja, klopt, hij woont daar alleen.

6. Een proces-verbaal van bevindingen van 11 augustus 2021, opgenomen op pagina’s 81-83, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als relaas van verbalisant:

Nadat uit de track & trace-gegevens van de gestolen motor was gebleken dat de motor op 19 juli 2021 was verplaatst naar [plaats 2] , en van 17:50 tot 17:53 uur had stilgestaan ter hoogte van [garage] / [tankstation] aan de [straat 2] te [plaats 4] , zijn de camerabeelden van dit bedrijf van deze tijdsperiode gevorderd. Op de beelden is het volgende te zien. Een donkergekleurde [auto 3] met kenteken [kenteken 3] komt aanrijden uit zuidelijke richting en rijdt het terrein van het pompstation op. Achter deze auto rijdt een blauwe [auto 2] met een gesloten gele Pak ’n bak aanhanger. Deze parkeert achter de [auto 1] . De bestuurder van de [auto 1] herken ik op grond van de foto die bij zijn aanhouding is gemaakt als [medeverdachte 1] . De bijzitter voorin de [auto 3] herken ik niet. De bijzitter achter in de [auto 3] herken ik op grond van de foto gemaakt bij zijn aanhouding en op grond van het feit dat ik hem heb gezien bij het opnemen van zijn verklaring als [verdachte] . De bestuurder van de [auto 2] herken ik op grond van een eerder gemaakte politiefoto en op grond van het feit dat ik na zijn aanhouding een verklaring van hem heb opgenomen als [medeverdachte 4] . De blank gekleurde bijzitter van de [auto 2] herken ik niet.

7. Pagina’s 4-16 van het relaasproces-verbaal, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als relaas van verbalisant:

Op 19 juli 2021 omstreeks 18:20 uur werden [medeverdachte 3] , verdachte en [medeverdachte 1] in de woning van verdachte aangehouden. [medeverdachte 4] is op 3 augustus 2021 aangehouden.

Ten aanzien van feit 2:

8. De verklaring van verdachte, afgelegd ter zitting van het hof op 16 mei 2022, zakelijk weergegeven inhoudende:

Ik woon sinds februari 2021 aan [straat 1] in [plaats 2] . Ik woon daar alleen.

9. Een proces-verbaal van bevindingen van 20 juli 2021, opgenomen op pagina’s 104-105, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als relaas van verbalisant:

Op 19 juli 2021 kreeg ik de opdracht om te gaan naar het adres [straat 1] te [plaats 2] in de gemeente [gemeente] . De aldaar aanwezige collega’s toonden mij een op een vuurwapen gelijkend voorwerp dat onder het bed in de slaapkamer lag. Bij nader onderzoek zag ik dat het een zogenaamd balletjespistool betrof.

De collega's toonden mij een zwart tasje. Hierin bevonden zich, onder andere, een geluidsdemper, een patroonmagazijn met patronen kaliber 7.65, een plastic gripzakje met diverse patronen en een enkel patroon, kaliber 380 auto.

Vervolgens toonden collega's mij in een kast in de bijkeuken een plastic doos met patroonachtige voorwerpen en een gripzakje met 10 6 mm. randvuurpatronen.

Hierna troffen de collega’s in de schuur achter het huis twee wapenkoffertjes aan. Ik zag dat in het ene koffertje een revolver en 4 patronen lagen. In het andere koffertje lagen twee afgezaagde lopen en diverse patronen.

Vervolgens trof ik in deze schuur een Albert Heijn-tas aan. In deze tas trof ik een zwart doosje met patronen van diverse kalibers aan. Tevens trof ik in deze tas een houder met opschrift PPK aan. In deze houder zaten vier onderdelen welke mogelijk van vuurwapens afkomstig waren. Voorts trof ik in deze tas twee patroonmagazijnen aan met aanbrengveren, bodemplaten en een aanbrenger.

Hierna trof ik in de schuur een papieren tas aan. Ik zag dat in deze tas twee wapenkoffertjes zaten. Ik zag dat in een doos een pistool, een patroonmagazijn, een demper en enkele andere voorwerpen lagen.

Ik zag dat in het andere koffertje uit die papieren zak eveneens een pistool lag. Ik zag dat er tevens twee patronen, een loopborstel en een patroonmagazijn in dat koffertje lagen.

Vervolgens trof ik in de schuur een zogenaamd leveraction geweer aan. Ik zag dat het wapen voorzien was van het opschrift: mod. 1994.

Ik trof vervolgens in de schuur een gele envelop aan. Ik zag dat in deze envelop 5 patronen van diverse kalibers lagen. Tevens zat in deze envelop een patroonmagazijn.

10. Een schriftelijk bescheid, te weten een kennisgeving van inbeslagneming, opgenomen op pagina’s 198-206, zakelijk weergegeven inhoudende:

Rapporteur: [naam]

Plaats inbeslagneming: [straat 1] , [plaats 2] , binnen de gemeente [gemeente] .

Datum: 19 juli 2021.

Omstandigheden: aangetroffen in woning/schuur verdachte.

Beslagene: [verdachte] .

