Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2020:6366

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
07-08-2020
Datum publicatie
13-08-2020
Zaaknummer
21-005714-18
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Terugwijzing HR wegens ontbreken pleitnota proces-verbaal hoger beroep. Ontvankelijkheid hoger beroep na terugwijzing en eerdere intrekking door verdachte aan de orde. Veroordeling wegens medeplegen van seksueel misbruik van een tienjarig meisje, terwijl daarvan beelden worden opgenomen en verspreid. Bezit van kinderporno. Vijf jaar gevangenisstraf met TBS met bevel tot verpleging van overheidswege.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-005714-18

Uitspraak d.d.: 7 augustus 2020

TEGENSPRAAK

Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden,

gewezen -na terugwijzing door de Hoge Raad der Nederlanden bij arrest van 16 oktober 2018 - op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Overijssel van 30 juni 2015 met parketnummer 08-960025-14 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1954,

ingeschreven te [woonplaats] , [woonadres] ,

thans verblijvende in P.I. Veenhuizen, gevangenis Norgerhaven te Veenhuizen.

Het hoger beroep

De verdachte en de officier van justitie hebben tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Ter terechtzitting van het hof d.d. 24 juli 2020 heeft de raadsman bepleit dat het hoger beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard omdat verdachte bij akte d.d. 9 januari 2017 zijn hoger beroep reeds heeft ingetrokken. Nu de Hoge Raad de zaak op 16 oktober 2018 heeft teruggewezen opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw zal worden berecht en afgedaan, is de behandeling van het hoger beroep nadien opnieuw aangevangen.

De akte intrekking rechtsmiddel dateert van ruim voor de ‘nieuwe’ aanvangsdatum, zodat het hof verdachte alsnog niet-ontvankelijk dient te verklaren in zijn hoger beroep, aldus de raadsman.

Verder heeft de raadsman aangevoerd dat het appel van het openbaar ministerie eveneens niet-ontvankelijk moet worden verklaard, omdat er geen appelschriftuur door het openbaar ministerie is ingediend. Er is volgens de raadsman daarom niet voldaan aan de wettelijke verplichting zoals neergelegd in artikel 410, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering.

Anders dan de raadsman is het hof van oordeel dat het onderzoek in hoger beroep formeel is aangevangen met de uitroeping van de zaak als bedoeld in artikel 415 juncto 270 van het Wetboek van Strafvordering, derhalve op de pro forma zitting van het hof van 19 augustus 2015. Terugwijzing door de Hoge Raad, of het opnieuw aanvangen van de behandeling ter terechtzitting wegens een gewijzigde samenstelling van het hof, brengt geen wijziging in de datum waarop het onderzoek feitelijk - met het uitroepen van de zaak - is aangevangen.

Het hof verwerpt daarom het verweer dat verdachte niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in zijn hoger beroep.

Op grond van artikel 453 van het Wetboek van Strafvordering kan het hoger beroep na de aanvang van de behandeling van het beroep niet meer worden ingetrokken, zodat het hof tot verdere behandeling van het hoger beroep zal overgaan.

Voorts merkt het hof op dat zich in het dossier een appelschriftuur van het openbaar ministerie bevindt, gedateerd op 10 juli 2015. Hetgeen de raadsman in dit verband heeft aangevoerd mist derhalve feitelijke grondslag.

Het openbaar ministerie is derhalve ontvankelijk in het hoger beroep en het hof verwerpt het verweer.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is -na terugwijzing van de zaak door de Hoge Raad- gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 24 juli 2020 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaten-generaal, strekkende tot vrijspraak ter zake van de feiten 4, 5 en 6 en veroordeling ter zake van de feiten 1 primair, 2, 3 en 7 tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren, met aftrek van de tijd die verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht. Voorts heeft het openbaar ministerie gevorderd dat aan verdachte de maatregel van TBS met dwangverpleging wordt opgelegd. Daarnaast is gevorderd dat de beslissing ten aanzien van het beslag conform de beslissing van de rechtbank zal worden genomen, met uitzondering van de voorwerpen 12, 15 en 18. Deze dienen te worden onttrokken aan het verkeer.

De vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.

Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman,

mr. J. Boksem, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank heeft verdachte ter zake van het onder 1 primair, 2, 3 en 7 tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren, met aftrek van de tijd die verdachte in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Tevens heeft de rechtbank beslist op de vordering van de benadeelde partij en heeft de rechtbank een beslissing genomen ten aanzien van het beslag.

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het hof op onderdelen tot een andere bewezenverklaring komt en aan verdachte deels andere sancties oplegt dan de rechtbank. Het hof zal daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg - tenlastegelegd dat:

1 primair:
hij op of omstreeks 29 september 2012, althans in of omstreeks de periode van 28 september 2012 tot en met 1 oktober 2012, te [plaats] , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met Slachtoffer 1 (geboren op [geboortedatum slachtoffer] 2002), die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, een of meer handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van Slachtoffer 1,

immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) toen en daar (telkens)

- Slachtoffer 1 (gedeeltelijk) uitgekleed en/of

- een tong in de mond van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) (met) Slachtoffer 1 getongzoend en/of

- de borst(en) en/of bil(len) en/of een of meer (ander(e)) deel/delen van het lichaam van Slachtoffer 1 aangeraakt en/of gestreeld en/of gelikt en/of gezoend en/of

- de benen van Slachtoffer 1 uit elkaar getrokken en/of (vervolgens) de schaamlippen van Slachtoffer 1 uit elkaar gehouden en/of

- Slachtoffer 1 tussen de schaamlippen gelikt en/of

- de anus van Slachtoffer 1 gelikt en/of

- een of meer vinger(s) en/of een duim tussen de schaamlippen van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) gehouden en/of (vervolgens) heen en weer bewogen en/of

- een penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) gehouden en/of vervolgens met een/die penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gewreven en/of

- een penis tegen de vagina van Slachtoffer 1 gehouden en/of (vervolgens) met een/die penis over/tegen de vagina van Slachtoffer 1 gewreven en/of

- een vinger tegen en/of in de anus van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) gehouden en/of (vervolgens) heen en weer bewogen en/of

- een hand van Slachtoffer 1 om een penis gebracht en/of

- met een penis een borst en/of een schouder en/of een tepel en/of de mond van Slachtoffer 1 aangeraakt en/of

is/zijn verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens) op het lichaam van Slachtoffer 1 klaargekomen;

