Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2019:2286

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
13-03-2019
Datum publicatie
08-04-2019
Zaaknummer
WAHV 200.204.007
Rechtsgebieden
Strafprocesrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Snelheid. Betrouwbaarheid meting. In hoger beroep is door de advocaat-generaal een aanvullend proces-verbaal overgelegd. Het hof deelt niet de opvatting van de gemachtigde dat de advocaat-generaal in deze fase van de procedure geen aanvullende stukken meer mocht inbrengen. Die stukken betreffen een nadere toelichting naar aanleiding van de door de

gemachtigde aangevoerde gronden, die de gemachtigde pas in hoger beroep naar voren heeft gebracht bij het aanvullen van de gronden. Het hof ziet geen aanleiding te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de snelheidsmeting en dat de gedraging is begaan met het voertuig van de betrokkene.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Prg. 2019/145
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

WAHV 200.204.007

13 maart 2019

CJIB 192484725

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

zittingsplaats Leeuwarden

Arrest

op het hoger beroep tegen de beslissing

van de kantonrechter van de rechtbank Gelderland

van 1 november 2016

betreffende

[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),

wonende te [A] ,

voor wie als gemachtigde optreedt mr. [B] ,

kantoorhoudende te [C] .

Het tussenarrest

De inhoud van het tussenarrest van 13 september 2018 wordt hier overgenomen.

Het verdere procesverloop

De gemachtigde van de betrokkene heeft bij brief van 13 november 2018 de gronden van het beroep aangevuld.

Op 12 december 2018 is van de advocaat-generaal een aanvullend proces-verbaal met fotobijlagen ontvangen.
De zaak is behandeld op de zitting van 27 februari 2019. Namens de betrokkene is niemand verschenen. De advocaat-generaal is vertegenwoordigd door mr. [D] .

Beoordeling

  1. Gelet op de inhoud van het tussenarrest, waarin is overwogen dat niet kan worden vastgesteld dat de betrokkene behoorlijk is opgeroepen voor de zitting van de kantonrechter, zal het hof de beslissing van de kantonrechter vernietigen en het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie beoordelen.

  2. De gemachtigde van de betrokkene voert onder meer aan dat de hoorplicht is geschonden.

3. Het hof stelt vast dat het verzoek om te worden gehoord in administratief beroep op de juiste wijze is gedaan en dat zich geen uitzonderingsgevallen voordoen. De officier van justitie had de gemachtigde dan ook moeten horen. Het hof zal daarom - in het licht van bestendige, bekende en niet nader te bespreken vaste rechtspraak van het hof op dit punt - het beroep gegrond verklaren en de beslissing van de officier van justitie vernietigen.

4. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van € 61,- opgelegd ter zake van “overschrijding maximum snelheid op autosnelwegen, met 10 km/h (verkeersbord A1)”, welke gedraging zou zijn verricht op
17 september 2015 om 09.47uur op de A50 (trajectcontrole rechts) borden bij hectometerpaal 160,0 te Heteren met het voertuig met het kenteken [00-YY-YY] .

5. Ten aanzien van de gedraging heeft de gemachtigde aangevoerd dat op de foto waarop een kenteken zou moeten staan het kenteken niet zichtbaar is en op de foto waarop het kenteken van één van de twee voertuigen is uitvergroot de databalken onleesbaar zijn. Door dit laatste is het voor de betrokkene onmogelijk om de validiteit van de foto, de meting en gebruikte apparatuur te verifiëren. De betrokkene zou deze graag willen controleren, nu er sprake is van een radarmeting en op de foto op gelijke hoogte twee voertuigen zichtbaar zijn. Aldus is onduidelijk welk voertuig de radarmeter heeft getriggerd en of het juiste kenteken is uitgelezen. De gedraging is daarom niet komen vast te staan.