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403974

Object: vuurwapen (patroonhouder)

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403975

Object: vuurwapen (geluiddemper)

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403977

Object: munitie: kogelpatroon

Bijzonderheden: meerdere patronen in gripzakje

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403980

Object: vuurwapen (revolver)

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403982

Object: koffer

Inhoud: 4 knalpatronen centraalvuur 9 mm

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403986

Object: koffer

Inhoud: 2 afgezaagde lopen / 1 doosje munitie / 2 zakken munitie / losse patronen

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403987

Object: doos

Inhoud: verschillende patronen en vuurwapenonderdelen

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403993

Object: vuurwapen (pistool)

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403996

Object: koffer

Inhoud: demper / patroonmagazijn / vuurwapenonderdelen

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403998

Object: vuurwapen (pistool)

° Goednummer: PL0100-2021194405-1403999

Object: doos

Inhoud: patroonmagazijn / losse munitie

° Goednummer: PL0100-2021194405-1404000

Object: vuurwapen (patroonhouder)

° Goednummer: PL0100-2021194405-1404003

Object: munitie (kogelpatroon)

° Goednummer : PL0100-2021194405-1404010

Object: vuurwapen (geweer)

° Goednummer : PL0100-2021194405-1404015

Object: vuurwapen (patroonhouder)

° Goednummer : PL0100-2021194405-1404016

Object: munitie (kogelpatroon)

Aantal: 6 stuks

° Goednummer : PL0100-2021194405-1404018

Object: vuurwapen (ond. Vuurwapen)

Inhoud: 2 patroonmagazijnen

° Goednummer : PL0100-2021194405-1404020

Object: munitie (kogelpatroon)

Aantal: 10 stuks

4. Een proces-verbaal onderzoek wapen van 26 augustus 2021, opgenomen op pagina’s 133-144, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als relaas van verbalisant [verbalisant 4] :

Op 19 juli 2021 zijn goederen inbeslaggenomen. Na onderzoek van deze goederen is het volgende naar voren gekomen:

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403974

Spoor identificatienr.: AAOF3233NL

Het inbeslaggenomen voorwerp is een patroonmagazijn voor een semiautomatisch (gas)pistool in het kaliber 9 millimeter PAK. Dit patroonmagazijn is een vuurwapen (onderdeel) in de zin van artikel 1 onder 3 gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403975

Bijzonderheden: Geluiddemper, lichtmetaal

Het inbeslaggenomen voorwerp is een geluiddemper zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 onder f van de Regeling wapens en munitie. Dit voorwerp is een wapen in de zin van artikel 2, lid 1 categorie I onder 3 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403980

Kaliber: 9mmR knal

Het inbeslaggenomen voorwerp is een centraalvuur revolver bestemd om projectielen door een loop af te schieten. Deze revolver is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403982

Het betreft:

- 3 centraalvuur knalpatronen van het merk Pobjeda in het kaliber 9 millimeter Pistol Automatik Knall (PAK),

- 2 centraalvuur knalpatronen van het merk Geco in het kaliber 9 millimeter PAK.

Al deze patronen zijn geschikt om een projectiel (pyrotechnische patroon) door een loop (schietbeker) af te schieten. Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403986

Het betreft:

- 22 centraalvuur knalpatronen van het merk Pobjeda in het kaliber 9 millimeter PAK,

- 14 centraalvuur knalpatronen van het merk Geco in het kaliber 9 millimeter PAK,

- 1 centraalvuur knalpatroon van het merk Fiocchi (GFL) in het kaliber 9 millimeter PAK,

- 14 centraalvuur knalpatronen van het merk Ozkursan (OZK) in het kaliber 8 millimeter knal,

- 2 centraalvuur knalpatronen van het merk Fiocchi (GFL) in het kaliber 8 millimeter knal.

Al deze patronen zijn geschikt om een projectiel (pyrotechnische patroon) door een loop (schietbeker) af te schieten.

- 7 centraalvuur kogelpatronen van het merk Fiocchi (GFL) in het kaliber 7,65 millimeter, type volmantel,

- 1 randvuur kogelpatroon van het merk Sellier & Bellot (S&B) in het kaliber 6 millimeter flobert, type rondkogel,

- 1 centraalvuur knalpatroon van het merk Geco in het kaliber 9 millimeter PAK.

Al deze patronen zijn geschikt om een projectiel met behulp van een vuurwapen af te schieten.

- 3 centraalvuur knalpatronen van het merk Ozkursan in het kaliber 8 millimeter knal,

- 1 kogelpatroon-huls van het merk CBC in het kaliber 9 millimeter Luger.

Alle bovengenoemde patronen en hulzen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de Wet wapens en munitie.

- 1 chroomkleurige, verwijderde en bewerkte loop van een gaspistool van een onbekend gebleven merk en type.

De loop is gekamerd in het kaliber 9 millimeter PAK. Deze loop is een vuurwapen (onderdeel) in de zin van artikel 1 onder 3 gelet op artikel 2 lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403987

Het betreft:

- 2 centraalvuur kogelpatronen van het merk Geco in het kaliber 9x19 millimeter, type volmantel,

- 1 centraalvuur kogelpatroon van het merk Fiocchi (GFL) in het kaliber 6,35 millimeter, type volmantel.

- 1 knalpatroon van het merk Ozkursan (OZK) in het kaliber 8 millimeter knal, getransformeerd en voorzien van een spitse kogelpunt in het kaliber 5,56 millimeter.

Deze patronen zijn geschikt om een projectiel met behulp van een vuurwapen af te schieten.

