Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2019:6557

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
13-08-2019
Datum publicatie
20-08-2019
Zaaknummer
200.214.780
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Onrechtmatige overheidsdaad. De gemeenten Veenendaal en Ede zijn niet te kort geschoten in hun inspanningen om te komen tot herhuisvesting van Info Support. Zij hebben in dat opzicht ook geen onrechtmatige daad gepleegd

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.214.780/01

(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland C/16/411570)

arrest van 13 augustus 2019

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Info Support B.V.,

gevestigd te Veenendaal,

appellante,

in eerste aanleg: eiseres,

hierna: Info Support,

advocaat: mr. J.O. de Wilde,

tegen:

1. de publiekrechtelijke rechtspersoon

Gemeente Veenendaal,

zetelende te Veenendaal,

advocaat: mr. S.R.A. Lucas,

2. de publiekrechtelijke rechtspersoon

Gemeente Ede,

zetelende te Ede,

advocaat: mr. T.E.P.A. Lam

geïntimeerden,

in eerste aanleg: gedaagden,

hierna: Veenendaal, resp. Ede en gezamenlijk de gemeenten.

1 Het geding in eerste aanleg

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van de vonnissen van 15 juni 2016 en 14 december 2016 die de rechtbank Midden-Nederland heeft gewezen.

2 Het geding in hoger beroep

2.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

■ de dagvaarding in hoger beroep d.d. 14 maart 2017,

■ het anticipatie-exploot d.d. 19 april 2017,

■ de memorie van grieven, tevens houdende wijziging van eis, met producties,

■ de memorie van antwoord van Veenendaal, met een productie,

■ de memorie van antwoord van Ede,

■ de pleidooien overeenkomstig de pleitnotities. Hierbij is akte verleend van de stukken die mr. De Wilde bij bericht van 22 mei 2019 namens Info Support heeft ingebracht en die mr. I.C. Nijenhuis namens mr. Lam bij bericht van 28 mei 2019 namens Ede heeft ingebracht.

2.2

Na afloop van de pleidooien heeft het hof arrest bepaald.

3 Devaststaandefeiten

3.1

Het hof gaat in hoger beroep uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 2.1 tot en met 2.13 van het vonnis van 28 december 2016.

4 De motivering van de beslissing in hoger beroep

4.1

Info Support is een ICT-bedrijf dat haar hoofdvestiging in Veenendaal heeft. Zij heeft in ieder geval vanaf 1997 besprekingen met Veenendaal gevoerd over herhuisvesting van haar hoofdkantoor op het bedrijventerrein De Batterijen. Veenendaal heeft in een brief van 31 juli 1997 geschreven bereid te zijn een inspanningsverplichting aan te gaan om Info Support in de gelegenheid te stellen in het tweede kwartaal van 1998 te starten met de verwezenlijking van haar plannen. Op de door Info Support beoogde locatie rustte een aan Veenendaal toekomend voorkeursrecht. Nadat Veenendaal tegenover de eigenaar een beroep op het voorkeursrecht had gedaan, bleek dat B.V. Stichts Beheer van 1952 - hierna: Stichts Beheer - een aanzienlijk hoger bedrag voor de grond wilde betalen dan Veenendaal. De grond is vervolgens aan Stichts Beheer verkocht en geleverd. Het door Stichts Beheer aan Info Support gedane aanbod tot aankoop van de beoogde locatie heeft Info Support van de hand gewezen. Vervolgens heeft Veenendaal Info Support geïntroduceerd bij Ede, opdat Info Support zich zou kunnen vestigen binnen het plangebied De Klomp-Oost. De Klomp-Oost behoort tot een groter gebied, waarvoor Veenendaal en Ede het zogenaamde ISEV-convenant hadden gesloten, dat afspraken bevatte over gezamenlijke ontwikkeling. Een van die afspraken hield in dat Veenendaal 40% mocht aangeven van de jaarlijks uit te geven gronden. In 2004 en 2006 zijn er besprekingen geweest tussen Info Support en Ede, waaronder een bespreking op 23 juni 2004 in aanwezigheid van de wethouders Spiegelenberg en Kremers . Deze besprekingen hebben er niet toe geleid dat Info Support zich heeft gevestigd op De Klomp-Oost. Op grond van het op 23 maart 2017 door de raad van Ede vastgestelde en inmiddels onherroepelijk geworden bestemmingsplan “Bedrijventerrein De Klomp” is vestiging van kantoren niet mogelijk.