1 subsidiair:
hij op of omstreeks 29 september 2012, althans in of omstreeks de periode van 28 september 2012 tot en met 1 oktober 2012, te [plaats] , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met Slachtoffer 1 (geboren op [geboortedatum slachtoffer] 2002), die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd,

immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) toen en daar (telkens)

- Slachtoffer 1 (gedeeltelijk) uitgekleed en/of

- een tong in de mond van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) (met) Slachtoffer 1 getongzoend en/of

- de borst(en) en/of bil(len) en/of een of meer (ander(e)) deel/delen van het lichaam van Slachtoffer 1 aangeraakt en/of gestreeld en/of gelikt en/of gezoend en/of

- de benen van Slachtoffer 1 uit elkaar getrokken en/of (vervolgens) de schaamlippen van Slachtoffer 1 uit elkaar gehouden en/of

- Slachtoffer 1 tussen de schaamlippen gelikt en/of

- de anus van Slachtoffer 1 gelikt en/of

- een of meer vinger(s) en/of een duim tussen de schaamlippen van Slachtoffer 1 gebracht en/of gehouden en/of heen en weer bewogen en/of

- een penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) gehouden en/of vervolgens met een/die penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gewreven en/of

- een penis tegen de vagina van Slachtoffer 1 gehouden en/of (vervolgens) met een/die penis over/tegen de vagina van Slachtoffer 1 gewreven en/of

- een vinger tegen en/of in de anus van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) gehouden en/of (vervolgens) heen en weer bewogen en/of

- een hand van Slachtoffer 1 om een penis gebracht en/of

- met een penis een borst en/of een schouder en/of een tepel en/of de mond van Slachtoffer 1 aangeraakt

en/of is/zijn verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens) op het lichaam van Slachtoffer 1 klaargekomen;

2:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 1 oktober 2012 te [plaats] (gemeente [gemeente] ) en/of [plaats] en/of [plaats] (gemeente [gemeente] ) en/of [plaats] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) een persoon, te weten Slachtoffer 1 (geboren op [geboortedatum slachtoffer] 2002), waarvan verdachte en/of zijn mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt,

(telkens) door giften of beloften van geld of goed en/of misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht, te weten door toen en daar

- met Slachtoffer 1 naar een vakantiehuisje te gaan en/of (vervolgens) (aldaar) naar een slaapkamer te gaan en/of

- gezamenlijk (aldaar) (geruime/enige tijd) in die slaapkamer te verblijven, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) (steeds) fysiek groter en/of sterker was/waren dan Slachtoffer 1 en/of

- aan Slachtoffer 1 geld en/of een cadeau en/of taart te beloven en/of toe te zeggen en/of te geven,

(telkens) opzettelijk heeft bewogen ontuchtige handelingen te plegen en/of zodanige handelingen van verdachte en/of zijn mededader(s) te dulden,

immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) toen en daar (telkens)

- Slachtoffer 1 (gedeeltelijk) uitgekleed en/of

- een tong in de mond van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) (met) Slachtoffer 1 getongzoend en/of

- de borst(en) en/of billen) en/of een of meer (ander(e)) deel/delen van het lichaam van Slachtoffer 1 aangeraakt en/of gestreeld en/of gelikt en/of gezoend en/of

- de benen van Slachtoffer 1 uit elkaar getrokken en/of (vervolgens) de schaamlippen van Slachtoffer 1 uit elkaar gehouden en/of

- Slachtoffer 1 tussen de schaamlippen gelikt en/of

- de anus van Slachtoffer 1 gelikt en/of

- een of meer vinger(s) en/of een duim tussen de schaamlippen van Slachtoffer 1 gebracht en/of gehouden en/of heen en weer bewogen en/of

- een penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) gehouden en/of vervolgens met een/die penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gewreven en/of

- een penis tegen de vagina van Slachtoffer 1 gehouden en/of (vervolgens) met een/die penis over/tegen de vagina van Slachtoffer 1 gewreven en/of

- een vinger tegen en/of in de anus van Slachtoffer 1 gebracht en/of (vervolgens) gehouden en/of (vervolgens) heen en weer bewogen en/of

- een hand van Slachtoffer 1 om een penis gebracht en/of

- met een penis een borst en/of een schouder en/of een tepel en/of de mond van Slachtoffer 1 aangeraakt

en/of is/zijn verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens) op het lichaam van Slachtoffer 1 klaargekomen;

3:

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 3 april 2014 te [plaats] (gemeente [gemeente] ) en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] en/of [plaats] (gemeente [gemeente] ) en/of [plaats] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) een of meer afbeelding(en)

te weten (een of meer) foto('s) en/of film(s), heeft vervaardigd en/of verworven en/of verspreid en/of in bezit heeft gehad,

en/of

een gegevensdrager bevattende die afbeeldingen, te weten een harde schijf van een PC (beslagcode A.01.01.01), in bezit heeft gehad

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten Slachtoffer 1 (geboren op [geboortedatum slachtoffer] 2002), was betrokken of schijnbaar was betrokken, welke voornoemde seksuele gedraging(en) - zakelijk weergegeven - bestond(en) uit:

het oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of de mond/tong) van het lichaam van Slachtoffer 1, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en/of

het oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door Slachtoffer 1, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of de mond/tong)

[bestandnaam]

en/of

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of de borsten van Slachtoffer 1, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of de mond/tong)

en/of

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of de borsten van een (ander) persoon door Slachtoffer 1, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of de mond/tong)

[bestandnaam]

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van Slachtoffer 1, althans (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij Slachtoffer 1, althans deze perso(o)n(en) gekleed is/zijn en/of opgemaakt is/zijn en/of poseert/poseren in een omgeving en/of met (een) voorwerp(en) en/of in (een) (erotisch getinte) houding(en) (op een wijze) die niet bij haar/hun leeftijd past/passen

en/of waarbij Slachtoffer 1, althans deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen

en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en/of de uitsnede van de afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en/of borsten en/of billen in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

[bestandnaam]

en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het lichaam van Slachtoffer 1, althans een perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt

en/of

het houden van een (stijve) penis bij/naast/tegen het gezicht/lichaam van Slachtoffer 1, althans een perso(o)n(en.) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt (waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

[bestandnaam]

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt;


4:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2011 tot en met 3 april 2014 te [plaats] (gemeente [gemeente] ) en/of [plaats] (gemeente [gemeente] ) en/of [plaats] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens)

twee, althans een, afbeelding(en), te weten twee, althans een, foto('s), heeft vervaardigd en/of verspreid en/of aangeboden en/of verworven en/of in bezit heeft gehad

en/of

een gegevensdrager bevattende die afbeeldingen, te weten een harde schijf van een PC (beslagcode A.01.01.01), in bezit heeft gehad,