- 1 afgeschoten en herlaadbare centraalvuur kogelhuls van het merk Federal in het kaliber .38 Special.

- 1 afgeschoten kogelhuls van het merk Geco in het kaliber 9 millimeter Luger, voorzien van een kogel (projectiel) van het kaliber 9 millimeter type volmantel.

- 1 losse kogel (projectiel) van het kaliber 9 millimeter.

Al deze patronen en hulzen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403993

Merk/type: Bruni, Mini Gap

Kaliber: 9 mm PAK / .380 auto met ingedrukt projectiel

Het inbeslaggenomen voorwerp is een semiautomatisch centraalvuur pistool geschikt om projectielen door een loop af te schieten. Dit pistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403996 + 1404000

Aantal: 2 stuks

Merk/type: Bruni, Mini Gap

Bijzonderheden: patroonmagazijnen + geluiddemper met loopkoppeling

De inbeslaggenomen voorwerpen zijn patroonmagazijnen voor een semiautomatisch (gas)pistool in het kaliber 9 millimeter PAK. (1403996, 1404000). Deze patroonmagazijnen zijn vuurwapens (onderdelen) in de zin van artikel 1 onder 3 gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

Het inbeslaggenomen voorwerp is een geluiddemper als bedoeld in artikel 2 lid 1 onder f van de Regeling wapens en munitie. Dit voorwerp is een wapen in de zin van artikel 2 lid 1 categorie I onder 3 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403998

Merk/type: Bruni, Mini Gap

Spoor identificatienr.: AANW3156NL

Kaliber: 9mm PAK

Het inbeslaggenomen voorwerp is een semiautomatisch centraalvuur pistool bestemd om projectielen door een loop af te schieten. Dit pistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1403999

Het betreft:

- 3 centraalvuur kogelpatronen van het merk Fiocchi (GFL) in het kaliber 7,65 millimeter type volmantel,

- 1 centraalvuur kogelpatroon van het merk Fiocchi (GFL) in het kaliber .380 auto type volmantel.

Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1404000

Het inbeslaggenomen voorwerp is een patroonmagazijn voor een semiautomatisch (gas)pistool in het kaliber 9 millimeter PAK. Dit patroonmagazijn is een vuurwapen

(onderdeel) in de zin van artikel 1 onder 3 gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

Wapenomschrijving 14

° Goednummer: PL0100-2021194405-1404003

Het betreft:

- 3 centraalvuur kogelpatronen van het merk Fiocchi (GFL) in het kaliber 7,65 millimeter type volmantel (projectielen dieper in de huls gedrukt),

- 1 centraalvuur kogelpatroon van het merk Fiocchi (GFL) in het kaliber .380 auto type volmantel,

- 8 randvuur kogelpatronen van het merk Sellier & Bellot (S&B) in het kaliber 6 millimeter flobert type rondkogel,

- 6 randvuur kogelpatronen van het merk Sellier & Bellot (S&B) in het kaliber 6 millimeter flobert type spitskogel.

Al deze patronen zijn geschikt om een projectiel met behulp van een vuurwapen af te schieten. Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLOIOO-2021194405-1404010

Merk/type : Bruni, Mod. 1894

Kaliber: 8mm knal

Het inbeslaggenomen voorwerp is een lever-action geweer geschikt om weerloos makende of traan verwekkende stoffen door een loop af te schieten. Dit geweer is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3, gelet op artikel 2, lid 1, categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1404015

Het inbeslaggenomen voorwerp is een patroonmagazijn voor een semiautomatisch (gas)vuurwapen van het merk German Sport Guns (GSG) model MP40 in het kaliber 9 millimeter PAK. Dit patroonmagazijn is een vuurwapen (onderdeel) in de zin van artikel 1 onder 3 gelet op artikel 2, lid 1, categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1404016

Het betreft:

- 1 afgeschoten randvuur kogelpatroon van het merk Sellier & Bellot (S&B) in het kaliber 6 millimeter randvuur welke voorzien is van een kogel (projectiel) van het kaliber .22 Long Rifle type lead round nose,

- 1 knalpatroon van het merk Ozkursan (OZK) in het kaliber 8 millimeter,

- 1 afgeschoten centraalvuur kogelpatroon-huls van het merk MES in het kaliber 9x19 millimeter.

Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1404018

Aantal/eenheid: 2 stuks

De inbeslaggenomen voorwerpen zijn patroonmagazijnen bestemd voor semiautomatische gaspistolen in het kaliber 9 millimeter PAK. Beide patroonmagazijnen zijn in onderdelen aangetroffen. Deze patroonmagazijnen zijn vuurwapens (onderdelen) in de zin van artikel I onder 3 gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

° Goednummer: PLO 100-2021194405-1404020

Bijzonderheden: deze randvuur kogelpatronen zijn reeds beschreven onder wapenomschrijving 14.

11. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal n.a.v. vragen Rechtbank over de doorzoeking [straat 1] te [plaats 2] van 4 november 2021, los gevoegd bij voornoemd dossier, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als relaas van verbalisant [verbalisant 5] :

Bij de veiligheidsfouillering van [verdachte] werd een zakje aangetroffen met daarin 4 hulzen en 2 patronen. Verbalisant [verbalisant 6] is gevraagd om naar de woning te gaan om daar een aangetroffen vuurwapen veilig te stellen. Uit zijn proces-verbaal blijkt dat collega’s hem na zijn komst meerdere zaken voorlegden, waaronder een plastic gripzakje met diverse patronen. Op 3 november 2021 sprak ik telefonisch met [verbalisant 6] . Hij wist zich te herinneren dat in het heuptasje van één van de verdachten patronen in beslag waren genomen. Hij dacht dat ze in een gripzakje zaten. Op de tafel had een gripzakje gelegen met in ieder geval één patroon.

