Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2020:10092

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
03-12-2020
Datum publicatie
08-12-2020
Zaaknummer
21-002097-18
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBMNE:2018:1179, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Witwassen van bitcoins door deze om te zetten in contant geld. Harddrugsmisdrijven. Onderzoek Nocis.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-002097-18

Uitspraak d.d.: 3 december 2020

TEGENSPRAAK (art. 279 Sv)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem,

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland (zittingsplaats Utrecht) van 3 april 2018 met parketnummer 16-700016-16 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedag] 1973,

wonende te [woonplaats] .

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 26 maart 2019 (waarna op 9 april 2019 een tussenarrest is gewezen) en 19 november 2020 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaten-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.

Het hof heeft ook kennisgenomen van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht door zijn raadsman, mr. J.P. Plasman.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen en opnieuw recht doen, omdat het hof op onderdelen tot een andere bewezenverklaring komt en een andere straf zal opleggen dan de rechtbank. Dit laat echter onverlet het hof dat zich in grote mate kan verenigen met de bewijsconstructie van de rechtbank, die grotendeels (letterlijk) zal worden overgenomen in dit arrest. Waar nodig zal het hof daarbij responderen op in hoger beroep door de verdediging of de advocaten-generaal ingenomen standpunten.

De tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:

1.

hij op of omstreeks 3 februari 2016 te Dordrecht, althans in Nederland en/of in Duitsland en/of in Oostenrijk en/of in Australië en/of Italië, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld in artikel 1 lid 5 van de Opiumwet,

en/of opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of vertrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, en/of opzettelijk heeft vervaardigd,

ongeveer (totaal) 735,25 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende amfetamine, en/of

ongeveer (totaal) 4363,64 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende MDMA, en/of

ongeveer (totaal) 154,39 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende heroïne, en/of

(ongeveer) 434 zegels, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende LSD, en/of

ongeveer (totaal) 17,75 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende cocaïne, en/of

ongeveer (totaal) 286,94 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende methamfetamine, en/of

ongeveer (totaal en ongewogen) 1187 pillen, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende MDMA,

zijnde (telkens) een middel/middelen vermeld op de bij die wet behorende lijst I;

2.

hij op of omstreeks 3 februari 2016 te Dordrecht, althans in Nederland en/of in Duitsland en/of in Oostenrijk en/of in Australië en/of Italië,

om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen van een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, voor te bereiden en/of te bevorderen,

(een) voorwerp(en), te weten

een of meerdere weegscha(al)(en), en/of

een of meerdere koffer(s) en/of tas(sen) met daarin in sealbags en/of plastic zak(ken) verpakte drugs, en/of

een plastic doos met daarin verpakte drugs, en/of

(een) vacuümmachine(s) en/of vacuümzakje(s), en/of

een of meerdere geadresseerde en/of voorbedrukte adressticker(s) en/of twee, althans een boekje(s) met internationale postzegels en/of (een) envelop(pen), en/of

een boekje met zogenoemde track-and-trace-stickers, en/of

een of meerdere pindakaaspot(ten) (met daarin verpakte drugs), en/of

een zogenoemde "melting point tester",

voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte wist of ernstige redenen had te vermoeden dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en);

3.

hij op een of meerdere tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 1 januari 2015 tot en met 3 februari 2016, te Dordrecht en/of te Rotterdam en/of (elders) in Nederland en/of (elders) in Europa, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, voorwerpen, te weten (totaal) 517,1897, althans één of meerdere, bitcoin(s) (die een omgerekende dagwaarde vertegenwoordigen van ongeveer 111.126 euro) heeft/hebben verworven, voorhanden gehad, overgedragen en/of omgezet, terwijl verdachte en/of verdachtes mededader(s) (telkens) wist(en) dat die/dat voorwerp(en) geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren/was uit enig misdrijf, en verdachte en/of verdachtes mededader(s) van het plegen van dit feit een gewoonte heeft/hebben gemaakt.

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Overwegingen met betrekking tot het bewijs 1

Onder de naam Nocis is door de politie Midden-Nederland, Team Financieel-economische Criminaliteit, een onderzoek gedaan naar een aantal handelaren in bitcoins, te weten [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] . Daarbij is de verdenking gerezen dat de verdachte van misdrijf afkomstige bitcoins aan (een van) deze handelaren heeft geleverd (feit 3). Vervolgens is de verdenking ten aanzien van de feiten 1 en 2 ontstaan.

Ten aanzien van feit 1 en 2

Op 3 februari 2016 heeft een doorzoeking plaatsgevonden in de woning en de inpandige garage op het adres [adres] (hierna: de woning).

Tijdens de doorzoeking werden onder meer de volgende voorwerpen aangetroffen: grijze koffer harde kaft, grijze koffer ABN, zwarte koffer stof, verdovende middelen, witte blokjes verdovende middelen, sealbags verdovende middelen, bruine brokjes verdovende middelen, pindakaas (gecodeerd met nummer […] ), Flexforce tas, bruin blokje verdovende middelen, gele tablet XTC, enveloppe met sealbag en zwarte verpakking verdovende middelen.2

Van de bij de doorzoeking van de woning inbeslaggenomen goederen werden monsters genomen.3 Door het Laboratorium Forensische Opsporing (hierna: LFO) werd onderzoek gedaan naar een deel van deze monsters. Het bleek bij al deze monsters te gaan om harddrugs, zoals vermeld op lijst I van de Opiumwet (Ow). Het ging met name om MDMA, cocaïne, amfetamine, heroïne en methamfetamine.4

Het Nederlands Forensisch Instituut heeft eveneens een aantal monsters van verdovende middelen getest. Deze verdovende middelen blijken LSD en MDMA te bevatten.5

De zes inbeslaggenomen pindakaaspotten, gecodeerd met nummer […] , zijn onderzocht. Van pot 1 en pot 4 waren de zegels verbroken. Van de potten 2, 3, 5 en 6 waren de zegels intact. In pot 3 bevond zich een sealbag met 254,71 gram crèmekleurig poeder. In pot 5 bevond zich een sealbag met 216 gram crèmekleurig poeder. In pot 6 bevond zich een sealbag met 234 crèmekleurig poeder.6 Uit de hoeveelheid stof (pot 3) werd een monster genomen, voorzien van SIN: […] .7 Dit monster betrof 0,73 gram bruine kristallen en bevatte MDMA.8 Uit de hoeveelheid stof (pot 6) werd een monster genomen, voorzien van SIN […] .9 Dit monster betrof 2,47 gram bruine kristallen en bevatte MDMA.10 Uit de hoeveelheid stof (pot 5) werd een monster genomen, voorzien van SIN […] .11 Dit monster betrof 2,23 gram bruine kristallen en bevatte MDMA.12

Op basis van het einddossier zijn de nettogewichten en brutogewichten van de verdovende middelen opgeteld. Het nettogewicht aan verdovende middelen kwam neer op 5.786,78 gram.13

