Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2018:11733

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
01-08-2018
Datum publicatie
30-01-2020
Zaaknummer
21-006875-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Mensenhandel. Uitbuiting van Bulgaarse prostituees. Formele verweren ex art. 3, 5 en 6 EVRM.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-006875-16

Uitspraak d.d.: 1 augustus 2018

TEGENSPRAAK

Promis

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Overijssel van 6 december 2016 met parketnummer 08-963583-13 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum 1] ,

zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande.

Het hoger beroep

De verdachte en de officier van justitie hebben tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 18 juli 2018 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen namens verdachte door zijn raadsman, mr. E.M. Steller, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere bewijsbeslissing komt en daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

1:
hij in of omstreeks de periode van 1 mei 2011 tot en met 31 augustus 2011, te Amsterdam en/althans (elders) in Nederland en/of in Bulgarije, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander en/of anderen, althans alleen, een ander, genaamd [slachtoffer 1] ,

-door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben geworven en/of vervoerd en/of overgebracht en/of gehuisvest en/of opgenomen, met het oogmerk van (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 1] (sub 1)

en/of

-heeft/hebben aangeworven en/of medegenomen met het oogmerk die [slachtoffer 1] in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling (sub 3)

en/of

-door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder genoemde omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft/hebben ondernomen waarvan verdachte en/of zijn mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer 1] zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) (sub 4)

en/of

-opzettelijk voordeel heeft/hebben getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer 1] (sub 6)

en/of

-die [slachtoffer 1] door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben gedwongen dan wel bewogen hem, verdachte, en/of zijn mededader(s) te bevoordelen uit de opbrengst van de seksuele handelingen van die [slachtoffer 1] met of voor (een) derde(n) (sub 9),

immers heeft/hebben/is/zijn verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens)

-met die [slachtoffer 1] een (seksuele) relatie aangegaan en/of onderhouden en/of

-tegen die [slachtoffer 1] gezegd - zakelijk weergegeven - dat je in Nederland (als prostituee) 1000 tot 1500 Euro per dag kon verdienen en/of dat die [slachtoffer 1] verdachte moest bellen als zij in Nederland wilde werken en/of dat verdachte haar daarbij kon helpen omdat hij veel contacten had in Nederland en/of dat het met [slachtoffer 1] in Nederland wel goed zou gaan en/of dat zij in Nederland veel geld zou verdienen en/of dat zij (dan) een huis kon kopen in Bulgarije, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of

-met die [slachtoffer 1] (vanuit Bulgarije) naar Nederland gereden en/althans gereisd en/of

-die [slachtoffer 1] ondergebracht in een woning en/of gehuisvest en/althans met die [slachtoffer 1] samengewoond (in de nabijheid van de werkplek(ken) van die [slachtoffer 1] ) en/of

-die [slachtoffer 1] opdracht gegeven en/of onder druk gezet en/of ertoe aangezet en/of ertoe gebracht een (groot) aantal uren per dag en/of zeven, althans een groot aantal dagen per week, als prostituee te werken en/of geld te verdienen en/althans zich beschikbaar te stellen voor het verrichten van seksuele diensten/handelingen en/of

-die [slachtoffer 1] zogenaamde dubbele diensten (dag- en nachtdienst) laten draaien/werken en/of

-tegen die [slachtoffer 1] gezegd hoe zij haar werkzaamheden moest verrichten en/of haar ook laten werken als zij ongesteld was en/of

-zorggedragen voor controle en/of toezicht op de prostitutiewerkzaamheden van die [slachtoffer 1] en/of op de verdiensten daaruit en/of die [slachtoffer 1] verantwoording laten afleggen over haar werkzaamheden en/of over haar verdiensten en/of (aldus) de keuze-/bewegingsvrijheid van die [slachtoffer 1] ingeperkt en/of

-die [slachtoffer 1] al haar verdiensten, althans een aanzienlijk deel daarvan, laten afdragen aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of het door haar verdiende geld geheel of gedeeltelijk onder zich/hen genomen/gehouden en/of haar (aldus) in een (verder) van verdachte en/of zijn mededader(s) afhankelijke positie gebracht en/of gehouden en/of

-die [slachtoffer 1] de kosten voor levensonderhoud en/of de woonlasten van verdachte en/of zijn mededader(s) laten betalen en/of

-het door die [slachtoffer 1] verdiende geld verstuurd/overgemaakt naar de familie van verdachte en/of zijn mededader(s) en/althans naar personen in Bulgarije en/of

-die [slachtoffer 1] bedreigd en/of uitgescholden en/of haar onder druk gezet en/of dreigende/agressieve taal jegens haar geuit en/of haar (aldus) in (een) positie(s)/situatie(s) gebracht, waarin zij zich niet of (te) weinig kon onttrekken aan de van verdachte en/of zijn mededader(s) uitgaande (groeps)dwang;

-die [slachtoffer 1] geslagen en/of gestompt en/althans mishandeld;


2:
hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2010 tot en met 31 januari 2011, te Alkmaar en/of te Amsterdam en/althans (elders) in Nederland en/of in Bulgarije, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander en/of anderen, althans alleen, een ander, genaamd [slachtoffer 2] ,

-door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben geworven en/of vervoerd en/of overgebracht en/of gehuisvest en/of opgenomen, met het oogmerk van (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 2] (sub 1)

en/of

-heeft/hebben aangeworven en/of medegenomen met het oogmerk die [slachtoffer 2] in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling (sub 3)

en/of

-door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder genoemde omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft/hebben ondernomen waarvan verdachte en/of zijn mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer 2] zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) (sub 4)

en/of

-opzettelijk voordeel heeft/hebben getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer 2] (sub 6)

en/of

-die [slachtoffer 2] door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben gedwongen dan wel bewogen hem, verdachte, en/of zijn mededader(s) te bevoordelen uit de opbrengst van de seksuele handelingen van die [slachtoffer 2] met of voor (een) derde(n) (sub 9),

immers heeft/hebben/is/zijn verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens)

-tegen die [slachtoffer 2] gezegd - zakelijk weergegeven - dat je in Nederland (als prostituee) heel goed kon verdienen en/of dat het (prostitutie)werk in Nederland heel goed was, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of

-met die [slachtoffer 2] (vanuit/via Duitsland) naar Nederland gereden en/althans gereisd en/of

-die [slachtoffer 2] ondergebracht in een woning en/of hotel en/of gehuisvest en/althans met die [slachtoffer 2] samengewoond (in de nabijheid van de werkplek(ken) van die [slachtoffer 2] ) en/of

-die [slachtoffer 2] opdracht gegeven en/of onder druk gezet en/of ertoe aangezet en/of ertoe gebracht een (groot) aantal uren per dag en/of zeven, althans een groot aantal dagen per week, als prostituee te werken en/of geld te verdienen en/althans zich beschikbaar te stellen voor het verrichten van seksuele diensten/handelingen en/of

-die [slachtoffer 2] zogenaamde dubbele diensten (dag- en nachtdienst) laten draaien/werken en/of -die [slachtoffer 2] ook laten werken toen zij zwanger was en/of

-zorggedragen voor controle en/of toezicht op de prostitutiewerkzaamheden van die [slachtoffer 2] en/of op de verdiensten daaruit en/of die [slachtoffer 2] verantwoording laten afleggen over haar werkzaamheden en/of over haar verdiensten en/of (aldus) de keuze-/bewegingsvrijheid van die [slachtoffer 2] ingeperkt en/of

-die [slachtoffer 2] al haar verdiensten, althans een aanzienlijk deel daarvan, laten afdragen aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of het door haar verdiende geld geheel of gedeeltelijk onder zich/hen genomen/gehouden en/of haar (aldus) in een (verder) van verdachte en/of zijn mededader(s) afhankelijke positie gebracht en/of gehouden en/of

-die [slachtoffer 2] de kosten voor levensonderhoud en/of de woonlasten en/of de hotelkosten van verdachte en/of zijn mededader(s) laten betalen en/of

-het door die [slachtoffer 2] verdiende geld verstuurd/overgemaakt naar de familie van verdachte en/of zijn mededader(s) en/althans naar personen in Bulgarije en/of

-die [slachtoffer 2] bedreigd en/of haar onder druk gezet en/of dreigende/agressieve taal jegens haar geuit en/of haar (aldus) in (een) positie(s)/situatie(s) gebracht, waarin zij zich niet of (te) weinig kon onttrekken aan de van verdachte en/of zijn mededader(s) uitgaande (groeps)dwang;

-die [slachtoffer 2] geslagen;

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

De ontvankelijkheid van het openbaar ministerie

De raadsman van verdachte heeft betoogd dat in de onderhavige strafzaak sprake is geweest van een drietal onherstelbare vormverzuirnen in de zin van artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) die, ieder voor zich maar zeker in samenhang, moeten leiden tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie.

Schending van artikel 6 EVRM

De raadsman heeft ten eerste betoogd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard wegens schending van artikel 6 EVRM, concreet wegens schending van het vertrouwensbeginsel.

De overlevering van verdachte is alleen toegestaan onder de uitdrukkelijke voorwaarde van een terugkeer naar (c.q. overdracht van verdachte aan) Bulgarije na het horen van verdachte. Het openbaar ministerie heeft deze terugkeer na verhoor ook expliciet gegarandeerd. Deze terugkeer na verhoor heeft echter niet plaatsgevonden; verdachte is (langdurig) in voorlopige hechtenis genomen. Het laatste verhoor vond plaats op 24 juni 2014. Als op 9 september 2014 de voorlopige hechtenis wordt opgeheven is al tweeëneenhalve maand sprake van een schending van de afspraken met Bulgarije. Ook daarna duurt die nog voort omdat verdachte niet naar Bulgarije wordt teruggebracht maar op eigen gelegenheid naar Bulgarije moest terugkeren. Door het schenden van dat vertrouwen wordt niet alleen de relatie met Bulgarije op de proef gesteld, het vertrouwen in de Nederlandse staat aangetast en de deur geopend voor een soortgelijke behandeling van Nederlanders in den vreemden, maar heeft verdachte bovendien onherstelbaar nadeel ondervonden. Dit betreft een onherstelbaar vormverzuim in het voorbereidend onderzoek dat de integriteit van de opsporing raakt. Gerechtelijke instanties moeten kunnen vertrouwen op de toezeggingen gedaan door het openbaar ministerie. Dat bleek hier niet het geval. Dat noopt tot de zwaarst mogelijke sanctie, te weten de niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie.

Standpunt advocaat-generaal

Vanaf het moment van opheffing van de voorlopige hechtenis op 9 september 2014 had verdachte volgens de gedane toezegging naar Bulgarije moeten worden teruggebracht. Dat is niet gebeurd. Verdachte is op eigen gelegenheid naar Bulgarije teruggegaan. Weliswaar is het interstatelijk vertrouwensbeginsel geschonden, echter niet zodanig dat artikel 6 EVRM is geschonden. Hieraan worden geen rechtsgevolgen aan verbonden.

Oordeel hof

Het hof stelt vast dat in de uitspraak tot overlevering van de rechtbank Pernik (Bulgarije) van 29 mei 2014 de door de raadsman bedoelde voorwaarde staat vermeld. Het openbaar ministerie heeft op 18 april 2014 schriftelijk bevestigd dat verdachte na verhoor zal worden teruggegeven aan Bulgarije. Verdachte is op 24 juni 2014 voor de vierde en laatste keer verhoord. Op dat moment was de voorlopige hechtenis al bevolen, te weten op 18 juni 2014 voor de duur van 90 dagen met als grond de onderzoeksgrond. Ter terechtzitting van 9 september 2014 is de voorlopige hechtenis van verdachte vervolgens door de raadkamer opgeheven vanwege het vervallen van de onderzoeksgrond.

Door het Openbaar Ministerie is niet aangevoerd dat het de bedoeling was om verdachte ook nog na 24 juni 2014 te verhoren. Ook het dossier bevat dergelijke aanwijzingen niet. De verdachte had daarom kort na 24 juni 2014 teruggebracht moeten worden. Pas op 9 september 2014 is de voorlopige hechtenis van de verdachte opgeheven, waarna hij terug kon naar Bulgarije. Dit betekent dat het openbaar ministerie zich niet heeft gehouden aan de eerder gedane toezegging. Hiermee is het interstatelijk vertrouwensbeginsel geschonden. Dit leidt er echter niet toe dat het recht van verdachte op een eerlijk proces in de zin van artikel 6 EVRM is geschonden, dan wel dat het Openbaar Ministerie op een andere grond niet-ontvankelijk verklaard dient te worden. Voor zover verdachte door het voortduren van de voorlopige hechtenis in zijn belangen is geschaad, geldt dat de duur van de voorlopige hechtenis wordt afgetrokken van de duur van de op te leggen vrijheidsstraf, waardoor de voor verdachte nadelige gevolgen van het vormverzuim (voor een belangrijk deel) worden gecompenseerd. Het hof verwerpt dit verweer.

Schending van artikel 5 EVRM

De raadsman heeft voorts betoogd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard wegens het feit dat verdachte van 6 juni 2014 tot 9 september 2014 in voorlopige hechtenis heeft gezeten met als enige grond de onderzoeksgrond, terwijl het onderzoek al bleek te zijn afgerond op 9 juni 2014 toen hij in bewaring werd genomen en al helemaal toen op 18 juni 2014 de gevangenhouding van verdachte werd bevolen. De rechtbank overwoog dat er nog wel degelijk sprake zou zijn geweest van een onderzoeksgrond omdat op 18 juni door de officier van justitie in raadkamer was aangegeven dat er nog meerdere getuigen gehoord moesten worden. Deze verhoren hebben echter niet plaatsgevonden noch is gebleken van enige inspanning om deze te laten plaatsvinden. De onderzoekgrond, die op basis van mededelingen van de zijde van het openbaar ministerie is aangenomen, betrof een fictie. Gelet hierop was de voorlopige hechtenis van verdachte onrechtmatig. Dit is een vormverzuim in het voorbereidend onderzoek in de zin van artikel 359a Sv. Het betreft hier een ernstig onherstelbaar vormverzuim waardoor verdachte ook in zijn belangen is geschaad. In enkele maanden tijd hebben dus zowel de rechtbank in Pernik, de rechter-commissaris en de rechtbank Overijssel, vertrouwende op de woorden van het openbaar ministerie, beslissingen genomen die zij niet hadden kunnen nemen of zouden hebben genomen indien de juiste informatie was gepresenteerd. Dat zijn schendingen die de integriteit van de opsporing in de kern raken. Het misleiden van meerdere rechters, met onrechtmatige detentie als gevolg, noopt tot de zwaarst mogelijke sanctie, te weten de niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie.