Op 4 november 2021 sprak ik telefonisch met collega [verbalisant 1] . Hij vertelde mij dat in het heuptasje van verdachte [verdachte] een gripzakje werd aangetroffen met minimaal één of twee patronen er in. Dit gripzakje is in beslag genomen en op de tafel in de woonkamer gelegd. Al deze goederen zij veilig gesteld en meegenomen door [verbalisant 6] , die van deze goederen kvi’s heeft gemaakt.

Inderdaad heeft [verbalisant 6] in één kvi een groot aantal wapens, wapenonderdelen en patronen beschreven, alle onder de noemer ‘aangetroffen in woning/schuur verdachte’. Bij al deze zaken wordt [verdachte] als beslagene genoemd. Daarbij wordt goednummer 1403977 omschreven als ‘meerdere patronen in gripzakje’. De nuance dat dit goed niet in de woning is gevonden, maar in het heuptasje van [verdachte] is in het kvi niet vermeld.

12. Een proces-verbaal onderzoek wapen van 29 juli 2021, opgenomen op pagina’s 133-144, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als relaas van verbalisant:

Ik, verbalisant, [verbalisant 7] , werkzaam als materiedeskundige bij het team Wapens Munitie en Explosieven (WME), verklaar het volgende:

Op maandag 19 juli 2021 te 19:45 uur zijn goederen inbeslaggenomen. Na onderzoek van deze goederen is het volgende naar voren gekomen:

Wapenomschrijving 1:

Goednummer: PL0100-2021194405-1403974

Categorie omschrijving: Wapens/munitie/springstof

(Object: Vuurwapen (Ond. Vuurwapen)

Aantal/eenheid: 1 stuks

Merk/type: Onbekend

Kleur: Zwart

Land: Onbekend

Spoor identificatienr.: AAOF3233NL

Kaliber: 9mm PAK

Bijzonderheden: Patroonmagazijn kort

Het inbeslaggenomen voorwerp is een patroonmagazijn voor een semiautomatisch

(gas)pistool in het kaliber 9 millimeter PAK.

Wapenomschrijving 11:

Goednummer: PL0100-2021194405-1403998

Categorie omschrijving: Wapens/munitie/springstof

Object: Vuurwapen (Pistool)

Aantal/eenheid: 1 stuks

Merk/type: Bruni, Mini Gap

Kleur: Zwart

Land: Italië

Spoor identificatienr.: AANW3156NL

Wapennummer: Verwijderd

Kaliber: 9mm PAK

Bijzonderheden: Deels getransformeerd gaspistool

Van het wapen ontbreken enkele onderdelen waardoor het niet mogelijk is om met het

wapen proefschoten te lossen.

Een bij dit pistool behorend patroonmagazijn is onder wapenomschrijving 10 vermeld.

Het inbeslaggenomen voorwerp is een semiautomatisch centraalvuur pistool bestemd om projectielen door een loop af te schieten.

13. Een schriftelijk stuk inhoudende een aanvraag extern forensisch onderzoek van 28 augustus 2021, opgenomen op pagina’s 160-166, zakelijk weergegeven inhoudende:

Stukken van overtuiging

Spoornummer: PL0100-2021194405-72386

SIN: AAOV734 5NL

Relatie met SIN: AAOF3233NL

Spoortype: Biologisch

Spooromschrijving: Epitheel

Wijze veiligstellen: Wattenstaafje

Datum/tijd veiligstellen: 29 juli 2021 om 10:53 uur

Plaats veiligstellen: Randen, vulopening en onderkant magazijn aaof3233nl

Spoornummer: PL0100-2021194405-72389

SIN: AAOV7347NL

Relatie met SIN: AANW3156NL

Spoortype: Biologisch

Spooromschrijving: Epitheel

Wijze veiligstellen: Wattenstaafje

Datum/tijd veiligstellen: 29 juli 2021 om 11:25 uur

Plaats veiligstellen: Ruwe delen pistool aanw3156nl

14. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal aanvulling dossier Kawasaki van 22 oktober 2021 met bijlagen, los gevoegd bij voornoemd dossier, zakelijk weergegeven inhoudende:

Als relaas van verbalisant [verbalisant 5] :

De in beslag genomen wapens en wapenonderdelen zijn bemonsterd. Op één monster (randen, vulopening en onderkant van een magazijn) werd een DNA-profiel verkregen dat matcht met het DNA-profiel van verdachte [verdachte] . Op één monster (ruwe delen pistool) werd een DNA-mengprofiel van minimaal drie donoren gevonden. Het DNA-hoofdprofiel matcht eveneens met het DNA-profiel van [verdachte] .