Tijdens de doorzoeking van de inpandige garage van de woning werd onder andere aangetroffen en inbeslaggenomen:

- een plastic bak met als inhoud internationale adresstickers, (inter)nationale postzegels, track-and-trace-stickers en enveloppen.14

De inhoud van de plastic bak werd nader onderzocht. Hierin werden aangetroffen:

  • -

    47 witte stickers met namen van personen gekoppeld aan adressen in 14 verschillende landen;

  • -

    2 boekjes met internationale postzegels;

  • -

    boekje met track-and-trace-stickers;

  • -

    32 witte, lege enveloppen beplakt met internationale postzegels;

  • -

    10 zegels met een afbeelding van een voorwerp in de kleuren van de Nederlandse vlag, geseald.15

Tijdens voornoemde doorzoeking werd eveneens aangetroffen en inbeslaggenomen:

- een melting point tester;16

- enveloppen en vacuümzakjes;17

  • -

    twee elektronische weegschalen;

  • -

    een weegschaal.18

Over de woning en wat daarin is aangetroffen, heeft de verdachte verklaard dat hij daar woont en dat hij verantwoordelijk is voor wat er in dat huis staat.19

Hoeveelheid verdovende middelen

Op grond van de gebezigde bewijsmiddelen stelt het hof vast dat in de woning en de inpandige garage van de verdachte diverse verdovende middelen zijn aangetroffen. Op basis van het dossier kan niet van alle verdovende middelen het exacte bruto- en nettogewicht worden vastgesteld. Gelet daarop zal het hof ten aanzien van de verdovende middelen die in de tenlastelegging worden genoemd, telkens bewezen verklaren dat de verdachte ‘een hoeveelheid’ van een materiaal bevattende dat middel aanwezig heeft gehad.

Zoals blijkt uit het proces-verbaal van bevindingen netto-brutogewichten, kan van een groot deel van de aangetroffen verdovende middelen wel het nettogewicht worden vastgesteld. Hoewel een aantal van deze verdovende middelen slechts indicatief en niet door het LFO dan wel het NFI is getest, acht het hof, gelet op de grote hoeveelheid middelen die wel positief is getest, bewezen dat alle in de woning aangetroffen middelen verdovende middelen zijn. Rekening houdend met de onduidelijkheid betreffende het precieze nettogewicht per middel, zal het hof, conform het standpunt van de raadsman, bij de straftoemeting ervan uitgaan dat het in totaal ging om een hoeveelheid van iets meer dan 5.000 gram aan verdovende middelen.

Het hof verwerpt het verweer dat strekt tot vrijspraak van het tenlastegelegde aanwezig hebben van cocaïne en heroïne.

Ten aanzien van feit 3

Op 29 september 2015 werd [betrokkene 3] aangehouden. Bij zijn aanhouding werd een iPhone 5S aangetroffen en inbeslaggenomen. In de contactenlijst in deze telefoon staat het contact ‘ [contact] ’.20

Bij dit contact staat vermeld:

Mobiel [telefoonnummer]

Notities Rotterdam (8%).21

Een verbalisant heeft een aantal opgenomen telefoongesprekken beluisterd, die via het telefoonnummer [telefoonnummer] waren gevoerd. Hij herkende de stem van de verdachte als de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer] . Hij herkende de verdachte aan de hand van zijn accent, zijn taalgebruik en zijn intonatie.22

Het hof stelt op grond van het voorgaande vast dat de verdachte de gebruiker was van het telefoonnummer [telefoonnummer] . Wanneer in de hierna volgende bewijsmiddelen wordt verwezen naar dit telefoonnummer, zal de aanduiding ‘het telefoonnummer van de verdachte’ worden gebruikt.

Op 26 mei 2015 vond sms-contact plaats tussen het telefoonnummer van [betrokkene 3] , eindigend op […] , en het telefoonnummer van de verdachte:

16:34 uur [betrokkene 3] naar de verdachte:

Ik kreeg je nummer van [betrokkene 2] , omt 9u bij [locatie 1] (of [locatie 2] ) uit? Gr [betrokkene 3]

16:35 uur De verdachte naar [betrokkene 3] :

9 uur ok.. [locatie 2] (…)

20:15 uur [betrokkene 3] naar de verdachte:

6 bitcoins toch?

20:16 uur De verdachte naar [betrokkene 3] :

Ja, klopt (…)

20:59 uur [betrokkene 3] naar verdachte:

Als je naar binnen loopt, zit ik linksachter in de hoek, samen met nog een jongen.23

Op 26 mei 2015 om 21:05 uur Nederlandse tijd werd een inkomende transactie van 6 bitcoins op het bitcoinadres van [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] waargenomen en geregistreerd. Deze transactie bleek afkomstig uit het bitcoinadres [bitcoinadres] . Alleen dit bitcoinadres werd genoemd in het walletcluster met aanduiding [bitcoincluster] .24

Op 12 augustus 2015 vond sms-contact plaats tussen het telefoonnummer van [betrokkene 3] , eindigend op […] , en het telefoonnummer van de verdachte:

12:11 uur De verdachte naar [betrokkene 3] :

Gaat de afspraak nog door?

12:11 uur [betrokkene 3] naar de verdachte:

Yes, 1u doen?

12:13 uur De verdachte naar [betrokkene 3] :

Ok tot zo en ik heb 20 coins(LF)s bij me

12:35 uur De verdachte naar [betrokkene 3] :

Hou het op half 2.25

Op 12 augustus 2015 tussen 12:00 uur en 16:36 uur vonden de volgende observaties plaats:

13:32 uur [betrokkene 3] ging [locatie 1] binnen.

13:48 uur Een grijze personenauto, merk Renault, type Megane werd geparkeerd op de [adres] . Een licht getinte man stapte uit de Renault. Deze man zal verder ‘de verdachte’ worden genoemd.26

13:49 uur De verdachte ging aan de tafel van [betrokkene 3] zitten en hield direct zijn mobiele telefoon boven een van de telefoons van [betrokkene 3] .

14:00 uur [betrokkene 3] en de verdachte gaven elkaar een hand en [betrokkene 3] verliet [locatie 1] .27

Op 12 augustus 2015 om 13:56 uur werd een inkomende transactie van 18 bitcoins op het bitcoinadres van [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] waargenomen en geregistreerd. Deze transactie bleek afkomstig uit de bitcoinadressen [bitcoinadres] en [bitcoinadres] .28 Beide bitcoinadressen kwamen voor in het walletcluster met aanduiding [bitcoincluster] .29

Op 23 augustus 2015 vond sms-contact plaats tussen het telefoonnummer van [betrokkene 3] , eindigend op […] , en het telefoonnummer van de verdachte:

14:59 uur De verdachte naar [betrokkene 3] :

Goedemiddag, ik heb 50 coins om te wisselen vandaag, kan dat voor 7% (…)

15:09 uur De verdachte naar [betrokkene 3] :

Kan je om 5 uur bij van de valk zijn misschien? (…)

17:10 uur [betrokkene 3] naar de verdachte:

Zit er.