4.2

Info Support heeft in deze procedure verschillende vorderingen tegen Veenendaal en Ede ingesteld die erop zijn gebaseerd dat de gemeenten inspanningsverbintenissen of toezeggingen hebben gedaan, die zij niet zijn nagekomen. De rechtbank heeft bij vonnis van 28 december 2016 de vorderingen afgewezen met veroordeling van Info Support in de kosten van het geding. Info Support is van dat vonnis in hoger beroep gekomen onder aanvoering van 14 grieven. Zij heeft haar eis gewijzigd die thans als volgt luidt:

I. voor recht te verklaren dat tussen Veenendaal en Info Support met de briefwisseling uit 1997 een overeenkomst tot stand is gekomen uit hoofde waarvan Veenendaal zich door middel van een resultaatsverbintenis, althans subsidiair door middel van een inspanningsverbintenis, heeft verbonden Info Support in de gelegenheid te stellen op de in de brief van 1997 gestelde uitgangspunten haar huisvesting ter hand te nemen; alsmede

II. voor recht te verklaren dat Veenendaal jegens Info Support toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de verbintenissen uit hoofde van de onder I genoemde overeenkomst en gehouden is alle schade die Info Support als gevolg daarvan heeft geleden te vergoeden, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet; alsmede

III. voor recht te verklaren dat Veenendaal zich in 2002 en de periode daarna jegens Info Support heeft verbonden Info Support als preferent voor het ISEV-gebied aan te merken en een inspanningsverbintenis op zich heeft genomen ertoe strekkend Info Support in de gelegenheid te stellen zich te vestigen op bedrijventerrein De Klomp-Oost; alsmede

IV. voor recht te verklaren dat Ede in 2004 en de periode daarna zich door middel van een resultaatsverbintenis, althans subsidiair door middel van een inspanningsverbintenis, heeft verbonden Info Support in de gelegenheid te stellen zich te vestigen op de bedrijventerrein De Klomp-Oost; alsmede

V. de gemeenten te veroordelen tot nakoming van de verbintenissen genoemd onder III en IV, waarbij zij ten minste gehouden zullen zijn alle publiek - en privaatrechtelijke medewerking te verlenen aan vestiging van het bedrijf van Info Support op het bedrijventerrein De Klomp-Oost en dat die medewerking in ieder geval moet worden verleend door binnen 30 dagen na een eerste daartoe strekkend verzoek van Info Support de benodigde procedures voor besluiten, beleid, feitelijke handelingen, planvormen en/of vergunningen die Info Support wat betreft vastlegging en verankering steeds de optimale juridische zekerheid van, en ruimte bieden voor de door haar beoogde bouw-, gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden (inclusief rechtstreekse bouw- en gebruikstitels), zowel in publiek- als privaatrechtelijke zin in gang te zetten en deze besluitvormingsprocedures (waaronder de planologische) - binnen de kaders van de (bestuursrechtelijke) mogelijkheden, (afwegings)ruimte en bevoegdheden die de gemeenten hebben en waartoe zij in het kader van hun publiekrechtelijke taakuitoefening redelijkerwijs kunnen worden gehouden - in het voordeel van Info Support voortvarend te vervolgen en af te ronden; alsmede

VI. voor recht te verklaren dat Veenendaal jegens Info Support toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de onder III genoemde verbintenissen en gehouden is alle schade die Info Support als gevolg daarvan heeft geleden en nog zal lijden te vergoeden, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet; alsmede

VII. voor recht te verklaren dat Ede toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de onder IV genoemde verbintenis(sen) en gehouden is alle schade die Info Support als gevolg daarvan heeft geleden en nog zal lijden te vergoeden, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet.

4.3

De gemeenten hebben zich tegen de grieven verweerd. Op verzoek van Info Support heeft het hof bij beschikking van 26 juni 2018 (zaaknummer 200.214.780/02) een voorlopig getuigenverhoor toegestaan. Op 16 en 17 januari 2019 zijn getuigen gehoord.