Bijlage: een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal identificatie n.a.v. DNA sporen van 28 september 2021, inhoudend als relaas van verbalisant:

Naar aanleiding van het door mij ontvangen rapport van The Maastricht Forensic Institute (hierna: TMFI), 21 september 2021, verklaar ik, als forensisch onderzoeker, dat van de hierna als betrokkene genoemde persoon door het Nederlands Forensisch Instituut een DNA profiel werd opgenomen in de landelijke DNA-databank. Het rapport is als bijlage bijgevoegd. Uit het door TMFI ingesteld vergelijkend onderzoek bleek dat de hieronder genoemde sporen zijn geïdentificeerd op het DNA profiel onder de volgende personalia:

Betrokkene: [verdachte] .

Sporen:

- Spoornummer: PLO 100-2021194405-72386

SIN: AAOV7345NL

Plaats veiligstellen: Randen, vulopening en onderkant magazijn aaof3233nl

- Spoornummer: PLO 100-2021194405-72389

SIN: AAOV7347NL

Plaats veiligstellen: Ruwe delen pistool aanw3156nl.

De hierboven weergegeven inhoud van de bewijsmiddelen, waarbij ieder bewijsmiddel, ook in onderdelen, slechts wordt gebezigd voor het bewijs voor het feit, waarop het blijkens de inhoud daarvan betrekking heeft, levert op de redengevende feiten en omstandigheden, op grond waarvan het hof bewezen acht en de overtuiging heeft verkregen, dat verdachte het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde heeft begaan. Het hof overweegt daarbij in het bijzonder nog het navolgende.

Overwegingen met betrekking tot het bewijs

Feit 1

Verdachte heeft betrokkenheid bij de tenlastegelegde feiten ontkend. Door de verdediging is vrijspraak van dit feit bepleit.

Het hof overweegt op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting als volgt.

Op 19 juli 2021, omstreeks 13:16 uur, ontving aangever een melding op zijn telefoon van het GPS-systeem dat op zijn motor bevestigd zat. Zijn motor bleek in beweging te zijn, terwijl aangever deze slotvast had gestald in een afgesloten garagebox. Aangever besloot de politie te bellen. Verbalisanten hebben de doorgegeven GPS-locatie bekeken, maar troffen de motor niet aan. Om 17:45 uur kregen verbalisanten het bericht dat de motor weer in beweging was. Verbalisanten besloten de door aangever doorgegeven locaties te volgen. Het GPS-systeem meldde uiteindelijk dat de motor stilstond aan de [straat 1] in [plaats 2] . Verbalisanten hebben ter plaatse een zwart gekleurde [auto 3] Golf en een blauwe [auto 2] , met daarachter een Pak ’n Bak aanhangwagen en vijf personen, waaronder verdachte, waargenomen bij de woning van verdachte.

Onderweg naar [plaats 2] is een tussenstop gemaakt bij een tankstation in [plaats 4] . Uit opgevraagd beeldmateriaal blijkt dat daar een donkergekleurde [auto 1] met kenteken [kenteken 3] aan kwam rijden, gevolgd door een blauwe [auto 2] met een gesloten Pak ’n Bak-aanhanger. De [auto 2] parkeerde achter de [auto 3] . In de auto’s zaten in totaal 5 personen. De bestuurder van de [auto 1] werd herkend als [medeverdachte 1] , de bijzitter voorin werd niet herkend. De bijzitter achterin de [auto 1] werd herkend als verdachte. De bestuurder van de [auto 2] werd herkend als [medeverdachte 4] en diens bijzitter werd niet herkend.

Een agent buiten dienst reed in [plaats 2] toevalligerwijze achter beide auto’s aan. Hij zag dat de auto’s uit de richting kwamen van [plaats 5] (het tussen [plaats 4] en [plaats 2] in gelegen dorp). De voertuigen kwamen tot stilstand voor de woning van verdachte, gelegen aan [straat 1] . De agent, die de situatie niet helemaal vertrouwde en enige tijd post heeft gevat in zijn auto op een oprit, heeft waargenomen dat [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] naar de Pak ’n Bak liepen, dat [medeverdachte 1] , met wie de verdachte die dag – naar eigen zeggen – zou gaan chillen, de motor naar het schuurtje heeft gebracht en dat [medeverdachte 4] de bestuurder was van de [auto 2] .

Op 19 juli 2021 omstreeks 18:20 uur zijn in de woning van verdachte [medeverdachte 3] , verdachte en [medeverdachte 1] aangehouden. [medeverdachte 4] is op 3 augustus 2021 aangehouden. Verdachten hebben allen geen verklaring willen afleggen over hun betrokkenheid bij het tenlastegelegde.

Uit het dossier is, afgezien van één niet-aangehouden en niet-herkende persoon, niet gebleken van aanwijzingen voor betrokkenheid bij het tenlastegelegde van andere personen dan de hiervoor genoemde personen.

Het hof stelt het volgende voorop. Aan het enkele voorhanden hebben van gestolen goederen kan niet zonder meer de conclusie worden verbonden dat verdachte die goederen ook heeft gestolen. Voor de beoordeling van de betekenis die aan dat voorhanden hebben moet worden gehecht, zijn de feiten en omstandigheden van het geval van belang (vgl. HR 19 januari 2010, ECLI:NL:HR:2010: BK2880, NJ 2010/475 en HR 11 april 2017, ECLI:NL:2017:644). Voor het medeplegen van diefstal geldt hetzelfde.

