Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2018:3602

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
17-04-2018
Datum publicatie
18-04-2018
Zaaknummer
200.217.602/01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Tussenuitspraak
Inhoudsindicatie

Geschil over verzekeringsovereenkomt m.b.t. shovel. Appellant dient te bewijzen dat hij rechthebbende was op de door hem verzekerde shovel t.t.v. de diefstal.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof 200.217.602/01(heropening na royement van 200.186.444/01)

(zaaknummer rechtbank Overijssel C/08/158406/ HA ZA 14-341)

arrest van 17 april 2018

in de zaak van

[appellant] (voorheen [A] ; nadien [B] ),

wonende te [C] ,

appellant,

in eerste aanleg: eiser,

hierna: [appellant],

advocaat: mr. S.M. Wolfert, kantoorhoudend te Groningen,

tegen

Univé Schade,

gevestigd te Zwolle,

geïntimeerde,

in eerste aanleg: gedaagde,

hierna: Univé,

advocaat: mr. G. Loman, kantoorhoudend te Assen.

Het hof neemt het arrest van 3 oktober 2017 hier over.

1 Het verdere verloop van de procedure in hoger beroep

1.1

In genoemd tussenarrest heeft het hof een comparitie van partijen gelast.
Deze comparitie, waarvan proces-verbaal is opgemaakt, heeft op 8 maart 2018 plaatsgevonden.

1.2

Ter comparitie is een datum voor arrest bepaald op basis van het ter voorbereiding op de comparitie overgelegde procesdossier, waaraan het proces-verbaal van de comparitie is toegevoegd.

2 Naamswijziging

2.1

[appellant] heeft aangegeven dat zijn naam gewijzigd is. Hij heeft deze stelling nog niet voldoende onderbouwd. Uit de door hem overgelegde stukken volgt dat de erkenning van [appellant] is vernietigd, waardoor hij de geslachtsnaam van zijn moeder, [B] , heeft gekregen, maar betreffende de wijziging van die naam in de naam [appellant] zijn geen stukken in het geding gebracht. Het hof zal [appellant] daartoe in de gelegenheid stellen. Vooruitlopend daarop zal het hof hem in dit arrest al wel aanduiden als [appellant] .

3 Vaststaande feiten

3.1

De rechtbank heeft in het vonnis van 11 november 2015 een aantal tussen partijen vaststaande feiten vastgesteld. Tegen deze vaststelling zijn geen grieven gericht en ook overigens is niet van bezwaren daartegen gebleken, zodat in hoger beroep van deze vaststelling kan worden uitgegaan. De door de rechtbank vastgestelde feiten komen, aangevuld met enkele andere feiten, op het volgende neer.

3.2

[appellant] , die in 2012 nog [A] heette (de achternaam van zijn stiefvader), exploiteert te [D] (gemeente [C] ) een paardenhouderij.

3.3

[appellant] had zijn verzekeringen ondergebracht bij Univé.

3.4

Op 5 november 2012 nam [appellant] telefonisch contact op met het Univé-kantoor te Varsseveld (Univé Oost). Hij liet weten een shovel van het merk Weidemann te willen verzekeren. Hem is vervolgens door Univé Oost een aanvraagformulier Landbouwwerktuigenverzekering toegezonden. Op dit aanvraagformulier, dat door [appellant] is ondertekend en geretourneerd, is handgeschreven vermeld dat het merk/type van de shovel “Weidemann 1350 CX45” betreft. De cataloguswaarde - € 45.000,- - en het bouwjaar
- 2009 - van de shovel waren al in het formulier vermeld en hoefden niet te worden ingevuld. In het formulier is op de plaats waar het chassisnummer kon worden vermeld handgeschreven iets ingevuld en ook weer doorgehaald.

3.5

Op 16 november 2012 is de polis behorende bij de verzekeringsovereenkomst,

opgemaakt en aan [appellant] gezonden. Volgens deze polis is met ingang van 5 november 2012 een shovel merk Weidemann type 1350 CX 45, bouwjaar 2009, met chassisnummer 54XC0531 tegen wettelijke aansprakelijkheid verzekerd en met een beperkte casco dekking tot € 45.000,- ex btw, dit tegen een premie van € 243,68 per jaar. Op de

verzekering zijn van toepassing het Algemeen Reglement ALG-5 en het Speciaal Reglement

Werkmaterieelverzekering WMA-1.

3.6

Op 23 augustus 2013 heeft [appellant] telefonisch bij Univé gemeld dat de shovel

was gestolen. Op dezelfde dag heeft hij bij de politie aangifte gedaan dat de shovel

tussen donderdag 22 augustus 2013 te 22.00 uur en vrijdag 23 augustus 2013 te 09.00 uur

bij zijn bedrijf aan de [a-straat] l, [D] is gestolen. [appellant] heeft daarbij opgegeven dat de shovel een waarde had van € 30.000,- en dat het registratienummer van de shovel 54XC053l was.

3.7

In een brief van 26 augustus 2013 schrijft (een medewerker van het team schade van)

Univé aan [appellant] onder meer als volgt:

"Op 23 augustus werd uw shovel gestolen. Ik begrijp dat dit ontzettend vervelend voor u is

en zal er dan ook alles aan doen om de zaak zo goed mogelijk te regelen. Voor een goede.

behandeling van de zaak en de bepaling van de waarde, is het belangrijk om zo snel

mogelijk over nadere informatie en enkele stukken te beschikken. Daarom zult u zeer

binnenkort bezocht worden door een van onze medewerkers. U wordt gebeld voor een

nadere afspraak.”