Standpunt advocaat-generaal

Uit het proces-verbaal van raadkamer d.d. 18 juni 2014, waarin de officier van justitie mededeelde dat nog getuigen/ medeverdachte moeten worden gehoord blijkt dat de onderzoeksgrond nog steeds aanwezig was. Uit het dossier blijkt dat er nadien nog getuigen moesten worden gehoord. Uit de stukken blijkt de verdachte op 26 juni 2014 is gehoord en dat hij is overgeleverd ter fine van de opsporing (waaronder het horen van verdachte) en vervolging van mensenhandel. Het verweer van de verdediging moet worden verworpen.

Oordeel hof

Op 18 juni 2014 is de vordering gevangenhouding in de raadkamer van de rechtbank Overijssel behandeld. In het proces-verbaal van raadkamer staat het volgende vermeld:

De officier van justitie verklaart, zakelijk weergegeven:

‘Er moet een medeverdachte in Bulgarije gehoord worden, hetgeen reeds is uitgezet. (…) De vraag van de raadsman of de onderzoeksgrond kan komen te vervallen wanneer mevr. [slachtoffer 1] (het hof begrijpt: [betrokkene 1]) is gehoord, dient ontkennend te worden beantwoord. Er moeten namelijk nog meer getuigen gehoord worden in dit onderzoek.’

In het proces-verbaal van de politie voor de raadkamerzitting wordt opgemerkt dat de partner van verdachte [betrokkene 1] nog gehoord moet worden. Dat men de partner van de verdachte wilde horen (en dat ze ook als medeverdachte werd aangemerkt) is realistisch, gelet op het feit dat verdachte geld (dat was verdiend met de prostitutiewerkzaamheden van aangeefsters) naar haar opstuurde. Door het openbaar ministerie was getracht ook [betrokkene 1] (tegelijkertijd met verdachte) overgeleverd te krijgen. Dit is niet gelukt en uiteindelijk is [betrokkene 1] (kennelijk) helemaal niet gehoord, maar dat tijdens de behandeling van de vordering gevangenhouding in raadkamer dat voornemen bestond, is niet onaannemelijk. Verder is verdachte op 26 juni 2014 opnieuw gehoord. De mogelijkheid bestond dus dat naar aanleiding van dit verhoor nog nadere onderzoekhandelingen verricht dienden te worden. Hoe dan ook zijn er geen aanwijzingen dat er door de officier van justitie gelogen werd tijdens de behandeling van de vordering gevangenhouding in raadkamer op 18 juni 2014. Het hof verwerpt het verweer.

Schending van artikel 3 EVRM

De raadsman heeft tot slot betoogd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard wegens schending van artikel 3 EVRM. Hiertoe heeft hij betoogd dat hiervan bij verdachte sprake is geweest. omdat het hem in detentie heeft ontbroken aan adequate medische zorg. Indien het hof van oordeel is dat de verstrekte medische zorg wel degelijk adequaat was, heeft de raadsman verzocht om aanhouding van de zaak teneinde een onafhankelijke arts en tandarts naar het medische dossier van verdachte te laten kijken of de verstrekte zorg voldoende was.

Standpunt advocaat-generaal

De Wet geneeskundige behandelovereenkomst (Wgbo) is ook van toepassing voor medisch handelen in de justitiële inrichtingen van de gedetineerde en is vereist voor geneeskundige handelingen. Niet aannemelijk is gemaakt dan naleving van de Wgbo is uitgebleven of anderszins sprake is van schending van regels. Uit de stukken blijkt dat er medische consulten hebben plaatsgevonden en de (tand-)arts de medische zorg heeft kunnen verlenen. Het verweer van de verdediging moet worden verworpen.

Oordeel hof

Het hof is van oordeel dat zelfs als de aan verdachte verleende medische zorg niet adequaat zou zijn geweest, dit niet zonder meer zou betekenen dat sprake is van schending van artikel 3 EVRM. Bovendien is op grond van artikel 42 van de Penitentiaire Beginselenwet de directeur van de Penitentiaire Inrichting, niet het openbaar ministerie, verantwoordelijk voor het verstrekken van adequate medische zorg aan gedetineerden, zodat reeds om die reden het verweer niet kan leiden tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging. Het hof verwerpt het verweer.

Het verzoek van de verdediging om aanhouding teneinde een onafhankelijke arts en tandarts naar het medische dossier van verdachte te laten kijken zal worden afgewezen, nu het hof dit niet noodzakelijk acht.

Overweging met betrekking tot het bewijs 1

Inleiding

Het hof geeft onderstaand eerst een overzicht van de relevante bewijsmiddelen, waarvan de redengevende onderdelen voor het bewijs worden gebruikt. Vervolgens wordt de beoordeling door het hof van de tenlastelegging besproken.

De advocaat-generaal heeft gerequireerd tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde, de raadsman heeft vrijspraak bepleit. Hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht wordt weersproken door de bewijsmiddelen en de beoordeling daarvan door het hof, zoals hieronder wordt weergegeven

Ten aanzien van het onder 1 en 2 tenlastegelegde 2

1. Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1] van 11 oktober 2011, p. 16 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

Ik ben geboren op [geboortedatum 2] te Manastirishte (Bulgarije,). (…) Mijn ouders zijn gescheiden. (…) Het was niet zo goed, omdat wij van ongeveer 120 leva (60 euro) moesten

rondkomen. (...)

Ik wilde niet in Sofia werken, maar ik wilde dit in Nederland doen. Ik heb [verdachte] leren

kennen. Hij vertelde dat hij in Nederland had gewerkt. Hij vertelde mij dat je in Nederland

van de 1000 euro tot 1500 euro per dag kon verdienen. [verdachte] is een man van 47 jaar oud.

Ik heb hem leren kennen in een discotheek in Sofia genaamd Oriënt 33. (...)

[verdachte] was toen ook in de discotheek met! een vriend en een meisje. Dit meisje hoorde bij de vriend van [verdachte] . Zij werkte al 4 jaar in Nederland Dit meisje begon er toen over te

praten. Zij vertelde dat het goed ging en dat zij veel geld verdiende. Zij vertelde dat het soms goed ging en soms minder was. Zij vertelde dat zij achter het raam stond en dat zij daar soms in lingerie en soms naakt stond. (…) Zij vertelde dat zij 50 euro voor een kwartier pijpen of neuken vroeg en dat ik mijn bh niet hoefde uit te doen alleen mijn broekje. Het meisje heet [betrokkene 2] . Zij vertelde verder dat er ook gewoon mensen waren die betaalden om alleen bij haar te mogen zijn, [verdachte] vertelde dat als ik ook hier wilde werken ik hem moest bellen. [verdachte] vertelde dat hij mij kon helpen, omdat hij veel contacten had in Nederland. Ik weet dat het mei 2011 was dat dit gesprek plaats vond Ik wilde dit werk doen omdat ik weg wilde van die ellende.(…)

Ik heb [verdachte] vervolgens gebeld. Dit was ongeveer 1 of 2 dagen na het bezoek van de

discotheek. Ik heb toen tegen hem gezegd dat ik het wel goed vond maar dat het dan op basis moest van 50/50. [verdachte] zei toen dat het goed was en dat het geen probleem was. Hij zei toen dat het goed zou gaan en dat ik veel zou verdienen en dat ik dan een huis kon kopen in mijn dorp. [verdachte] kende wel mensen die mij konden helpen met het verbouwen en anders kon ik wel een stuk grond kopen. Ik vroeg toen aan hem wanneer wij zouden vertrekken. [verdachte] zei toen dat hij moest wachten op twee mannen. (..) Wij gingen uiteindelijk met de auto. (...)

Ik wist van de 50/50, omdat [verdachte] dat gezegd had. [verdachte] vertelde dat hij dingen moest

regelen en omdat ik geen verstand had van hoe alles ging in Nederland en de taal niet sprak

moest ik hem de helft van mijn verdiensten van een dag aan hem geven. Ik vond het wel een

goed idee dat hij de helft van mijn geld zou krijgen. Maar hij hield zich niet aan deze

afspraak en daarom ben ik nu hier (...) In Bulgarije had ik een slecht gebit. Ik kreeg 4

implantaten op de plek van mijn onderste voortanden en dit kostte 670 leva. Dit geld heeft

[verdachte] voorgeschoten. Ik moest verder de reis ook betalen. De reis was 300 euro. Inmiddels

heb ik dit al lang terugbetaald. Ik had volgens [verdachte] een schuld van 800 euro. Dit heb ik al

lang terugbetaald. (...)

Na mijn 18de verjaardag heb ik [verdachte] gebeld en toen is hij naar mijn dorp toegekomen. (..)

Hij vertelde mij toen dat ik een paspoort moest aanvragen. Hij is toen samen met mij naar

Lovech gegaan om een paspoort aan te vragen. Ik heb het paspoort wel zelf opgehaald.

[verdachte] ging mee om te betalen. Hij moest 80 leva betalen. (...) Hij vertelde toen dat ik moest bellen als het paspoort klaar was, want dan zou hij mij komen halen. Ik heb dit toen ook gedaan. Het was de 4e toen wij vertrokken uit Bulgarije en de 7e waren wij hier in

Nederland. Dit was in mei 2011. De reis duurde 3 dagen. Hij heeft mij bij mijn huis in

Dermantsi opgehaald. Hij reed in een Alfa Romeo, kleur rood. De auto was voorzien van een Bulgaars kenteken. (...) Er zat nog een andere man in de auto. [verdachte] vertelde mij dat deze man de chauffeur was. (...) Later begon [verdachte] te praten en zei elke keer liefje tegen mij en dat ik nummer 1 zou worden en dat wij rijk zouden worden. (...) [verdachte] vertelde dat ik het heel ver zou schoppen in Nederland als ik maar deed wat hij zei. (...)

Op de 7e tussen half twee en twee uur kwam ik aan in Nederland. Wij stopten in Amsterdam

bij de Oudezijdse Achterburgwal 123h. (...] [betrokkene 3] en [verdachte] zeiden dat ik met [betrokkene 4] naar het kantoor van [betrokkene 5] toe moest. Ik moest toen de huur van het appartement

betalen van [verdachte] . Dat was 850 euro. Dit geld heb ik gekregen van [verdachte] . Ik weet niet waarom ik dit moest doen en waarom [verdachte] dit niet deed. Ik kreeg toen de sleutel en ik ben samen met [verdachte] naar het appartement gegaan. (...) [verdachte] was in het begin heel bezitterig.(…) [verdachte] deed alsof wij man en vrouw waren. Dit bleek uit zijn gedrag. Aan de overkant bevond zich een live pornoshow en ik zag toen een hele leuke jongen en ik ben toen naar deze jongen toegegaan en heb mij voorgesteld. [verdachte] had dit gezien en toen belde hij mij en zei; "kom je nou".

Toen ik terugkwam in het appartement kreeg ik een klap in mijn gezicht. Dit was 1 week na aankomst. Hij gooide met allerlei porseleinen spullen en [verdachte] begon te schreeuwen, hij zei ik neuk je moeder en slet en dat hij hier niet is gekomen zodat ik kon neuken om liefde.(…) Nadat hij mij had geslagen ben ik samen met [betrokkene 4] naar buiten gegaan om mij te laten inschrijven. (.) [betrokkene 4] deed toen het woord, want ik had er geen verstand van. [verdachte] had mij gezegd dat ik daar naar toe moest. Toen ik met [betrokkene 4] in de tram zat, had [betrokkene 4] [verdachte] aan de telefoon. [verdachte] vertelde toen aan [betrokkene 4] waar zij uit moest stappen en waar zij naar toe moest. Toen ik mij hier had ingeschreven op het adres van [betrokkene 5] moest ik 20 dagen wachten.(...) [verdachte] zei steeds maar tegen mij dat ik een kamer moest vinden en dat ik te dom was zelf een kamer te vinden. Na een tijdje lukte het mij om een kamer te krijgen. Daar waar [betrokkene 5] woont in de straat. Het kantoor heet [bedrijf 2] . [verdachte] zei toen dat ik een dagdienst en een nachtdienst moest draaien.