Bij die beoordeling kan een rol spelen of de verdachte een aannemelijke verklaring heeft gegeven voor dat voorhanden hebben. De omstandigheid dat de verdachte weigert een verklaring af te leggen of een bepaalde vraag te beantwoorden ter zake van het voorhanden hebben van de goederen kan op zichzelf, mede gelet op het bepaalde in art. 29, eerste lid, Sv, niet tot het bewijs bijdragen. Dat brengt echter niet mee dat de rechter, indien de verdachte voor zo'n omstandigheid die op zichzelf of in samenhang met de verdere inhoud van de bewijsmiddelen beschouwd redengevend kan worden geacht voor het bewijs van het aan hem tenlastegelegde feit, geen aannemelijke, die redengevendheid ontzenuwende, verklaring heeft gegeven, zulks niet in zijn overwegingen omtrent het gebezigde bewijsmateriaal zou mogen betrekken (vgl. HR 3 juni 1997, ECLI:NL:HR:1997: ZD0733, NJ 1997/584).

Soms kan met betrekking tot de toedracht van de diefstal wel worden vastgesteld dat deze door ‘verenigde personen’ is begaan, maar kan niet direct worden vastgesteld door wie precies. Indien in een dergelijk geval de verdachte zelf kort na de diefstal wordt aangetroffen in omstandigheden die op betrokkenheid bij het strafbare feit duiden, kan sprake zijn van een situatie waarin het uitblijven van een aannemelijke verklaring van de verdachte zoals hiervoor bedoeld, van belang is voor de beantwoording van de vraag of het tenlastegelegde medeplegen kan worden bewezen.

Het hof leidt uit het voorgaande af dat verdachte en zijn medeverdachten in [plaats 2] bij de woning van verdachte een motorfiets voorhanden hadden, die slechts enkele uren eerder uit een garagebox in [plaats 1] was ontvreemd. Bij aankomst bij de woning draaide alle activiteit direct om het wegzetten van de motorfiets vanuit de Pak ’n Bak in het schuurtje in de achtertuin van verdachte. Verdachte en zijn medeverdachten zijn allen in de tuin wanneer de motorfiets de schuur in wordt gerold. Verdachtes stelling ter zitting dat hij het allemaal niet in de gaten had en niet door had dat er een motor in de Pak ’n Bak zat, kan derhalve als onaannemelijk terzijde worden geschoven, temeer daar hij ter zitting ook heeft aangegeven dat hij niet kon weten dat het een gestolen motorfiets betrof omdat er geen losse draadjes aan zaten. Verder kan worden vastgesteld dat verdachte en – in elk geval meerdere van - zijn medeverdachten gezamenlijk met/in de betrokken voertuigen (waaronder de motorfiets) aanwezig waren bij het tankstation in [plaats 4] . Het hof overweegt voorts dat verdachte en/of de medeverdachten in de onderhavige zaak geen aannemelijke verklaring heeft/hebben gegeven met betrekking tot de aanwezigheid van de kort voordien gestolen motorfiets in de aanhangwagen van de [auto 2] . Het hof neemt tevens in aanmerking dat enig aanknopingspunt voor betrokkenheid van anderen dan de verdachte en zijn medeverdachten bij de diefstal van de motorfiets ontbreekt. Alles afwegend is het hof van oordeel dat wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder 1 primair tenlastegelegde diefstal in vereniging met braak en verbreking.

Feit 2

Verdachte heeft verklaard dat hij geen wetenschap had van de aanwezigheid van de wapens en munitie in zijn woning en schuurtje. Door de verdediging is vrijspraak van dit feit bepleit.

Het hof overweegt op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting als volgt.

Verdachte woont sinds februari 2021 in zijn woning aan [straat 1] in [plaats 2] . Hij heeft verklaard dat hij daar alleen woont.

Bij de veiligheidsfouillering bij de aanhouding van verdachte is munitie aangetroffen. In de woning van verdachte (een kast in de bijkeuken) en in het bijbehorende schuurtje zijn (onder meer in tassen en een envelop) de in de hierboven uitgewerkte bewijsmiddelen genoemde wapens en munitie aangetroffen.

Ook is DNA van verdachte aangetroffen op twee onderdelen van vuurwapens. Deze voorwerpen betreffen niet de bij de veiligheidsfouillering bij verdachte aangetroffen voorwerpen, maar voorwerpen die elders in de woning dan wel de schuur van verdachte zijn aangetroffen.

Verdachte heeft aangevoerd dat de wapens en munitie mogelijk zijn achtergelaten door niet nader door hem geduide bezoekers/logées en dat hij daarvan geen weet had.

Op grond van artikel 26, eerste lid, Wet wapens en munitie (hierna: WWM) is het verboden een wapen of munitie van de categorieën II en III voorhanden te hebben. Het handelen in strijd met dit verbod is als misdrijf strafbaar op grond van art. 55 en 56 WWM.

Het hof stelt voorop dat voor een veroordeling van het – als pleger – voorhanden hebben van een wapen of munitie vereist is dat de verdachte het wapen of de munitie bewust aanwezig had. De in de rechtspraak van de Hoge Raad in dit verband gebruikte aanduiding van ‘een meerdere of mindere mate’ van bewustheid geeft aan dat de verdachte zich bewust was van de (waarschijnlijke) aanwezigheid van het wapen of de munitie, zonder dat die bewustheid zich hoeft uit te strekken tot de specifieke eigenschappen en kenmerken van het wapen of de munitie of tot de exacte locatie van dat wapen of die munitie. Voor het bewijs van dergelijke bewustheid geldt dat daarvan ook sprake kan zijn in een geval dat het niet anders kan dan dat de verdachte zulke bewustheid heeft gehad (vgl. HR 20 september 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP5992).