3.8

[appellant] heeft op 9 september 2013 ten overstaan van de door Univé

ingeschakelde onderzoeker [E] , werkzaam bij de Afdeling Veiligheidszaken, Team

Onderzoek van Univé, een verklaring afgelegd, die schriftelijk is vastgelegd. Voor zover van belang luidt deze door [appellant] ondertekende verklaring als volgt:

"Ik had de Shovel op donderdag 22 augustus 2013, omstreeks 22.00 uur, nog zien staan en toen was er nog niets aan de hand. De shovel staat daar absoluut niet in het zicht en dus

moet iemand weten dat die daar staat. Ik had de contactsleutel in mijn bezit en mee naar

huis genomen en dat doe ik altijd. Ik had geen contactsleutel van de Shovel in het

contactslot gelaten of in de directe nabijheid. Ik ben naar huis gegaan en dat is in

[C] ( [b-straat] 92). De contactsleutel van de shovel had ik altijd aan mijn

sleutelbos. Het terrein is niet beveiligd en het is wel vrij toegankelijk voor een ieder. Er woont hier niemand en dus is het wel makkelijk om ongezien iets weg te nemen. Het toegangshek was wel dicht en niet op slot. Het mag niet op slot in verband met de brandweereisen. Je kun het toegangshek dus altijd openen zonder braakschade te

maken en je kunt dan het terrein op en dat is vrij toegankelijk. Op vrijdag 23 augustus 2013,

omstreeks 09.00 uur, wilde ik de shovel gebruiken en zag dat die weg was. Ik kan u

meedelen dat ik een week daarvoor een tractor had verkocht en dat waren personen uit

(denk ik) Polen. Die waren met twee personen en die hadden toen ook interesse voor de

shovel, maar ik had gezegd dat ik die niet wilde verkopen. Ik denk dat die er mogelijk iets

mee te maken hebben. Ten tijde van de diefstal bevond ik mij thuis in [C] .

Ik heb bij de buren geïnformeerd of er bij hen iets bekend was omtrent de diefstal. Daarbij

vernam ik dat die niets gehoord of gezien hadden. Ter plaatse van de diefstal werden geen

sporen aangetroffen, zoals bijvoorbeeld glasscherven en/of slotdelen.
Van de diefstal werd door mij aangifte gedaan en de politie is hier ook geweest.

De politie deelde mede dat er veel werd gestolen in het buitengebied.

Voor zover mij bekend zijn er geen getuigen van de diefstal.

Tot dusverre heb ik geen informatie ontvangen omtrent het eventueel terugvinden van het

voertuig. Het is hier niet bewoond en dus kun je in de nacht eigenlijk je gang gaan.

Ik wil gaan bouwen (woning) op het terrein en dat zal zeker beter zijn tegen diefstal.

(...)

Het voertuig werd op 16-11-2012 door mij aangeschaft bij een particulier.

Naam : [F]

Plaats : [G]

Koopprijs : 45.000 euro contant betaald.

Ik heb altijd wel genoeg contant geld om iets te betalen.

Het is ook buiten de boekhouding om.

De verkoper van het voertuig betreft een mij onbekende particulier.

De shovel had 110 uur gelopen bij aankoop en 200 uur bij diefstal.

De shovel was zo goed als nieuw.

De verkoper ging emigreren en ik heb verder geen gegevens meer van hem.

Ik heb wel een bon met hem opgemaakt en zal u het origineel tonen.

Ik zal een kopie voor u maken op uw verzoek.

Ik had via een kennis vernomen dat de shovel te koop was en indien nodig zal ik alsnog de

gegevens van die kennis geven.

(...)

Bij aanschaf van het voertuig werd één originele contactsleutel verkregen.

Ik stel u thans één originele contactsleutel ter hand

Ik heb nooit twee contactsleutels gehad en ook nooit een sleutel bij gemaakt.

De verkoper heeft mij maar één contactsleutel overhandigt en ik heb er nooit twee gehad.

Ik weet ook niet of die verkoper meerdere sleutels heeft gehad.

Ik heb geen sleutels bij laten maken

Ik zou de shovel graag terug hebben want ik heb die nodig voor mijn bedrijf."

3.9

Per e-mailbericht van 19 september 2013 heeft ( [H] van) Weidemann Nederland BV aan mevrouw [I] , senior medewerker Speciale Zaken Afdeling

Veiligheidszaken van Univé als volgt:

"De sleutel op de foto is geen standaard sleutel van een Weidemann shovel. Overigens is

het zo dat vrijwel alle bouwmachines per merk dezelfde sleutel gebruiken. Dat betekent dat

de sleutel van een Weidemann voor vrijwel alle Weidemann machines te gebruiken is, en de

sleutel van bijvoorbeeld een Schäffer voor alle Schäffer machines.

De sleutels van Weidemann hebben een andere vorm, en zijn voorzien van het

artikelnummer van de betreffende sleutel. Het kan zijn dat de eigenaar het contactslot

veranderd heeft, en om die reden een andere sleutel heeft.