4.4

Het hof behandelt de grieven gezamenlijk. Zij zijn niet gegrond, omdat de beslissingen van de rechtbank in de aangevallen passages in rechtsoverwegingen 4.1 tot en met 4.19 van het bestreden vonnis juist zijn en het hof deze tot de zijne maakt en overneemt, met uitzondering van een aantal hierna te bespreken punten (zie 4.15), die echter niet tot vernietiging van het vonnis leiden. In aanvulling op hetgeen de rechtbank heeft beslist en mede in verband met de in hoger beroep gewijzigde eis en de overgelegde verklaringen van de getuigen overweegt het hof nog als volgt.

4.5

Info Support en Veenendaal verschillen van mening over de inhoud van de inspanningsverbintenis die Veenendaal op zich heeft genomen in haar brief van 31 juli 1997. Het gaat om de volgende passages:

“Een concrete toezegging op uw verzoek om circa 6500 ca terrein voor de herhuisvesting van uw bedrijf op "De Batterijen" te mogen kopen kunnen wij gelet op het voorbereidende stadium van dit plan op dit moment niet doen. Wel zijn wij bereid een inspanningsverplichting aan te gaan om u in de gelegenheid te stellen in het tweede kwartaal van 1998 te starten met de verwezenlijking van uw plannen. Wij wijzen u er nadrukkelijk op dat de te volgen planologische procedure en mogelijke bezwaren alsmede de termijn die nodig is om de onderhavige terreinen te verwerven onzekere factoren vormen in de planning. Ten gevolge hiervan kan vertraging optreden bij de uiteindelijke start van de bouwwerkzaamheden waarvoor de gemeente, in welke vorm af onder welke benaming dan ook, niet verantwoordelijk kan worden gesteld.

Ook ten aanzien van de grondprijs kunnen wij niet concreet zijn. Om u een indicatie te geven verwachten wij dat de uitgifte prijs van de zichtlocaties aan de A12 tussen de ƒ 325,00 en ƒ 350,00/ca excl. b.t.w. komt te liggen.”

4.6

Voor de uitleg van een toezegging van een gemeente om zich op een bepaalde manier ten behoeve van de geadresseerde in te spannen, zoals hier aan de orde, geldt de Haviltex-maatstaf. Om de bedoeling van Veenendaal te achterhalen, zoals deze redelijkerwijs door Info Support mocht worden begrepen, is niet alleen de tekst van de brief van belang, maar zijn ook de overige omstandigheden van het geval relevant. Info Support wijst er in dit verband op dat de voorgeschiedenis van belang is: Info Support had in het voortraject haar behoefte concreet en gedetailleerd uit de doeken gedaan, met name de gewenste spoedige start van de bouw (nr. 114 van de memorie van grieven). Info Support stelt verder dat de brief zo moet worden uitgelegd dat Veenendaal daarin toezegt de grond voor Info Support te zullen verwerven - het resultaatsaspect van de toezegging - en dat de onzekerheid gelegen is in de factor tijd: onzeker is op welk moment kan worden aangevangen met de bouwwerkzaamheden - het inspanningsgedeelte van de toezegging.

4.7

Het hof is van oordeel dat een dergelijke uitleg van de brief van Veenendaal geforceerd is en niet overtuigt. De brief vermeldt in duidelijke bewoordingen dat thans geen concrete toezegging kan worden gedaan omtrent de verwerving van het perceel voor herhuisvesting. De brief vervolgt in eveneens duidelijke bewoordingen dat Veenendaal bereid is zich in te spannen herhuisvesting voor Info Support op De Batterijen te realiseren, maar dat een en ander afhankelijk is van onzekere factoren. Dat Veenendaal in die brief niet met zoveel woorden als onzekere factor benoemt dat zij niet in staat zal zijn de grond te verwerven, kan redelijkerwijs niet zo door Info Support zijn begrepen dat Veenendaal dus een resultaatsverbintenis op zich heeft genomen de grond te verwerven. De door Info Support genoemde bijkomende omstandigheden - de voorgeschiedenis - zijn te weinig concreet om tot een ander oordeel te komen. De slotsom is daarom dat Veenendaal een inspanningsverbintenis op zich heeft genomen herhuisvesting van Info Support op De Batterijen mogelijk te maken.