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten Slachtoffer 2 (geboren op [geboortedatum slachtoffer] 2004), was betrokken of schijnbaar was betrokken, welke voornoemde seksuele gedraging(en) - zakelijk weergegeven - bestond(en) uit:

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van Slachtoffer 2, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt, waarbij Slachtoffer 2, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt, poseert in (een)(erotisch getinte) houding(en) (op een wijze) die niet bij zijn leeftijd past

en/of

(waarbij) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

(DSC00027)

(DSC00028)

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt;


5:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 3 april 2014, althans in of omstreeks de periode van 1 juli 2012 tot en met 3 april 2014, te [plaats] (gemeente [gemeente] en/of [plaats] (gemeente [gemeente] ) en/of [plaats] , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens)

een afbeelding, te weten een film, heeft vervaardigd en/of verspreid en/of in bezit heeft gehad

en/of

een gegevensdrager bevattende die afbeelding, te weten een harde schijf van een PC (beslagcode A.01.01.01), in bezit heeft gehad

terwijl op die afbeelding (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten slachtoffer 3 (geboren op [geboortedatum slachtoffer] 1995), was betrokken of schijnbaar was betrokken, welke voornoemde seksuele gedraging(en) - zakelijk weergegeven - bestond(en) uit:

het zich met de penis oraal laten penetreren door Slachtoffer 3, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, en/of

het met een hand en/of de mond betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen van Slachtoffer 3, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt,

(000. mts)

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt;

6:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2010 tot en met 3 april 2014 te [plaats] en/of [plaats] (gemeente [gemeente] ) en/of [plaats] , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) een of meer afbeelding(en), te weten twee, althans een, video's/film(s), heeft vervaardigd en/of verworven en/of aangeboden en/of verspreid en/of in bezit heeft gehad

en/of

een gegevensdrager bevattende die afbeeldingen, te weten een harde schijf van een PC (beslagcode A.01.01.01), in bezit heeft gehad

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten Slachtoffer 4 (geboren op 7 juli 1995), was betrokken of schijnbaar was betrokken, welke voornoemde seksuele gedraging(en) - zakelijk weergegeven - bestond(en) uit:

het met de penis oraal penetreren van het lichaam van Slachtoffer 4, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt,

en/of

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen van een (ander) persoon door Slachtoffer 4, althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt, (FILE0001.MOV)

(FILE0002.MOV)

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt;

7:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2010 tot en met 3 april 2014 te [plaats] (gemeente [gemeente] ) en/of [plaats] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal (telkens) afbeeldingen, te weten foto's en/of video's/films heeft verspreid en/of aangeboden en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of doorgevoerd en/of uitgevoerd en/of verworven en/of openlijk heeft tentoongesteld en/of in bezit heeft gehad en/of

zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft

en/of

een gegevensdrager bevattende die afbeeldingen, te weten een harde schijf van een PC (beslagcode A.01.01.01) en/of een USB-stick (beslagcode B.01.01.01.001), in bezit heeft gehad,

terwijl op die afbeeldingen (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of de mond/tong) van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en/of

het oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of de mond/tong)

[bestandnaam]

en/of

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of de borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of de mond/tong)

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of de borsten van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of de mond/tong)

[bestandnaam]

en/of

het door een dier oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en/of

het door een dier likken en/of betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of de borsten van een persoon die de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt

[bestandnaam]

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze perso(o)n(en) gekleed is/zijn en/of opgemaakt is/zijn en/of poseert/poseren in een omgeving en/of met (een) voorwerp(en) en/of in (een)(erotisch getinte) houding(en) (op een wijze) die niet bij haar/hun leeftijd past/passen en/of waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en/of de uitsnede van de afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en/of borsten en/of billen in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

[bestandnaam]

en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het lichaam van een perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt

en/of

het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht/lichaam van een perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt (waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling [bestandnaam]

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak

Het hof heeft – overeenkomstig het standpunt van de advocaten-generaal en de verdediging – uit het onderzoek ter terechtzitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat verdachte het onder 4, 5 en 6 tenlastegelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Bewijs

Standpunt van de verdediging

Door en namens verdachte is geen verweer gevoerd tegen de bewezenverklaring van de onder 1 primair, 3 en 7 tenlastegelegde feiten. Deze feiten worden door de verdediging niet betwist.

Met betrekking tot feit 2 is aangevoerd dat voor een bewezenverklaring van "medeplegen van verleiding" onvoldoende aanknopingspunten in het dossier te vinden zijn. De seksuele of ontuchtige handelingen die verdachte met Slachtoffer 1 heeft verricht zijn reeds onder feit 1 bewezenverklaard. Er is echter geen bewijs voor gedragingen van verdachte - al dan niet in samenwerking met de medeverdachten- verricht met het doel om Slachtoffer 1 zover te kunnen krijgen dat zij seksuele handelingen zou plegen of dulden. Uit het dossier blijkt immers vooral dat Slachtoffer 1 door haar broer is voorbereid en overgehaald. Van enige rechtens relevante bemoeienis, laat staan een wezenlijke bijdrage van verdachte daaraan, is onvoldoende gebleken, aldus de raadsman.

Oordeel van het hof

Het hof is van oordeel dat het door verdachte gevoerde verweer strekkende tot vrijspraak van het tenlastegelegde onder 2 wordt weersproken door de gebezigde bewijsmiddelen, zoals deze later in de eventueel op te maken aanvulling op dit arrest zullen worden opgenomen. Het hof heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van de inhoud van die bewijsmiddelen te twijfelen.

Het hof overweegt hiertoe in het bijzonder dat voor de beoordeling van de rol die verdachte bij het tenlastegelegde onder feit 2 (de "verleiding" van Slachtoffer 1) heeft gehad van belang is het antwoord op de vraag of verdachte aan de nickname " [naam] " kan worden gekoppeld. Deze nickname komt in meerdere chatgesprekken naar voren. Verdachte heeft steeds ontkend dat hij achter de naam " [naam] " schuilgaat.