3.10

Op 25 september 2013 heeft [appellant] ten overstaan van eerder genoemde
[E] , voor zover van belang, een verklaring afgelegd. In het door [E] opgestelde en door [appellant] ondertekende verslag van die verklaring is onder meer het volgende vermeld. (In het verslag wordt met “V” een vraag van [E] bedoeld en met “A” een antwoord van [appellant] ):
“V: Door wie is de bon (nummer 35, d.d. 16-11-2012) opgemaakt en ondertekend met

betrekking tot de aankoop van de shovel waarvan u mij de vorige keer (d.d. 9 september

2013) het origineel toonde en een kopie van overhandigde?

A: Mijn vriendin (genaamd [J] ) doet de boekhouding en zij zal het zo uitleggen. U

vernam zojuist van [J] dat zij de bon heeft opgemaakt en de verkoper heeft ondertekend en

heeft beide handtekeningen geplaatst. De verkoper wilde een bon en daarom is de bon op

zijn verzoek opgemaakt. Ik heb zelf niets ondertekend en wil zelf ook altijd wel een bon. ( ... )

We hebben verder geen gegevens meer van de verkoper. Ik kan niet de hele wereld om een

legitimatiebewijs vragen en weet dus verder niets meer van de man. Ik vertrouw iemand en

anders doe ik geen zaken met iemand. Ik koop op vertrouwen en dat had ik met de verkoper.

Ik doe met veel mensen handel en kan dat wel inschatten.

V: Wat kunt u vertellen over de aankoop van de shovel?

A: Ik vertelde de vorige keer dat ik via een kennis aan de naam van de verkoper kwam en dat

is toch niet via die kennis gegaan. Ik had die kennis gebeld en het was toch niet via die

kennis gegaan. Ik weet niet meer via wie ik bij de verkoper kwam en of dat die verkoper mij

heeft gebeld De verkoper is hier gekomen met de shovel in een paardenwagen en ik heb wat

proef gereden met de shovel en vervolgens gekocht. Dat was op 16-12-2012 zoals u op de

bon kunt zien. Ik weet dus niet meer dan op de bon staat van de verkoper. De datum op de

bon is voor 100% zeker goed.

V: Kunt u nog meer informatie verstrekken over de shovel zoals het onderhoudshoekje en/of

CE verklaring dat bij de shovel hoort?

A: Dat kan ik niet en heb ik ook niet ontvangen van de verkoper.

V: Heeft u foto's van de shovel?

A: Nee.

V: Was de shovel voorzien van een cabine en balenklem?

A: Er was geen cabine en wel een rolkooi. De balenklem was er al op aanwezig bij de

aankoop. Er was een zwaailamp op de rolkooi.

V: Hoe werd de shovel gestart?

A: Sleutel in het contactslot en dan liep de motor. Er zat ook een stroomschakelaar op de shovel en die zat rechts naast de stoel.

V: Waarom is de aankoop buiten de boekhouding om gegaan want het was toch een shovel die voor het bedrijf gebruikt zou worden? ·

A: Ik heb gewoon veel zwart geld en dat ligt in de kluis bij de ABN AMRO te [C] . Ik

heb al veel paarden gekocht en verkocht zonder bon. Ik zal u aantonen dat ik veel zwart geld

heb en toonde u zojuist een foto van de kluis van mij. Als ik geld nodig heb kan ik er nu zo bij en dat is ook handig in de handel. Ik snap wel dat u die vraag stelt en het is gewoon makkelijker met zwart geld te doen dan via de boekhouding.

V: Weet u ook voertuig specifieke chassisnummer van de shovel?

A: Dat weet ik niet. Mijn contactpersoon van Univé heeft de shovel hier gezien en toen voor

mij verzekerd. Ik laat mijn contactpersoon altijd hier komen als ik iets wil verzekeren. De contactpersoon van Univé die hier was is [K] . Hij heeft de shovel hier ook gezien en dat weet ik zeker.

V: Kunt u aannemelijk maken dat u de verkoper een bedrag van 45.000 euro contant heeft

betaald?

A: Dat kan alleen door de bon en niet op andere wijze. Mijn vriendin [J] was er ook bij zij heeft het geld voorgeteld.

V: Waarom staat er in het proces-verbaal van aangifte een bedrag van 30.000 euro terwijl u

de vorige keer verklaarde dat u 45.000 euro heeft betaald?

A: Ik zie dat nu ook pas en dat was mij nog niet eerder opgevallen. De politie heeft de

aangifte hier gebracht en toen heb ik ondertekend en de aangifte weggelegd. Ik heb dat

bedrag niet zelf genoemd en er is nooit gevraagd naar de waarde van de shovel.

( ... )

V: Door wie is het zojuist getoonde aanvraagformulier Landbouwverzekering van Univé

ingevuld en ondertekend d.d. 08-11-2012?

A: Ik denk dat iemand van Univé het heeft ingevuld en mijn vriendin heeft het ondertekend.