Mijn eerste werkdag was toen ik een sticker kreeg. Op 7 juli kreeg ik een sticker.(…) Ik heb geen kleding gekregen van [verdachte] . Ik kreeg schoenen en twee lingeriesetjes van het meisje van [betrokkene 3] . Zij heet [betrokkene 2] . (...) [verdachte] vertelde mij dan dat ik niet te veel moest praten met klanten. Ook dat ik niet buiten moest gaan staan praten en niet bij de deur. Ook legde hij mij uit hoe ik moest gaan staan achter het raam.(...) Ik deed het altijd met condooms. [verdachte] kocht altijd de condooms voor mij.(...) De eerste dag had ik 600 euro verdiend. Achteraf denk ik dat de eerste week de beste was, want ik verdiende minstens 500 euro per dag. (...) Daarna werd het steeds minder. Ik kreeg gelijk commentaar en gezeur thuis omdat ik minder verdiende. Hij zette continue druk op mij. Op het moment dat ik achter het raam ging staan belde hij mij continue. Hij zei dan: "Wat ben je nu aan het doen, Ga maar glimlachen, Probeer ze binnen te krijgen". Ik mocht alleen maar terugkomen met geld. Een klant wilde een keer anale seks, Ik wilde dit niet, Ik heb dit een keer gedaan en ik vond het niet fijn, ik had toen pijn. [verdachte] zei dat ik het toch moest doen omdat dit beter verdiende. Ik heb het toen toch niet gedaan en [verdachte] zei dat ik het wel met hem mocht proberen omdat het misschien makkelijker ging.(..) Ik begon om een uur of 15.00 in de middag en ik werkte door tot een uur of 05.00 in de morgen. Hij wachtte mij op en zei dan: Geef maar op dat geld. Ik kreeg alleen maar het geld voor de huur van de kamer voor de volgende dag van hem terug en 10 euro om wat te kopen bij de Albert Heijn. Ik moest mij verantwoorden voor iedere euro. Ik moest verantwoorden als ik meer dan de 10 euro nodig had die ik van hem kreeg. Als ik dan geld wilde gebruiken wal ik had verdiend dan moest ik eerst bellen met [verdachte] en vragen of ik dit mocht kopen. Hij zei dat als ik aan het geld zou komen wat meer was dan de 70 euro dan zou ik geen geluk meer krijgen.(…) Ik geloof daar niet in, maar ik was wel bang dat hij mij daarvoor ging slaan.

Zolang ik bij [verdachte] was, heb ik altijd overdag en 's nachts gewerkt. Zelfs [betrokkene 5] heeft een keer opgemerkt dal ik langer dan de toegestane tijd van 9 uur werkte, soms wel 12 uur. Ik betaalde mijn kamer per dag. Ik betaal 125 euro per shift maar ik krijg korting van

25 euro. Dus ik betaalde 225 voor de hele dag. Ik kreeg korting omdat dit mijn vaste kamer was. Ik heb gewerkt bij [verdachte] van 7 juli tot 26 augustus. Volgens [verdachte] heb ik tijdens deze periode 2500 euro verdiend Daarom heeft hij 1500 euro naar zijn vrouw gestuurd.

De rest ging op aan kamerhuur. Volgens mij heb ik veel meer verdiend. Volgens mij verdiende ik wel 2500 per week. Ik verdien momenteel 750 tot 200 per dag. Dit is naast de kamerhuur. Ik heb van [verdachte] helemaal geen geld gekregen. Ik heb 2 keer 50 euro naar mijn moeder gestuurd. Volgens [verdachte] hadden wij 2500 euro. Hij zei toen dat 1500 voor mij en 1000 euro voor hem was. Ik heb dit geld nooit gehad. Hij had 1500 euro naar zijn vrouw gestuurd. Ik vroeg hem waarom hij dit niet naar mijn moeder had gestuurd en toen zei hij dal hij heel snel het geld wilde versturen naar Bulgarije omdat hij anders bang was dat er misschien werd ingebroken.(..)

[verdachte] ging mij ook controleren. Hij stond dan buiten en keek hoeveel klanten ik had. Ik had een klant die kwam elke dag. Hij bleef lang en stond nog even met mij te praten. Hij had geen geld en ik heb hem snel weggestuurd. [verdachte] stond dan buiten te kijken hoelang de klant dan bij mij bleef. [verdachte] belde mij toen en zei: vuile slet, ik zal je de les lezen.

Ik ben toen om half 5 in de morgen naar huis gegaan en [verdachte] zat aan de tafel te roken en koffie te drinken. [verdachte] zei tegen mij: “Wat sta je daar te kijken, kom maar hier zitten "

Ik was toen bang ik dacht dat hij mij in elkaar zou gaan slaan. Ik zei dat de klant had gezegd dal hij geen geld had. [verdachte] zei dat als hij geen geld heeft dat ik de klant dan niet binnen moet laten en dat ik anders bij de deur om geld moet vragen. Ik ging vervolgens zitten. [verdachte] stond op en hij zei tegen mij: “Hoe vaak moet ik zeggen dat jij daar staat om geld te verdienen.” Ik zei toen dat de klant had gezegd dat hij geen geld had. [verdachte] pakte mij bij mijn haar. Ik had extension en die trok hij eruit. Ik kan mij herinneren dal ik een paar vuisten op mijn hoofd kreeg en op mijn rug en schouder. Ik had bulten op mijn hoofd en mijn lip was blauw en dik geworden. Hij trok aan mijn haren. Ik begon te huilen. [betrokkene 3] en [betrokkene 2] kwamen eraan en [betrokkene 2] zei ‘ben je gek geworden, straks komt de politie’. [verdachte] is toen het huis uit gevlucht. Hij bleef een uur weg en toen hij terug kwam, stond ik bij het raam te huilen. [verdachte] begon weer te schelden en hij zei: ‘waarom zit jij te huilen vieze slet’. Hij zei dat ik een stuk vuil was en altijd zou blijven. (...)

Met [betrokkene 6] ben ik bevriend geraakt. Wij gingen koffie drinken en toen heb ik [betrokkene 6] het verhaal ook verteld. Nadat ik was geslagen wilde ik een paar dagen niet werken. Ik stuurde iedereen weg. Ik werkte alleen om de kamer bij elkaar te verdienen. Voor de rest stuurde ik iedereen weg. Een van de Bulgaarse meisjes die daar ook werkzaam is, [betrokkene 7] , had haar pooier gebeld en had gezegd dal ik niet werkte en dat ik mensen weg stuurde en haar pooier had gelijk contact gehad met [verdachte] . En [verdachte] belde meteen en vroeg: ‘waarom werk jij niet, waarom sta jij op twee meter afstand van het raam.’ Ik zei dat ik niet wilde werken en ook niet ging werken. [verdachte] zei: ‘ga maar gelijk.’ Ik heb toen [betrokkene 6] gebeld en verteld van mijn plan om te vluchten. [betrokkene 6] zei dat ik wel bij haar kon wonen. Die nacht om twee uur ben ik naar haar huis toegegaan.

Ik heb tot 26 augustus 2011 voor hem gewerkt.(...) Hij maakte mij altijd wakker na 4 of 5 uurtjes slaap dat ik weer aan het werk moest. Hij oefende iedere dag druk op mij uit. Hij belde mij altijd. Dan vroeg hij of ik alweer een klant had of hoeveel geld ik had gekregen, en dat ik meer geld had kunnen krijgen door het topje af te doen. Als ik terug kwam van het werken met 150 euro dan vroeg hij wat ik de hele tijd gedaan had dat ik maar 150 euro had verdiend. Ik ben bang om te werken vooral voor de Bulgaarse meisjes, omdat zij bij het ophalen van de sleutel altijd vragen welke sleutel ik heb. Ik ben bang dat [verdachte] van anderen hoort waar ik zit en dan naar mij toekomt en mij mishandelt want hij is daartoe in staat.(...).

[verdachte] heeft momenteel geen andere meisjes voor zich werken in Nederland. Hij had eerder wel een meisje, genaamd [betrokkene 8] , en zij is zwanger geraakt van een klant en wilde toen niet meer voor [verdachte] werken.

2. Het proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 1] van 9 december 2011, p. 34 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

V: Heb jij aan [verdachte] gevraagd naar het werk in de prostitutie in Nederland?

A:Ja, dat klopt. Ik bedoel, ik heb aan hem gevraagd weet jij wat ik moet doen om daar te werken. Hij zegt, ja dat weet ik, ik ben daar met een meisje geweest. Hij was daar,

in Nederland, met een meisje genaamd [slachtoffer 2] . Zij was zwanger, maar moest werken van hem. Met daar bedoel ik in Nederland en met werk bedoel ik prostitutiewerk. Ik wilde zelf het werk doen. (...) Het enige is dat hij al mijn geld heeft afgepakt, terwijl de afspraak was 50/50, hij mij twee keer geslagen heeft en dat ik van hem dag en nacht moest werken. Hij stuurde alles wat ik verdiende naar zijn vrouw in Bulgarije, dat is wat hij mij vertelde. Ik

had bijvoorbeeld 3000 euro verdiend en ik wilde de helft van dit bedrag opsturen naar mijn moeder. Hij zei de huur is nog niet betaald, dat is 1000. Ik zeg oké dan hebben we allebei

1000. Maar nee, hij heeft 2000 euro naar zijn vrouw gestuurd Dat vertelde hij de volgende dag. Ik verdiende toen heel goed, zo'n 500 a 700 euro per dag. Hij zei je, krijgt dit geld later, iedere dag pakte hij dit geld af.

3. Het proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 1] van 5 juli 2012, p. 39 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

Aan de aangeefster werd een foto getoond, aan de aangeefster werd gevraagd wie de

gebeelde man op de foto is?

This is him (Dat is hem)

Vraag: wie is hij (who is him?)

That is [verdachte] .

Vraag: [verdachte] in the report by the police?

Yes (…)

Opmerking verbalisanten: onder de foto in bijlage stond de naam de fotohouder. Ik,

verbalisant heb deze naam in de bijlage onleesbaar gemaakt. De tekst die onder de foto stond was: [verdachte] . dob [geboortedatum 1] .

4. Het proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 1] van 15 april 2013, p. 43 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

V: Wat voor afspraken had je vooraf met [verdachte] gemaakt over het geld dat je in de

prostitutie zou verdienen?

De afspraak was, omdat ik hem geld verschuldigd was, ik in eerste instantie mijn schulden bij hem zou inlossen en daarna zouden we alles delen 50/50. Ik was hem 700 !eva schuldig, dat is 350 euro.

V: Waarom had je een schuld bij [verdachte] ?

Omdat mijn gebit toen in orde is gebracht.

V: Wat is er van deze afspraak in de praktijk terecht gekomen?

Die afspraak is door [verdachte] niet nagekomen. Op een moment was er 2000 euro die ik verdiend had. [verdachte] zei toen dat hij 1000 euro via de bank naar zijn vrouw had opgestuurd. De andere 1000 euro had hij met een busje meegegeven naar Bulgarije. Op de vraag waarom [verdachte] dit geld had meegegeven zei hij dat er Marokkanen waren die anders het geld in huis zouden stelen.

V: Wat is er gebeurd met de rest van het door jouw verdiende geld?

Wij betaalden de flat, eten en drinken, ik betaalde alles. [verdachte] ging boodschappen doen met mijn geld. Ik betaalde de huur. Ook moesten we een maandelijks voorschot op de huur betalen, in één keer moesten wij tweemaal de huur betalen.(..)

V: Hoeveel dagen per week werkte je?)

Ik werkte elke dag. (…)

Ja, onze afspraak was dat ik hiernaar toe zou komen om te werken. Hij werkte niet en had geen adresregistratie hier.

5. Het proces-verbaal van verhoor van de getuige [getuige 1] van 18 oktober 2011, p. 100 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

Ik ben hier op verzoek van de politie om een getuigenverklaring af te leggen in verband

met een persoon, die ik ken onder de naam [slachtoffer 1] , een Bulgaarse vrouw. Zij werkte hier in Amsterdam op de Molensteeg 14 in de prostitutie. Zij werkte voor een pooier, genaamd [verdachte] . Ik weet van haar dat ze door hem werd geslagen en dat zij al haar geld wat ze verdiende moest afgeven.(..) [slachtoffer 1] sprak met mij meerdere keren over haar situatie met betrekking tot haar pooier [verdachte] . Ook sms-ze mij, ongeveer midden augustus 2011, dat ze hij hem weg wilde gaan en dat ze het niet meer aan kon. Nadat ik haar sms had ontvangen ben ik direct naar Amsterdam gegaan vanaf mijn huis, want het was al ongeveer 22.00 uur. Ik werk altijd overdag en zij werkt ook 's avonds. Ik ben direct naar de Molensteeg gegaan.(…) Ik merkte aan [slachtoffer 1] dat zij al langere tijd stress had over deze situatie en erg slecht sliep de laatste tijd.(...) Ondanks de situatie waar ze in verkeerde bleef ze maar werken voor die [verdachte] . Ik weet niet precies hoe lang ze voor [verdachte] heeft gewerkt, misschien een maand of zes weken. Ik heb [verdachte] zelf nooit gezien. Dat ze geslagen werd door [verdachte] heb ik ook van haar gehoord. Ze was zodanig geslagen dat er geen verwondingen van te zien waren.

6. Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 2] van 10 januari 2013, p. 127 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

Ja, ik heb inderdaad [slachtoffer 1] geholpen. Haar achternaam weet ik niet. Het huis waar ik

woon heeft twee verdiepingen. Ik woon hier sinds februari 2011. Volgens mij was dit sinds 4 februari. Het zijn eigenlijk twee verschillende woningen. [slachtoffer 1] is later in deze woning gekomen dan ik. Zij ging beneden wonen. De verhuurder is één en dezelfde

persoon maar wij woonden wel afzonderlijk. [slachtoffer 1] kwam daar in de zomer van 2011

met een man wonen, ik dacht dat dit haar vriend was; [slachtoffer 1] heeft mij toen gevraagd of ik

haar wilde helpen met het in orde maken van de papieren. Ik heb [slachtoffer 1] en [verdachte] leren kennen toen zij in het huis waar ik ook woon kwamen wonen. [slachtoffer 1] vertelde mij dat ze hetzelfde werk als mij wilde doen en vroeg mij of ik haar wilde helpen. Ik heb haar geholpen met de registratie. [slachtoffer 1] en [verdachte] waren altijd samen. [slachtoffer 1] wilde graag Engels leren. Ik heb gezegd dat ik haar daar bij wilde helpen. [slachtoffer 1] heeft mij gevraagd om te helpen bij de inschrijving bij de Kamer van Koophandel. Toen [slachtoffer 1] mij dit vroeg, was [verdachte] daar bij.

O: Wij tonen je nu een foto van een man, wie is de man afgebeeld op de foto?

Dit is de man met wie [slachtoffer 1] was, dat is [verdachte] .(...)

7. Het proces-verbaal van verhoor van de getuige [getuige 3] van 23 april 2012, p. 131 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven:

V: Kunt u ons vertellen wat uw werkzaamheden zijn voor het bedrijf [bedrijf 1] ?