4.8

Het verwijt van Info Support dat Veenendaal haar inspanningsverbintenis niet is nagekomen, slaagt niet. Veenendaal heeft aangevoerd - en Info Support heeft dat onvoldoende weersproken - dat zij op grond van de toenmalige jurisprudentie van de Hoge Raad (beschikkingen van 10 en 17 november 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA8257 en AA8353) geen gebruik kon maken van haar bevoegdheid tot vernietiging van koopovereenkomsten (artikel 26 Wet voorkeursrecht gemeenten), als de projectontwikkelaar en de grondeigenaar in staat waren zelf de bestemming te verwezenlijken en bovendien dat Stichts Beheer bereid was een prijs voor de grond te betalen die veel hoger lag dan Veenendaal in redelijkheid kon betalen. Dat de Hoge Raad in een latere beschikking (17 december 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR4045) ruimere mogelijkheden voor de regisserende rol van de gemeente heeft aangenomen, overigens in een geval dat niet vergelijkbaar is met de situatie in De Batterijen, impliceert niet dat Veenendaal in 2000/2001 op dat punt is tekortgeschoten tegenover Info Support. De aangegane inspanningsverbintenis bracht niet mee dat Veenendaal gehouden was Info Support te betrekken in de onderhandelingen met de grondeigenaar of Stichts Beheer. Enerzijds betroffen die onderhandelingen een veel groter gebied dan de door Info Support beoogde locatie. Anderzijds heeft Veenendaal bewerkstelligd dat Stichts Beheer de door Info Support beoogde locatie heeft aangeboden aan Info Support. Ook al zou het bezwaar van Info Support juist zijn, dat de door Stichts Beheer geboden prijs niet marktconform (te hoog) zou zijn, hetgeen niet is komen vast te staan, dan nog is dat een omstandigheid die niet meebrengt dat Veenendaal haar inspanningsverbintenis niet is nagekomen.

4.9

In aanvulling op hetgeen de rechtbank in rechtsoverweging 4.4 heeft overwogen met betrekking tot de inspanningen van Veenendaal om Info Support als preferent bedrijf voorgedragen te krijgen bij Ede, overweegt het hof dat de gemeenten bij herhaling hebben aangevoerd dat zij Info Support willen behouden voor de regio, maar dat daarvoor wel is vereist dat Info Support en Ede, als het gaat om herhuisvesting (op De Klomp-Oost), over grondprijs en planologische kaders overeenstemming bereiken en dat een discussie tussen Info Support en Ede over de planologische wensen van Info Support daaraan tot nog toe in de weg heeft gestaan. Omdat de voortgang van de herhuisvesting vooral daar stokt, is het verwijt aan Veenendaal dat zij zich onvoldoende heeft ingespannen Info Support bij Ede te introduceren als preferent bedrijf, niet terecht. Wat Info Support nu precies bedoelt met de stelling dat Veenendaal Info Support op de juiste wijze had moeten “aanreiken” zodat Ede zich daarin had moeten “schikken” (nr. 145 van de memorie van grieven), heeft zij onvoldoende uitgewerkt.

4.10

Info Support stelt verder dat vertegenwoordigers van Ede tijdens besprekingen op 18 mei 2004, 23 juni 2004 en 30 november 2006 mondelinge toezeggingen hebben gedaan over verkoop van een perceel in De Klomp-Oost aan haar en over planologische uitgangspunten van het nieuwe hoofdkantoor die Ede binden. Over de gang van zaken tijdens deze besprekingen zijn op 16 en 17 januari 2019 getuigen gehoord. Hun verklaringen zijn relevant voor de beoordeling van de stellingen van Info Support. Getuigen [de directeur] , bestuurder van Info Support, en [de adviseur] , registeraccountant en adviseur van Info Support, hebben beiden verklaard dat tijdens het overleg van 18 mei 2004 met ambtenaar [de ambtenaar] van Ede geen bindende toezeggingen namens Ede zijn gedaan: voor hen was duidelijk dat [de ambtenaar] daartoe niet bevoegd was. Voor zover Info Support stelt dat tijdens die bespreking bindende toezeggingen zijn gedaan, wordt dat weersproken door haar eigen getuigen.