Op 23 augustus 2015 om 17:31 uur werden 50 bitcoins overgemaakt van het bitcoinclusterwallet [bitcoincluster] naar het bitcoinadres [bitcoinadres] .30

Op 28 augustus 2015 vond sms-contact plaats tussen het telefoonnummer van [betrokkene 3] , eindigend op […] , en het telefoonnummer van de verdachte:

18:12 uur De verdachte naar [betrokkene 3] :

Heb er 101 (…)31

18:16 uur [betrokkene 3] naar de verdachte:

Ja 101 is goed.

Op 28 augustus 2015 hebben omstreeks 17:27 uur twee bitcointransacties plaatsgevonden van het bitcoinclusterwallet [bitcoincluster] naar het bitcoinadres [bitcoinadres] . Deze twee bitcointransacties hadden een totale waarde van 101 bitcoins.32

Naar aanleiding van voornoemde bevindingen zijn de walletclusters [bitcoincluster] en [bitcoincluster] nader geanalyseerd.33

Op 29 september 2015 heeft in het onderzoek 09-NOCIS een doorzoeking ter inbeslagname plaatsgevonden op het adres [adres] (het kantooradres van [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] ). Bij de doorzoeking zijn onder andere hardcopy- en softcopy-administratie inbeslaggenomen. Op basis van deze administratie is een overzicht gemaakt van de in- en uitgaande geldstromen met betrekking tot de trades van [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] .34

Uit dit overzicht blijkt dat op 12 augustus 2015 een trade is uitgevoerd door [betrokkene 3] . Bij deze trade staat als naam/toelichting [alias 1] .35

De trades met de verdachte staan in de administratie beschreven als [alias 1] of [alias 2] of een afgeleide daarvan.36

De trades die uit de administratie, de tapgesprekken en de bitcoinstroom zijn gebleken, zijn met elkaar gecombineerd in het volgende overzicht.37

Bitcoincluster

Datum

Aantal bitcoins

Uitgevoerd door

Naam/

toelichting

Waarde

[bitcoincluster]

26-05-2015

6,0

1.294,02

[bitcoincluster]

01-06-2015

5,0

[alias 1]

1.029,90

[bitcoincluster]

25-06-2015

38,0

8.239,54

[bitcoincluster]

25-06-2015

1,2

260,20

[bitcoincluster]

30-06-2015

14,4

3.402,86

[bitcoincluster]

16-07-2015

50,0

11.844,00

[bitcoincluster]

18-07-2015

7,1

1.651,11

[bitcoincluster]

18-07-2015

8,69

2.020,86

[bitcoincluster]

27-07-2015

15,3999

[betrokkene 3]

[alias 2]

4.034,77

[bitcoincluster]

30-07-2015

11,3

[betrokkene 3]

[alias 2]

2.987,04

[bitcoincluster]

03-08-2015

18,2

[betrokkene 3]

[alias 1]

4.750,02

[bitcoincluster]

05-08-2015

13,6

[betrokkene 3]

[alias 1]

3.535,86

[bitcoincluster]

06-08-2015

9,5

[betrokkene 3]

[alias 1]

2.456,61

[bitcoincluster]

07-08-2015

10,0

[betrokkene 3]

[alias 1]

2.556,00

[bitcoincluster]

12-08-2015

18,0

[betrokkene 3]

[alias 1]

4.338,90

[bitcoincluster]

17-08-2015

15,0

[alias 1]

3.564,00

[bitcoincluster]

23-08-2015

50,0

[alias 1]

10.263,00

[bitcoincluster]

28-08-2015

11,0

2.289,98

[bitcoincluster]

28-08-2015

90,0

[alias 1]

18.736,20

[bitcoincluster]

06-09-2015

5,5

1.114,52

[bitcoincluster]

06-09-2015

33,5998

[betrokkene 3]

[alias 1]

6.808,66

[bitcoincluster]

16-09-2015

36,0

[betrokkene 3]

[alias 1]

7.295,04

[bitcoincluster]

18-09-2015

20,0

[betrokkene 3]

[alias 1]

413,20

[bitcoincluster]

22-09-2015

15,7

[betrokkene 3]

[alias 1]

3.264,50

[bitcoincluster]

28-09-2015

14,0

2.975,28

Totaal

517,1897

€ 111.126,07 38

De getuige [getuige] heeft verklaard dat de winst die het bedrijf (het hof begrijpt: [bedrijf] ) op een transactie pakt tussen de 0 en 1,5 procent ligt, maar vaker onder de 1 procent ligt dan daarboven.39Ook volgt uit zijn verklaring dat alle betalingen plaatsvinden via een bankrekening.40

Het hof stelt op grond van de tapgesprekken, de stemherkenning en het onderzoek van de bitcoinadressen, in combinatie met de observatie op 12 augustus 2015 vast, dat de verdachte op 26 mei 2015 en 12, 23 en 28 augustus 2015 bitcoins heeft ingewisseld bij [betrokkene 3] . De bij die transacties gebruikte bitcoinadressen bleken te behoren bij walletclusters [bitcoincluster] en [bitcoincluster] . Op grond daarvan stelt het hof vast dat de verdachte deze twee walletclusters beheerde en dat alle vanuit die walletclusters verrichte transacties aan hem kunnen worden toegeschreven.

Daarnaast stelt het hof vast dat in het overzicht van in- en uitgaande geldstromen van [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] de transacties staan opgenomen die op 12, 23 en 28 augustus 2015 hebben plaatsgevonden. In dit overzicht staat bij de naam/toelichting bij deze trades respectievelijk ‘ [alias 1] ’, ‘ [alias 1] ’ en ‘ [alias 1] ’ vermeld. Hieruit volgt naar het oordeel van het hof dat alle in het overzicht opgenomen trades waarbij als toelichting [alias 1] of een afgeleide daarvan staat, transacties zijn geweest die verdachte heeft verricht. Naast de al genoemde walletclusters kan op grond van deze transacties ook het walletcluster [bitcoincluster] aan verdachte worden gekoppeld.

Ter beoordeling staat vervolgens of verdachte zich op grond van het voorgaande schuldig heeft gemaakt aan witwassen.

Het hof stelt voorop dat voor een bewezenverklaring van het in de delictsomschrijving van artikel 420bis, eerste lid, onder a en b van het Wetboek van Strafrecht (Sr) opgenomen bestanddeel “afkomstig uit enig misdrijf”, niet is vereist dat uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid dat het desbetreffende voorwerp afkomstig is uit een nauwkeurig aangeduid misdrijf. Wel is voor een veroordeling ter zake van dit wetsartikel vereist dat vaststaat dat het voorwerp afkomstig is uit enig misdrijf. Indien op grond van de beschikbare bewijsmiddelen geen rechtstreeks verband valt te leggen tussen een voorwerp en een bepaald misdrijf, kan niettemin bewezen worden geacht dat een voorwerp “uit enig misdrijf” afkomstig is, indien het op grond van de vastgestelde feiten en omstandigheden niet anders kan zijn dan dat het in de tenlastelegging genoemde voorwerp uit enig misdrijf afkomstig is (Hoge Raad 27 september 2005, NJ 2006, 473 en Hoge Raad 28 september 2004, LJN: AP2124).