In dit verband heeft de rechtbank het navolgende overwogen:

'Het dossier bevat weergaven van verscheidende chatgesprekken, waaraan onder andere een persoon deelneemt onder de nickname ' [naam] '. De rechtbank constateert op basis van deze chatgesprekken het navolgende omtrent de identiteit van deze ' [naam] ':

  • -

    één van de medeverdachten heeft verklaard dat ' [naam] ' de nickname van verdachte is;

  • -

    ' [naam] ' kan via een LOG bestand worden gelinkt aan een 'Torchat ID', waaraan eveneens een persoon genaamd ' [roepnaam] ' kan worden gelinkt. De roepnaam van verdachte is [roepnaam] en hij heeft verklaard onder die naam gebruik te maken van Torchat. Bovendien wordt deze 'Torchat ID' gekoppeld in de zogenoemde buddylijst aan ‘myself’ op de USB-stick van verdachte;

  • -

    ' [naam] ' benoemt in de weergegeven chatgesprekken zaken uit zijn privéleven die exact overeenkomen met die van verdachte, te weten het gegeven dat hij shag rookt, de datum van zijn eigen verjaardag en de verjaardag van zijn zoon en de school waar hij werkzaam is;

  • -

    ' [naam] ' kent blijkens de chatgesprekken beide medeverdachten en beschikt over informatie met betrekking tot Slachtoffer 1 en de planning van het onder 1 tenlastegelegde in vakantiehuisje Roompot, waarbij uitsluitend verdachte, beide medeverdachten en Slachtoffer 1 betrokken zijn geweest.

Uit voornoemde feiten en omstandigheden concludeert de rechtbank dat de nickname ' [naam] ' werd gebruikt door verdachte en dat de zich in het dossier bevindende chatgesprekken onder de naam ' [naam] ' door verdachte zijn gevoerd.

De rechtbank overweegt met betrekking tot de vraag of sprake is geweest van verleiding als volgt. Uit het hiervoor reeds aangehaalde chatgesprek dat is gevoerd tussen verdachte (als ‘ [naam] ’) en een van de medeverdachten leidt de rechtbank af dat verdachte actief participeerde in het voornemen om Slachtoffer 1 naar een huisje te brengen om daar seks met haar te hebben. Verdachte schrijft, in de context van een gesprek over seksuele handelingen die met Slachtoffer 1 zouden kunnen worden uitgevoerd, onder meer: "We geven haar een speelgoedolifant en ze is klaargestoomd voor meer" en "Voor cadeautjes doen kinderen veel hoor." De rechtbank stelt op basis van deze uitingen vast dat verdachte reeds voorafgaand aan de gebeurtenissen in vakantiehuisje Roompot aan een medeverdachte heeft geschreven dat Slachtoffer 1 middels beloningen kon worden bewogen tot het verrichten, dan wel ondergaan van seksuele handelingen. Uit de bewijsmiddelen blijkt voorts dat er kort voorafgaand aan het seksueel misbruik gezamenlijk taart is gegeten om Slachtoffer 1 op haar gemak te stellen, waarbij ook verdachte aanwezig is geweest. Voorts is Slachtoffer 1 vooraf door een medeverdachte verteld dat zij er geld voor zou krijgen. Verdachte heeft bovendien ter terechtzitting van 16 juni 2015 bekend dat hij, net als de andere verdachten, een geldbedrag aan slachtoffer 1 heeft gegeven.

De rechtbank acht op basis van voornoemde feiten en omstandigheden bewezen dat verdachte zich in bewuste en nauwe samenwerking met zijn medeverdachten heeft schuldig gemaakt aan de opzettelijke verleiding van Slachtoffer 1, zoals onder 2 ten laste is gelegd.’

Het hof kan zich vinden in bovenstaande redenering van de rechtbank en neemt deze over.

Het hof vult hierop aan dat bewezenverklaring van het delictsbestanddeel misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht tevens grond vindt in het feit dat het slachtoffer in het vakantiehuisje zich geconfronteerd zag met, naast haar oudere broer, twee aanmerkelijk oudere, haar (nagenoeg) onbekende mannen die zich gezamenlijk aan haar hebben gewijd.

Voorts is het hof van oordeel dat de suggestie van de kant van verdachte, zoals - thans voor het eerst - naar voren gebracht ter zitting van het hof, dat de politie de resultaten van het onderzoek heeft gemanipuleerd door de Torchat ID van verdachte handmatig aan de naam " [naam] ' te koppelen, op geen enkele wijze c.q. niet in het minst is onderbouwd, terwijl ook het dossier voor de juistheid van deze veronderstelling geen enkel aanknopingspunt biedt.

Het hof concludeert, alles afwegende en in lijn met de rechtbank, dat de nickname ' [naam] ' is gebruikt door verdachte en dat verdachte - gelet op zijn rol voorafgaand aan en tijdens de gebeurtenissen in het vakantiehuisje Roompot - kan worden aangemerkt als medepleger van het opzettelijk verleiden van Slachtoffer 1.

Bewezenverklaring

Door wettige bewijsmiddelen, waarbij de inhoud van elk bewijsmiddel - ook in onderdelen - slechts wordt gebezigd tot het bewijs van dat tenlastegelegde feit waarop het blijkens de inhoud kennelijk betrekking heeft, en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 primair, 2, 3 en 7 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:

1 primair:
hij op 29 september 2012 te [plaats] , tezamen en in vereniging met anderen, telkens met Slachtoffer 1, geboren op [geboortedatum slachtoffer] 2002, die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van Slachtoffer 1,

immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) toen en daar

- Slachtoffer 1 uitgekleed en

- een tong in de mond van Slachtoffer 1 gebracht en met Slachtoffer 1 getongzoend en

- de borsten en billen en andere delen van het lichaam van Slachtoffer 1 aangeraakt en/of gestreeld en/of gelikt en/of gezoend en

- de benen van Slachtoffer 1 uit elkaar getrokken en de schaamlippen van Slachtoffer 1 uit elkaar gehouden en

- Slachtoffer 1 tussen de schaamlippen gelikt en

- de anus van Slachtoffer 1 gelikt en

- een of meer vinger(s) en/of een duim tussen de schaamlippen van Slachtoffer 1 gebracht en/of gehouden en heen en weer bewogen en

- een penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gebracht en gehouden en met die penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gewreven en

- een penis tegen de vagina van Slachtoffer 1 gehouden en met die penis over/tegen de vagina van Slachtoffer 1 gewreven en

- een vinger in de anus van Slachtoffer 1 gebracht en gehouden en heen en weer bewogen en

- een hand van Slachtoffer 1 om een penis gebracht en

- met een penis een borst en een schouder en een tepel en de mond van Slachtoffer 1 aangeraakt en

- op het lichaam van Slachtoffer 1 klaargekomen;