Voorts vergt het aanwezig hebben van een wapen of munitie dat de verdachte feitelijke macht over het wapen of de munitie kan uitoefenen in de zin dat hij daarover kan beschikken. Daarvoor hoeft het wapen of de munitie zich niet noodzakelijkerwijs in de directe nabijheid van de verdachte te bevinden. In bijzondere gevallen volstaat de enkele mogelijkheid tot het uitoefenen van feitelijke macht over het wapen of de munitie niet voor het oordeel dat de verdachte dat wapen of die munitie voorhanden had in de zin van art. 26, eerste lid, WWM. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer iemand onverhoeds of ongewild kortstondig een wapen of munitie van een ander in handen krijgt of wanneer iemand onverwacht kennis krijgt van de aanwezigheid in zijn nabijheid van een wapen of munitie van een ander, terwijl hij redelijkerwijs daarvan niet direct afstand kan nemen.

Het hof heeft vastgesteld dat op verschillende plekken in de woning van verdachte en in het bij de woning horende schuurtje vuurwapens en/of munitie is aangetroffen. Hierbij neemt het hof ook het onder het bed van verdachte aangetroffen balletjespistool en bijvoorbeeld de aangetroffen geluidsdemper in aanmerking. Hoewel beide voorwerpen geen onderdeel uitmaken van het bewezenverklaarde strafbare feit, leidt het hof hier wel een fascinatie voor vuurwapens en daaraan gelieerde voorwerpen bij verdachte af. De omstandigheid dat niet exact is beschreven waar welke voorwerpen zijn aangetroffen, doet naar het oordeel van het hof niet af aan deze vaststelling. Verder heeft het hof vastgesteld dat op twee voorwerpen, onderdelen van een vuurwapen, DNA van verdachte is aangetroffen. Daarnaast is verdachte in zijn woning aangehouden en is bij zijn veiligheidsfouillering een gripzakje met daarin munitie aangetroffen. Tevens neemt het hof in aanmerking dat de verdachte de enige bewoner van de woning was.

De enkele stelling van verdachte dat er regelmatig niet nader genoemde personen bij hem verbleven en buiten zijn medeweten om spullen zouden hebben achtergelaten in zijn woning en schuurtje acht het hof onvoldoende om aan te merken als een scenario waarvan de weerlegging noodzakelijk is.

Het hof is hiermee van oordeel, dat het niet anders kan zijn dan dat de verdachte de wapens en munitie aanwezig heeft gehad en dat hij ook over die wapens en munitie heeft kunnen beschikken. Het hof komt derhalve tot bewezenverklaring van het onder 2 tenlastegelegde.

Bewezenverklaring

Door wettige bewijsmiddelen, waarbij de inhoud van elk bewijsmiddel -ook in onderdelen- slechts wordt gebezigd tot het bewijs van dat tenlastegelegde feit waarop het blijkens de inhoud kennelijk betrekking heeft, en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:

1.primair
hij op 19 juli 2021 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met anderen, uit een garagebox een motor ( [motor 1] , kenteken [kenteken 1] ), die geheel aan [slachtoffer] , toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot die garagebox hebben verschaft en dat weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak en verbreking;

2.
hij op 19 juli 2021 te [plaats 2] , gemeente [gemeente]

- een semi-automatisch centraalvuur pistool, merk Bruni, Mini Gap, kaliber 9 mm PAK/.380 auto met ingedrukt projectiel en

- een semi-automatisch centraalvuur pistool, merk Bruni, Mini Gap, kaliber 9 mm PAK en

- patroonmagazijnen voor een semi-automatisch (gas)pistool in het kaliber 9 mm PAK en

- een patroonmagazijn voor een semi-automatisch (gas) vuurwapen van het merk German Sport Guns (GSG) model MP40 in het kaliber 9 millimeter PAK en

- een (getransformeerde) centraalvuur revolver, kaliber 9 mm Knal en

- een chroomkleurige, verwijderde en bewerkte loop van een gaspistool van een onbekend gebleven merk en type en

- een leveraction geweer, merk Bruni, Mod. 1894, kaliber 8 mm knal en

- 3 centraalvuur knalpatronen, merk Pobjeda, kaliber 9 mm Pistol Automatik Knall (PAK) en

- 22 centraalvuur knalpatronen, merk Pobjeda, kaliber 9 mm PAK en

- 17 centraalvuur knalpatronen, merk Geco, kaliber 9 mm PAK en

- 1 centraalvuur knalpatroon, merk Fiocchi (GFL), kaliber 9 mm PAK en

- 14 centraalvuur knalpatronen, merk Ozkursan (OZK), kaliber 8 mm knal en

- 2 centraalvuur knalpatronen, merk Fiocchi (GFL), kaliber 8 mm knal en

- 13 centraalvuur kogelpatronen, merk Fiocchi (GFL), kaliber 7,65 mm, type volmantel en

- 9 randvuur kogelpatronen, merk Sellier & Bellot (SSB), kaliber 6 mm flobert, type rondkogel en

- 6 randvuur kogelpatronen, merk Sellier & bellot (SSB), kaliber 6 mm flobert, type spitskogel en