Het hof overweegt dat er onvoldoende direct bewijs aanwezig is dat de bitcoins afkomstig zijn uit een bekend brondelict. Hoewel uit de bewijsmiddelen blijkt dat de verdachte voorbereidingshandelingen heeft verricht voor het verhandelen van drugs, kan niet worden vastgesteld dat de door de verdachte verzilverde bitcoins afkomstig zijn van drugstransacties waarbij de verdachte betrokken is geweest.

Nu het hof heeft vastgesteld dat direct bewijs voor een criminele herkomst van de bitcoins ontbreekt, ligt de vraag voor of op basis van de feiten en omstandigheden - zoals deze uit het onderzoek en het verhandelde ter terechtzitting naar voren zijn gekomen, bezien in samenhang met de zogenaamde typologieën van witwassen - sprake is van een gerechtvaardigd vermoeden van witwassen.

Op grond van de eerder genoemde bewijsmiddelen stelt het hof vast dat de verdachte op meerdere momenten grote hoeveelheden bitcoins bij [betrokkene 3] heeft gewisseld tegen (aanzienlijke) contante geldbedragen. [betrokkene 3] vroeg bij de inkoop van deze bitcoins een veel hogere commissie (8%) dan de reguliere bitcoinexchanger [bedrijf] (maximaal 1,5%), bij wie de uitbetaling plaatsvindt via een bankrekening in plaats van in contanten. De transacties met [betrokkene 3] vonden plaats in openbare gelegenheden, onder meer in cafés.

Voorgaande feiten en omstandigheden in onderling verband en in samenhang bezien, rechtvaardigen naar het oordeel van het hof een vermoeden van witwassen. Alsdan mag van de verdachte worden verlangd dat hij een concrete, min of meer verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring geeft voor de herkomst van de geldbedragen en de bitcoins. Nu de verdachte hiervoor in het geheel geen verklaring heeft gegeven en een mogelijke legale herkomst evenmin uit het dossier blijkt, is er geen andere conclusie mogelijk dan dat het niet anders kan zijn dan dat de tenlastegelegde geldbedragen en bitcoins onmiddellijk of middellijk uit enig misdrijf afkomstig zijn, alsmede dat de verdachte minst genomen willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat de bitcoins die hij aanbod bij het bedrijf van [betrokkene 1] en [betrokkene 2] , een criminele herkomst hadden. Het door de raadsman in hoger beroep gevoerde verweer dat niet kan worden vastgesteld dat de desbetreffende bitcoins afkomstig waren uit enig misdrijf en, voor het geval het hof tot een ander oordeel komt, dat niet kan worden vastgesteld dat de verdachte (al dan niet in voorwaardelijke zin) wist van die criminele herkomst van die bitcoins, kan dan ook niet slagen.

Vrijspraak m.b.t. de bitcoins betreffende cluster [bitcoincluster]

Wat betreft de (in het overzicht opgenomen) transacties waarbij bitcoincluster [bitcoincluster] betrokken is – deze transacties dateren van 16 en 18 juli 2015 en betreffen 50 respectievelijk 8,69 bitcoins – acht het hof niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan. Daarbij neemt het hof in aanmerking dat de verdachte niet als eigenaar aan dit bitcoincluster is te linken. De omstandigheid dat dit cluster de desbetreffende bitcoins heeft ontvangen van het wel aan verdachte toebehorende cluster [bitcoincluster] , acht het hof daartoe niet voldoende. Nu niet is gebleken dat bitcoincluster [bitcoincluster] in gebruik was bij de verdachte, kan ook niet worden geconcludeerd dat het verdachte was, die deze bitcoins heeft gewisseld bij [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] . De omstandigheden waaruit het hof afleidt dat de verdachte van de door hem bij [betrokkene 3] gewisseld bitcoins (minst genomen in voorwaardelijke zin) wist dat deze uit enig misdrijf afkomstig zijn, zijn dus niet van toepassing op de bitcoins die de verdachte heeft overgemaakt naar bitcoincluster [bitcoincluster] . Verdachte zal dan ook worden vrijgesproken van het witwassen met betrekking tot de transacties op 16 en 18 juli 2015 waarbij bitcoincluster [bitcoincluster] betrokken was.

Omvang van het witwassen

Wat betreft de omvang van het witwassen stelt het hof vast dat de verdachte in totaal (517,1897 – 50 – 8,69 =) 458,4997 bitcoins heeft witgewassen en dat die bitcoins een geldelijke waarde vertegenwoordigen van (€ 111.126,07 - € 11.844 - € 2.020,86 =) € 97.261,21. Wat betreft die geldelijke waarde overweegt het hof dat uit pagina 437 van het eind proces-verbaal verdachte [verdachte] blijkt dat de politie met behulp van de website www.bitcoinspot.nl per transactiedatum heeft bepaald wat de geldelijke waarde was van één bitcoin. Op basis hiervan is per transactie berekend wat op de dag van de transactie de geldelijke waarde was van de bitcoins die de verdachte heeft witgewassen. Het hof ziet geen aanleiding om deze berekening niet te volgen.

De raadsman heeft het standpunt ingenomen dat de geldelijke waarde van de witgewassen bitcoins zal worden bepaald op € 77.710,-. Naar het hof begrijpt, is dat standpunt gebaseerd op de (contante) geldbedragen die de verdachte heeft ontvangen in ruil voor de bitcoins, voor zover dit blijkt uit de administratie van [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] (zoals zakelijk weergegeven onder het kopje ‘minus’ in het overzicht op pagina 437 van het eind proces-verbaal verdachte [verdachte] ). Het hof zal dit standpunt niet volgen. In de eerste plaats omdat dit standpunt miskent dat de verdachte slechts een gedeelte van de geldelijke waarde van de gewisselde bitcoins ontving, aangezien hij een provisie van 8% betaalde voor het verrichten van de transactie. Ten tweede omdat de administratie op dit punt incompleet is. Bij een aantal transacties is immers niet vermeld welk geldbedrag aan de verdachte is overgedragen, terwijl er geen reden is om aan te nemen dat er transacties hebben plaatsgevonden waarbij de verdachte geen geld heeft ontvangen in ruil voor de bitcoins die hij overdroeg.

Medeplegen

Uit de bewijsmiddelen blijkt dat de verdachte het witwassen in nauwe en bewuste samenwerking heeft begaan met bitcoinhandelaar en medeverdachte [betrokkene 3] . Daarbij is sprake geweest van een gezamenlijke uitvoering. De bijdragen van de verdachte en [betrokkene 3] zijn elk van voldoende gewicht geweest om van medeplegen te kunnen spreken. Uit het overzicht van trades blijkt dat de verdachte in ieder geval elf trades heeft verricht met [betrokkene 3] . Van de overige trades is niet duidelijk met wie van de drie bitcoinhandelaren ( [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] ) de trade feitelijk heeft plaatsgevonden. Wel acht het hof bewezen dat deze trades hebben plaatsgevonden met één van de genoemde personen, zodat het hof bewezen zal verklaren dat alle trades in vereniging met een ander zijn verricht.

