Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2019:7963

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
01-10-2019
Datum publicatie
28-10-2019
Zaaknummer
200.238.408
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Besluit Inspecteur belastingdienst tot afwijzing verzoek ambtshalve vermindering voldane omzetbelasting ex art. 65 Algemene wet inzake rijksbelastingen. Civiele rechter bevoegd tot beslissing over rechtmatigheid besluit.

Hof houdt zaak aan in afwachting van einduitspraak in andere appelprocedure tussen partijen, die aanhangig is bij team belastingrecht van hof.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Viditax (FutD), 29-10-2019
FutD 2019-2858
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof 200.238.408

(zaaknummer rechtbank Overijssel, zittingsplaats Enschede, 5663530)

arrest van 1 oktober 2019

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Lifestyle Supplies B.V.,

gevestigd te Borne,

appellante,

in eerste aanleg: eiseres,

advocaat: mr. C.G. Mensink,

tegen:

1 de Ontvanger van de Belastingdienst Oost / Kantoor Enschede,

gevestigd te Enschede,

2. de publiekrechtelijke rechtspersoon

de Staat der Nederlanden, het ministerie van Financiën, Directoraat-Generaal Belastingdienst,

gevestigd te Den Haag,

geïntimeerden,

in eerste aanleg: gedaagden,

advocaat: mrs. W.I. Wisman.

Appellante zal hierna Lifestyle worden genoemd. Geïntimeerde sub 1 zal hierna de Ontvanger, geïntimeerde sub 2 de Staat en geïntimeerden gezamenlijk zullen de Ontvanger c.s. worden genoemd.

1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

1.1

Het hof neemt de inhoud van het tussenarrest van 12 juni 2018 hier over.

1.2

Het verdere verloop blijkt uit:

- het proces-verbaal van de comparitie van partijen van 19 september 2018;

- de memorie van grieven (met producties);

- de memorie van antwoord;

- het schriftelijk pleidooi van Lifestyle;

- het schriftelijk pleidooi van de Ontvanger c.s. (met productie).

1.3

Vervolgens hebben partijen de stukken voor het wijzen van arrest aan het hof overgelegd en heeft het hof arrest bepaald.

2 De vaststaande feiten

Het hof gaat in hoger beroep uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 2.1 tot en met 2.8 van het tussenvonnis van de kantonrechter in de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Enschede, van 11 juli 2017.

3 De motivering van de beslissing in hoger beroep

3.1

Lifestyle is een groothandel in voedings- en genotsmiddelen en consumentenartikelen. Zij verkoopt onder meer capsules met N₂O (lachgas). In geschil is of Lifestyle recht heeft op teruggave van op eigen aangifte voldane omzetbelasting over de jaren 2008 en 2009. In die jaren heeft Lifestyle over de capsules een percentage van 19% aan omzetbelasting afgedragen. Volgens Lifestyle is echter een percentage van 6% van toepassing op de capsules. Lifestyle legt aan haar vordering onrechtmatig handelen van de Ontvanger c.s. ten grondslag. De teveel betaalde omzetbelasting heeft Lifestyle als schade gevorderd.

3.2

De rechtbank Gelderland, sector belastingrecht, heeft bij mondelinge uitspraak van 19 juli 2016 het beroep van Lifestyle ten aanzien van de op eigen aangifte afgedragen omzetbelasting over 2008 en 2009 niet-ontvankelijk c.q. ongegrond verklaard, omdat Lifestyle de bezwaarschriften niet tijdig heeft ingediend. Lifestyle heeft naast deze bestuursrechtelijke procedure door middel van meerdere brieven aan de belastingdienst verzocht om teruggave van de volgens haar ten onrechte afgedragen omzetbelasting over (onder meer) 2008 en 2009. Die brieven van Lifestyle kwalificeert het hof als verzoeken tot ambtshalve vermindering van de voldane omzetbelasting in de zin van artikel 65 Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna: AWR). De Inspecteur van de belastingdienst (hierna: de Inspecteur) heeft die verzoeken afgewezen.