6. De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat de informatie die in de inleidende beschikking is vermeld en daarnaast onder meer de volgende gegevens:

"De werkelijke snelheid stelde ik vast m.b.v. een voor de meting geteste, goedgekeurde en op de voorgeschreven wijze gebruikte snelheidsmeetmiddel.
Gemeten (afgelezen) snelheid : 114 km per uur.
Werkelijke (gecorrigeerde) snelheid : 110 km per uur.
Toegestane snelheid : 100 km per uur.
Overschrijding met : 10 km per uur.
(…)
Merk soort radar: Jenoptik Robot GMBH, type: Multaradar CT
Setnummer: LE003
IJkdatum: 05-12-2014
(…)
Merk van het voertuig: Seat
Type van het voertuig: Leon"

7. Het dossier bevat twee foto's van de gedraging. Op de eerste foto zijn twee voertuigen zichtbaar, een Seat Leon en een Renault Clio. De Seat Leon bevindt zich op de meest linker rijbaan en Renault Clio rijdt daarnaast op de middelste rijbaan. Onder deze foto wordt het kenteken " [00-YY-YY] " vergroot weergegeven. In de gegevens bij de foto staan onder meer "Rijstrook: 3" en de gemeten snelheid van 114 km/u vermeld. De tweede foto betreft een uitvergroting van de achterkant van de Seat Leon, waarbij het kenteken niet leesbaar is.

8. Door de advocaat-generaal is in hoger beroep een aanvullend proces-verbaal van
26 november 2018 overgelegd, waarin de verbalisant onder meer het volgende verklaart:
"Ingevolge de voorschriften dient een overtreder op de foto binnen het meetgebied te staan. (…) Het strekt zich uit vanaf de verticale middenlijn over een breedte van 1/15 deel van de foto, en in de rijrichting. Op de bijlage kopie van de gedraging is dit (…) ingetekend. De voorschriften geven ook aan dat het betrokken voertuig alleen binnen het meetgebied moet staan en dat deze zich op de aangegeven "lane..rijstrook" moet bevinden. Geteld vanaf de radarapparatuur is dat lane 3. Aan de voorwaarden is derhalve voldaan. Het tweede voertuig welke zichtbaar op de foto aanwezig is staat duidelijk buiten het meetgebied."
Als bijlagen zijn de foto's van de gedraging toegevoegd, waarop onder meer het radarmeetgebied is gemarkeerd en "Lane 3" in de gegevens van de databalk is omcirkeld.

9. Het hof deelt niet de opvatting van de gemachtigde dat de advocaat-generaal in deze fase van de procedure geen aanvullende stukken meer mocht inbrengen. Het aanvullend proces-verbaal en de daarbij behorende foto's betreffen immers een nadere toelichting naar aanleiding van de door de gemachtigde aangevoerde gronden, welke hij pas in hoger beroep naar voren heeft gebracht bij het aanvullen van de gronden. De aanvullende stukken zullen daarom worden meegewogen bij de beoordeling.

10. Het hof ziet in hetgeen de gemachtigde heeft aangevoerd geen aanleiding om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de snelheidsmeting. Onder verwijzing naar het arrest van het hof van 23 mei 2016 (ECLI:NL:GHARL:2016:3930), overweegt het hof dat als de andere personenauto gelijktijdig gemeten zou zijn er geen snelheid zou zijn getoond en er ook geen opname zou zijn gemaakt vanwege gereflecteerde metingen. Het hof is dan ook van oordeel dat uit de gegevens in het zaakoverzicht, de foto's van de gedraging en de nadere toelichting van de verbalisant ten aanzien van die foto's is komen vast te staan dat met het voertuig van de betrokkene de onder 4. vermelde gedraging is begaan.

11. Het hof zal het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond verklaren.

12. De proceskosten komen voor vergoeding in aanmerking. Aan het indienen van het beroepschrift bij de kantonrechter en het hoger beroepschrift dienen in totaal twee procespunten te worden toegekend. Het indienen van de aanvullende gronden tegen de beslissing van de officier van justitie komt naar het oordeel van het hof niet voor vergoeding in aanmerking, omdat de gemachtigde deze gronden eerder in de procedure had moeten aanvoeren. De waarde per punt bedraagt € 512,- en gelet op de aard van de zaak wordt de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toegepast. Aldus zal het hof de advocaat-generaal veroordelen in de kosten tot een bedrag van € 512,-.

Beslissing

Het gerechtshof:

vernietigt de beslissing van de kantonrechter;

verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond en vernietigt die beslissing;

verklaart het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond;

veroordeelt de advocaat-generaal tot het vergoeden van de proceskosten van de betrokkene, ter hoogte van € 512,-.

Dit arrest is gewezen door mr. Wijma, in tegenwoordigheid van mr. Verstraaten als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.