Gewoontewitwassen

Gelet op de omvang van het bedrag dat door de verdachte is witgewassen, de periode waarin dit is gebeurd en het feit dat dit is gebeurd in 23 transacties, acht het hof bewezen dat sprake is van gewoontewitwassen.

Bewezenverklaring

Door wettige bewijsmiddelen, waarbij de inhoud van elk bewijsmiddel - ook in zijn onderdelen - slechts wordt gebezigd tot het bewijs van dat tenlastegelegde feit waarop het blijkens de inhoud kennelijk betrekking heeft, en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.

hij op of omstreeks 3 februari 2016 te Dordrecht, althans in Nederland en/of in Duitsland en/of in Oostenrijk en/of in Australië en/of Italië, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, als bedoeld in artikel 1 lid 5 van de Opiumwet,

en/of opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of vertrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, en/of opzettelijk heeft vervaardigd,

ongeveer (totaal) 735,25 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende amfetamine, en/of

ongeveer (totaal) 4363,64 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende MDMA, en/of

ongeveer (totaal) 154,39 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende heroïne, en/of

(ongeveer) 434 zegels, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende LSD, en/of

ongeveer (totaal) 17,75 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende cocaïne, en/of

ongeveer (totaal) 286,94 gram, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende methamfetamine, en/of

ongeveer (totaal en ongewogen) 1187 pillen, in elk geval een hoeveelheid, van een materiaal bevattende MDMA,

zijnde (telkens) een middel/middelen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I;

2.

hij op of omstreeks 3 februari 2016 te Dordrecht, althans in Nederland en/of in Duitsland en/of in Oostenrijk en/of in Australië en/of Italië,

om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen van een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, voor te bereiden en/of te bevorderen,

(een) voorwerp(en), te weten

een of meerdere weegscha(al)(en), en/of

een of meerdere koffer(s) en/of een tas(sen) met daarin in sealbags en/of plastic zak(ken) verpakte drugs, en/of

een plastic doos met daarin verpakte drugs, en/of

(een) vacuümmachine(s) en/of vacuümzakje(s), en/of

een of meerdere geadresseerde en/of voorbedrukte adressticker(s) en/of twee, althans een boekje(s) met internationale postzegels en/of (een) envelop(pen), en/of

een boekje met zogenoemde track-and-trace-stickers, en/of

een of meerdere pindakaaspot(ten) (met daarin verpakte drugs), en/of

een zogenoemde "melting point tester",

voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte wist of ernstige redenen had te vermoeden dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en);

3.

hij op een of meerdere tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 26 mei 2015 tot en met 28 september 2015, te Dordrecht en/of te Rotterdam en/of (elders) in Nederland en/of (elders) in Europa, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, voorwerpen, te weten (in totaal) 458,4997, althans één of meerdere, bitcoin(s), (die een omgerekende dagwaarde vertegenwoordigen van ongeveer 97.261,21 euro) heeft/hebben verworven, voorhanden gehad, overgedragen en/of omgezet, terwijl verdachte en/of verdachtes mededader(s) (telkens) wist(en) dat die/dat voorwerp(en) geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren/was uit enig misdrijf, en verdachte en/of verdachtes mededader(s) van het plegen van dit feit een gewoonte heeft/hebben gemaakt.

Het hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat de verdachte daarvan zal worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het onder 1 bewezenverklaarde levert op:
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.

Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:
om een feit, bedoeld in het vierde en vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen, voorwerpen voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit.

Het onder 3 bewezenverklaarde levert op:

medeplegen van het plegen van witwassen een gewoonte maken.

Meerdaadse samenloop van feit 1 en 2

De raadsman heeft bepleit dat ten aanzien van feit 1 en 2 sprake is van eendaadse samenloop, in de zin van artikel 55, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.

Het hof komt tot een ander oordeel overweegt hiertoe het volgende.

Van eendaadse samenloop is sprake wanneer hetzelfde feit door de omstandigheden waaronder het wordt gepleegd, tevens een ander strafbaar feit oplevert. Dit is bijvoorbeeld het geval bij het tegelijkertijd vervoeren en aanwezig hebben van heroïne (Hoge Raad 1 juli 1981, NJ 1981/616). Daarnaast is van belang of sprake is van een vergelijkbare strekking van de toepasselijke strafbepalingen alsmede of sprake is van een zich min of meer op dezelfde tijd en plaats afspelend feitencomplex (Hoge Raad 20 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:114).

Het hof stelt vast dat het doel van artikel 2 van de Opiumwet is het beschermen van de volksgezondheid, terwijl artikel 10a van de Opiumwet zich primair richt op de bestrijding van de (internationale) handel in drugs met een onaanvaardbaar risico en op het aanpakken van degenen die daarbij betrokken zijn. Tevens beoogt het laatstgenoemde artikel het mogelijk te maken om in een vroeg stadium van de organisatie van de handel in te grijpen. Gelet daarop is van een vergelijkbare strekking van de toepasselijke strafbepalingen geen sprake.

Bovendien kan onder de omstandigheden waaronder de feiten werden gepleegd, niet worden gesproken van een feit dat tevens een ander strafbaar feit oplevert. Enkel het aanwezig hebben van de verdovende middelen is niet voldoende voor een bewezenverklaring van (voorbereidingshandelingen tot) opzettelijk verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en buiten het grondgebied van Nederland brengen van verdovende middelen. Hiervoor is meer vereist, zoals het onder feit 2 tenlastegelegde voorhanden hebben van de overige voorwerpen, zoals weegschalen, verpakkingsmateriaal en internationale postzegels.

Op grond van het voorgaande is naar het oordeel van het hof met betrekking tot het onder 1 en 2 bewezenverklaarde sprake van meerdaadse samenloop.

Strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de verdachte niet strafbaar zou doen zijn.

Oplegging van straf

Standpunt advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van drie jaren, met aftrek van de duur van het voorarrest. Deze vordering is zo opgebouwd dat een periode van tien maanden betrekking heeft op het witwassen en de rest op de drugsmisdrijven.

Standpunt raadsman

In verband met de straftoemeting heeft de raadsman aangevoerd dat de verdachte sinds het bewezenverklaarde het roer heeft omgegooid en inmiddels een stabiel en gelukkig leven leidt. Hij werkt in deeltijd als accountmanager bij Mofitax, is in maart 2020 (opnieuw) getrouwd en levert een belangrijke bijdrage aan het huishouden. Ook heeft de raadsman gewezen op het tijdverloop sinds het bewezenverklaarde.

Oordeel hof

Het hof heeft bij het bepalen van de op te leggen straf gelet op de aard en ernst van het bewezenverklaarde feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.