A: We doen de aangiftes voor btw en inkomstenbelasting dus het verzorgen van de administratie.

V:Wij tonen u een foto, kunt u ons vertellen wie dit is?

A: Ja, dat is mevrouw [slachtoffer 1] .

V: Wat kunt u vertellen over [slachtoffer 1] ?

A: Zij heeft contact met mij opgenomen in juni 2011. Ze belde toen en ze vroeg of ik een businessplan voor haar kon maken. Ik ontving haar op kantoor. Ze belde mij zelf. Daarvoor belde [verdachte] al, maar toen nam ik niet op. Ik heb [verdachte] nooit samen met [slachtoffer 1] gezien dus ik kan over hun samen niet veel vertellen. Ik ken [verdachte] wel al, namelijk via zijn vorige vriendin, zij was een van onze eerste klanten. Goed dat zij aangifte durfde te doen.

V: Hoe wist u dat [verdachte] belde?

A: Ik had zijn nummer dus ik zag dat hij belde en nam niet op.

V: Wat was daar de rede van?

A: In 2010 was [slachtoffer 2] klant van ons, [verdachte] 's vorige vriendin. Ze woont hier in Nederland met haar vriend die is ongeveer 45 jaar. Het was twee of drie maanden dat wij voor haar aangiften hadden gedaan, sinds september of augustus. Ze werkte op de wallen daarvoor in Alkmaar. Onze rekeningen werden niet betaald, dus ik werd daar boos om, we werken namelijk niet voor niks. In januari 2011 zag ik [slachtoffer 2] op de Molensteeg en ze was zwanger. Dus ik vroeg: krijgen jullie een baby. Is [verdachte] daar blij mee? Toen zei [slachtoffer 2] , het is niet van [verdachte] , ik heb een vriend. Zij was denk ik 5 of 6 maanden zwanger, het was voor mij duidelijk te zien, Ik vroeg nog, heb je teveel gegeten, ze zei, nee, ik ben gewoon zwanger. Ze zou in april gaan bevallen. Ik vroeg, hoe zit het dan met [verdachte] , maar ik kreeg niks te horen. ik zag vervolgens een paar dagen later [verdachte] staan op de Zeedijk. Hij stond daar gewoon. Dit viel mij op, want hij heeft geen werk. Hij had dus eigenlijk niks te zoeken hier in Nederland, als [slachtoffer 2] zwanger is en een ander heeft.(...)

V: Gister vertelde u dat u [verdachte] kende van zijn vorige vriendin [slachtoffer 2] . Kunt u aan ons vertellen hoe dat contact met hem precies ging?)

A: Dat was in 2010, ik denk eind augustus. Ik werd gebeld door een meisje dat was [slachtoffer 2] en ze vroeg of ze klant bij ons kon worden voor haar administratie en om een verblijfsvergunning aan te vragen. Toen heb ik met haar afgesproken in een café tegenover het station. Ze was een van onze eerste klanten dus ik kan het me nog goed herinneren. Ze kwam toen in dat café met [verdachte] . Zij introduceerde hem als haar vriend.(...) De eerste maanden deed ik de administratie en, daarna zo rond november, kreeg ik haar kasboek niet meer. Ik belde haar, maar ze nam steeds niet op. Of ze nam op maar zei dat ze nog niet klaar was met het kasboek.

V: Vertelde ze wel eens iets over de omgang met [verdachte] ?

A: Een keer vertelde ze mij dat ze het slecht had en weinig geld had. Toen werkte ze nog in Amsterdam.

V; Waar heeft [slachtoffer 2] gewerkt?

A: In Alkmaar en in Amsterdam.

V: U vertelde gister ook dat u het goed vindt dat er wat aan hem gedaan wordt, kan u daar wal dieper op ingaan?

A: Meestal durven vrouwen in de prostitutie niets te doen tegen de man. Ze zijn meestal verliefd en beseffen niet dat ze slachtoffer zijn. Als er iets gedaan wordt, wordt het ook gehoord door de rest en dat is goed.

V: Wanneer heeft [verdachte] contact met u gezocht?

A: Dat was in 2011 in juni. ik heb toen niet opgenomen dus ik weet niet wat hij wilde. Ik wilde dat gewoon niet meer hebben, In die tijd hadden we ook gesprekken met de belastingdienst. En we hebben het er toen ook over gehad dat je als bedrijf ook op moet letten voor bijvoorbeeld mensenhandel.(...)

V: Heeft u hem samen met [slachtoffer 1] gezien?

A: Nee, ze zei dat alleen. Ze wist ook dat ik hem kende. Ze zei niet van ik ben met een man die [verdachte] heet, maar dat ze met [verdachte] was. Ze zei ook: ja toen hij jou belde nam je niet op. [slachtoffer 1] vertelde mij ook dat hij haar geslagen had

8. Het proces-verbaal van bevindingen van 29 mei 2013, p. 288 e.v., voor zover inhoudende het relaas van verbalisant of een van hunner, –zakelijk weergegeven:

Op dinsdag 28 mei 2013 hebben wij, verbalisanten, een nadere getuigenverklaring opgenomen van [betrokkene 2]

Na het beëindigen van het verhoor, tijdens het opruimen van de laptop en de printer, hoorden wij, verbalisanten, getuigen aan ons vragen of de opnamerecorder was uitgeschakeld, waarop wij een bevestigend antwoord hebben gegeven.

Getuige heeft hierop, ongevraagd laten ontvallen dat zij de ruzie tussen [verdachte] en [slachtoffer 1] , waarbij [slachtoffer 1] klappen heeft gekregen, niet heeft gezien maar wel heeft gehoord. Wij hebben getuige hierop horen zeggen dat zij dit tijdens haar getuigenverklaring niet durfde te vertellen, omdat zij niet wil dat dit in haar verklaring wordt opgenomen.

Hierop heeft getuige geëmotioneerd aangegeven dat zij bang is om een verklaring af te leggen. Wij hebben getuige horen zeggen dat zij in Nederland niet bang is, maar dat dit in Bulgarije heel anders is. Getuige is erg bang dat als het moment komt dat zij besluit te stoppen met haar prostitutiewerkzaamheden in Nederland en terugkeert naar Bulgarije, zij als gevolg van haar verklaring lastig gevallen zal worden. Wij, verbalisanten, hebben getuige horen zeggen dat ze in dezelfde plaats woont als [verdachte] , dit maakt haar bang bij het

afleggen van een verklaring.

9. Het proces-verbaal van verstrekking gevorderd gegevens van 19 december 2011, p. 147 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven:

In de maanden juli 201I en augustus 2011 heeft [slachtoffer 1] een werkkamer gehuurd via

kamerverhuurbedrijf [bedrijf 2] , gevestigd aan de [locatie] . Bij [bedrijf 2] staat [slachtoffer 1] bekend onder de werknaam " [slachtoffer 1] ". Het bedrag dat [slachtoffer 1] heeft betaald om een dag en nachtshift te werken in de Molensteeg 14 bedraagt 225 euro. De kosten van een losse shift in deze werkkamer zijn 150 euro. (…)

In de maand juli 2011 heeft [slachtoffer 1] 18 dagen gewerkt. Van deze 18 dagen heeft zij 8 dagen een dubbele shift gedraaid. Voor de kamerhuur in de maand juli 2011 heeft zij een totaalbedrag van 3.250,-- euro betaald. Dit bedrag is contant betaald. (...)

In de maand augustus 2011 heeft [slachtoffer 1] 27 dagen gewerkt. Van deze 27 dagen heeft zij 26 dagen een dubbele shift gedraaid. Voor de kamerhuur in de maand augustus 2011 heeft zij een totaalbedrag van 6.225,00 euro betaald. Dit bedrag is contant betaald. (…).

10. Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] van 10 mei 2012, p. 62 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

Ik heb uiteindelijk mijn ex-vriendje [betrokkene 9] gebeld, roepnaam [betrokkene 9] , familienaam [naam 1] . Hij vertelde mij dat hij mij in contact zou kunnen brengen met iemand die vroeger meisjes

voor dit werk regelde en dat nog steeds deed. Dit is [verdachte] . Met dit werk bedoel ik prostitutiewerk. Op dat moment had [verdachte] geen meisjes.(...)

Ik heb toen kennisgemaakt met [verdachte] . Dit was in Radomir, daar wonen [betrokkene 9] en [verdachte] .(…) [verdachte] en ik hebben elkaar ontmoet in het café van [verdachte] . [verdachte] vertelde mij gelijk dat het werk in Nederland heel goed was. [verdachte] vertelde ook dat een vrouw in Nederland achter het raam heel goed verdient.

Op 24 juli 2010 ben ik naar Nederland gekomen vanuit Duitsland. Ik weet het nog heel goed omdat ik op 24 juli 2010 ongesteld was. Ik heb op 27 of 28 juli 2010 [betrokkene 11] ontmoet als klant in Alkmaar. Wij hadden seks met elkaar. Het condoom was gescheurd en een maand later bleek ik zwanger van Sophia.(…)

[verdachte] kwam mij ophalen in Frankfurt samen met een vriend, genaamd [betrokkene 10] ,

roepnaam [naam 2] öf [naam 2] (fon). [betrokkene 10] regelde voor mij en [verdachte] een hotelkamer in Alkmaar. (...) Tijdens de rit vanuit Duitsland naar Alkmaar, maakten [verdachte] en ik de afspraak dat wij tot 17 december 2010 in Alkmaar zouden blijven. Naast [verdachte] en [betrokkene 10] , waren er geen andere mensen bij deze reis.

V: Wie heeft voor die reis betaald?

Dat kan ik niet zeggen. Ik heb niet gezien dat of de één of de ander betaald heeft. Maar het is mijn idee dat [verdachte] niet heeft betaald. Ik denk dat, want [verdachte] is iemand die alleen maar wil profiteren en niets zelf wil betalen. Hij houdt niet van betalen, maar wel van ontvangen. Ik zelf heb voor de reis niet betaald (...) Ik heb in die drie maanden dat ik in Frankfurt was, in totaal € 800,- verdiend. Dit heb ik allemaal aan [verdachte] betaald omdat hij zei: Geef het geld maar aan mij. Wat kon ik anders doen. Als je met iemand samen werkt, is dat logisch Ik dacht dat wij afgesproken hadden dat wij het geld zouden delen. Ik dacht dat we iedere avond het geld zouden delen. Dit klopte dus niet. (...) [verdachte] heeft altijd gezegd: pas op, ik hoor het of ik kom er toch achter. Misschien denkt hij dat ik lieg over mijn verdiensten, dat ik het geld niet aan hem geef In Alkmaar en in Amsterdam liep hij regelmatig langs als ik aan het werken was om mij te controleren.

11. Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] van 14 mei 2012, p. 73 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

V: Welke afspraken heb je met [verdachte] gemaakt?

De afspraak was op 50/50 basis en wachten tot Georgi de documenten had geregeld om in Nederland te kunnen werken.

V: Wat wist je over de prostitutie werkzaamheden in Nederland?

Ik had gehoord dat je in Nederland achter het raam werkt. Over het tarief en over geld was

er niets gesproken. Ik hoorde dat het hier allemaal goed ging ook met klanten. Dit vertelde

[verdachte] aan mij.

V: Hoe wist hij dit?

Dat had hij gehoord van andere meisjes met wie hij in Nederland was geweest.

V: Kan je meer vertellen over deze meisjes?

Nee, dat weet ik niet. Hij had mij wel verteld dat hij naar Nederland ·was geweest met andere meisjes.

V: Bedoel je daarmee dat er voor jou andere meisjes voor [verdachte] in de prostitutie in

Nederland hadden gewerkt?

Ja, dat bedoel ik.

V: Hoe zijn de papieren geregeld?

Ik had behalve een paspoort geen andere documenten. Ik ben toen vanuit Duitsland naar

Alkmaar gekomen met [verdachte] en [naam 2] .

V: Op 24 juli 2010 ben je aangekomen in Nederland. Waar ben je toen heengegaan?

Wij zijn samen met [verdachte] en [naam 2] naar het hotel gegaan in Alkmaar, dit was vlakbij de ramen, ongeveer een kwartier lopen vanaf de ramen. (…)

V: Zat je samen mei [naam 2] en [verdachte] in het hotel, of alleen met [verdachte] ?

Nee, [naam 2] is toen niet in het hotel gebleven hij is weggegaan. Dus alleen [verdachte] en ik.

In dat hotel werkte toen een Bulgaarse en [naam 2] heeft alleen gezegd dat zij goed voor ons moest zorgen. Ik heb daar bijna drie maanden gezeten. Dit was dus de hele periode dat ik in Alkmaar aan het werk was.

V: Wie betaalde dat?

Ik natuurlijk, want ik werkte. [verdachte] betaalde het, maar dat was het geld dat ik had

verdiend.

V: Hoe gingen die betalingen?

Iedere avond gaf ik het door mij verdiende geld aan [verdachte] . Hij betaalde vervolgens voor

het hotel. Ze zouden een kassabon geven, maar dat is niet gebeurd.

V: Hoe gingen [verdachte] en jij met elkaar om?

Gewoon, normaal en vriendschappelijk. We hebben geen problemen gehad. Er was ook niet

veel tijd. Ik deed het raam om 10 uur open in de ochtend en was aan het werk tot 3 uur in de nacht. Daarna maakte [verdachte] eten, ik dronk een glaasje whisky en ging slapen. (...)

V: Hoe ging dat toen je naar Amsterdam ging?

Ik had papieren nodig om in Amsterdam te werken en [betrokkene 12] en haar vriend kwamen een

keer langs. Zij hebben me toen in contact gebracht met [betrokkene 1] , de boekhoudster. [betrokkene 1] kwam een keer naar mij toe en ze heeft toen mijn kasboek doorgenomen. [betrokkene 1] vertelde hoe ik alles voor de belasting moest bijhouden. [betrokkene 1] kwam toen langs in Alkmaar op mijn kamer.

V: Hoe ben je in Amsterdam aan het werk gegaan?

