Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2019:8528

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
15-10-2019
Datum publicatie
28-10-2019
Zaaknummer
21-002201-18
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Veroordeling voor mishandeling van een begeleider van de polikliniek van AFPN Lentis. Oplegging van een gevangenisstraf van twee weken wegens tijdsverloop van vier jaren sinds de pleegdatum van het feit.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-002201-18

Uitspraak d.d.: 11 oktober 2019

TEGENSPRAAK

Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem‑Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 19 mei 2017 met parketnummer 18-157681-15 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987,

wonende te [adres]

.

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 27 september 2019.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde en veroordeling van verdachte tot een gevangenisstraf van één maand. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.

Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen namens verdachte door zijn raadsman, mr. J. Boksem, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter heeft bij vonnis van 19 mei 2017, waartegen het hoger beroep is gericht, verdachte ter zake van mishandeling veroordeeld tot een gevangenisstraf van één maand.

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat er geen proces-verbaal van de zitting is opgemaakt. Aldus leent dat vonnis zich niet voor bevestiging. Het hof zal daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op of omstreeks 16 juni 2015 te [plaats] [slachtoffer] heeft mishandeld door hem meermalen tegen zijn armen te slaan en hem tegen de borst te slaan.

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewezenverklaring

Door wettige bewijsmiddelen, waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op 16 juni 2015 te [plaats] [slachtoffer] heeft mishandeld door hem meermalen tegen zijn armen te slaan en hem tegen de borst te slaan.

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezen verklaarde levert op:

mishandeling.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.

Oplegging van straf en/of maatregel

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mishandeling van zijn begeleider [slachtoffer] , werkzaam bij de polikliniek van de Ambulante Forensische Psychiatrie Noord (AFPN) Lentis. Verdachte heeft aangever zonder aanwijsbare aanleiding aangevallen. Verdachte heeft een aantal kopstoten en slaande bewegingen met zijn vuisten in de richting van aangever gemaakt. Het lukte aangever om deze te ontwijken dan wel af te weren met zijn armen. Verdachte bleef hard en wild inslaan op aangever, waarbij hij aangever meermalen tegen zijn (onder)armen en in de borststreek heeft geslagen. Aangever had hierdoor rode schrammen en pijn aan zijn onderarmen en borststreek. Door zo te handelen heeft verdachte inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van aangever en heeft hij het veiligheidsgevoel van de bij de mishandeling aanwezige personen aangetast. Het hof rekent het verdachte in het bijzonder aan zijn agressie heeft gericht naar zijn begeleider van AFPN Lentis, die hem juist hulp bood.

Het hof heeft voorts gelet op het verdachte betreffende uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 26 augustus 2019, waaruit blijkt dat verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van mishandeling tot (voorwaardelijke) gevangenisstraffen, een werkstraf en een geldboete. Tevens volgt daaruit dat verdachte na de pleegdatum van het in deze zaak ter beoordeling staande feit onherroepelijk is veroordeeld voor openlijk geweld. Daarmee is artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht van toepassing. Daarentegen volgt uit het uittreksel uit de Justitiële Documentatie ook dat verdachte na 2016 niet meer met politie en justitie in aanraking is gekomen.

De door de politierechter opgelegde en door de advocaat-generaal gevorderde gevangenisstraf van één maand past op zichzelf bij de ernst van het bewezen verklaarde feit. Bij oplegging van deze straf wordt echter onvoldoende rekening gehouden met het tijdsverloop van inmiddels vier jaren. Alles afwegende acht het hof oplegging van een gevangenisstraf van twee weken passend en geboden.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 63 en 300 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) weken.

Aldus vastgesteld en gewezen op 27 september 2019 door

mr. J. Dolfing, voorzitter,

mr. W. Foppen en mr. T.H. Bosma, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. K.M. Diender, griffier,

en op 11 oktober 2019 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

mr. T.H. Bosma is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.