De verdachte heeft verschillende soorten harddrugs aanwezig gehad. In totaal ging het om een hoeveelheid van meer dan 5.000 gram. Uit de overige voorwerpen die in zijn woning en garage zijn aangetroffen, blijkt dat hij deze verdovende middelen verkopen, onder meer aan personen buiten Nederland. Het gebruik van harddrugs gaat gepaard met grote gezondheidsrisico’s en regelmatig ook met maatschappelijke teloorgang. Verder komt het veel voor dat (verslaafde) harddrugsgebruikers die verdovende middelen proberen te bekostigen door middel van diefstal of andere vermogensdelicten, waardoor de samenleving ernstige schade wordt toegebracht. Het hof rekent het de verdachte aan dat deze algemeen bekende gegevens hem er niet van hebben weerhouden de drugsmisdrijven te begaan. Kennelijk heeft hij meer waarde gehecht aan het persoonlijke financieel gewin dat hij daarmee beoogde.

Verder heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het witwassen van bitcoins. De verdachte was in het bezit van bitcoins die verkregen waren door middel van een misdrijf - bijvoorbeeld door middel van de verkoop van illegale zaken (zoals verdovende middelen) op zogenoemde ‘darknet markets’ - en heeft deze bitcoins omgezet in contant geld. Op deze wijze beoogde de verdachte kennelijk te voorkomen dat het financiële instellingen en andersoortige toezichthouders zou opvallen dat hij inkomsten had met een criminele herkomst. In een periode van vier maanden heeft de verdachte een hoeveelheid bitcoins witgewassen ter waarde van bijna 100.000 euro. Witwassen vormt een aantasting van de legale economie en is, mede vanwege de corrumperende invloed ervan op het reguliere handelsverkeer, een bedreiging voor de integriteit van het financiële handelsverkeer.

Binnen de rechtspraak zijn oriëntatiepunten voor de straftoemeting ontwikkeld, met als doel het bevorderen van een consistent landelijk straftoemetingsbeleid. Deze oriëntatiepunten kunnen dienen als vertrekpunt bij het bepalen van de op te leggen straf. Voor het misdrijf dat de verdachte heeft gepleegd (het aanwezig hebben van meer dan 5.000 gram harddrugs) geldt als oriëntatiepunt een gevangenisstraf voor de duur van achttien maanden. Als strafverzwarende factor neemt het hof in aanmerking dat deze harddrugs bestemd waren voor de verkoop, onder meer aan personen in het buitenland. Verder neemt het hof in aanmerking dat de verdachte zich ook schuldig heeft gemaakt aan witwassen.

Alles afwegend is het hof van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van dertig maanden een passende straf zou zijn, als geen sprake zou zijn van een overschrijding van de redelijke termijn (in de zin van artikel 6, eerste lid, van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden).

Redelijke termijn

Zowel voor de eerste aanleg als het hoger beroep geldt dat de behandeling van de zaak niet heeft plaatsgevonden binnen twee jaren nadat de redelijke termijn is aangevangen.

Wat betreft de duur van de behandeling van de zaak in eerste aanleg is het hof met de rechtbank van oordeel dat die termijn (2,5 jaar) niet onredelijk is geweest in het licht van de complexiteit van de zaak (en de daarmee samenhangende zaken tegen de medeverdachten), de omvang van het door de politie (onder meer in het buitenland) verrichte onderzoek en de getuigenverhoren die mede op verzoek van de verdediging hebben plaatsgevonden.

Wat betreft het hoger beroep is het hof wel van oordeel dat de behandeling van de zaak onredelijk lang heeft geduurd en dat sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn met ruim zeven maanden. Het nader onderzoek dat in hoger beroep heeft plaatsgevonden is van een zodanig beperkte omvang geweest, dat dit die termijnoverschrijding niet rechtvaardigt. De termijnoverschrijding geeft het hof aanleiding de duur van de op te leggen gevangenisstraf te verminderen met drie maanden.

Conclusie

Het hof zal de verdachte veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 27 maanden, met aftrek van de duur van het voorarrest

Beslag

Onttrekking aan het verkeer

Met betrekking tot de in beslag genomen drugsgerelateerde voorwerpen – aan het slot van dit arrest is opgesomd welke voorwerpen het precies betreft – zal het hof beslissen tot onttrekking aan het verkeer. Naar het oordeel van het hof zijn dit voorwerpen van een zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang. Het gaat telkens om een voorwerp waarmee het onder 1 of 2 bewezenverklaarde is begaan of om een voorwerp dat bij gelegenheid van het onderzoek naar de bewezenverklaarde feiten is aangetroffen en kan dienen tot het begaan van het onder 1 of 2 bewezenverklaarde.

Verbeurdverklaring

Wat betreft de in beslag genomen laptop van het merk HP en gsm van het merk Samsung zal het hof beslissen tot verbeurdverklaring. Op de gsm zijn bitcoingerelateerde apps aangetroffen, waaruit het hof afleidt dat het onder 3 bewezen verklaarde met behulp van dit voorwerp is begaan. Op de laptop zijn adreslabels aangetroffen, waaruit het hof afleidt dat het onder 2 bewezenverklaarde met behulp van deze laptop is begaan.

Teruggave aan de verdachte

Met betrekking tot de overige in beslag genomen voorwerpen zal het hof beslissen tot teruggave aan de verdachte.

Met betrekking tot de horloges van het merk Hublot heeft de advocaat-generaal primair gevorderd dat het hof zal beslissen tot verbeurdverklaring, omdat het bij afwezigheid van legale inkomsten niet anders kan zijn dan dat die horloges zijn verkregen uit de baten van het witwassen. Subsidiair heeft de advocaat-generaal gevorderd dat het hof een geldboete zal opleggen ter hoogte van de waarde van die horloges.

Het hof volgt dit standpunt niet. Uit niets blijkt dat deze horloges uit de baten van het witwassen (of enig ander misdrijf) zijn verkregen. Er is derhalve geen reden tot verbeurdverklaring van de horloges. Het hof ziet ook geen aanleiding een geldboete op te leggen, waarbij het hof ten overvloede nog opmerkt dat niet bekend is wat de waarde is van de horloges.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 2, 10 en 10a van de Opiumwet en de artikelen 24, 33, 33a, 36b, 36c, 36d, 47, 57, 63 en 420ter van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1, 2 en 3 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 27 (zevenentwintig) maanden.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Verklaart verbeurd de volgende in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen:

 HP laptop (CNF91627M8) (308234);

 Samsung GSM (308260).