3.3

Op grond van artikel 65 lid 1 AWR kan een onjuiste belastingaanslag of beschikking door de Inspecteur ambtshalve worden verminderd en kan een in de belastingwet voorziene vermindering, ontheffing of teruggaaf door hem ambtshalve worden verleend. Ingevolge artikel 65 lid 2 AWR is het eerste lid van overeenkomstige toepassing ten aanzien van degene die een onjuist bedrag op aangifte heeft voldaan of afgedragen, of van wie een onjuist bedrag is ingehouden. De Inspecteur kan de ambtshalve vermindering of teruggaaf van belasting uit eigen beweging of op verzoek verlenen (zie het Besluit ambtshalve verminderen of teruggeven (oud) en het Besluit Fiscaal Bestuursrecht). Een besluit van de Inspecteur ex artikel 65 AWR is een ingevolge de belastingwet genomen besluit, waartegen op grond van artikel 26 lid 1 AWR geen bezwaar en beroep open staat (zie Hoge Raad 20 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:1797). Dat brengt mee dat de beslissing over de rechtmatigheid van dat besluit tot de bevoegdheid van de burgerlijke rechter behoort.

3.4

Lifestyle heeft de Ontvanger in dit hoger beroep betrokken. De kantonrechter heeft de vorderingen van Lifestyle voor zover deze zich richten tegen de Ontvanger afgewezen, omdat Lifestyle niet (gemotiveerd) heeft gesteld dat de Ontvanger een rol c.q. taak heeft bij de ambtshalve teruggaaf van belastingen. Daartegen heeft Lifestyle geen grief gericht. Daarom zal de afwijzing van de vorderingen van Lifestyle op de Ontvanger worden bekrachtigd.

3.5

Het hof is ambtshalve bekend met het hoger beroep bij dit hof van Lifestyle tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, sector belastingrecht, van 13 mei 2019, gewezen tussen onder meer Lifestyle als eiseres en de Inspecteur als verweerder (zaaknummers rechtbank: AWB 17/5343 en 17/5344, ECLI:NL:RBGEL:2019:2038). Dit hoger beroep is bij het team belastingrecht van dit hof bekend onder de zaaknummers 19/00701 en 19/00702. Uit de uitspraak van de rechtbank blijkt dat de Inspecteur aan Lifestyle onder meer naheffingsaanslagen omzetbelasting heeft opgelegd over de periode 2012 tot en met 2016. Deze naheffingsaanslagen zien onder meer op te weinig voldane omzetbelasting over de capsules met N₂O. De rechtbank heeft geoordeeld dat Lifestyle wat betreft die capsules ten onrechte het verlaagde tarief van 6% heeft gehanteerd en dat de naheffingsaanslagen in zoverre terecht zijn opgelegd.

3.6

Omdat de uitkomst van het bij het team belastingrecht van dit hof aanhangige hoger beroep relevant kan zijn voor de uitkomst van de onderhavige zaak, zal het hof de zaak aanhouden in afwachting van de einduitspraak in dat hoger beroep. Lifestyle zal in de gelegenheid worden gesteld de einduitspraak in die zaak bij akte in het geding te brengen. Bij diezelfde akte kan Lifestyle zich ook uitlaten over de gevolgen van deze uitspraak voor de onderhavige zaak. Het hof zal de zaak verwijzen naar de rol van 3 maart 2020 voor akte aan de zijde van Lifestyle. Indien de einduitspraak op dat moment nog niet is gewezen, zal Lifestyle dat op die roldatum aan het hof berichten en een verzoek tot uitstel van het nemen van de akte doen. Indien de einduitspraak eerder is gedaan kan de akte eerder worden genomen. Na het nemen van de akte door Lifestyle zal de Staat in de gelegenheid worden gesteld om bij antwoordakte te reageren.

4 De beslissing

Het hof, recht doende in hoger beroep:

verwijst de zaak naar de roldatum 3 maart 2020 voor akte aan de zijde van Lifestyle zoals bedoeld in rov. 3.6;

bepaalt dat de Staat na het nemen van de akte door Lifestyle op een termijn van 4 weken bij antwoordakte in de gelegenheid wordt gesteld te reageren zoals bedoeld in rov. 3.6;

houdt verder iedere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. L.J. de Kerpel-van de Poel, J. van de Merwe en B.J. Engberts en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 1 oktober 2019.