Zij is bij dit gesprek aanwezig en bevestigde u dat zij het heeft ondertekend. U merkte op dat

de datum op het aanvraagformulier 08-11-2012 is en op de bon 16-11-2012. Ik denk dat er

een verkeerde datum op het aanvraagformulier verkeerd is ingevuld en ik weet niet door

wie. Ik weet zeker dat ik eerst de shovel heb gezien en toen pas heb gebeld naar Univé. Ik

verzeker toch iets niet wat ik nog niet heb. Ik wilde de shovel verzekeren voor het geval ik

schade zou rijden en eigenlijk helemaal niet tegen diefstal."

3.10

Op 25 september 2013 hebben de medewerkers van Univé [K]

(buitendienstmedewerker) en [L] (binnendienstmedewerker) ten overstaan

van de onderzoeker [E] de navolgende schriftelijk vastgelegde verklaringen afgelegd:

"U hebt mij (de heer [K] ) medegedeeld wie u bent en waarom ik word geïnterviewd.

Ik kan u verklaren dat ik het pakket van [A] drie jaar geleden heb overgenomen van

mijn collega [M] en ik ben wel een paar keer (vijf a zes keer) bij hem op de

manage te [D] geweest. De klant heeft al wel veel schade gehad. Ik weet niet meer of

ik de shovel ooit fysiek heb gezien en ben daar nooit specifiek voor de verzekering van de

shovel geweest. Ik heb in mijn agenda gezocht en zag dat ik daar nog was op 28 november

2012 voor een overkapping en niet voor de shovel. Ik kan dus niets verklaren over de shovel.

Ik heb het aanvraagformulier dus niet met de klant doorgenomen en mogelijk weet mijn

collega [L] (binnendienst medewerker) meer. Ik heb wel foto's van een

externe partij die de taxatie heeft gedaan daar staat vermoedelijk de shovel op de foto. Ik

heb een foto gevonden en daar staat de shovel mogelijk op zoals u ziet. Ik zal u de foto

printen en mailen.

( ... ).

U hebt mij (mevrouw [L] ) medegedeeld wie u bent en waarom ik word geïnterviewd. Hierbij verklaar ik ( [L] ) u:

Gezien het aanvraagformulier dat u mij toonde denk ik dat de klant heeft gebeld met Univé

of aan collega [K] gevraagd heeft een shovel voor hem te verzekeren. De code 021 is

van collega [K] en daarom denk ik dat hij mogelijk collega [K] heeft gebeld.

Het formulier is toen naar de klant gestuurd en ondertekend retour gekomen op 13

november 2012. Dat is te zien aan de stempel op het aanvraagformulier. Ik heb toen nog

naar de klant gebeld omdat er geen merk en type op de aanvraag stond ingevuld. Ik herken
mijn handschrift van de tekst: Merk/type Weidemann 1350 CX45 en weet niet waarom ik het

chassisnummer weer heb doorgekrast. Ik weet niet of de vragen over het strafrechtelijk

verleden zijn gesteld aan de klant. Ik zie in Siemens dat er op 05-11-2012 te 15.24 dekking

is verleend De nota is op 19-11-2012 aangemaakt en daarvan zal ik u een kopie geven. Ik

heb er geen verklaring voor dat er Aegon is ingevuld op het aanvraagformulier als vorige

verzekeraar.

3.12

Op 19 november 2013 heeft [H] van Weidemann ten overstaan van de onderzoeker [E] een schriftelijk vastgelegde en door [H] ondertekende verklaring afgelegd, die als volgt luidt:

"U, de heer [E] , hebt mij medegedeeld dat u als schade-onderzoeker, werkzaam bij

afdeling Veiligheidszaken van Univé verzekeringen, een onderzoek instelt naar aanleiding

van een schadeclaim hij Univé van een shovel (merk Weidemann, type 1350 CX45). U hebt

mij medegedeeld waarom ik word geïnterviewd en ik kan u het volgende verklaren:

Ik ben directeur van Weidemann en heb geen bezwaar tegen het vrijwillige afleggen van een

verklaring ten behoeve van uw onderzoek.

Bij de aankoop van een nieuwe c.q. gebruikte Weidemann shovel is het gebruikelijk dat de

volgende zaken worden verstrekt aan de koper:

- Sleutels (contact) totaal twee.

- Onderhoudsboekje (bij verkoop verstrekken aan de nieuwe eigenaar).

- EG-verklaring (bij verkoop verstrekken aan de nieuwe eigenaar).

- Factuur, met vermelding van machine met serienummer.

Op uw verzoek toonde ik u een nieuwe Weideinann shovel type 130 CX 45 en u heeft daar

foto's van kunnen maken met mijn toestemming. Zoals ik u toonde is er altijd een plaatje

aangebracht op de shovel en daarop staat ook het uniek serienummer.

Het serienummer staat ook weer op het frame van de shovel ingeslagen. Het typeplaatje en

de plek waar het serienummer staat ingeslagen op het frame is altijd dezelfde plek. Het

serienummer hij de shovel is wat bij de auto een chassisnummer is.

( ... )

De shovel van Weidemann van het type 1350 CX heeft momenteel een prijs van ongeveer

€ 35.000,- excl. BTW (met beschermdak) en inclusief BTW zal de prijs ongeveer € 42.000,- zijn. Een balenklem heeft een prijs van € 1.500,- excl. BTW.