4.11

Wat de bespreking op 23 juni 2004 betreft heeft [de adviseur] , samengevat weergegeven, verklaard dat hetgeen hij heeft opgenomen in zijn verslag van die bespreking, gemaakt op 31 oktober 2006, helemaal klopt, dat de wethouders Spiegelenberg en Kremer het met Info Support eens waren over de grondtransactie in de vorm van een abc-constructie met grondeigenaar [de grondeigenaar] , dat de grondprijzen akkoord waren, dat heel concreet is gesproken over de inrichting van het terrein en dat werd aangegeven dat de wensen van Info Support konden worden gehonoreerd, dat de wethouders stellig waren over het sluiten van de overeenkomst, dat het een “done deal” was, dat [de grondeigenaar] ook akkoord was met de transactie en dat er geen voorbehoud van goedkeuring door het college van burgemeester en wethouders - hierna: B&W - of van de raad is gemaakt. [de directeur] heeft verklaard dat de aanwezigen namens Ede akkoord waren met schetsen van de inrichting van het terrein, dat Info Support met [de grondeigenaar] en Ede overeenstemming had over de prijs, dat de grenzen van het te verwerven terrein duidelijk waren, dat de wethouders geen voorbehoud hebben gemaakt en dat zij aangaven dat de deal rond was, dat zij de garantie kregen dat ze de grond zouden krijgen en dat de kwesties die [de grondeigenaar] met Ede wilde regelen werden losgekoppeld van deze transactie.

4.12

Daar staan de volgende verklaringen van Ede tegenover. [de ambtenaar] heeft verklaard dat hij zich weinig kan herinneren van die bespreking, omdat er geen of weinig vragen over het bestemmingsplan - zijn werkterrein - aan hem zijn gesteld, dat hem aan het verslag van [de adviseur] is opgevallen dat de vervolgactie vooral door de afdeling grondzaken zou moeten worden genomen, terwijl er niemand van die afdeling bij de bespreking aanwezig was en dat hij zich een concrete toezegging aan Info Support over vestiging op De Klomp-Oost zeker zou hebben herinnerd, omdat zo’n toezegging in strijd zou zijn geweest met het bestemmingsplan. Getuige R. Spiegelenberg , destijds wethouder ruimtelijke ordening van Ede, heeft verklaard zich niets te kunnen herinneren van een gesprek in 2004 met Info Support, welke naam hem niets zegt. Getuige R. Kremers , destijds wethouder economie van Ede, heeft verklaard dat er geen sprake kan zijn geweest dat er een koopovereenkomst is gesloten tijdens de bespreking, omdat dat zou indruisen tegen de algemene lijn van Ede om geen verplichtingen aan te gaan met een partij die inlichtingen vraagt. Beide wethouders hebben verklaard dat zij geen afspraken over grondtransacties konden maken, omdat dat een bevoegdheid is van B&W, respectievelijk omdat dat nog niet aan de orde was.

4.13

De verklaringen van [de grondeigenaar] en zijn adviseurs [de adviseur milieu] en [de adviseur van de grondeigenaar] steunen de verklaringen van [de directeur] en [de adviseur] niet. [de grondeigenaar] heeft verklaard dat hij geen definitieve overeenstemming met Info Support over verkoop van de grond heeft bereikt en evenmin met Ede en dat de sfeer tijdens de bespreking goed was en dat de intentie was om eruit te komen en dat hij nader zou horen. Getuige [de adviseur milieu] heeft verklaard dat hij zich weinig kan herinneren van de bespreking, ook niet of er bindende afspraken zijn gemaakt, omdat hij gefocust was op het onderwerp, waarover hij [de grondeigenaar] adviseerde (milieu). Getuige [de adviseur van de grondeigenaar] heeft verklaard dat Info Support en [de grondeigenaar] overeenstemming hadden over de opslag op de prijs die Ede aan [de grondeigenaar] zou betalen, dat de prijs die Ede zou betalen, daarvóór al was bepaald in een overleg met een aantal andere eigenaren, dat de grond via een abc-constructie aan Info Support zou worden geleverd, maar dat hij zich niet kan herinneren dat partijen over de abc-constructie overeenstemming hebben bereikt of dat de wethouders hebben verklaard dat partijen een deal hadden. Verder heeft [de adviseur van de grondeigenaar] verklaard dat Ede na de bespreking concepten zou opstellen, dat hij het idee had dat partijen nog geen volledige overeenstemming hadden bereikt, maar dat er nog moest worden dooronderhandeld, dat er geen voorbehoud van goedkeuring door B&W is gemaakt, dat [de grondeigenaar] beide onderwerpen tegelijkertijd wilde regelen, en dat [de directeur] en [de adviseur] zich aan het einde van de bespreking verheugd toonden over het bereikte resultaat en dat ook [de grondeigenaar] en hij enthousiast waren, omdat zij een heel eind waren gekomen.