2:

hij de periode van 1 januari 2012 tot en met 1 oktober 2012 te [plaats] (gemeente [gemeente] ) en [plaats] en [plaats] (gemeente [gemeente] ), tezamen en in vereniging met anderen, een persoon, te weten Slachtoffer 1, geboren op [geboortedatum slachtoffer] 2002, waarvan verdachte en zijn mededaders wisten dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, door giften of beloften van geld of goed en misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht, te weten door toen en daar

- met Slachtoffer 1 naar een vakantiehuisje te gaan en aldaar naar een slaapkamer te gaan en

- gezamenlijk aldaar in die slaapkamer te verblijven, terwijl verdachte en zijn mededaders fysiek groter en sterker waren dan Slachtoffer 1 en

- aan Slachtoffer 1 geld en een cadeau en/of taart te beloven en toe te zeggen en/of te geven,

telkens opzettelijk heeft bewogen ontuchtige handelingen te plegen en/of zodanige handelingen van verdachte en/of zijn mededaders te dulden, immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededaders toen en daar

- Slachtoffer 1 uitgekleed en

- een tong in de mond van Slachtoffer 1 gebracht en met Slachtoffer 1 getongzoend en

- de borsten en billen en andere delen van het lichaam van Slachtoffer 1 aangeraakt en/of gestreeld en/of gelikt en/of gezoend en

- de benen van Slachtoffer 1 uit elkaar getrokken en de schaamlippen van Slachtoffer 1 uit elkaar gehouden en

- Slachtoffer 1 tussen de schaamlippen gelikt en

- de anus van Slachtoffer 1 gelikt en

- een of meer vinger(s) en/of een duim tussen de schaamlippen van Slachtoffer 1 gebracht en gehouden en heen en weer bewogen en

- een penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gebracht en gehouden en met die penis tussen de billen van Slachtoffer 1 gewreven en

- een penis tegen de vagina van Slachtoffer 1 gehouden en met die penis over/tegen de vagina van Slachtoffer 1 gewreven en

- een vinger in de anus van Slachtoffer 1 gebracht en gehouden en heen en weer bewogen en

- een hand van Slachtoffer 1 om een penis gebracht en

- met een penis een borst en een schouder en een tepel en de mond van Slachtoffer 1 aangeraakt en/of is/zijn verdachte en/of zijn mededaders op het lichaam van Slachtoffer 1 klaargekomen;

3:

hij op 29 september 2012 te [plaats] , tezamen en in vereniging met anderen, afbeeldingen te weten foto's en films, heeft vervaardigd terwijl op die afbeeldingen seksuele gedragingen zichtbaar zijn, waarbij telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten Slachtoffer 1, geboren op [geboortedatum slachtoffer] 2002, was betrokken of schijnbaar was betrokken, welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het oraal en vaginaal en anaal penetreren met de penis en/of een vinger en/of de tong van het lichaam van Slachtoffer 1,

[bestandnaam]

en

het betasten en aanraken van de geslachtsdelen en de billen en de borsten van Slachtoffer 1, met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of de mond/tong) en het betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel van een ander persoon door Slachtoffer 1, met (een) vinger(s)/hand en/of de mond/tong

[bestandnaam]

en

het naakt laten poseren van Slachtoffer 1, waarbij Slachtoffer 1 poseert in een erotisch getinte houding op een wijze die niet bij haar leeftijd past en waarbij Slachtoffer 1, zich in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar kleding ontdoet en waarna door het camerastandpunt nadrukkelijk de ontblote geslachtsdelen en borsten en billen in beeld gebracht worden waarbij de afbeelding aldus een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

[bestandnaam]

en

het masturberen boven en ejaculeren op het lichaam van Slachtoffer 1 en

het houden van een stijve penis bij/naast/tegen het gezicht/lichaam van Slachtoffer 1, waarbij de afbeelding aldus een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling

[bestandnaam]

7:

hij in de periode van 1 januari 2010 tot en met 3 april 2014 te [plaats] (gemeente [gemeente] ) afbeeldingen, te weten foto's en een film in bezit heeft gehad

en

een gegevensdrager bevattende die afbeeldingen, te weten een USB-stick, in bezit heeft gehad, terwijl op die afbeeldingen seksuele gedragingen zichtbaar zijn, waarbij telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het vaginaal of anaal penetreren (met de penis) van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

[bestandnaam]

en

het naakt (laten) poseren van persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt, waarbij deze persoon poseert in (een) erotisch getinte houding(en), op een wijze die niet bij haar leeftijd past, waarna door het camerastandpunt en de onnatuurlijke pose nadrukkelijk het ontblote geslachtsdeel in beeld gebracht wordt, waarbij de afbeelding aldus een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling

[bestandnaam]

en

het ejaculeren op het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt en het houden van een stijve penis bij/naast het gezicht/lichaam van een perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij de afbeelding aldus een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling

[bestandnaam] .

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het onder 1 primair bewezen verklaarde levert op:

met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Het onder 2 bewezen verklaarde levert op:

door giften of beloften van geld of goed en misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht een persoon waarvan hij weet dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, opzettelijk bewegen ontuchtige handelingen te plegen of zodanige handelingen te dulden, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Het onder 3 bewezen verklaarde levert op:

een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, vervaardigen, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd.

Het onder 7 bewezen verklaarde levert op:

een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben.

Strafbaarheid van de verdachte

In het dossier bevindt zich - onder meer - het rapport van het Pieter Baan Centrum (PBC), d.d. 7 februari 2020. Dit rapport bouwt ten dele voort op het PBC-rapport van 8 oktober 2015 maar is het resultaat van nieuw, recent, multidisciplinair gedragskundig onderzoek aangaande de persoon van verdachte. Verdachte komt in het meest recente rapport naar voren als een defensieve, moeilijk grijpbare man die het beeld schetst het beste met anderen voor te hebben en die moeilijk bereikbaar blijft ten aanzien van zijn diepere gedachten en (eventuele pedofiele) gevoelens. Verdachte beschikt over voldoende cognitieve capaciteiten en een uitstekend geheugen. Er is klinisch beoordelend geen hersenorganische schade opgetreden als gevolg van zijn doorgemaakte en behandelde darmcarcinoom.

Door de rapporteurs Kruisdijk en Geurdink wordt geconcludeerd dat bij verdachte sprake is van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Deze is te classificeren als een ‘andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis’ met narcistische en antisociale trekken.

In combinatie met genoemde persoonlijkheidsstoornis is er sprake van een ‘ongespecificeerde parafiele stoornis’, de vroegere parafilie NAO.