( ... )

U toonde mij zojuist een sleutel die door uw verzekerde was ingeleverd en waarvan hij aan u heeft meegedeeld dat het de contactsleutel was van zijn gestolen shovel (merk Weidemann, type 1350 CX 45). Ik kan u meedelen dat het geen originele Weidemann contactsleutel is want die hebben een andere vorm. Mogelijk heeft de verzekerde van u het contactslot vervangen en is dat de reden dat er geen originele contactsleutel is ingeleverd van Weidemann.

U deelde mij mede dat uw verzekerde verklaarde dat hij de shovel (bouwjaar 2009, inclusief

rolbeugel, zwaailamp en balenklem) tweedehands had gekocht in november 2012 met

ongeveer 110 draaiuren voor een prijs van € 45.000,-. Ik kan u verklaren dat die prijs veel

te hoog is en dat een prijs van € 20.000,- een normale prijs was geweest. Draai-uren van

16-11-2012 tot 22-08-2013 van ongeveer 90 is wel aannemelijk. Er is door ons nooit een

shovel verkocht aan [F] te [G] zoals op de bon staat omschreven die u mij zojuist

in kopie toonde.

U toonde mij een zojuist een kleurenfoto waar een shovel op staat en die herken ik als een

Weidemann, het type is echter niet goed te zien op de foto. Het kan een Weidemann

350CC45 zijn, of een Weidemann 350CX45, of een Weidemann 1370CX50. Overigens kan de machine die op de kleurenfoto staat, onmogelijk het bouwjaar 2009 hebben. Dit is

namelijk te zien aan de kleurstelling. De machine op de mijn getoonde afbeelding heeft de

kleurstelling rood met lichtgrijs, terwijl de kleuren veranderd zijn naar rood en

antracietgrijs. Deze verandering van kleuren is ingegaan in de productie juni 2008, hetgeen

mij bevestigd is door de Weidemaan GmbH fabriek in Duitsland· De prijsstelling die u

noemt, is voor een machine uit maximaal juni 2008, wellicht ouder, nog ongeloofwaardiger

te noemen."

3.12

Op 3 december 2013 heeft [appellant] opnieuw een verklaring afgelegd aan [E] . De toenmalige advocaat van [appellant] was aanwezig bij het afleggen van de verklaring. [E] heeft een verslag opgesteld van het gesprek met [appellant] , dat niet door [appellant] is ondertekend. In het verslag is onder meer het volgende vermeld:
“A: Ik kan geen EG-verklaring (EG-Konformitätserklärung) van mijn gestolen shovel aan u

overhandigen. Ik heb ook geen onderhoudsboekje van de shovel gehad. Ik heb daar ook niet naar gevraagd omdat ik niet wist dat dat bij een shovel hoort. Ik heb de shovel gekocht omdat ik die nodig had. Ik heb niet meer gegevens van de verkoper dan op de bon (nummer 35) staan die ik u in kopie heb overhandigd d.d. 9 september 2013. Ik heb veel contacten in de paardenhandel en die wisten dat ik een tweedehands shoveltje zocht. Ik ben op een gegeven moment gebeld door de verkoper en weet zijn telefoonnummer niet meer want die sla ik niet op. Ik heb proef gereden met de shovel toen de verkoper bij mij op het bedrijf was met de shovel. Ik heb de shovel toen gelijk gekocht en dat heb ik u de vorige keer ook verklaard. Stel dat ik de shovel niet zo had mogen kopen had mijn contactpersoon bij Univé mij dan niet om een factuur moeten vragen? Ik weet niet wat er hij een shovel hoort. De shovel functioneerde en ik koop zo wel vaker dingen. Ik koop zo ook paarden. Ik heb regelmatig trekkers gekocht en daar kreeg ik ook geen eigendomsbewijs bij. De shovel kwam in de plaats van mijn trekker en valt voor mij in dezelfde categorie. Het is toch mijn eigen zaak hoe ik zaken doe en mijn eigen risico's inschat.

Er zal toch een chassisnummer van de shovel op de polis staan. Ik bel altijd naar mijn vaste

contactpersoon (de heer [K] ) van Univé of hij komt langs. De heer [K] heeft

mij nooit naar een (serie)nummer c.q. chassisnummer van de shovel gevraagd en ik zou ook

niet weten waar ik dat had moeten zoeken. Ik weet zeker dat de shovel al aanwezig was op

mijn bedrijf toen ik met de heer [K] heb gebeld. Ik weet geen datum meer wanneer ik

hem heb gebeld en weet wel zeker dat de shovel aanwezig was toen ik de heer [K]

belde voor de verzekering. Ik denk dat er ergens een schrijffout is gemaakt op het zojuist

door u getoonde aanvraagformulier van de shovel. Ik denk dat het op I 8 november 2013 is

ondertekend door mijn vriendin en niet op 8 november 2013 zoals op het aanvraagformulier

staat. Op het aanvraagformulier van Univé is de tekst hij het chassisnummer doorgestreept

en dat heb ik niet gedaan. U heeft een foto van de shovel opgevraagd waarop zichtbaar is

dat die op mijn bedrijfsterrein staat en daaruit blijkt toch dat ik en shovel in mijn bezit heb

gehad.

V: Waarom heeft u de shovel met zwart geld betaald en dus buiten de boekhouding gehouden?