[betrokkene 1] vertelde welke documenten ik nodig had om in Amsterdam te werken, bijvoorbeeld die sticker. Ik vroeg aan [betrokkene 1] of zij de boekhouding voor mij wilde regelen. Dat vond ze ok en daarvoor moest ik 110 euro per maand betalen. Ik moest toen even wachten tot ik die sticker kreeg en daarna ben ik naar Amsterdam gegaan. (...)

V: Waar woonde je toen je aan het werk was in Amsterdam?

Wij woonden in het hotel in het centrum van Amsterdam. Niet helemaal in het hartje van de stad, maar wel in de binnenstad. Met wij bedoel ik mijzelf en [verdachte] . Het hotel heet [naam hotel] .

V: Je vertelde dat je tot ongeveer 9 januari 2011 in Amsterdam heb gewerkt, waar heb je

toen verbleven?

Slechts 2 nachten in hotel [naam hotel]

12. Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] van 24 mei 2012, p. 82 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

V: Hoe ging dat met de betalingen in deze hotels?

Een tweepersoonskamer koste in het eerste hotel 80 euro, dat was een iets luxer hotel. We hebben daar 1 nacht geslapen. In het tweede hotel was het 76 euro per nacht per kamer en daar hebben we twee nachten geslapen. [verdachte] betaalde dit van mijn geld wat ik verdiende

in de prostitutie. Ik werkte toen in dat huis met de Aziatische bazin.

V: Met wie verbleef je daar nog meer?

Dat waren alleen ik en [verdachte] .(...)

V: Wat vertelde [verdachte] over het feit dat jullie daar naar toe gingen?

Hij vertelde dat [betrokkene 2] er voor zou zorgen dat ik een ander raam kreeg, een betere. Hij vertelde ook dat de woonruimte goedkoper was, dan het hotel waar we op dat moment

zaten.

V: Hoe lang hebben jullie daar verbleven?

We hebben daar een maand verbleven en toen zijn we terug gegaan naar Bulgarije.

V: Waarom ging je terug naar Bulgarije?)

Ik was toen al 5 maanden en twee weken in verwachting, het was toen 9 januari 2011 en ik had toen last van mijn zwangerschap. Tot die tijd heb ik, terwijl ik zwanger was, gewerkt in de prostitutie in Amsterdam. Ik heb gewerkt tot 6 januari 2011, omdat ik last kreeg van mijn zwangerschap. (...)

V: Waarom heb je door gewerkt tijdens je zwangerschap?

Dat moest ik wel doen van [verdachte] . Ik zei: zullen we stoppen en hij zei: zullen we doorgaan?

V: Wat vond je daarvan?

Ik vond het dom, dat ik moest doorwerken. Ik kon alleen niet veel doen ik kon niet naar de

politie. Ik was bang dat hij mij iets zou aan doen.

V: Maar waarom kon je niet naar de politie?

Ik had het gewoon kunnen zeggen tijdens een controle van de politie, maar ik was bang om dat te doen. [verdachte] heeft hier veel vrienden, [betrokkene 9] of [betrokkene 13] , dus ik durfde dat niet.

V: Wat dacht je dan dat er zou gebeuren?

Ja, wie weet, mij ontvoeren of in het kanaal gooien. Dat ging allemaal door mijn hoofd.

V: Was daar ooit mee gedreigd?

Dat niet. Maar ik had wel een keer ruzie met [verdachte] om sigaretten. [verdachte] zei toen dat de grote baas in Sofia zou er voor kunnen zorgen dat er iets met mijn ouders zou gebeuren.

V Hoe voelde je je toen [verdachte] dit tegen je zei in die ruzie?

Dal gaf mij een rot gevoel.(...)

V: Wat waren de afspraken die gemaakt waren voor de huur van het appartement?

Die afspraken werden gemaakt door [verdachte] en [betrokkene 13] , volgens mij was de huur 750 euro per maand wat [verdachte] aan [betrokkene 13] betaalde. Want wij zaten in hun appartement.(...)

V: Je vertelde dat je op 6 januari 2011 bent gestopt met werken en met [verdachte] naar Bulgarije was gegaan, omdat je last had van je buik. Kan je daar iets over vertellen?

Ik kreeg op 6 januari 2011 een klant en toen ging ik bloeden en was ik niet helemaal lekker.

Ik heb toen [verdachte] gebeld en uitgelegd dat het niet ging en bloedverlies had. [verdachte] zei toen dat, dat normaal was en dat ik gewoon moest door blijven werken. Ik zei toen dat ik dat niet wilde, want ik voelde dat het niet normaal was. Ik heb toen [betrokkene 11] gebeld en toen zijn we naar de dokter gegaan. De dokter zei dat ik gelijk moest stoppen met werken, anders liep het risico dat ik het kind zou verliezen. {...)

V: Met wie ben je toen naar Bulgarije gegaan?

Ik samen met [verdachte] . Op 6 januari 2011 gingen we in de avond uit eten met [betrokkene 11] , mijn huidige vriend, [verdachte] en [betrokkene 1] . Op 9 januari 2011 heeft [betrokkene 11] [verdachte] en mij naar Eindhoven en gebracht en ben ik samen mei [verdachte] naar Sofia gevlogen. [verdachte] had al twee tickets gekocht, daarom ging ik met hem mee. (…)

V: Hebben [betrokkene 11] of jij nog wal moeten betalen aan [verdachte] , omdat je stopte met werken? [verdachte] wilde dat [betrokkene 11] 220 euro betaalde voor het raam op 6 januari 2011, omdat ik toen dus niet had gewerkt. Ik zei toen tegen [verdachte] , je krijgt niks van mij. [verdachte] merkte op dat [betrokkene 11] hem veel geld had moeten betalen, omdat ik nu met [betrokkene 11] een relatie kreeg en dus weg ging bij [verdachte] . Ik zei dat dat mijn eigen keus was en dat hij niks zou krijgen. Volgens [verdachte] zou het om veel geld gaan. Ik zei tegen [verdachte] dat ik niet bij hem in de schuld stond. De afspraak was namelijk ook dat ik maar tot 17 december 2010 zou werken en dat is uiteindelijk ook later geworden. (...)

V: In je vorige verklaring vertelde je dat je op 24 juli 2010 aangekomen bent in Nederland en dat je toen naar Alkmaar bent gegaan. Vervolgens verklaarde je dat je ongeveer 3 maanden in Alkmaar hebt gewerkt. Wanneer was de eerste werkdag in Nederland?

We zijn op 24 juli 2010 in de nacht aangekomen en de volgende dag ben ik gelijk begonnen.

V: Waar was dit?

Achter het raam in Alkmaar. Het was een van de ramen naast het kantoortje van de kamerverhuurder. Een paar ramen verderop.

V: Waar heb je in die periode gewerkt?

In Alkmaar heb je min of meer een vast raam. Je krijgt ook een sleutel en die moet je altijd

bij je hebben, daar betaal je 40 euro borg voor. Het is niet zo als in Amsterdam waar je per dag een raam huurt, Ik betaalde daar 110 euro voor elke dag dat ik aan het werk was. Dit was van 10.00 uur in de ochtend tot 03.00 uur 's nachts. Als ik niet werkte hoefde ik niet te betalen, maar dan moest je wel afbellen. Ik werkte gewoon elke dag, daar bedoel ik zeven dagen mee, non-stop.

V: Waarom werkte je zoveel dagen?

Er was geen sprake van een vrije dag. Ik mocht, bijvoorbeeld wel voor een uurtje schoenen kopen, maar dan wel met hem samen.

V: Dat is wel heel zwaar?

Ja, ik was soms zo uitgeput. Dat ik het gordijn even dicht deed om even te slapen. (…) Dat

was heel erg, je bent uitgeput, je hebt slaap nodig. Je komt slaap tekort. Als je zwanger bent en je moet doorwerken is dat heel erg.

V: Heb je ooit gedacht: ik stop?

Ja, ik wilde tot 17 december 2010 blijven werken om daarna weg te gaan dat was ook de afspraak. Mijn moeder is 18 december jarig en wilde dan terug, ook wilde ik terug voor de feestdagen. Mijn moeder wist ook dat in verwachting was en dat wilden we vieren met de hele familie. Dit was ook de afspraak die van tevoren was gemaakt met [verdachte] . Alleen later,

toen [verdachte] hoorde dat er veel toeristen en dus klanten zouden komen met de feestdagen, veranderde [verdachte] deze afspraak.

V: Hoe ben je daar toen mee omgegaan?

Ik vond het niet leuk, maar daarna dacht ik: misschien verdienen we nog meer geld, alleen achteraf heb ik dat geld niet gezien.

V: Wat verdiende je in deze periode ongeveer gemiddeld op een dag?

Doordeweeks, van maandag tot en met donderdag iets van 800 a 900 euro en in het weekend ongeveer 1500 a 1600 per dag. In het weekend komen er meer toeristen en door de week meer vaste klanten.(…)

V: Met wie ben je toen naar Amsterdam gegaan?

Samen met [verdachte] , we zijn toen met de trein van uit Alkmaar naar Amsterdam gegaan.(…)

V: Hield [verdachte] zich ook bezig met waar jij ging werken?

Nee, dat regelde ik zelf, Ik besprak het met de huurbazen. [verdachte] kwam wel langs om te controleren of ik werkte. Dit deed hij de hele dag om het uur of om de twee uurtjes. Als ik niet achter het raam stond, belde hij meteen: waar ben je? met wie ben je? Wat ben je aan het doen?(...)

V: Hoe voelde je daar bij dat hij je om het uur controleerde?

Wel maakte hij opmerkingen dat ik teveel belde met mijn moeder, bijvoorbeeld, terwijl ik zelf voor beltegoed zorgde. Hij controleerde mijn telefoon en de duur van de gesprekken, hij deed dit altijd stiekem en nooit als ik er bij zat. (…)

Als ik echt wilde werken verdiende ik soms 1500 tot 2000 euro op een dag. Dit was op vrijdag of zaterdag. Als ik bijvoorbeeld ruzie kreeg met [verdachte] , verdiende bijvoorbeeld

niet goed. Op een doordeweekse dag ongeveer 800 a 900 euro. Vanaf 1 december tot en met ongeveer 1 januari is er veel werk en ook veel te verdienen. Ik heb het nu alleen over de dagdienst. Als ik dag en nacht werkte verdiende ik gemiddeld tussen de 2500 en 3000.

V: Hoe lang was de periode in Amsterdam?

Ongeveer 2,5 maanden. En ik werkte dan 7 dagen in de week, dag en nacht. Uiteindelijk heb ik van dit alles dus maar 1000 euro overgehouden, waarmee ik naar Bulgarije ben teruggegaan.

13. Het proces-verbaal van verhoor van aangeefster [slachtoffer 2] van 5 juli 2012, p. 39 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

Aan de aangeefster werd een foto getoond en aan de aangeefster werd gevraagd wie de

afgebeelde man op de foto is.

Dat is [verdachte] .

Vraag verbalisant: De [verdachte] die je hebt genoemd in je aangifte?

Aangeefster: ja, die [verdachte] .(…)

Opmerking verbalisanten: onder de foto in bijlage 1 stond de naam de fotohouder.

Ik, verbalisant heb deze naam in de bijlage onleesbaar gemaakt. De tekst die onder de foto

stond was: [verdachte] , dob [geboortedatum 1] .

14. Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] van 15 april 2013, p. 96 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

Jij hebt eerder verklaard dat jij in de periode van 25 juli 2010 tot en met 6 januari 2011 als prostituee werkte en jouw verdiensten moest afdragen aan [verdachte] .

V: Hoeveel geld vroeg jij aan een klant?

Dat is elke avond anders. Per klant was dit 50 euro of 100 euro. ik rekende 50 euro voor 15 minuten pijpen met condoom en neuken. Wilde de klant langer blijven dan moest hij meer

betalen.

V: Wat deed je als een klant extra diensten van je wilde?

Wilde ze langer blijven dan moesten ze bijvoorbeeld weer 50 euro betalen. Wilden ze pijpen

zonder condoom, dan moesten ze nog 30 of 40 euro extra betalen.

V: Wat was de reden dat jij pijpte zonder condoom?

Dat deed ik voor het geld, maar ik vond dat niet leuk en ook niet goed. Dit was mijn eigen

keuze en ook die van [verdachte] .

V: Hoeveel verdiende jij gemiddeld pel dag in die periode?

In Alkmaar verdiende ik voor 20 minuten werken 30 euro. In Alkmaar verdiende ik ongeveer tussen de 800 euro en de 1000 euro per dag. Hier moest dan nog wel de kamer en de belasting van betaald worden. Ik werkte dan van 's ochtends 10.00 uur lot 02.00 uur of 03.00 uur 's nachts. ik werkte dan iedere dag.

V: Hoeveel verdiende je gemiddeld per dag in de periode dat je voor [verdachte] in Amsterdam werkte?

Toen verdiende ik gemiddeld 1000 euro per dag.

V: Hoeveel klanten had jij in Amsterdam gemiddeld per dag?

Verschillend, 10, 15, 20.

V: Uitgaande van gemiddeld 1000 euro per dag in Amsterdam, met een gemiddeld aantal klanten van 30, rekende jij per klant minder dan 50 euro.

Nee, dat klopt niet. Ik rekende echt 50 euro per klant. Er waren meisjes die voor minder werkten, maar ik deed dat niet.

V: Wat deed je met het geld dat je verdiende?

Hiervan betaalde ik de vitrine en de rest van het geld betaalde ik aan [verdachte] . Met vitrine bedoel ik de werkkamer.

V: Wat voor afspraken had je met [verdachte] gemaakt over het geld dat je verdiende?

Wij hadden afgesproken dat we samen de huur van de werkkamer zouden betalen en dat we

ook iedere avond het geld zouden verdelen.

V: Hoe ging dat daadwerkelijk?

In werkelijkheid betaalde ik iedere avond het geld voor de kamer waar ik in werkte en stond

ik het geld af aan [verdachte] .