Verdachtes parafilie is polymorf en verengt zich niet tot een specifieke vorm, zoals pedofilie. Dat neemt volgens de rapporteurs niet weg dat er - binnen zijn parafiele stoornis - in de aanloop naar het tenlastegelegde wel een interesse voor pedofilie uit het dossier is te herleiden. Indien het downloaden van kinderporno bewezen wordt geacht, dan vormt dit een grotere aanwijzing voor een seksuele interesse in kinderen. De rapporteurs merken op dat, ondanks verdachtes stellige ontkenning van seksueel afwijkende (pedofiele) voorkeuren, concluderend gesteld kan worden dat er sprake is van een seksuele stoornis met daarbinnen een diversiteit van opportunistische seksuele gerichtheid. De laatste jaren lijkt sprake te zijn van een toename van seksuele belangstelling voor jonge meisjes, mogelijk doordat voor verdachte met het ouder worden zijn mogelijkheden voor seksueel contact afnemen en hij zich daardoor richt op kinderen waar hij als volwassene veel meer overwicht op heeft.

Verdachtes verklaringen voorafgaand en ten tijde van het tenlastegelegde bevatten cognitieve vervormingen en rationalisaties ten aanzien van zijn seksueel grensoverschrijdend gedrag bij het 10-jarige slachtoffer. Betrokkene ontkent dat hij kinderporno heeft gedownload en verspreid en ook ontkent hij dat hij ‘ [naam] ’ was en een perverse en typisch pedofiel geobsedeerde chatcommunicatie onderhield.

Ten aanzien van de tenlastegelegde feiten hebben rapporteurs een beeld van een opportunistische handelde man, die voorbereidingen trof, berekenend te werk ging en afwegingen maakte. Er is nog steeds geen inzicht in de diepere gedachten en eventueel pedofiele gevoelens van verdachte. Echter zijn er geen pathologische elementen naar voren gekomen die de wilsvrijheid ten aanzien van zijn opportunistische handelen nadrukkelijk in de weg hebben gestaan. Rapporteurs zien dat ook geen reden de tenlastegelegde feiten en een verminderde mate aan verdachte toe te rekenen.

Het hof neemt de conclusie van het PBC- voor wat betreft de vaststelling dat bij verdachte sprake is van een gebrekkige ontwikkeling en ziekelijke stoornis van de geestvermogens, in de zin van een ‘andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met narcistische en antisociale trekken in combinatie met een ongespecificeerde parafiele stoornis’, over en maakt die tot de zijne. Gelet echter op de feitelijke vaststelling van het hof dat verdachte de persoon is die achter de nickname " [naam] " schuilgaat, en de aard van de chatgesprekken die verdachte onder die naam heeft gevoerd, acht het hof het aannemelijk dat de aard en de ernst van de stoornis bij verdachte - zoals rapporteurs overigens ook in hun rapport van 8 oktober 2015 hebben overwogen - ernstiger is dan de rapporteurs hebben kunnen vaststellen. Uit de rapporten omtrent verdachte die zich thans in het dossier bevinden, alsmede uit de wijze waarop verdachte zich ter zitting van het hof heeft gepresenteerd, blijkt voorts dat verdachte zich op meerdere punten niet werkelijk wil laten onderzoeken en dat hij zeer bedreven is in het niet-beantwoorden van vragen. Verdachte is ongrijpbaar en ontkent tegenover de onderzoekers alle handelingen, fantasieën of belevingen die op een pedoseksuele stoornis zouden kunnen duiden. Uit het dossier, waaronder ook de verklaring van de medeverdachte [medeverdachte] over de pedoseksuele gedragingen van verdachte, maakt het hof echter op dat bij verdachte reeds lange tijd sprake moet zijn geweest van een pedoseksuele gerichtheid op kinderen. Het hof acht het daarom aannemelijk dat de bij verdachte vastgestelde gebrekkige ontwikkeling en ziekelijke stoornis van de geestvermogens een grotere rol in zijn handelen hebben gespeeld dan door de deskundigen is aangenomen en dat deze een dermate dwingend karakter hebben gehad dat het hof verdachte de bewezenverklaarde feiten in verminderde mate toerekent.

Oplegging van straf en/of maatregel

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Oplegging straf

Verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan het verleiden en vervolgens seksueel misbruiken van Slachtoffer 1, dat ten tijde van het misbruik net 10 jaar oud was geworden. Het misbruik vond plaats in een voor het slachtoffer onbekende omgeving en met - onder meer - twee volwassen mannen die zij niet kende. Van dit misbruik zijn door verdachte en medeverdachten kinderpornografische afbeeldingen vervaardigd. Verdachte heeft aldus door de bewezenverklaarde feiten op grove wijze ernstig misbruik gemaakt op de lichamelijk integriteit van het nog zeer jonge slachtoffer. Hij heeft haar seksuele handelingen doen ondergaan waar zij, gezien haar leeftijd en ontwikkeling nog lang niet aan toe was. Het is daarnaast algemeen bekend dat seksueel misbruik langdurig nadelige psychische gevolgen kan hebben en vaak ook heeft voor slachtoffers. In het geval van Slachtoffer 1 blijken die in- en aangrijpende gevolgen uit haar schriftelijke slachtofferverklaring die haar begeleidster namens haar ter terechtzitting van het hof d.d. 24 juli 2020 heeft voorgelezen. Verdachte heeft die zeer ernstige gevolgen klaarblijkelijk voor lief genomen en gehandeld met kennelijk uitsluitend als doel zijn eigen lustgevoelens te bevredigen. De verklaring van verdachte dat hij bepaalde handelingen heeft verricht juist om verdergaand misbruik te voorkomen, acht het hof volstrekt ongeloofwaardig en ook verontrustend.

Naar het oordeel van het hof toont deze houding van verdachte aan, enerzijds, dat hij het gewicht van zijn eigen bijdrage aan de voorbereiding (lees: verleiding van het slachtoffer) en de uitvoering van het seksueel misbruik miskent en daarvoor geen c.q. nauwelijks verantwoordelijkheid neemt, en, anderzijds, dat hij bereid en in staat is voor zichzelf en – naar hij kennelijk hoopt – voor het hof het weerzinwekkende beeld van hetgeen hij heeft misdaan dusdanig te vervormen dat het slachtoffer hem eigenlijk dankbaar zou moeten zijn. Dit is externaliseren in optima forma hetgeen het belang van een wake-up call in de zin van een manifeste strafrechtelijke correctie onderstreept.