A: Ik moet wel van het zwart geld af dat ik heb en het doet er eigenlijk toch niet toe waar ik

de shovel voor heb gekocht. Ik had dat ding nodig en zo is het. Ik vind het nu een groot verhaal worden en volgens mij heb ik thuis nog wel een polis waarop het chassisnummer wel staat.

Op uw verzoek heb ik zojuist mijn vriendin gebeld en heeft zij de ontvangen

verzekeringspolis via de fax verzonden aan u. Op het door mij ontvangen polisblad van

Univé staat, zoals u op de zojuist ontvangen fax ziet, het chassisnummer 54CX0531.

Ik weet zeker dat ik dat nummer (54XC0531) nooit zelf heb doorgegeven aan Univé want ik

weet niet waar dat zit. Ik weet nog wel dat er gebeld is door Univé en ik heb gezegd dat ze langs moesten komen. Volgens mij staat er in het proces-verhaal van aangifte ook een

chassisnummer genoemd en nadat u mij de aangifte (...) toonde bleek dat daar het serienummer 54XC0531 staat.

V: Hoe weet u zeker dat het bouwjaar van de shovel 2019 is zoals op de bon (nummer 35)

staat omschreven die u in kopie heeft verstrekt en ik u zojuist toonde?
A : Ik weet dat bouwjaar niet zeker en dat zal de man tegen ons hebben gezegd. Het was een

tip top ding en ook het aantal uurtjes gaven mij geen twijfel over het bouwjaar. Ik had geen reden daar aan te twijfelen want het was een fantastisch mooi ding. De prijs van 45.000 euro klopt voor 100%. Ik had nooit de indruk dat de shovel mogelijk van diefstal afkomstig zou zijn voor dat bedrag. Als de verkoper 5.000 of 10.000 euro had gevraagd dan was dat wel een reden voor mij geweest om te denken dat de shovel mogelijk van diefstal afkomstig kon zijn. Ik ben niet achterlijk en doe al lang zaken. Het bouwjaar 2009 is niet later op de bon bijgeschreven.

Als ik wist dat de shovel gestolen was zou ik de shovel niet hij Univé verzekeren.”

3.14

In een brief van 6 juni 2014 schrijft Univé onder meer het volgende aan [appellant] :

“Per brief van 31 januari jl. bent u ook via uw advocaat geïnformeerd over het voorlopig

standpunt inzake de door u geclaimde diefstalschade van een shovel.

U werd voorgehouden dat uit het ingestelde onderzoek de volgende combinatie van feiten

werd vastgesteld:

1. dat de verzekeringsdatum 11 dagen voor de aankoopdatum ligt waardoor de aankoop, de

naam van de verkoper en de juistheid van de aankoopnota/kwitantie ter discussie staat;

2. dat de op de kwitantie genoemde verkoper niet te identificeren valt waardoor de

eigendomsoverdracht niet te controleren valt;

3. dat door de vorige benoemde punten de aankoop van de shovel niet te controleren valt;

4. dat u hebt aangegeven dat u de shovel van een particulier kocht;

5. dat de originele papieren ontbreken;

6. dat de shovel niet (meer) valt de identificeren;

7. dat het door u ingeleverde sleuteltje van het contactslot geen originele sleutel is;

8. de wijze van aankoop en betaling met zwart geld;

9. dat u de shovel, die zakelijk werd gebruikt, opzettelijk buiten uw boekhouding hield.

U werd in de gelegenheid gesteld om binnen 30 dagen na 3 januari 2014 alsnog nader

controleerbaar aanvullend bewijs te leveren waaruit het bezit én de diefstal van de shovel

onomstotelijk kon worden vastgesteld.

Inmiddels is de periode van 30 dagen reeds lang verstreken zonder dat enige reactie van u

of uw advocaat werd ontvangen.

Aanvullend en controleerbaar bewijs van het bezit van én de diefstal van de shovel werd·

door u c.q. uw advocaat niet geleverd.

Daarom gaan we nu over tot definitieve afwikkeling van de door u ingediende schadeclaim.

Ingediende schadeclaim

Uw claim wordt volledig afgewezen, aangezien het bezit van én de diefstal van de shovel

niet onomstotelijk vastgesteld kan worden.

Incidentenregister

Deze schadeclaim wordt door ons als een incident gezien. Dit incident en uw persoons- en

bedrijfsgegevens zijn opgenomen in ons incidentenregister. Dit register heeft tot doel het

ondersteunen van activiteiten gericht op het waarborgen van de veiligheid en de integriteit

van ons bedrijf en wordt beheerd door de afdeling Veiligheidszaken. (…).