V: Waarom gaf jij jouw verdiende geld aan [verdachte] ?

Omdat ik bang was dat hij mij iets zou aandoen. Hij zei ook dat hij mensen naar mijn moeder en vader zou sturen om voor problemen te zorgen, misschien wilde hij hen vermoorden. Ik weet niet precies wat hij daarmee bedoelde.

V: Wat heeft [verdachte] hierover tegen jou gezegd?

Heel vaak, bijna iedere avond zei [verdachte] tegen mij dat hij anders mensen naar mijn vader en moeder zou sturen om hen te verwonden, vermoorden of in het ziekenhuis te laten komen.

V: Wat deed [verdachte] met het geld dat jij aan hem gaf?

Iedere avond gingen wij uit eten in een Turks restaurant of een Doner tent en hij betaalde dan. Hij betaalde ook de huur van woning. Ik gaf al het geld aan [verdachte] , ik heb niets achtergehouden.

V: Wat is de reden dat jij geen geld hebt achtergehouden?

Omdat ik eerlijk ben en [verdachte] bovendien zei dat hij er altijd achter zou komen als ik geld zou achterhouden, dit omdat hij ook vrienden van hem naar mij toe liet komen.(…)

V: Wat is de reden dat je geen extra geld hebt achtergehouden, bijvoorbeeld verdient vanuit extra diensten die je aanbood?

Ik was heel bang, het kwam niet in mij op om geld achter te houden.

V: Hoe verliep de betaling van de huur van je werkkamer?

In Alkmaar betaalde ik 100 euro per dag. In Amsterdam betaalde ik 225 euro per dag. Ik betaalde aan de baas van de ramen. Ik betaalde dit bedrag iedere dag.

V: Wie betaalde de huur van de woning/ hotel waar jullie verbleven?

[verdachte] betaalde de huur, dit betaalde hij met het geld dat ik hem gaf

V: Heb je aan [verdachte] om het geld dat jij had verdiend gevraagd en zo ja, hoe reageerde hij hierop?

Ik heb om het geld gevraagd. Hij heeft toen aangegeven dat hij de huur van de woning heeft betaald, het eten en ook kleding voor mij.

V: Uitgaande van jouw gemiddelde verdiensten van 1000 euro per dag, verdiende jij 30.000 euro per maand. Heb jij aan [verdachte] aangegeven dat jij veel meer verdiende dan je van hem hebt teruggekregen?

Ik heb dat aangegeven, maar ik was echt heel bang dat hij mij wat zou aandoen.

V: Wat was de reactie van [verdachte] hierop?

Hij werd erg prikkelbaar (…).

O: [verdachte] moet erg veel geld bij zich gehad hebben.

Op 5 januari, de dag voordat ik stopte met werken, heb ik met [verdachte] gesproken over het geld dat ik van hem zou krijgen Ik heb ook een keer geld voor [verdachte] overgemaakt naar een vriend van hem. [verdachte] zei dat wij de volgende dag, de zesde, het geld zouden delen.

V: Wat is er vervolgens gebeurd?

Op de zesde had ik maar één klant, ik kreeg toen een bloeding. Ik kreeg van [verdachte] toen 1000 euro.

V.· Hoe reageerde jij erop dat je 1000 euro kreeg, terwijl het geld gedeeld zou worden?

Ik kon hier niets aan doen, ik was bang om naar de politie te gaan en om hem aan te geven.

15. Het proces-verbaal van verstrekking gevorderde gegevens van 31 oktober 2012, p. 158 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

Van 19 juli 2010 tot en met 3 september 2010 heeft [slachtoffer 2] zeven dagen per week een

werkkamer gehuurd bij [betrokkene 14] . Hiervoor heeft zij in totaal een bedrag van € 5.170,00 euro betaald. Al deze dagen heeft [slachtoffer 2] kamer 12-1 op de Achterdam te Alkmaar gehuurd.

16. Het proces-verbaal van verhoor van getuige [betrokkene 11] van 1 mei 2012, p. 139 e.v., voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

V: Wat kunt u vertellen over [verdachte] en wat heeft uw vriendin met deze [verdachte] te

maken?

De laatste keer toen ik wat hoorde over [verdachte] , woonde hij bij [betrokkene 2] op de Oudezijds

Achterburgwal 123. Hij heeft toen ook nog contact opgenomen met mijn vriendin. Ik kende mijn vriendin, [slachtoffer 2] , en wij konden het goed met elkaar vinden en ze werd wel eens gebeld door ene [verdachte] en ze zei toen dat is mijn vriendje. Maar ik wist wel dat dat niet echt haar vriendje was. Mijn vriendin werkte als prostituee en ik bezocht haar.(...) .

V: Wat heeft uw vriendin [slachtoffer 2] over [verdachte] verteld?

Eigenlijk niet zo veel, Ik kreeg er geen beeld van. (...) Ik ben haar toen ook een keer gevolgd. Ik zag toen dat mijn vriendin naar [verdachte] liep die haar buiten het gebied opwachtte. Er w'as ook een vrouw die ik toen zag van ongeveer 30 jaar met donker haar. [verdachte] stond hij de doorgang van de C&A en ze liepen naar de winkelstraat en na een telefoontje kwam er een vrouw bij en toen gingen ze met zijn drieën een restaurant in. Deze vrouw was volgens mij van de administratie. Ik ben toen buiten blijven wachten. Ik wilde niet dal mijn vriendin wist dat ik haar volgde en ik wilde haar ook niet in verlegenheid brengen. Dit gebeurde voor de herfstvakantie van 2010, ik zou namelijk op vakantie gaan met vrienden.(...)

V: Hoe wist u dat die mevrouw van de administratie was?

Dat vertelde [slachtoffer 2] mij later dat zij de boekhouder was. Ik vroeg aan haar is zij soms de baas van [verdachte] , zij zei toen nee dat was mijn boekhouder.

V: Wat heeft [slachtoffer 2] verteld over het betalen van geld aan die mevrouw?

Niet aan die mevrouw. [slachtoffer 2] gaf al het geld aan [verdachte] om ook te bewaren voor haar. Het zou vervolgens 50/50 gaan.

V: Hoe wist u dat dit [verdachte] was?

Dat heeft mijn vriendin mij verteld.

V: Kunt u [verdachte] omschrijven?

Niet lang, een kop kleiner dan ik. Ik ben 1 meter 90. Hij heeft een dikke nek, klerenkast, niet veel haar en een gezet postuur.

O: Wij laten de getuige een foto zien.

V: Kent u de man op deze foto?

Ja, dat is hem volgens mij. Ik ben daar bijna zeker van.(...)

Ik heb een keer [verdachte] en [slachtoffer 2] opgehaald van het adres Oudezijds Acherburgwal 123. Dit was op 9 januari 2011. Ik heb ze toen naar het vliegveld op Eindhoven gezet. De reis was naar Sofia Bulgarije.(..) Ik hoorde pas later dat hij gezegd heeft dat ze van hem niet mocht stoppen met werken. [slachtoffer 2] heeft mij verteld dat ze al eerder wilde stoppen en naar Bulgarije wilde. Ze vertelde pas later dat ze niet van [verdachte] mocht stoppen. Tijdens haar zwangerschap heeft ze dus door moeten werken. Ze kreeg toen een keer een bloeding na een klant en toen mocht ze stoppen.(...)

V: Hoe zijn [verdachte] en zijn vriendin met elkaar in contact gekomen volgens u?

Ze vertelde dat ze een vriendje [betrokkene 9] had en niet veel geld had. Ze is toen in Duitsland gaan werken als zelfstandig prostituee, maar daar liep het niet zo goed. [betrokkene 9] , haar vriendje in Bulgarije, had daar een kennis, dit was [verdachte] . [verdachte] zou weten hoe je in Nederland geld

moest verdienen. [verdachte] is toen naar Duitsland gekomen vanuit Bulgarije en toen zijn ze samen baar Nederland, naar Alkmaar, gegaan. (...)

V: Wanneer heeft u haar als klant voor het eerst gezien?

In juni, juli 2010, dit was op de hoofdstraat, de Achterdam. (…)

V:Wanneer heeft u [verdachte] voor het laatst gezien?

Dit was op 9 januari 2011 op de luchthaven Eindhoven. (...)

V: Wat heeft [verdachte] over zichzelf verteld?

Ik geloof dat hij het heeft gehad over zijn vrouw en zijn zoontje. En volgens mij kwamen [betrokkene 2] en hij uit dezelfde plaats. [betrokkene 2] was de hoofdhuurder van Oudezijds Achterburgwal 123 dat was namelijk een dubbele etage. [betrokkene 2] en [slachtoffer 2] hebben ook samengewerkt op de wallen. [betrokkene 2] kent ook [verdachte] . [betrokkene 2] heeft later het appartement aan [verdachte] met een ander meisje verhuurd.(…)

Dit gaat om 500 euro. En dit is geld wat hij had geleend van [slachtoffer 2] , dat zou hij terugbetalen, maar heeft hij nooit gedaan. Ik heb nog een tijdje de administratie van [slachtoffer 2] bekeken en ze heeft er bijna niks aan over gehouden. Ik denk dat als mijn vriendin 4000 euro heeft mogen verdienen dat het veel is. Ze heeft heel hard gewerkt, maar daar niets van overgehouden bij mijn weten. Ik wil jullie ook vertellen dat ik heb begrepen dat [slachtoffer 2] niet durfde te vertellen aan [verdachte] dat ze zwanger was. Ze wist ook hoe ik daar op zou reageren als ik wist dat zij van hem door moest werken.

V: Kunt u vertellen waarom zij bang was om het te vertellen aan [verdachte] ?

Ik denk om in elkaar geslagen te worden. Als je voor hem staat weet je wat ik bedoel. Het is namelijk een klerenkast met een domme uitstraling. (...) Kijk, hij [verdachte] maakte uit waar en wanneer zij werkte. Hij regelde de kamer. Ze zijn ook met de auto naar Amsterdam gekomen. [slachtoffer 2] kende hier niemand. [verdachte] nam contact op met de boekhouder en zij regelde het allemaal.(…) Wat mij ook is opgevallen is dat [slachtoffer 2] ook dubbele diensten draaide en dat ze dat voor mij verzweeg. Hier kwam ik achter toen ik dat een keer ging controleren. Ze vertelde dan dat ze tot 20.00 uur werkte, maar ik kwam erachter dat ze dan een dubbele dienst had. Ik zag dit doordat ik langs liep.

V: Wat denkt u dat [slachtoffer 2] heeft verdiend en wat daarvan in [verdachte] zijn zakken is verdwenen? Ja, het was natuurlijk ook crisis. (...) Ik kwam daar per dag meerdere malen. (…) Ik geloof dat ze twee keer 200 euro naar haar moeder heeft overgemaakt via de Westem Union en dat ze tussen de 1500 en 2500 euro mee heeft genomen naar Bulgarije. Min dan 500 euro wat ze aan [verdachte] heeft geleend.

V: Hoeveel werd er ongeveer gerekend voor een bezoek?

In Alkmaar rond de 35 euro en hier in Amsterdam 50 euro

.

V: Hoe hield [verdachte] [slachtoffer 2] in de gaten?)

Ja, hij liep toch wel regelmatig langs. Maar hoe zij het geld gaf aan [verdachte] dat weet ik

niet daar was ik niet bij. Hij belde haar ook wel. [slachtoffer 2] was soms zorgelijk als we te lang het gordijn dicht hielden, want dan kon hij langs zijn gekomen. Dan wist hij bijvoorbeeld dat ze twee klanten heeft gehad, maar dat was dan niet zo.(…)

Wat ik ook nog wilde vertellen is dat wij met de kerst 2010 naar Bulgarije wilden. [slachtoffer 2] zou mij dan voorstellen aan haar moeder. Van [verdachte] mocht dit in eerste instantie wel, maar later toch niet. Ik had zelfs de tickets al gekocht. Mijn vriendin vertelde mij dat [verdachte] tegen haar had gezegd dat er veel toeristen zouden komen en dus veel geld kon verdienen. Ze mocht dus niet weg, dit terwijl het maar voor 2 dagen was. Het zou wel mogen van [verdachte] als ik wat zou betalen, zo ongeveer 700 euro. Die zou ik dan vooruit moeten betalen. Dit heb ik natuurlijk niet gedaan. Ik heb er nooit echt een punt van gemaakt, want voor [slachtoffer 2] was dit natuurlijk ook niet leuk om zogezegd tussen haar souteneur en de vader van haar kind klem te zitten. Wat mij opvalt is dat je de indruk krijgt dat het een samenwerking is, maar dat je er uiteindelijk achter komt dat dit naar Nederlandse begrippen niet het geval is maar dat een geleid wordt door de ander.

17. Het proces-verbaal van verhoor van getuige [betrokkene 11] van 14 april 2015, voor zover inhoudende –zakelijk weergegeven-:

[slachtoffer 2] vertelde mij dat zij zwanger was en verliefd op mij was. Zij zei toen ook dat er sprake was van een souteneur. Ik heb haar toen op een avond, het zal een uur of acht zijn geweest, een keer gevolgd nadat haar werk er op zat. Meestal eindigden die diensten om een uur of 20:00. Ik zag haar toen met een hele grote man. Dat was echt een gezette, brede vent. Zo 'n body building type. Dit was de man die ik later heb leren kennen als [verdachte] , de pooier van [slachtoffer 2] . Hij was in het zwart gekleed. Uit de lichaamstaal van hen bleek de machtsverhouding tussen hen. Hij was duidelijk de baas over haar.