Beveelt de onttrekking aan het verkeer van de volgende in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen:

 grijze koffer hard kaft (308227);

 zak paarse pillen, MDMA (1635647);

 P geel 10, MDMA (1635650);

 S25, amfetamine (1635652);

 S10, amfetamine (1635656);

 P Groen 100, MDMA (1635657);

 oranje en twee gele pillen, MDMA (1635660);

 P Groen 10, MDMA (1635661);

 S25 9 sealbags 360 gr, amfetamine (1635948);

 P10 25 sealbags 140 gr, MDMA (1635962);

 P geel 10 19 sealbags 120 gr, MDMA (1635967);

 P groen 10, 29 sealbags l80gr, MDMA (1635973);

 S10, 15 sealbags 220 gr, amfetamine (1635977);

 P25, paars, 10 sealbags 100 gr, MDMA (1635981);

 P50, paars, 5 sealbags 80 gr, MDMA (1635986);

 P geel 100, 1 sealbag 20 gr, MDMA (1635995);

 25 RR, witte sealbag 20 gr, MDMA (1635997);

 M1 Sealbagg 230gr, MDMA (1636590);

 M1 38 sealbags 186gr, MDMA (1636599);

 M2 21 sealbags 128gr, MDMA (1636614);

 M2,5 28 sealbags 128gr, MDMA (1636616);

 M5 19 sealbags 180gr, MDMA (1636631);

 M10 24 sealbags 342gr, MDMA (1636635);

 M25 8 sealbags 248gr, MDMA (1636675);

 2,5M 4 sealbags 26gr, MDMA (1636685);

 5L 1 envelop l6gr, LSD (1636686);

 C2 2 sealbags l6gr, cocaïne (1636734);

 1 sealbags + 1 envelop (opschrift (3C)) 42gr, LSD (1636732);

 1 sealbag 2gr, LSD (1636729);

 L5 7 sealbags 32gr, LSD (1636734);

 L10 10 sealbags 56gr, LSD (1636736);

 0,1i 6 sealbags 36gr, chrystal meth (1636737);

 C3 1 sealbag 12gr, cocaïne (1636738);

 iC1 16 sealbags 82gr, chrystal meth (1636743);

 10C 9 sealbags 66gr, LSD (1636748);

 C1 2 sealbags l4gr, cocaïne (1636765);

 iC2 sealbag l2gr, chrystal meth (1636768);

 sealbag 72gr, LSD (1636812);

 plastic doos (1636822);

 dienblad met NN poeder (1636823);

 grijze koffer ABN (308228);

 M5 19 zakjes, MDMA (1635663);

 S 10 onbekend aantal sealbags 662, MDMA (1638893);

 2 m sealbag met inhoud 16 gr, MDMA (1638895);

 plastic zakje met gekleurde strips en notities, LSD (1638905);

 Ah tas met 4 sealbags 424 gr, MDMA (1638911);

 M10 - 49 sealbags met inhoud 680gr, MDMA (1638886);

 zwarte koffer stof (1638841);

 zak Poeder/brokken 10 gr, amfetamine (1638733);

 16 roze pillen acht gram, MDMA (1638738);

 4 brokken, heroïne (1635664);

 zak blauwe pillen 6 gr, MDMA (1638747);

 zak poeder/brokken 42gr, amfetamine (1638751);

 zak groene pillen totaal l2gr, MDMA (1638770);

 buisje paarse pillen 8gr, MDMA (1638775);

 buisje 3 paarse pillen 10gr, MDMA (1638778);

 zak groen poeder 16gr, MDMA (1638780);

 zak met drie paarse pillen 4gr, MDMA (1638789);

 zak met groen poeder 4gr, MDMA (1638797);

 lege plastic stapeldoos met kleinere doos plus lepel (1638814);

 plasticdoos met poederresten (1638816);

 doos met wit poeder 100gr (1638825);

 doos roze deksel wit poeder 82gr (1638827);

 plastic doos Bodum (1638828);

 zwarte weegschaal (1638832);

 plastic diepvries Melita doos (1638836);

 zak oranje pillen l6gr, MDMA (1638743);

 verdovende middelen (308230);

 witte blokjes verdovende middelen (308231);

 sealbags verdovende middelen (308232);

 bruine blokjes verdovende middelen, heroïne (308235);

 doos Tefal (308236);

 1 zak 270 gr, MDMA (1639497);

 pan met schep + onbekende nh in zak 266gr, MDMA (1639499);

 plastic bak + plastic zak 342gr, MDMA (1639501);

 enveloppe Zoetermeer, amfetamine (1635666);

 enveloppen, vacuümzakjes (308238);

 pindakaas, MDMA (1639438);

 internationale postzegels (308240);

 FO monster afkomstig uit de Flexforce tas (N661), heroïne (1635667);

 LS5 43 sealbags 176gr, LSD (1638534);

 10.M 12 sealbags 168 gr, MDMA (1638552);

 1.i 20 sealbags 88 gr, chrystal meth (1638560);

 20.S 6 sealbags 152 gr, chrystal meth (1638569);

 S5 6 sealbags 60gr, amfetamine (1638592);

 iM 6 sealbags 46gr, MDMA (1638598);

 10.S 4 sealbags 66gr, amfetamine (1638604);

 15.M 2 sealbags 46gr, MDMA (1638613);

 1.i 4 sealbags 24gr, chrystal meth (1638616);

 2.C sealbag 10gr, cocaïne (1638665);

 2.5i 2sealbags l6gr, chrystal meth (1638668);

 2.5.C sealbag 14 gr, cocaïne (1638673);

 10.P sealbag 14gr, MDMA (1638676);

 0.5H sealbag 10 gr, heroïne (1638677);

 0.5C 2 sealbags 14gr, cocaïne (1638680);

 10.L 3 sealbags l4gr, LSD (1638682);

 15.S sealbag 26gr, amfetamine (1638685);

 50P sealbag 26gr, MDMA (1638686);

 50P sealbag 32gr, MDMA (1638689);

 25M sealbag 36gr, MDMA (1638715);

 2 sealbags 22gr, MDMA (1638716);

 Flexforce tas N537 (308243);

 plastic bak met inhoud (308244);

 melting pointtester (308245);

 bruin blokje verdovende middelen, heroïne (1635671);

 gele tablet XTC, MDMA (1635674);

 enveloppe voor Australië, MDMA (1644820);

 enveloppe met sealbag, heroïne (1635678);

 zwarte verpakking verdovende middelen amfetamine (1635680);

 weegschalen (308251);

 notitie (308252);

 gedroogde paddo’s (1635682);

 weegschaal (308262);

 notities (308279);

 flesje met o.a. Engels opschrift: cocaïne, 3 ml, Do Not Swallow, cocaïnetester (1639421);

 10 zegels, LSD (1644782).

Gelast de teruggave aan de verdachte van de volgende in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen:

 Acer laptop (308242);

 usb-stick (308259);

 Blackberry GSM (308263);

 Samsung GSM (308266);

 Blackberry GSM ( […] ) (308267);

 Samsung tablet ( […] ) (308268);

 Compaq ( […] ) (308270);

 Acer laptop ( […] ) (308271);

 Samsung Tablet ( […] ) (308272);

 Compaq Laptop ( […] ) (308280);

 horloge Hublot (308218);

 horloge Hublot in doos (308219);

 Nokia telefoon ( […] ) (308221);

 Blackberry GSM (308224).

Heft op het (geschorste) bevel tot voorlopige hechtenis met ingang van heden.