CVB-melding

Het Centrum Bestrijding Verzekeringscriminaliteit (CVB) van het Verbond van

Verzekeraars is op de hoogte gebracht van de inhoud van deze registratie in het

incidentenregister. (…)

Royement verzekeringen

Gelet op de hierboven genoemde feiten, op basis waarvan wij geconcludeerd hebben tot

afwijzing van uw schadeclaim hebben we, behoudens lopende schadeclaims, besloten om uw

verzekeringspakket bij Univé en de polissen op de naam van uw partner conform artikel

6.1.a van ons Algemeen Reglement ALG-5 per contractdatum te beëindigen. Het gaat om de

volgende polissen:

( ... )


Andere schadeclaim:

Bij Univé hebt u als benadeelde partij nog een schadeclaim lopen voor een paard dat op 10

juni 2013 dood is gegaan. Nu er tot op heden geen controleerbaar bewijs van de dood van

het paard door u is aangeleverd zullen we ook dat dossier gaan afronden. Afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek zal nader standpunt worden bepaald. (…)”

3.15

Univé heeft aangifte van - kort gezegd - verzekeringsfraude tegen [appellant] gedaan betreffende de kwestie van de shovel en de kwestie van het in de vorige alinea aangehaalde paard. In het kader van de in dat verband tegen [appellant] aanhangig gemaakte strafzaak is onder meer de heer [N] door de rechter-commissaris als getuige gehoord. [N] heeft op 24 juli 2017 het volgende verklaard:
“Ik weet dat het over de shovel zal gaan. Ik heb dat van [appellant] [toevoeging hof: [appellant] ] gehoord. (…) De shovel is gejat. Toen hij hem gekocht heeft, was ik erbij. Een paar jaar geleden heeft hij tegen mij gezegd dat de shovel gestolen was.
hoe het ging toen hij de shovel kocht? Ik was die dag bij hem, toevallig. Toen was hij al die shovel aan het testen en zo. Die shovel kwam al aanrijden, dat zag ik. Ik weet niet wie die verkoper was. Het was een oude man. Hoe hij eruit zag? Dat weet ik niet. Het was wel een oude man. Hij sprak gewoon Nederlands. Ik heb niet met hem gesproken. Zij gingen die shovel testen, dat heb ik gezien. Hoe de shovel eruit zag? Rood-grijs. Ik weet het merk zo niet. Wie die shovel testte? [appellant] . Toen ben ik naar binnen gegaan en een poosje later weer naar buiten. Toen waren ze aan het onderhandelen. De shovel zag er als nieuw uit. Van de onderhandelingen heb ik niets gehoord. Na een tijdje gingen ze naar de kantine. Daar was [J] ook. We zaten met zijn vieren in de kantine. [appellant] zei dat hij het wel een mooi ding vond. Toen kwam er geld op tafel. [J] bracht dat geld. Hoeveel? Het ging om 45.000 euro. Ik was erbij toen ze het gingen tellen. Toen is de shovel verkocht. Dat geld is gegeven aan de verkoper. Door wie? [appellant] en [J] . [appellant] telde het geld en gaf het aan die man. Ik weet dat het 45.000 euro was, dat vergeet je niet nee. Hoe dat bedrag was opgebouwd? Een deel ervan bestond uit briefjes van 100 euro. Het waren alleen maar biljetten van 100. Of ik dat zeker weet? Ja. Misschien dat er ook briefjes van 50 bij waren. Ik weet dat niet zeker. Ik heb gezien dat ze het telden. Wanneer dit zich afspeelde? Misschien vijf-zes jaar geleden of zo. In welke tijd van het jaar? Ik weet niet of het zomer, winter, herfst of lente was. Of er ook een kwitantie is afgegeven of een rekening? Dat kan ik mij niet herinneren.
(…)
Ik weet dat er een sleutel is afgegeven aan [appellant] door die man. Hoeveel sleutels? Een of twee, ik weet het niet precies. De shovel omschrijf ik verder als volgt: er zat geen dak op. Er
zat wel een soort beugel op, zo’n boog. Verder dus rood, wit of grijs. Hij zag er vrij nieuw uit. Alle onderdelen zaten erbij. Welke? Zo’n vork waarmee je dingen kunt oppakken. Die werd ook getest.
Die man was een oudere man. Hij had grijs haar. Ik schat ouder dan vijftig jaar. Verdere bijzonderheden weet ik niet. Na de koop van de shovel heb ik die shovel ook nog wel vaker gezien. Daarna heeft [appellant] een oudere shovel gekocht, ik bedoel toen de eerste gestolen werd. Niet meteen maar wel een tijdje daarna. Of ik iets weet over de diefstal? Ik weet dat die vrij nieuwe shovel gestolen was. Wanneer na die koop, hoe lang ongeveer? Dat weet ik niet. Ook niet bij benadering.
(…)
Of die verkoper groot of klein was? Dat weet ik niet meer. Of ik zeker weet dat [appellant] het geld geteld heeft? Ja. Ik weet niet meer of er een bonnetje of een factuur of kwitantie is gemaakt.”

4 De procedure en de beslissing in eerste aanleg

4.1

[appellant] heeft Univé gedagvaard en, na vermeerdering van eis, gevorderd dat Univé wordt veroordeeld tot betaling aan hem van een bedrag van € 54.108,40 (de waarde van de shovel, te vermeerderen met de kosten van de huur van een vervangende shovel), te vermeerderen met wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten ad € 2.500,-. Ook heeft hij gevorderd dat Univé, op straffe van verbeurte van een dwangsom, wordt veroordeeld het verzekeringsonderzoek te staken en de vermelding in het Incidentenregister betreffende de shovel te verwijderen, een en ander met veroordeling van Univé in de proceskosten.