4.14

Op grond van de getuigenverklaringen is niet komen vast te staan dat de wethouders tijdens de bewuste bespreking bindende toezeggingen hebben gedaan met betrekking tot verkoop van grond aan Info Support en tot planologische uitgangspunten van de nieuwbouw voor het hoofdkantoor. De verklaringen van [de directeur] en [de adviseur] staan tegenover die van [de ambtenaar] , Spiegelenberg en Kremer. Belangrijker is dat uit de verklaringen van [de grondeigenaar] , [de adviseur milieu] en [de adviseur van de grondeigenaar] moet worden afgeleid dat er geen definitieve overeenstemming was bereikt over deze onderwerpen. Deze verklaringen steunen daarom het verweer van Ede dat er geen definitieve overeenstemming is bereikt. Bovendien, ook al zou dat wel zo zijn geweest, dan geldt dat de wethouders op grond van artikel 160 lid 1 sub e Gemeentewet niet bevoegd waren namens Ede te besluiten tot het aangaan van een overeenkomst met Info Support en dat Info Support er niet op mocht vertrouwen dat zij dat in dit geval wel waren. Van bijkomende omstandigheden die maken dat de gedragingen van de wethouders onrechtmatig zijn en aan Ede kunnen worden toegerekend, zoals bedoeld in HR 25 juni 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL5420, Vitesse, is niet gebleken. De door Info Support aangedragen omstandigheden, te weten dat het zou gaan om uitvoering van bevoegd gedane toezeggingen en dat het ging om uitgebreide, zware delegaties (nr. 183 van de memorie van grieven), zijn daartoe onvoldoende. Info Support maakt niet duidelijk om uitvoering van welke door Ede gedane toezegging het ging of hoe Ede gebonden zou kunnen zijn aan een door Veenendaal gedane toezegging. Wat moet worden verstaan onder een uitgebreide, zware delegatie is te weinig concreet om daarop een aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad te baseren. Het lijkt niet realistisch van Info Support te veronderstellen dat zij zonder besluitvorming binnen B&W volledige overeenstemming heeft bereikt met Ede, terwijl het ging om een eerste gesprek met de wethouders, er nog niet of nauwelijks schetsen over de nieuwe vestiging waren uitgewisseld en er nog geen concepten waren opgesteld over de grondtransactie.

4.15

De beslissing wordt niet anders, omdat moet worden vastgesteld dat Info Support, anders dan waarvan de rechtbank in rechtsoverweging 4.14 van het bestreden vonnis is uitgegaan, geen bedrijfsjurist in dienst had. Ook zonder bedrijfsjurist had Info Support behoren te weten dat de wethouders niet bevoegd waren de door haar gestelde overeenkomst te sluiten. In het midden kan voorts blijven of Info Support in de hoop en verwachting dat haar nieuwe hoofdkantoor zou worden gevestigd op De Klomp-Oost, kosten heeft gemaakt. Ook al zou zij kosten hebben gemaakt, dan komen deze voor haar rekening, omdat deze kosten op grond van het voorgaande niet aan Ede kunnen worden toegerekend.