Aldus gewezen door

mr. R.M. Maanicus, voorzitter,

mr. A. van Maanen en mr. E.W. van den Heuvel, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. D. van der Geld, griffier,

en op 3 december 2020 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij de in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal: * genummerd 2015288539 160113.1107.EIND (onderzoek 09TFCNocis), opgemaakt door politie Midden-Nederland, bestaande uit: - het einddossier, 22 ordners, pagina 1 tot en met 10.396; - aanvulling 1 op het einddossier NOCIS, 1 ordner, pagina 1 tot en met 555; - aanvulling 2 op het einddossier NOCIS, 1 ordner, pagina 557 tot en met 1057; - aanvulling 3 op het einddossier NOCIS, 1 ordner, pagina 1058 tot en met 1554; - aanvullend dossier 2, 4 ordners, pagina 1 tot en met 1351; - derde aanvullend einddossier NOCIS, pagina 1 tot en met 462; - vierde aanvullend einddossier NOCIS, pagina 1 tot en met 99; - vijfde aanvullend einddossier NOCIS, pagina 1 tot en met 96; - zesde aanvullend einddossier NOCIS, pagina 1 tot en met 213; * genummerd 160303.1617.EIND (eind proces-verbaal verdachte [verdachte] ), opgemaakt door politie Midden-Nederland, bestaande uit: - het eind proces-verbaal, 2 ordners, pagina 1 tot en met 901. Daarnaast is het proces-verbaal van bevindingen onderzoek verdovende middelen, genummerd 160914.1425.AMB, met als bijlagen rapporten van het Laboratorium Forensische Opsporing, opgemaakt door politie Midden-Nederland, niet genummerd, aan het dossier van [verdachte] toegevoegd. Tenzij anders vermeld, zijn deze processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Voor zover het gaat om geschriften als bedoeld in artikel 344, eerste lid, sub vijf, van het Wetboek van Strafvordering, worden deze alleen gebruikt in verband met de inhoud van andere bewijsmiddelen.

2 Bijlage inbeslaggenomen goederen bij het proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagneming ( [adres] ), p. 671 tot en met 676 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

3 Proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 741-753 en proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 754-767 en proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 768-784 en proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 785-788 en proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 789-792 en proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 796-801 en proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 802-825 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

4 Proces-verbaal van bevindingen onderzoek verdovende middelen, niet genummerd, met als bijlagen geschriften, zijnde: - een LFO-rapport van 28 april 2016, met nummer 0479N16; - een LFO-rapport van 2 mei 2016, met nummer 0482N16; - een LFO-rapport van 2 mei 2016, met nummer 0483N16; - een LFO-rapport van 29 april 2016, met nummer 0485N16; - een LFO-rapport van 29 april 2016, met nummer 0486N16; - een LFO-rapport van 29 april 2016, met nummer 0487N16; - een LFO-rapport van 29 april 2016, met nummer 0488N16.

5 Geschriften, zijnde: - een NFI-rapport identificatie van drugs en precursoren, p. 107-108; - een NFI-rapport identificatie van drugs en precursoren, p. 109-110; - een NFI-rapport identificatie van drugs en precursoren, p. 111-112; - een NFI-rapport identificatie van drugs en precursoren, p. 113-114; (aanvulling 1 op het einddossier NOCIS).

6 Proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 790 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

7 Proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 791 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

8 Een geschrift, zijnde een rapport van het Laboratorium Forensische Opsporing van 29 april 2016, met rapportnummer 0487N16.

9 Proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 791 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

10 Een geschrift, zijnde een rapport van het Laboratorium Forensische Opsporing van 29 april 2016, met rapportnummer 0487N16.

11 Proces-verbaal onderzoek verdovende middelen, p. 791 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

12 Een geschrift, zijnde een rapport van het Laboratorium Forensische Opsporing van 29 april 2016, met rapportnummer 0487N16.

13 Proces-verbaal van bevindingen netto-bruto gewichten, p. 103 (aanvulling 1 op het einddossier NOCIS).

14 Proces-verbaal van bevindingen ( [locatie 3] ) internationale adresstickers, (inter)nationale postzegels, track en trace stickers & afgesloten envelop in de garage, p. 666 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

15 Proces-verbaal van bevindingen ( [locatie 3] ) internationale adresstickers, (inter)nationale postzegels, track en trace stickers & afgesloten envelop in de garage, p. 667 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

16 Proces-verbaal van bevindingen ( [locatie 3] (melting point tester, 3 weegschalen, verzendmateriaal)), p. 844 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

17 Proces-verbaal van bevindingen ( [locatie 3] (melting point tester, 3 weegschalen, verzendmateriaal)), p. 845 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

18 Proces-verbaal van bevindingen ( [locatie 3] (melting point tester, 3 weegschalen, verzendmateriaal)), p. 846 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

19 Proces-verbaal van verhoor van de verdachte [verdachte] , p. 725 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

20 Proces-verbaal van bevindingen, p. 501 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

21 Bijlage 7 bij het proces-verbaal van bevindingen, p. 503 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

22 Proces-verbaal van bevindingen herkenning stem [verdachte] , p. 499 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

23 Proces-verbaal van bevindingen vermogensstroom bitcoins/trades [verdachte] , p. 509 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

24 Proces-verbaal van bevindingen vermogensstroom bitcoins/trades [verdachte] , p. 510 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

25 Proces-verbaal van bevindingen vermogensstroom bitcoins/trades [verdachte] , p. 511 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

26 Proces-verbaal van observatie woensdag 12 augustus 2015, p. 522 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

27 Proces-verbaal van observatie woensdag 12 augustus 2015, p. 522 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

28 Proces-verbaal van bevindingen vermogensstroom bitcoins/trades [verdachte] , p. 511 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

29 Proces-verbaal van bevindingen vermogensstroom bitcoins/trades [verdachte] , p. 512 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

30 Proces-verbaal zaaksdossier ‘Klant’ [verdachte] , p. 441 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

31 Proces-verbaal zaaksdossier ‘Klant’ [verdachte] , p. 442 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

32 Proces-verbaal zaaksdossier ‘Klant’ [verdachte] , p. 443 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

33 Proces-verbaal van bevindingen vermogensstroom bitcoins/trades [verdachte] , p. 513 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

34 Proces-verbaal zaaksdossier ‘Klant’ [verdachte] , p. 435 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

35 Proces-verbaal zaaksdossier ‘Klant’ [verdachte] , p. 436 en 437 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

36 Proces-verbaal zaaksdossier ‘Klant’ [verdachte] , p. 435 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

37 Proces-verbaal zaaksdossier ‘Klant’ [verdachte] , p. 436 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

38 Proces-verbaal zaaksdossier ‘Klant’ [verdachte] , p. 437 (eind proces-verbaal [verdachte] ).

39 Proces-verbaal van verhoor van de getuige [getuige] , p. 14 (ordner 1 NOCIS).

40 De verklaring van de getuige [getuige] bij de rechter-commissaris op 1 juni 2016, p. 3.