18. Het proces-verbaal van bevindingen van 11 december 2012, p. 201 e.v., voor zover inhoudende de bevindingen van verbalisant(en), –zakelijk weergegeven-:

Western Union heeft op 30 november 2012 de gevorderde gegevens met betrekking tot

[verdachte] verstrekt.(…) Uit deze verstrekte gegevens blijkt het volgende:

1 Betalingen in de periode van 2 augustus 2010 tot en met 7 januari 2011:

Volgens de verstrekte gegevens heeft [verdachte] in deze periode negen keer een geldbedrag verzonden via de Westem Union. Dit betreft een totaalbedrag van 6632,50 euro. Acht van deze betalingen, met een totaalbedrag van 5882.50 euro zijn verstuurd aan de volgende begunstigde:

Naam: [betrokkene 1]

Geboortedatum: [geboortedatum 3]

Geboorteland: Bulgarije

ID nummer: [ID nummer]

Geldig tot: 14 juni 2011

Adres: [adres ] )

Daarnaast heeft [verdachte] eenmaal een geldbedrag ad 750 euro aan zichzelf verzonden. Hierbij

zijn van [verdachte] de volgende gegevens genoteerd:

Naam: [verdachte]

Geboortedatum: [geboortedatum 1]

Geboorteland: Bulgarije

ID nummer: [ID nummer]

Geldig tot: 4 juli 2011

Adres: Stationsweg 82F Alkmaar.

Vijf van de negen geldbedragen, de betalingen in de periode 2 augustus 2010 tot en met 30

augustus 2010, zijn verstuurd vanuit Alkmaar. De overige geldbedragen, in de periode

tussen 14 oktober 2010 en 7 januari 2011, zijn verstuurd vanuit Amsterda111. (..)

2 Betalingen in de periode van 16 juli 2011 tot en met 26 augustus 2011

Volgens de verstrekte gegevens heeft [verdachte] in deze periode vijf keer een geldbedrag

verzonden via de Western Union. Dit betreft een totaalbedrag van 4215 euro.

Twee van deze vijf betalingen, met een totaalbedrag van 2750 euro zijn verstuurd aan de

volgende begunstigde:

Naam: [betrokkene 1]

Geboortedatum: [geboortedatum 3]

Geboorteland: Bulgarije

ID nummer: [ID nummer]

Geldig tot: 4 juli 2021

Adres: [adres ]

Twee betalingen, mei een totaalbedrag van 100 euro zijn verstuurd aan de volgende

begunstigde:

Naam: [betrokkene 15]

Geboortedatum: 10 november 1969

Geboorteland: Bulgarije

ID nummer: [ID nummer]

Geldig tot: 20 augustus 2020

Adres: [adres ]

Daarnaast heeft [verdachte] eenmaal een geldbedrag ad 1365 euro verstuurd aan de volgende

begunstigde:

Naam: [betrokkene 16]

Geboortedatum: 12 oktober 1978

Geboorteland: Bulgarije

ID nummer: [ID nummer]

Geldig tot: 26 augustus 2011

Adres: [adres ]

Resumé:

In de periode 2 augustus 2010 tot en met 26 augustus 2011 heeft [verdachte] 14 keer een

geldbedrag verzonden via de Western Union. Het gaat hierbij om een totaalbedrag van

10.847,50 euro. Dit geldbedrag is ten aanzien van de navolgende begunstigde als volgt

verdeeld (in euro's):

[betrokkene 1] (07-03-1976): 8632,50

[betrokkene 1] is geïdentificeerd als zijnde: [betrokkene 1]

, vrouw van [verdachte]

[betrokkene 16] (12-10-1978): 1365,00

In haar getuigenverklaring op 1 mei 2011 geeft [slachtoffer 2] (nader aan te duiden als [slachtoffer 2] ) aan dat [verdachte] een grote baas kende die alles voor het vertrek van [slachtoffer 2] naar Nederland zou kunnen regelen. De voornaam van deze grote baas is Georgi. Uit de Western Union gegevens blijkt dat [verdachte] eenmaal een geldbedrag ad 1365 euro heeft verstuurd naar een Georgi: [betrokkene 16] .

[betrokkene 15] : 100,00

[betrokkene 15] is geïdentificeerd als zijnde de moeder van [slachtoffer 1] .

19. Het proces-verbaal van verhoor van verdachte van 11 juni 2014, p. 378 e.v., voor zover inhoudende de verklaring van verdachte, –zakelijk weergegeven-:

Er was hier geen werk, moest ik verhongeren. Ik verbleef bij kennissen. (...)

Ik ben naar Nederland gekomen om geld te verdienen voor de operatie van mijn neefje.

Ik zou werken in de bouw voor Turkse mensen maar ik heb nooit gewerkt.

Het oordeel van het hof

Betrouwbaarheid aangeefsters

De verdediging heeft – kort gezegd en zakelijk weergegeven- aangevoerd dat er aanleiding bestaat om de verklaringen van aangeefsters niet zonder meer aan te nemen als de waarheid, nu deze verklaringen op onderdelen aantoonbaar onjuist zijn. Gelet op voorgaande is behoedzaamheid geboden bij het beschouwen van verklaringen van aangeefsters en dient er zo veel mogelijk gezocht te worden naar objectieve gegevens die de verklaringen ondersteunen. Als die ondersteuning er niet is, dient vrijspraak te volgen.

Het hof stelt voorop dat in zijn algemeenheid, maar zeker in mensenhandelzaken, zorgvuldig moet worden omgegaan met verklaringen van getuigen in strafzaken.

De betrouwbaarheid van belastende verklaringen van vermeende slachtoffers in mensenhandelzaken kan immers onder druk staan vanwege wraakgevoelens of het vooruitzicht op andere voorzieningen als onderdak en hulp bij de opvang van eventuele kinderen. Ook kan de betrouwbaarheid van ontlastende verklaringen van vermeende slachtoffers negatief beïnvloed zijn door angst, gevoelens van loyaliteit of vanwege het hanteren van andere normen en waarden dan die welke ten grondslag liggen aan de strafwetgeving over mensenhandel

Het hof merkt op dat de verklaringen die aangeefsters tegenover de politie en de rechter-commissaris hebben afgelegd uitgebreid en gedetailleerd zijn en op grond van de inhoud als voldoende betrouwbaar kunnen worden aangemerkt. De verklaringen worden op veel onderdelen ondersteund door andere bewijsmiddelen en zijn op onderdelen ook niet belastend voor verdachte. Zo hebben beide aangeefsters verklaard dat zij op eigen initiatief als prostituee in Nederland wilden gaan werken en dat zij om die reden contact hebben gezocht met verdachte. Het hof heeft dan ook geen reden om te twijfelen aan de juistheid en betrouwbaarheid van de verklaringen van aangeefsters en zal deze als uitgangspunt nemen.

Medeplegen

Anders dan de rechtbank en de advocaat-generaal is het hof van oordeel dat niet kan worden gesproken van medeplegen. Hoewel er aanknopingspunten zijn dat andere personen betrokken waren bij de door verdachte gepleegde mensenhandel, bevat het dossier onvoldoende bewijs om op dit onderdeel tot een bewezenverklaring te kunnen komen. Het enkel aanwezig zijn van anderen in de auto naar Nederland is daarvoor onvoldoende. Ook het gegeven dat er geld werd overgemaakt naar derden in Bulgarije, waaronder de familie van verdachte, is daarvoor onvoldoende. Het hof zal verdachte daarom vrijspreken van het tenlastegelegde medeplegen.

Handelingen

Aan verdachte is tenlastegelegd dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan overtreding van artikel 273f lid 1 sub 1, 3, 4, 6 en 9 Sr.

Sub 1 en 3

Het hof zal verdachte, anders dan de rechtbank en is gevorderd door de advocaat-generaal, vrijspreken ten aanzien van de onder sub 1 en 3 tenlastegelegde handelingen. Uit het dossier blijkt onvoldoende dat sprake was van het werven, vervoeren, overbrengen, huisvesten of opnemen van aangeefsters met het oogmerk van uitbuiting (sub 1) of het aanwerven of medenemen met het oogmerk aangeefsters in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling, terwijl dit feit is begaan onder omstandigheden waarbij uitbuiting kan worden verondersteld (sub 3). Beide aangeefsters hebben immers herhaaldelijk verklaard dat het hun eigen idee was om in Nederland in de prostitutie te gaan werken en dat zij om die reden contact hebben gezocht met verdachte. Onvoldoende is komen vast te staan dat verdachte van begin af aan het oogmerk had van uitbuiting en/of dat aangeefster (reeds in Bulgarije of tijdens hun reis naar Nederland) verkeerden in een uitbuitingssituatie.

Sub 4

Ten aanzien van sub 4 geldt dat pas tot een bewezenverklaring kan worden gekomen als sprake is van uitbuiting.

Aangeefsters zijn van Bulgarije naar Nederland gereisd met het doel om hier als prostituee te werken. Ze hebben om die reden contact gezocht met verdachte, omdat hij hen hierbij zou kunnen helpen. Verdachte zou voor zijn hulp 50% van de opbrengsten ontvangen.

Na aankomst in Nederland bleek echter dat aangeefsters al hun verdiensten aan verdachte moesten afstaan. Verdachte bepaalde wat er met het geld gebeurde en hoeveel aangeefsters zelf mochten houden. Aangeefster hebben uiteindelijk zelf maar in zeer beperkte mate geprofiteerd van hun verdiensten. Reeds het enkele feit dat aangeefsters niet konden beschikken over hun eigen verdiensten en zij slechts in zeer beperkte mate hiervan hebben geprofiteerd, maakt dat sprake was van uitbuiting.

Daarnaast was het nog eens zo dat aangeefsters zeer lange werkdagen (dubbele shifts) en weinig vrije dagen hadden. Aangeefster [slachtoffer 1] is in de periode waarin zij voor verdachte werkte door hem mishandeld en aangeefster [slachtoffer 2] moest tijdens haar zwangerschap doorwerken; ook toen ze (terwijl ze vijf maanden zwanger was) niet meer wilde werken en naar Bulgarije terug wilde. Verdachte kon aangeefsters uitbuiten omdat hij misbruik maakte van het overwicht dat hij had op aangeefsters. Verdachte was veel ouder, sterker en had – in tegenstelling tot aangeefsters – kennis van de Nederlandse prostitutiewereld. Verdachte controleerde ook of aangeefsters aan het werk waren en ze niet hun tijd aan het ‘verlummelen’ waren.

Alles afwegend is het hof van oordeel dat beide aangeefsters in een situatie verkeerden die niet gelijk is aan de omstandigheden waarin een mondige prostituee in Nederland pleegt te verkeren en dat zij derhalve in een uitbuitingssituatie zijn beland en dat uit de bewijsmiddelen volgt dat verdachte, door middel van met name misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en door misbruik van een kwetsbare positie, beide aangeefsters heeft bewogen om zich in Nederland beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard.

Sub 6 en 9

Beide aangeefsters hebben verklaard dat zij het overgrote deel van hun verdiensten aan verdachte moesten afstaan. Uit de bewijsmiddelen volgt dat verdachte, die geen werk of zelfstandig inkomen in Nederland had, meerdere malen grote geldbedragen via Western Union heeft overgeboekt naar derden in Bulgarije, waaronder zijn vrouw.

De hotel- en huisvestingskosten en het eten en drinken werden ook betaald van het door aangeefsters verdiende geld. Verdachte heeft hiermee opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de seksuele uitbuiting van aangeefsters. Aangeefsters hebben het door hun verdiende geld als gevolg van het hierboven beschreven misbruik aan verdachte afgestaan. Aldus komt het hof ook tot een bewezenverklaring van het ten laste gelegde voor zover dit ziet op sub 6 en sub 9.

Bewezenverklaring

Door wettige bewijsmiddelen, waarbij de inhoud van elk bewijsmiddel -ook in onderdelen- slechts wordt gebezigd tot het bewijs van dat tenlastegelegde feit waarop het blijkens de inhoud kennelijk betrekking heeft, en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:

1:
hij in of omstreeks de periode van 1 mei 2011 tot en met 31 augustus 2011, te Amsterdam en/althans (elders) in Nederland en/of in Bulgarije, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander en/of anderen, althans alleen, een ander, genaamd [slachtoffer 1] ,

-door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben geworven en/of vervoerd en/of overgebracht en/of gehuisvest en/of opgenomen, met het oogmerk van (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 1] (sub 1)

en/of

-heeft/hebben aangeworven en/of medegenomen met het oogmerk die [slachtoffer 1] in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling (sub 3)

en/of

-door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder genoemde omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft/hebben ondernomen waarvan verdachte en/of zijn mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer 1] zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) (sub 4)

en/of

-opzettelijk voordeel heeft/hebben getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer 1] (sub 6)

en/of

-die [slachtoffer 1] door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben gedwongen dan wel bewogen hem, verdachte, en/of zijn mededader(s) te bevoordelen uit de opbrengst van de seksuele handelingen van die [slachtoffer 1] met of voor (een) derde(n) (sub 9),

immers heeft/hebben/is/zijn verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens)

-met die [slachtoffer 1] een (seksuele) relatie aangegaan en/of onderhouden en/of

-tegen die [slachtoffer 1] gezegd - zakelijk weergegeven - dat je in Nederland (als prostituee) 1000 tot 1500 Euro per dag kon verdienen en/of dat die [slachtoffer 1] verdachte moest bellen als zij in Nederland wilde werken en/of dat verdachte haar daarbij kon helpen omdat hij veel contacten had in Nederland en/of dat het met [slachtoffer 1] in Nederland wel goed zou gaan en/of dat zij in Nederland veel geld zou verdienen en/of dat zij (dan) een huis kon kopen in Bulgarije, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of

-met die [slachtoffer 1] (vanuit Bulgarije) naar Nederland gereden en/althans gereisd en/of

-die [slachtoffer 1] ondergebracht in een woning en/of gehuisvest en/althans met die [slachtoffer 1] samengewoond (in de nabijheid van de werkplek(ken) van die [slachtoffer 1] ) en/of

-die [slachtoffer 1] opdracht gegeven en/of onder druk gezet en/of ertoe aangezet en/of ertoe gebracht een (groot) aantal uren per dag en/of zeven, althans een groot aantal dagen per week, als prostituee te werken en/of geld te verdienen en/althans zich beschikbaar te stellen voor het verrichten van seksuele diensten/handelingen en/of