- 3 centraalvuur knalpatronen, merk Ozkursan, kaliber 8 mm knal en

- 1 kogelpatroon-huls, merk CBC, kaliber 9 mm Luger en

- 2 centraalvuur kogelpatronen, merk Geco, kaliber 9x19 mm, type volmantel en

- 1 centraalvuur kogelpatroon, merk Fiocchi (GFL), in het kaliber 6,35 mm, type volmantel en

- 1 knalpatroon, merk Ozkursan (OZK), kaliber 8 mm knal, getransformeerd en voorzien van een spitse kogelpunt in het kaliber 5,56 mm en

- 1 afgeschoten en herlaadbare centraalvuur kogelhuls van het merk Federal in het kaliber .38 Special. en

- 1 afgeschoten kogelhuls, merk Geco, kaliber 9 mm Luger, voorzien van een kogel (projectiel) van het kaliber 9 mm, type volmantel en

- 1 losse kogel (projectiel), kaliber 9 mm en

- 2 centraalvuur kogelpatronen, merk Fiocchi (GFL), kaliber .380 auto, type volmantel en

- 1 afgeschoten randvuur kogelpatroon, merk Sellier & Bellot (SSB), kaliber 6 mm randvuur, welke voorzien is van een kogel (projectiel) van het kaliber .22 Long Rifle type lead round nose en

- 1 knalpatroon, merk Ozkursan (OZK), kaliber 8 mm en

- 1 afgeschoten centraalvuur kogelpatroon-huls, merk MES, kaliber 9x19 mm,

zijnde (vuur)wapens en munitie in de zin van categorie II en/of III van de Wet Wapens en Munitie voorhanden heeft gehad.

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het onder 1 primair bewezenverklaarde levert op:

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en verbreking.

Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd, en

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.

Oplegging van straf en/of maatregel

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft zich op 19 juli 2021 met anderen schuldig gemaakt aan diefstal van een motor. Verdachte heeft daarmee inbreuk gemaakt op de eigendomsrechten van een ander en overlast en schade veroorzaakt.

Daarnaast heeft verdachte een aanzienlijke hoeveelheid verboden wapens en munitie voorhanden gehad in zijn woning en het bijbehorende schuurtje. Het ongecontroleerde bezit van (onderdelen van) vuurwapens en munitie brengt grote risico’s met zich voor de veiligheid van personen. Het bezit daarvan leidt maar al te vaak tot het gebruik daarvan, met alle mogelijke gevolgen van dien.

Naar het oordeel van het hof kan gelet op de aard en ernst van het bewezenverklaarde niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die een onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt.

Het hof heeft acht geslagen op een verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie van 12 april 2022 is gebleken dat verdachte eerder ter zake van (soortgelijke) strafbare feiten onherroepelijk tot een straf of maatregel is veroordeeld. Bovendien liep verdachte ten tijde van het plegen van het bewezen verklaarde in twee proeftijden. Kennelijk hebben deze eerdere veroordelingen en voorwaardelijk opgelegde straffen verdachte er niet van weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen.

In hetgeen namens verdachte naar voren is gebracht en uit de over verdachte uitgebrachte reclasseringsrapportages over zijn persoonlijke omstandigheden is gebleken ziet het hof geen aanleiding tot strafmatiging.

Het hof komt ten aanzien van feit 1 tot een andere, zwaardere, bewezenverklaring dan de rechtbank. Niettemin acht het hof de door de rechtbank opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden, met aftrek van voorarrest, een passende en geboden straf. Deze straf zal ook in hoger beroep aan verdachte worden opgelegd.

Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is.

Beslag

Nu het belang van strafvordering zich daartegen niet verzet, zal het hof de teruggave aan de verdachte van de onder hem inbeslaggenomen iPhone X gelasten.

Vordering tenuitvoerlegging

Het openbaar ministerie heeft gevorderd de tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 3 december 2019 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 weken, parketnummer 10-287219-19. Deze vordering is in hoger beroep opnieuw aan de orde.

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Daarom zal de tenuitvoerlegging van die voorwaardelijk opgelegde straf worden gelast. Het hof ziet geen aanleiding om deze straf, zoals bepleit door de raadsman, om te zetten in een taakstraf.

Vordering tenuitvoerlegging

Het openbaar ministerie heeft gevorderd de tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 26 april 2021 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 72 dagen, parketnummer 18-002745-20. Deze vordering is in hoger beroep opnieuw aan de orde.

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Daarom zal de tenuitvoerlegging van die voorwaardelijk opgelegde straf worden gelast. Het hof ziet geen aanleiding om deze straf, zoals bepleit door de raadsman, om te zetten in een taakstraf.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 57 en 311 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1 primair en 2 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 (achttien) maanden.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Gelast de teruggave aan de verdachte van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:

- iPhone X (omschrijving: 1404226).

Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 3 december 2019, parketnummer 10-287219-19, te weten van:

gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) weken.

Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 26 april 2021, parketnummer 18-002745-20, te weten van:

gevangenisstraf voor de duur van 72 (tweeënzeventig) dagen.

Aldus gewezen door

mr. T.H. Bosma, voorzitter,

mr. W. Foppen en mr. A. Meester, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. I.N. Koers, griffier,

en op 30 mei 2022 ter openbare terechtzitting uitgesproken.