4.16

Op 30 november 2006 hebben [de directeur] en [de adviseur] gesproken met [de taxateur/makelaar] , destijds in dienst van Ede als makelaar/taxateur, en [de gemeentejurist] , juriste van Veenendaal. Info Support heeft gesteld dat tijdens deze bespreking bindende toezeggingen namens Ede zijn gedaan. Dat is echter niet komen vast te staan. Ten eerste blijkt dat niet uit het door [de adviseur] opgestelde verslag van die bespreking. Ten tweede is voor binding van Ede onvoldoende, dat [de adviseur] , zoals hij als getuige heeft verklaard, de indruk had gekregen, dat [de taxateur/makelaar] , die tijdens de bespreking aanwezig was namens Ede, was voorgesteld door [de ambtenaar] , volgens [de adviseur] een serieus man, en dat het leek alsof [de taxateur/makelaar] de rechterhand van twee wethouders was. Uit dergelijke indrukken mag niet worden afgeleid dat [de taxateur/makelaar] bevoegd was te besluiten over het aangaan van een overeenkomst. Ten derde hebben [de gemeentejurist] en [de taxateur/makelaar] , toen zij als getuigen hierover zijn gehoord, betwist dat er bindende afspraken zouden zijn gemaakt.

4.17

Op grond van het op 23 maart 2017 door de raad van Ede vastgestelde en inmiddels onherroepelijk geworden bestemmingsplan “Bedrijventerrein De Klomp” is vestiging van kantoren op dat bedrijventerrein niet mogelijk. De bezwaren van Info Support daartegen, ook degene die zien op inspanningsverbintenissen van Ede, zijn door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in rechtsoverweging 5 van haar uitspraak van 13 juni 2018, 201704050, meegewogen en niet gehonoreerd. De gemeenten hebben voldoende duidelijk gemaakt dat gezien de leegstand van kantoren in de regio de provincie Gelderland niet zou hebben meegewerkt aan toekenning van een kantorenbestemming van het plangebied of een deel daarvan. Dat de gemeenten in dat opzicht zouden zijn tekortgeschoten in de nakoming van hun inspanningsverbintenissen, is daarom niet komen vast te staan. Daar komt bij dat de gemeenten met Info Support in overleg blijven over herhuisvesting op een andere locatie, zodat hun ook om die reden niet kan worden verweten zich onvoldoende te hebben ingespannen.

5 Slotsom

5.1

De grieven falen, zodat het bestreden vonnis moet worden bekrachtigd.

5.2

Als de overwegend in het ongelijk te stellen partij zal het hof Info Support in de kosten van het hoger beroep veroordelen. De kosten aan de zijde van Veenendaal zullen worden vastgesteld op:

■ griffierecht € 716,00

■ getuigentaxen € 0,00

totaal verschotten € 716,00, en

voor salaris advocaat overeenkomstig het liquidatietarief:

3 punten (maximum) x tarief II € 3.222,00

5.3

De kosten aan de zijde van Ede zullen worden vastgesteld op:

■ griffierecht € 716,00

■ getuigentaxen € 0,00

totaal verschotten € 716,00, en

voor salaris advocaat overeenkomstig het liquidatietarief:

punten (maximum) x tarief II € 3.222,00

5.4

Als niet weersproken zal het hof ook de gevorderde wettelijke rente over de proceskosten en de nakosten toewijzen zoals hierna vermeld.

6 De beslissing

Het hof, recht doende in hoger beroep:

bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 28 december 2016;

veroordeelt Info Support in de kosten van het hoger beroep, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Veenendaal vastgesteld op € 716,00 voor verschotten en op € 3.222,00 voor salaris overeenkomstig het liquidatietarief en aan de zijde van Ede vastgesteld op € 716,00 voor verschotten en op € 3.222,00 voor salaris overeenkomstig het liquidatietarief, een en ander vermeerderd met de wettelijke rente te rekenen vanaf veertien dagen na aanschrijving én betekening;

veroordeelt Info Support in de door Veenendaal te maken nakosten, begroot op € 157,00, met bepaling dat dit bedrag zal worden verhoogd met € 82,00 in geval Info Support niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan deze uitspraak heeft voldaan én betekening heeft plaatsgevonden, een en ander vermeerderd met de wettelijke rente te rekenen vanaf veertien dagen na aanschrijving én betekening;

verklaart dit arrest ten aanzien van de daarin vervatte veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.

Dit arrest is gewezen door mrs. F.J. de Vries, S.C.P. Giesen en E.H.P. Brans, en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2019.