-die [slachtoffer 1] zogenaamde dubbele diensten (dag- en nachtdienst) laten draaien/werken en/of

-tegen die [slachtoffer 1] gezegd hoe zij haar werkzaamheden moest verrichten en/of haar ook laten werken als zij ongesteld was en/of

-zorggedragen voor controle en/of toezicht op de prostitutiewerkzaamheden van die [slachtoffer 1] en/of op de verdiensten daaruit en/of die [slachtoffer 1] verantwoording laten afleggen over haar werkzaamheden en/of over haar verdiensten en/of (aldus) de keuze-/bewegingsvrijheid van die [slachtoffer 1] ingeperkt en/of

-die [slachtoffer 1] al haar verdiensten, althans een aanzienlijk deel van haar verdiensten laten afdragen aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of of het door haar verdiende geld geheel of gedeeltelijk onder zich/hen genomen/gehouden en/of haar (aldus) in een (verder) van verdachte en/of zijn mededader(s) afhankelijke positie gebracht en/of gehouden en/of

-die [slachtoffer 1] de kosten voor levensonderhoud en/of de woonlasten van verdachte en/of zijn mededader(s) laten betalen en/of

-het door die [slachtoffer 1] verdiende geld verstuurd/overgemaakt naar de familie van verdachte en/of zijn mededader(s) en/althans naar personen in Bulgarije en/of

-die [slachtoffer 1] bedreigd en/of uitgescholden en/of haar onder druk gezet en/of dreigende/agressieve taal jegens haar geuit en/of haar (aldus) in (een) positie(s)/situatie(s) gebracht, waarin zij zich niet of (te) weinig kon onttrekken aan de van verdachte en/of zijn mededader(s) uitgaande (groeps)dwang;

-die [slachtoffer 1] geslagen en/of gestompt en/althans mishandeld;


2:
hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2010 tot en met 31 januari 2011, te Alkmaar en/of te Amsterdam en/althans (elders) in Nederland en/of in Bulgarije, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander en/of anderen, althans alleen, een ander, genaamd [slachtoffer 2] ,

-door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben geworven en/of vervoerd en/of overgebracht en/of gehuisvest en/of opgenomen, met het oogmerk van (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 2] (sub 1)

en/of

-heeft/hebben aangeworven en/of medegenomen met het oogmerk die [slachtoffer 2] in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling (sub 3)

en/of

-door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder genoemde omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft/hebben ondernomen waarvan verdachte en/of zijn mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat die [slachtoffer 2] zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) (sub 4)

en/of

-opzettelijk voordeel heeft/hebben getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer 2] (sub 6)

en/of

-die [slachtoffer 2] door dwang en/of geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie heeft/hebben gedwongen dan wel bewogen hem, verdachte, en/of zijn mededader(s) te bevoordelen uit de opbrengst van de seksuele handelingen van die [slachtoffer 2] met of voor (een) derde(n) (sub 9),

immers heeft/hebben/is/zijn verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens)

-tegen die [slachtoffer 2] gezegd - zakelijk weergegeven - dat je in Nederland (als prostituee) heel goed kon verdienen en/of dat het (prostitutie)werk in Nederland heel goed was, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of

-met die [slachtoffer 2] (vanuit/via Duitsland) naar Nederland gereden en/althans gereisd en/of

-die [slachtoffer 2] ondergebracht in een woning en/of hotel en/of gehuisvest en/althans met die [slachtoffer 2] samengewoond (in de nabijheid van de werkplek(ken) van die [slachtoffer 2] ) en/of

-die [slachtoffer 2] opdracht gegeven en/of onder druk gezet en/of ertoe aangezet en/of ertoe gebracht een (groot) aantal uren per dag en/of zeven, althans een groot aantal dagen per week, als prostituee te werken en/of geld te verdienen en/althans zich beschikbaar te stellen voor het verrichten van seksuele diensten/handelingen en/of

-die [slachtoffer 2] zogenaamde dubbele diensten (dag- en nachtdienst) laten draaien/werken en/of -die [slachtoffer 2] ook laten werken toen zij zwanger was en/of

-zorggedragen voor controle en/of toezicht op de prostitutiewerkzaamheden van die [slachtoffer 2] en/of op de verdiensten daaruit en/of die [slachtoffer 2] verantwoording laten afleggen over haar werkzaamheden en/of over haar verdiensten en/of (aldus) de keuze-/bewegingsvrijheid van die [slachtoffer 2] ingeperkt en/of

-die [slachtoffer 2] al haar verdiensten, althans een aanzienlijk deel van haar verdiensten, laten afdragen aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of het door haar verdiende geld geheel of gedeeltelijk onder zich/hen genomen/gehouden en/of haar (aldus) in een (verder) van verdachte en/of zijn mededader(s) afhankelijke positie gebracht en/of gehouden en/of

-die [slachtoffer 2] de kosten voor levensonderhoud en/of de woonlasten en/of de hotelkosten van verdachte en/of zijn mededader(s) laten betalen en/of

-het door die [slachtoffer 2] verdiende geld verstuurd/overgemaakt naar de familie van verdachte en/of zijn mededader(s) en/althans naar personen in Bulgarije en/of

-die [slachtoffer 2] bedreigd en/of haar onder druk gezet en/of dreigende/agressieve taal jegens haar geuit en/of haar (aldus) in (een) positie(s)/situatie(s) gebracht, waarin zij zich niet of (te) weinig kon onttrekken aan de van verdachte en/of zijn mededader(s) uitgaande (groeps)dwang;

-die [slachtoffer 2] geslagen;

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het onder 1 en 2 bewezen verklaarde levert op:

Mensenhandel, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.

Oplegging van straf en/of maatregel

De rechtbank heeft de verdachte een gevangenisstraf opgelegd van 18 maanden met aftrek van de tijd de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 maanden met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht.

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Bij het bepalen van de straf voor mensenhandel gaat het hof uit van de strafdoeleinden, te weten de vergelding, speciale en generale preventie. In verband met die strafdoeleinden acht het hof voor strafoplegging in mensenhandel in het algemeen de volgende omstandigheden van belang:

- de periode waarin sprake is geweest van uitbuiting;

- het aantal slachtoffers dat is uitgebuit;

- de omstandigheid dat sprake is van een georganiseerd verband;

- de wijze (zoals de mate van geweld) waarop het slachtoffer is gedwongen/bewogen de prostitutiewerkzaamheden te doen;

- de leeftijd en/of kwetsbaarheid van het slachtoffer;

- het aantal dagen per week en het aantal uren per dag waarop er gewerkt moest worden;

- de werkzaamheden die verricht moesten worden;

- de werkomstandigheden (werken op straat of binnen, werken tijdens ziekte en zwangerschap, zonder condoom);

- de hoeveelheid geld die werd afgedragen;

- het percentage van de verdiensten dat moest worden afgedragen;

- overige omstandigheden zoals gedwongen abortus, tatoeages en borstvergrotingen;

- de rol van verdachte met betrekking tot die uitbuiting (vervulde hij een kernrol of was hij ‘slechts’ faciliterend);

- de houding van de verdachte (heeft hij inzicht getoond in het kwalijke van zijn gedrag);

- relevante recidive.

Verdachte heeft zich gedurende een periode van in totaal ongeveer zeven maanden schuldig gemaakt aan mensenhandel. Hij heeft kort na elkaar twee Bulgaarse prostituees uitgebuit. Hoewel beide vrouwen geen moeite hadden met het prostitutiewerk als zodanig, hadden ze wel grote moeite met de omstandigheden waaronder ze moesten werken. Beide vrouwen moesten lange dagen maken, dubbele diensten draaien, en moesten het overgrote deel van het door hen verdiende geld aan verdachte afstaan. Hierbij heeft verdachte ernstig misbruik gemaakt van de kwetsbare positie waarin zij zich bevonden en van het overwicht dat hij op hen had. Ook heeft verdachte één van hen mishandeld en de andere vrouw moest van verdachte door blijven werken, terwijl ze vijf maanden zwanger was en terug wilde naar Bulgarije. Verdachte heeft zich voornamelijk op zijn zwijgrecht beroepen en is noch tijdens de zitting in eerste aanleg, noch in hoger beroep verschenen. Verdachte heeft dus geen blijk gegeven van inzicht in het kwalijke van zijn gedrag. Verdachte is niet eerder veroordeeld in Nederland.

Alles afwegende is het hof van oordeel dat oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 23 maanden passend en geboden is. Het hof heeft hierbij tevens rekening gehouden met de omstandigheid dat er sprake is van overschrijding van de redelijke termijn in de zin van artikel 6 EVRM. Het hof zal bij de strafoplegging rekening houden met deze overschrijding van de redelijke termijn in die zin dat een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden passend en geboden zou worden geacht indien de schending niet had plaatsgevonden.

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]

De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 18.750,00. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen tot een bedrag van € 12.250,00. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.

Standpunt verdediging

Wat betreft de materiële schade geldt dat de verdediging deze betwist. De rechtbank stelt dat uitgegaan is van een bedrag van 250 euro per dag aan afgedragen inkomsten. Dat is

geen onderbouwing, maar een stelling. Op basis van een enkele stelling kan de materiële

schade niet worden vastgesteld. Bovendien is geen rekening gehouden met de omstandigheid dat de benadeelde partij een deel van het geld heeft terug gezien in de vorm van huisvesting, eten, geld dat zij zelf kon overboeken, geld dat verdachte aan haar moeder betaalde en geld voor de reis en haar gebit. Het benadelingsbedrag is niet groter dan € 4.880.

Voor wat betreft de gevorderde immateriële schade geldt dat er geen sprake is van een

vastgestelde dan wel gediagnosticeerde psychische aandoening. Naar het oordeel van de

verdediging is daarmee ook de immateriële component onvoldoende onderbouwd om

voor toewijzing vatbaar te zijn.

Oordeel hof

Uit het onderzoek ter terechtzitting is het hof voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het onder 1 bewezenverklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. Anders dan de verdediging acht het hof de materiële schade voldoende onderbouwd. Verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden zodat de vordering tot dat bedrag zal worden toegewezen.

Ten aanzien van de immateriële schade stelt het hof vast dat de benadeelde partij reeds een vergoeding van het Schadefonds geweldsmisdrijven heeft ontvangen. Deze bedraagt

€ 10.000,00, hetgeen meer is dan de door de benadeelde partij gevraagde vergoeding van

€ 7.500,00. Gelet hierop zal het hof de benadeelde partij in zoverre haar vordering niet-ontvankelijk verklaren.

Om te bevorderen dat de schade door verdachte wordt vergoed, zal het hof de maatregel van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht opleggen op de hierna te noemen wijze.

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]

De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 90.250,00. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen tot een bedrag van € 77.750,00. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.

Standpunt verdediging

Wat betreft de materiële schade geldt dat de verdediging de in de vordering gehanteerde berekenmethode betwist. Er wordt uitgegaan van een gemiddelde opbrengst van € 500,00 per dag, zonder dat daar enige concrete onderbouwing voor wordt gegeven. Maximaal is de netto opbrengst € 13.140,00 geweest.

Voor wat betreft de gevorderde immateriële schade geldt dat er geen sprake is van een

vastgestelde dan wel gediagnosticeerde psychische aandoening. Derhalve moet het gevorderde bedrag aanzienlijk worden gematigd en voor het overige niet-ontvankelijk

worden verklaard

Oordeel hof

Uit het onderzoek ter terechtzitting is het hof voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het onder 2 bewezenverklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. Anders dan de verdediging acht het hof de materiële schade voldoende onderbouwd. Verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden zodat de vordering tot na te melden bedrag zal worden toegewezen.

Ten aanzien van de immateriële schade stelt het hof vast dat de benadeelde partij reeds een vergoeding van het Schadefonds geweldsmisdrijven heeft ontvangen. Deze bedraagt

€ 10.000,00. Dit is meer dan het hof zelf zou hebben vastgesteld. Gelet hierop zal het hof de benadeelde partij in zoverre haar vordering niet-ontvankelijk verklaren.

Om te bevorderen dat de schade door verdachte wordt vergoed, zal het hof de maatregel van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht opleggen op de hierna te noemen wijze.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 36f, 57 en 273f van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Wijst af het verzoek om een onafhankelijke arts en tandarts naar het medische dossier van verdachte te laten kijken.

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1 en 2 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 23 (drieëntwintig) maanden.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [slachtoffer 1] ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 10.280,00 (tienduizend tweehonderdtachtig euro) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.

Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij in zoverre de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.

Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 1] , ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde een bedrag te betalen van € 10.280,00 (tienduizend tweehonderdtachtig euro) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 86 (zesentachtig) dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.

Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt.

Bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente voor de materiële schade op 1 augustus 2011.

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [slachtoffer 2] ter zake van het onder 2 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 66.056,50 (zesenzestigduizend zesenvijftig euro en vijftig cent) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.

Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij in zoverre de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.

Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 2] , ter zake van het onder 2 bewezen verklaarde een bedrag te betalen van € 66.056,50 (zesenzestigduizend zesenvijftig euro en vijftig cent) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 279 (tweehonderdnegenenzeventig) dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.

Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt.

Bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente voor de materiële schade op 1 oktober 2010.

Aldus gewezen door

mr. J.D. den Hartog, voorzitter,

mr. H. Heins en mr. H.L. Stuiver, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. C.M.M. van der Waerden, griffier,

en op 1 augustus 2018 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Mrs. Heins en Stuiver zijn buiten staat om dit arrest mede te ondertekenen.

1 Voor zover niet anders vermeld, wordt telkens verwezen naar bewijsmiddelen die zich in het aan deze zaak ten grondslag liggende dossier, onderzoeksnummer 26111703Z, onderzoek Germer, bevinden, volgens de in dat dossier toegepaste nummering. Tenzij anders vermeld, gaat het daarbij om processen-verbaal, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

2 Ieder bewijsmiddel, ook in onderdelen, wordt telkens slechts gebezigd voor het bewijs waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.