Verdachte heeft daarnaast kinderpornografische afbeeldingen vervaardigd en in zijn bezit gehad. De onder feit 7 bewezenverklaarde foto's die verdachte in zijn bezit had, waren van kinderen van één tot maximaal vijf jaar jong. Het voorhanden en hebben en vervaardigen van kinderpornografische afbeeldingen dragen bij aan het in stand houden van de markt voor dergelijk materiaal.

Gelet op de ernst van de bewezenverklaarde feiten en vanuit het oogpunt van vergelding is in beginsel een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf noodzakelijk.

Het hof acht de straf zoals opgelegd door de rechtbank en geëist door de advocaat-generaal passend en geboden, ook al rekent het hof de verdachte de bewezenverklaarde feiten in verminderde mate toe.

Het hof zal verdachte veroordelen tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren, met aftrek van de tijd die verdachte in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht.

Oplegging maatregel

Ter zitting van het hof hebben de advocaten-generaal tevens gevorderd aan de verdachte de maatregel van terbeschikkingstelling (TBS) met bevel tot verpleging van overheidswege op te leggen.

Voor de beantwoording van de vraag of er naast de onvoorwaardelijke gevangenisstraf de maatregel van TBS met bevel tot verpleging van overheidswege moet worden opgelegd heeft het hof acht geslagen op de verschillende, omtrent de persoon van verdachte opgemaakte, rapportages, waaronder het al genoemde rapport van het PBC d.d. 7 februari 2020, opgemaakt door Geurkink en Kruisdijk. Het hof heeft tevens gelet op de overige rapporten in het dossier.

Aan een verdachte kan de maatregel van TBS worden opgelegd, indien tijdens het begaan van het feit gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens bestond, het een misdrijf betreft waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld en de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel eist.

Bij de overwegingen over verdachtes strafbaarheid heeft het hof het PBC-rapport van 7 februari 2020 besproken. Uit dat rapport volgt dat verdachte lijdt aan een gebrekkige ontwikkeling en ziekelijke stoornis in de vorm van parafilie (niet anderszins omschreven) en aan een persoonlijkheidsstoornis met narcistische en antisociale trekken. De gebrekkige ontwikkeling en ziekelijke stoornis van de geestvermogens bestonden reeds tijdens het plegen van de bewezenverklaarde feiten.

De bewezenverklaarde feiten betreffen feiten waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaar of meer is gesteld.

De volgende vraag die het hof dient te beantwoorden is of de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen het opleggen van TBS eist.

In het advies van 12 mei 2016 acht de reclassering het recidiverisico groot. De reclassering schrijft in dit advies dat verdachte probeert zijn delictgedrag te relativeren en te bagatelliseren (p. 3). De reclassering vervolgt (p. 6):

'Het recidiverisico wordt ingeschat als hoog. Betrokkene is gediagnosticeerd met parafilie NAO, heeft een zedendelict gepleegd met een meisje van tien jaar en heeft interesse in afwijkende seksuele voorkeuren. Gezien het voornoemde schatten wij de kans op recidive hoog.’

In het PBC rapport d.d. 7 februari 2020 concluderen rapporteurs:
‘De STATIC-99R geeft een laat/matig recidiverisico voor een zedendelict waarbij zijn relatief hoge leeftijd voorkomt dat hij hoger uitkomt. (…) Al met al komt op grond van bekende risicofactoren voor een recidive een matig recidiverisico naar voren. Wanneer we dit individualiseren naar de situatie van betrokkene, moet hij echter in staat worden geacht andere keuzes te kunnen maken en niet te recidiveren, nu ook tijdens dit onderzoek geen pathologische elementen naar voren zijn gekomen die van een beperkende invloed geacht worden zijn.

Het hof stelt vast dat verdachte een deel van de hem tenlastegelegde feiten jegens de deskundigen heeft ontkend. Onder meer de inhoud en strekking van de als ‘ [naam] ’ gevoerde chatgesprekken zijn, vanwege de ontkenning van verdachte daarvan de auteur te zijn geweest, niet (echt) in het gedragskundig onderzoek betrokken. Zoals hiervoor uiteengezet is het hof van oordeel dat verdachte wel degelijk ‘ [naam] ’ was/is, zodat het ervoor moet worden gehouden dat de in de betreffende chatgesprekken gedebiteerde ideeën, fantasieën en ervaringen wel degelijk een representatie vormen van wie verdachte daadwerkelijk is c.q. kan/wil zijn. Naar het oordeel van het hof vormen de [naam] -gesprekken vanuit het oogpunt van het gevaarscriterium één van de meest bedenkelijke en zorgwekkende aspecten van de persoon van verdachte, nu daarin onverholen tot uitdrukking wordt gebracht hoezeer verdachte belust is op seks met jonge kinderen (“daar zijn kinderen voor” – p. 1648) en hoezeer hij bereid en in staat is door manipulatie zijn doelen op dat gebied na te streven (onder meer p. 1842). Bij de waardering van deze ‘ [naam] -gesprekken’ overweegt het hof nadrukkelijk dat het daaraan te ontlenen en door het hof ook ontleende uiterst zorgelijke beeld niet berust op een enkele losse opmerking in een chatgesprek, maar op een zeer grote hoeveelheid door verdachte verzonden berichten waaruit een bij hem bestaande fascinatie voor vergaande seksuele handelingen met jonge kinderen kan worden afgeleid. Daarbij neemt het hof tevens in aanmerking dat dit beeld bovendien, weliswaar ten dele maar op uiterst relevante onderdelen, bevestiging vindt in de wèl door verdachte erkende op seksueel gebied ernstige grensoverschrijdende gedragingen en daarnaast in de verklaringen van de medeverdachten.

Daarnaast overweegt het hof dat uit niets blijkt dat verdachte ook maar enig ziekte-inzicht heeft en zich aan zijn stoornissen werkelijk wil laten behandelen.

Gezien verdachtes persoonlijkheidsproblematiek en zijn proceshouding heeft het hof er geen enkel vertrouwen in dat verdachte zich thans op enigerlei wijze daadwerkelijk wil en zal laten behandelen.