4.2

Univé heeft verweer gevoerd. Zij heeft bestreden dat [appellant] een (financieel) belang had bij de in de polis omschreven shovel, te weten een shovel van het merk Weidemann, type 1350CX45 met bouwjaar 2009 en chassisnummer 54XC0531. Ook heeft zij bestreden dat deze shovel is gestolen. Verder heeft Univé aangevoerd dat indien op haar enige vergoedingsplicht rust jegens [appellant] , sprake is van een deels nietige verzekeringsovereenkomst. Indien [appellant] een uitkering zou verkrijgen met daarin een btw- component is volgens Univé sprake van witwassen. Voor zover de overeenkomst betrekking heeft op btw is deze dan ook nietig op grond van artikel 3:40 BW, aldus Univé. Univé heeft ook verweer gevoerd tegen de omvang van de vordering van [appellant] . Volgens haar is de dagwaarde van de shovel aanmerkelijk lager dan € 45.000,- en biedt de overeenkomst geen dekking voor de huur van een vervangende shovel.

4.3

De rechtbank heeft de vorderingen van [appellant] afgewezen en [appellant] veroordeeld in de proceskosten. Volgens de rechtbank zijn de stellingen van [appellant] ten aanzien van de aankoop en het bezit van de shovel ongeloofwaardig. [appellant] heeft volgens de rechtbank onvoldoende onderbouwd dat hij de door hem verzekerde shovel heeft gekocht en in bezit of eigendom heeft verkregen of er enig ander verzekerd (vermogens)belang in heeft gehad. De vordering tot betaling is alleen om die reden niet toewijsbaar. Gelet op dit oordeel was Univé gerechtigd de melding aan het Incidentenregister te doen, zodat de vordering tot verwijdering uit het register niet toewijsbaar is. Ook de vordering om het onderzoek te staken is niet toewijsbaar. [appellant] heeft geen belang bij dit onderzoek, omdat het onderzoek al is afgerond, aldus de rechtbank.

5 De bespreking van de grieven

5.1

Met de grieven I tot en met VII komt [appellant] op tegen het oordeel van de rechtbank dat hij niet voldoende heeft onderbouwd dat hij de door hem verzekerde shovel heeft gekocht en in bezit en eigendom heeft verkregen of er enig ander verzekerd (vermogens)belang in heeft gehad. De grieven richten zich tegen het oordeel zelf en de verschillende gronden waarop de rechtbank dit oordeel heeft gebaseerd. Omdat de grieven met elkaar samenhangen, zal het hof ze tezamen bespreken.

5.2

Het hof stelt bij de bespreking van de grieven voorop dat niet ter discussie staat dat [appellant] alleen aanspraak heeft op een uitkering op basis van de verzekeringsovereenkomst indien hij eigenaar of bezitter is geweest, dan wel een ander vermogensbelang had bij de shovel die hij bij Univé heeft verzekerd en deze shovel vervolgens is gestolen. Tussen partijen staat ook (terecht) niet ter discussie dat de stelplicht en bewijslast ten aanzien van het bestaan van het belang en van de diefstal op [appellant] rusten.

5.3

In hoger beroep heeft [appellant] zijn stelling dat hij in november 2012 door koop eigenaar is geworden van de shovel mede in reactie op het vonnis van de rechtbank, opnieuw onderbouwd en toegelicht. Hij is ingegaan op de door de rechtbank gesignaleerde discrepanties in de in eerste aanleg gegeven onderbouwing. Het hof is van oordeel dat [appellant] zijn, gemotiveerd door Univé weersproken, stelling dat hij door koop eigenaar is geworden van de shovel voldoende heeft onderbouwd om te kunnen worden toegelaten tot het bewijs van die stelling door middel van getuigen. Bij de waardering van het te leveren bewijs zal het hof ingaan op het debat van partijen over de geloofwaardigheid van de door [appellant] ingenomen stellingen, de betekenis van het door partijen ingebrachte schriftelijke bewijs en de omschrijving van de shovel in de polis.

5.4

Het hof zal de zaak naar de rol verwijzen voor bewijslevering door [appellant] .

5.5

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

6 De beslissing
Het gerechtshof, alvorens nader te beslissen:
draagt [appellant] op te bewijzen feiten en omstandigheden waaruit volgt dat hij door koop in november 2012 op 23 augustus 2013 rechthebbende was op de door hem bij Univé verzekerde shovel;
bepaalt dat, indien [appellant] dat bewijs (ook) door middel van getuigen wenst te leveren, het verhoor van deze getuigen zal geschieden ten overstaan van het hierbij tot raadsheer-commissaris benoemde lid van het hof mr. H. de Hek, die daartoe zitting zal houden in het paleis van justitie aan het Wilhelminaplein 1 te Leeuwarden en wel op een nader door deze vast te stellen dag en tijdstip;


bepaalt dat [appellant] het aantal voor te brengen getuigen alsmede de verhinderdagen van beide partijen, van hun advocaten en van de getuigen zal opgeven op de roldatum 1 mei 2018, waarna de raadsheer-commissaris dag en uur van het verhoor (ook indien voormelde opgave van een of meer van partijen ontbreekt) vaststelt;


bepaalt dat [appellant] overeenkomstig artikel 170 Rv de namen en woonplaatsen van de getuigen tenminste een week voor het verhoor aan de wederpartij en de griffier van het hof dient op te geven.

Dit arrest is gewezen door mr. H. de Hek, mr. L. Janse en mr. M.W. Zandbergen en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op

17 april 2018.