Ten aanzien van een behandeling schrijft de reclassering in haar rapport van 12 mei 2016 dat: 'Ingeschat wordt dat er een hoog gemiddeld risico op onttrekken aan voorwaarden is. Het ontbreekt de heer [verdachte] aan besef en inzicht ten aanzien van zijn delictgedrag. Enerzijds rationaliseert betrokkene zijn gedrag door te zeggen dat hij het beste met het slachtoffer voor had. Anderzijds is betrokkene benieuwd waardoor hij tot delictgedrag is gekomen, maar hij geeft ook zeer beperkte openheid betreffende zijn delictgedrag. Door de voornoemde tegenstrijdigheden krijgen we de indruk dat de kans op onttrekken of ontwijken aan behandeling hoog gemiddeld is.' Het hof acht niet in het minst aannemelijk geworden dat deze stand van zaken voor wat betreft verdachtes ontvankelijkheid voor en bereidheid tot behandeling thans in positieve zin gewijzigd is. Zo stelt hij zich nog steeds op het standpunt dat het vergaand misbruik van Slachtoffer 1 hem is “overkomen”, hetgeen – gelijk hiervoor uiteengezet – nadrukkelijk in strijd is met het (in ruime mate aanwezige) voorhanden bewijs.

Voorts heeft de raadsman naar voren gebracht dat gelet op verdachtes (zeer) slechte fysieke conditie er bij hem - verdachte - geen enkele drang meer bestaat om seksueel actief te zijn en dat hij daartoe fysiek ook niet meer in staat zou zijn.

Het hof overweegt hieromtrent als volgt. Vooropgesteld moet worden dat de stellingen omtrent verdachtes fysieke gesteldheid met betrekking tot seksuele activiteit op geen enkele wijze zijn onderbouwd. Voorts overweegt het hof daarbij dat niet kan worden uitgesloten dat verdachte nog steeds, ongeacht zijn eigen fysieke (on)mogelijkheden, al dan niet aangezwengeld door lust- c.q. libidoverhogende middelen, (psychische) lustbeleving kan ervaren bij het begaan van soortgelijke strafbare feiten. Met andere woorden, de huidige, beweerdelijke impotentie doet de noodzaak voor een behandeling als hiervoor vermeld niet teniet.

Het hof ziet – met de advocaten-generaal en anders dan de raadsman – gelet op al het voorgaande een reëel gevaar voor recidive bij verdachte en beveelt dat de verdachte ter beschikking wordt gesteld, nu de bewezenverklaarde feiten misdrijven betreffen waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van meer dan vier jaren is gesteld en de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen het opleggen van die maatregel eist. Het hof zal daarbij bevelen dat de verdachte van overheidswege zal worden verpleegd, daar het bewezenverklaarde misdrijven betreft die gevaar opleveren voor de lichamelijke integriteit van personen en de algemene veiligheid van personen of goederen die verpleging eist.

De onder 1 primair en 2 bewezenverklaarde feiten zijn misdrijven, die gericht zijn tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. Dit heeft gelet op artikel 38e van het Wetboek van Strafrecht als gevolg dat deze maatregel niet gemaximeerd is en derhalve een periode van vier jaren te boven kan gaan.

Vordering van de benadeelde partij Slachtoffer 3

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de benadeelde partij (slachtoffer 3) zich in het geding in eerste aanleg heeft gevoegd, dat haar vordering in eerste aanleg niet is toegewezen en dat zij zich in het geding in hoger beroep niet opnieuw heeft gevoegd. Derhalve duurt de voeging in hoger beroep niet voort en kan het hof niet op die vordering beslissen.

Beslag

Het hof zal niet - zoals gevorderd door de advocaten-generaal - een deel van het beslag, te weten de twee mobiele telefoons (nrs. 12 en 15) onttrekken aan het verkeer. Niet vastgesteld kan worden dat deze voorwerpen van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang.

Het hof is van oordeel dat de voorwerpen op de beslaglijst met de nummers 1, 2, 7, 9 en 17, te weten een Dell computer, een USB-stick, een cd-rom, een zwart mapje met 5 cd's en papieren bescheiden (met wachtwoorden), moeten worden onttrokken aan het verkeer, omdat met behulp van deze voorwerpen de feiten zijn begaan of voorbereid en het ongecontroleerde bezit ervan in strijd is met de wet of het algemeen belang.

Het hof is van oordeel dat ook de fotocamera van verdachte (nr. 18 op de beslaglijst) moet worden onttrokken aan het verkeer, omdat het ongecontroleerde bezit ervan in strijd is met de wet of het algemeen belang. Uit het dossier volgt dat door verdachte met deze camera gemaakte foto’s van schoolkinderen van de school waar hij werkzaam was, zijn aangetroffen op de computer van een medeverdachte gerangschikt onder zijn kinderpornografische bestanden en verdachte heeft zich in chatcommunicatie over die schoolkinderen uitgelaten waarbij hij zinspelingen maakt op het misbruiken van die kinderen. Door de verdediging is op dit punt geen verweer gevoerd.

Het hof zal de teruggave aan verdachte gelasten van de onder hem inbeslaggenomen en aan hem toebehorende voorwerpen op de beslaglijst met de nummers 3, 4, 5, 6, 8, 10, 11, 12, 13, 14, 15 en 16, te weten een Dongel D-link, een webcam Trust, een HD Western Digital, een HD Samsung, diverse papieren bescheiden, een Nokia telefoontoestel zwart, 2 treinkaarten en een Nokia telefoontoestel grijs, aangezien niet is komen vast te staan dat deze voorwerpen door middel van de strafbare feiten zijn verkregen, ze niet vatbaar zijn voor verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer en het belang van strafvordering zich niet tegen teruggave verzet.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 36b, 36c, 36d, 37, 37a, 37b, 38e, 57, 240b, 244, 248 en 248a van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder 4, 5 en 6 tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 primair, 2, 3 en 7 tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1 primair, 2, 3 en 7 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) jaren.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Gelast dat de verdachte ter beschikking wordt gesteld en beveelt dat hij van overheidswege zal worden verpleegd.

Beveelt de onttrekking aan het verkeer van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

de voorwerpen op de beslaglijst met de nummers 1, 2, 7, 9, 17 en 18 te weten een Dell computer, een USB-stick, een cd-rom, een zwart mapje met 5 cd's, papieren bescheiden (met wachtwoorden) en een Canon Powershot A420 fotocamera..

Gelast de teruggave aan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

de voorwerpen op de beslaglijst met de nummers 3, 4, 5, 6, 8, 10, 11, 12, 13, 14, 15 en 16, te weten een Dongel D-link, een webcam Trust, een HD Western Digital, een HD Samsung, diverse papieren bescheiden, een Nokia telefoontoestel zwart, 2 treinkaarten en een Nokia telefoontoestel grijs..

Aldus gewezen door

mr. W. Foppen, voorzitter,

mr. O. Anjewierden en mr. A.J. Rietveld, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. M.J. Schulte, griffier,

en op 7 augustus 2020 ter openbare terechtzitting uitgesproken.